René
aldus bezocht de Wetenschappelijke School der
Magie en leerde vele toverformules en kunsten
om zijn leven en lot in de hand te hebben.
Maar hij was niet tevreden. Er waren een paar
dingen die hij nog niet wist. Hij had er
werkelijk geen idee van hoe hij zijn geluk
kon bestendigen of hoe hij tot een definitief
besluit moest komen. Ook wist hij niet hoe
hij onbevreesd kon zijn, noch besefte hij
werkelijk wat zijn naam nu eigenlijk inhield.
Met andere woorden: René, hoewel op
zijn talenten aangesproken door zijn
scholing, moest de Tijd van Zijn Leven nog
vinden.
Goed,
het begint dus met de naam. De gelukzoeker
stelt de vragen en Anand Aadhar, zijn
alter-ego in de gedaante van de in het Westen
opgegroeide yogabeoefenaar, geeft de
antwoorden.
Wat
is nu de betekenis van René, mijn
naam?
René,
een frans woord voor wedergeboren zijn, heet
dvija in het Sanskriet, hetgeen zowel
het gereincarneerd zijn kan inhouden als het
in dit leven met een nieuw leven begonnen
zijn. Een nieuw leven beginnen houdt een
heroriëntatie in. Daarvoor zijn deze
gesprekken van ons bedoeld.
En
nu de onbevreesdheid.
Hoe
raakt René onbevreesd?
Als hij
middels deze navraag bij een
vertegenwoordiger van de yoga-discipline als
ik ingevoerd of geïnitieerd raakt, moet
hij, teneinde onbevreesd te raken, een andere
geestestoestand ontwikkelen. In feite moet
hij zijn troost vinden in zichzelf op een
zodanige manier dat hij inziet dat naar de
fundamentele drievoudigheid van de
werkelijkheid van de ziel die staat voor 1)
de velden van zijn handelen, 2) de principes
van zijn gedragswijze, en 3) zijn levensspel
binnen de maatschappelijke orde, alle mensen
zoals het hoort samenwerken op weg naar een
stabielere vorm van bewustzijn. Ten einde
onbevreesd te zijn moet hij de vrede van die
geestesstaat zien te vinden die naar daad,
woord en gedachte 1) hem niet in de steek
laat als hij met het zijne bezig is, 2) hem
niet in het ongewisse der onwetendheid laat
in geval van moeilijkheden, en 3) zijn
vertrouwen niet beschaamt, zelfs niet bij
zijn dood. Met andere woorden: hij moet een
tijd van leven vinden die niet door wat dan
ook kan worden verslagen. Aldus ontdekt hij
de zin van zijn bestaan en is hij, bevrijd
van zijn angst, in staat welke uitdaging ook
tegemoet te treden.
En
dan het geluk.
Hoe
is René nu gelukkig
dan?
Voor
het heil van zijn geluk moet hij een
nascholingscursus volgen bij de Meester der
Filognosie genaamd Aadhar, zijn alter ego,
een geestelijk leraar die de Heer van de Yoga
vertegenwoordigt en die hem helpt om zijn weg
in de samenleving te vinden met de magie van
zijn wetenschap en het met zichzelf en met
anderen goed te kunnen vinden. Filognosie,
stelt de aan de westerse geest aangepaste
wetenschap voor van het vinden en vasthouden
van de liefde voor die soort van kennis die
iemand, die opgaat in het dienstverlenen,
gelukkig maakt als ook anderen gelukkig maakt
die van een soortgelijk respect zijn. In
feite kunnen de twee niet worden gescheiden.
Filognosie definieert de werkelijkheid van de
ziel, en heeft niet enkel betrekking op de
kennis van schoolboeken, de wijsheid,
toverformules en klassieke kunsten. Neen, het
is de wetenschap van het vinden van de liefde
voor de methode, de feiten, de kunst, de
overstijging, de persoon, en het bepleiten
van de zaak van het hebben van een goede tijd
met alle mensen tezamen als een
gemeenschap.
De
cursus 'Filognosie of de Orde van de
Tijd'
Waar
bestaat de leerstof dan allemaal
uit?
René,
die is verdeeld in drieën met ieder twee
secties.
-
I Wetenschap:
-
Sectie a: Ontnuchteren;
teneinde bevrijd te raken van illusie ten
aanzien van de essentiële feiten van
de tijd.
-
Sectie b: Veldbeheersing;
om evenwicht te ontwikkelen in de
verschillende velden van
handelen.
-
II Spiritualiteit:
-
Sectie a: Emotionele
Expressie:
om met de juiste zin voor verhoudingen
analytisch verantwoord je uit te drukken
met een kunstvorm als b.v. het zingen of
het schilderen en zo ook je innerlijke
evenwicht te vinden.
-
Sectie b: Waardenbeheersing:
om de basisformules te beheersen - ook in
de zin van de tijden ervoor - voor het
heil van de persoonlijke stabiliteit en de
zelfbeheersing, en om aan de voorwaarden
te voldoen om stand te kunnen houden in de
uitoefening ervan.
-
III De Persoon
-
Sectie a: Identiteitsbeheersing:
om het spel van de orde te kunnen spelen
en zo een leven te hebben en je
levensopdracht te vinden.
-
Sectie b: Retoriek:
wat je tegen anderen moet zeggen teneinde
de zaak te bevorderen en te
verdedigen.
Ben
je er klaar voor? Kies een sectie, en ik,
Aadhar, zal het voor je uiteenzetten,
René, in de dialoog ermee waarin we de
dualiteit van de uitgeduide drievoudigheid
van de filognosie bespreken zullen, welke de
allesomvattende benadering van de geestelijke
kennis vormt die vedisch de
'darshana's' van de
'âtma-tattva' worden genoemd: de
visies op de werkelijkheid van het zelf, de
zienswijzen wat betreft het principe van de
ziel, de zes vormen van geestelijke liefde
die je nodig hebt om gelukkig te zijn en
anderen ook naar dat geluk te kunnen
leiden.
Dialoog
een I-a: Ontnuchteren
Ten
einde vrij te zijn van illusie René,
moet je de feiten van het leven en het
materiële universum onder ogen zien. Je
moet ze zien zoals ze zijn. Voordat je ook
maar iets onderneemt, voordat je een
beslissing neemt, kijk dan eerst eens heel
goed om je ervan te vergewissen waar je mee
te maken hebt.
Wat
heb je te zeggen over dat onderwerp van de
illusie en de tijd?
Beste
René, de tijd vormt het leven van het
universum bestaande uit de heilige
drie-eenheid van de natuurkunde: de tijd, de
ruimte en de materie. De tijd brengt de
geestloze materie tot leven. In feite is
alles wat bestaat iets wat leeft, en dat
geldt niet enkel maar de rondbewegende
levende wezens en de niet-bewegende zoals de
planten, maar ook de stenen die een leven
hebben, ook al is het een beetje een saai
bestaan. Als je zorgvuldig kijkt diep binnen
in de dode materie zal je ontdekken dat het
enkel maar harde energie is, energie die heel
druk bezig is in zichzelf zodat die hard is.
Zachte materie van levende wezens is
dynamischer, meer ontspannen, relaxter,
vitaler, reactiever, maar ook tijdelijker van
vorm: ze gehoorzaamt aan de wetten van de
tijd op een bepaalde manier; op een
voorgeprogrammeerde manier, niet enkel maar
door een eventuele cultuur, maar ook op een
manier die ingebouwd is in de genen van alle
levende wezens, in de cellen van al de
levende lichamen, precies zoals een programma
geïnstalleerd op een computer. Dit
geprogrammeerde leven noemen we het
geconditioneerde leven omdat het werd
teweeggebracht en gefixeerd door
omstandigheden in het verleden en zo de
aanpassing vormt van het organisme aan zijn
omgeving. Een deel van de conditionering
behoort tot de hardware van het lichaam en
kan niet worden veranderd, het is
verantwoordelijk voor de vorm van het lichaam
en de basisfuncties. Een ander deel ervan,
het culturele gedeelte, werd tijdens het
leven aangeleerd en is meer inschikkelijk,
zoals het is met het eten van een broodje of
van müsli 's morgens; je hebt de keuze.
De natuur beheerst jou, het aangeleerde kan
jij beheersen. Aldus zijn, gegeven een zekere
mate van eigen beheersing, al onze levens
geconditioneerd, van de levens van een enkele
plant tot de levens van gehele planeten. Maar
we zijn geen simpele machines die zijn
voorgeprogrammeerd en zelfgeprogrammeerd. Er
sprake van
een positie van een zekere onbepaaldheid in
ons materiële bestaan. We kennen zo dus
enige vrijheid om ons leven te kunnen
overzien en op dat niveau van normen en
waarden eventueel in te grijpen. Op ieder
willekeurig moment kunnen we uitmaken voor
welke leiding we kiezen met onze voor de rest
behoorlijk vergaand in gedragspatronen
gefixeerde vitale materie en genen. Zo kunnen
we aldus concreet bezig zijn als
materiële vormen die materiële
dingen doen of kunnen we ons bezighouden met
meer abstracte zaken die dichter in de buurt
liggen van het gedragsprogramma en het gezag
van de programmering die ons onder controle
heeft. De laatste positie van het kernbelang
noemen we metafysisch, transcendentaal,
bovenzinnelijk of ontstegen aan of van het
voorbije en met dat zullen we ons bezighouden
in het volgende tweetal secties van onze
cursus die gaan over het spirituele. Laten we
eerst eens de manieren en de problemen
bekijken van ons recht-toe-recht-aan
materiële bestaan.
Wat
zijn die problemen?
Beste
René, we houden ervan te leven en ons
rond te bewegen, maar vanwege onze vrije wil
zijn de dingen niet zo zeker als we zouden
willen. Je medemensen kunnen zich van je
verwijderen of een ongeluk krijgen of in de
gevangenis belanden als ze de verkeerde
dingen doen, of ze zijn misschien helemaal
niet zulke goede mensen: ze kunnen je
misbruiken of je verwaarlozen en je niet
respectvol behandelen of je niet accepteren
zoals je bent. En ook je vrienden en intieme
relaties kunnen je verraden uit zelfzucht of
je problemen bezorgen met leugens, geweld,
hebzucht en misbruik. Natuurlijk moet je
opgevoed zijn en in staat zijn uitdagingen
aan te kunnen, en heb je daarvoor ook
ondersteuning nodig, en dat controle moeten
hebben van jou kant is één
probleem. Een ander probleem is dat
verwanten, vrienden en buitenstaanders op hun
beurt ook weer opgevoed moeten zijn en een
dergelijke ondersteuning nodig hebben om
controle te hebben met het zich naar behoren
respectvol gedragen. Aldus zijn deze
waarheden ook op hen van toepassing.
Daarenboven kan de grotere natuur ook
problemen geven als met hitte, kou,
aardbevingen en overstromingen, en zo moeten
we dus ook daar rekening mee
houden.
Wat
is de oorzaak van die
problemen?
Beste
René, de problemen die wij menselijke
wezens hebben zijn er vanwege de illusie: we
zien de dingen van de materie en het leven
niet altijd zoals ze zijn. We zien niet
meteen in dat enkel het lichaam van dienst
zijn en niet de ziel van het metafysische
kernbelang, inhoudt dat er dan geen goede
sturing is van ons gedrag en dat er dus ook
niet zomaar een gecoördineerde en
veilige samenleving is die zichzelf bijstuurt
en waar je dan op kan vertrouwen. De reden
hiervan is dus het materiële verlangen;
omdat mensen het anders willen hebben dan
vanuit het kernbelang is aangewezen. Men is
dan, met het oppervlakkige van het enkel met
de materie leven en het missen van de
kwaliteit van de ziel, ontevreden of
verveeld, geërgerd of wellustig en zo
kunnen we onszelf dan dingen zien doen die we
niet zouden moeten doen. Natuurlijk moeten
verkeerde zaken worden recht gezet, en kan zo
bezien ontevredenheid, verveling, ergernis en
lust gerechtvaardigd zijn. Soms is het goed
de dingen anders aan te pakken en jezelf te
corrigeren, maar soms ook is het, met het
verstand verbijsterd door het materiële
belang en het dan niet meer weten naar welke
norm we zouden moeten corrigeren, niet zo
goed en leidt het tot rampspoed, chaos,
toestanden en zelfs oorlog; tot zelfs nog
meer ontevredenheid, verveling, ergernis en
wellust. En op die manier kan de mensheid
zich dan bevinden in een neerwaartse spiraal
die tot de hel voert. Men kan van kwaad tot
erger vorderen of weer op het goede pad
geraken. Dus, om niet verkeerd terecht te
komen, moeten we er zeker van zijn een plan
te hebben om dat kernbelang van de ziel te
dienen, er zeker van te zijn dat we de dingen
juist bekijken, zodat we de zaken van het
leven kunnen respecteren zoals ze zijn en we
aldus in staat zijn om de juiste beslissingen
te nemen.
Wat
is dan de juiste manier om tegen de zaken van
het leven aan te kijken?
Beste
René, we hebben wetenschappelijke
richtlijnen, morele stelregels en religieuze
en politieke beginselen. In deze twee eerste
secties zullen we ons bezighouden met de
wetenschappelijke. Er is, in de wetenschap,
om te beginnen een methode die we nodig
hebben om ons te verzekeren van de waarheid
der dingen. Deze methode bestaat eruit eerst
te bepalen wat het onderwerp van onderzoek
is, laten we zeggen honden: b.v. 'Ik hou van
honden'. Vervolgens kan je dan stellen wat
het probleem is met honden, b.v. dat ze
bijten en blaffen en dat ze andere dieren op
moeten eten. Deze worden de these en de
antithese genoemd die het probleem aan de
orde stellen van ons onderwerp van studie.
Vervolgens is er dan een tegenargument nodig
om het probleem op te lossen: honden moeten
aan de lijn en het kan niet worden toegestaan
dat ze doden voor hun voedsel, dat moeten we
dan voor hen doen. Dan kunnen we een
conclusie trekken: ja het is mogelijk van
honden te houden en ze als huisdier te
houden, mits je er goed voor zorgt en je er
geen moeite mee hebt om dieren te doden voor
hun voedsel. Vervolgens kunnen we dan tot de
samenvatting komen dat dat misschien zo wel
is voor alle andere dieren: ja we kunnen de
beesten in het algemeen wel houden mits we
goed voor ze zorgen, maar honden en katten
dus eigenlijk niet als we een vegetariër
zijn en geen dieren willen doden. Aldus
hebben we door het afwegen van argumenten en
tegenargumenten ontdekt hoe het met de honden
zit. Laten we dan nu dit argument terwille
van de methode voor het achterhalen van de
waarheid uitbreiden tot het onderwerp van het
leven in het algemeen. Het leven in het
algemeen, zoals we reeds bij de eerste vraag
zagen, wordt omschreven als een functie van
de tijd. De tijd zegt ons of we een leven
hebben of niet. Geen tijd, is helemaal geen
leven. Tijd is dus fundamenteel voor de
levenskwestie. Om zodoende dan de vraag te
beantwoorden van hoe we op de juiste manier
naar het leven in het algemeen moeten kijken,
gaan we op een systematische wijze te werk
volgens de opzet van de methode zoals we die
bespraken met de honden. Dus stellen we eerst
dat de tijd het leven is. Het probleem is dat
de tijd ook een eind aan ons leven maakt en
dat om die reden we in angst moeten leven te
sterven en dat we dus wel eens een hekel aan
de tijd zouden kunnen hebben of er bang voor
zijn. Het tegenargument luidt nu dat de tijd
niet enkel maar lineair van het ene moment
naar het andere gaat en tot de dood leidt, de
tijd vormt ook patronen: de conditioneringen
waar we het zo-even al over hadden. Deze
patronen, die vastgelegd zijn als
tijdverslagen in onze genen en in onze
culturen, tonen aan dat de tijd niet enkel
maar een doder is maar ook een maker, een
schepper; de tijd is als een vorm van God
verantwoordelijk voor de orde van het leven
van alle levende wezens. Dit wordt klassiek
gerespecteerd met de zegswijze 'zo boven
zo beneden'; zoals de orde van de tijd in
de hemel is, zo is hij op aarde geschapen. We
moeten daar ook aan toevoegen dat die tijd,
lineair en cyclisch als hij is, ook een
tegendeel van tijdloosheid kent dat we de
ervaring van de tijd noemen of het bewustzijn
van de tijd. De conclusie dan, om de volgende
derde stap na de these/antithese en het
tegenargument te maken in de methode, is dat
de tijd inderdaad destructief en angstwekkend
is, maar dat we met de tijd kunnen leven
vanwege zijn positieve eigenschappen van
conditioneren en bewustzijn die ons de
zekerheid bieden van een structuur en het
besef om keuzes te kunnen maken. De
samenvatting ter besluit van de methode luidt
dat de tijd en het leven op prijs kunnen
worden gesteld met een gepaste indeling van
respect, als we naar behoren onderscheid
maken tussen de verschillende vormen van
tijd. Als we dat niet doen zouden we in de
illusie verkeren dat de tijd en het leven
enkel maar lineair zinloos zijn en het
allemaal slecht en betekenisloos enkel maar
tot de dood zou leiden. Als we niet de
werkelijkheid van de drievoudigheid van de
tijd zouden zien, zouden we te lijden hebben
onder de angst en de duisternis van de
onwetendheid. En nu kunnen we dus met onze
levenstijden omgaan zoals ze zijn, vrij van
illusie. We zijn ontnuchterd door het
methodische respect voor de volledige
werkelijkheid, de waarheid van de zaak in
kwestie.
Is
dat alles wat ons te doen
staat?
Wel,
nee dus René. Er is nog veel meer te
doen over de illusie aangaande het onderwerp
van de tijd en ook nog veel meer daarbuiten.
Maar wat we nu zeiden over de tijd is het
meest fundamentele. Om tot een besluit te
komen over de werkelijkheid van de cyclische
tijd en het tijdbewustzijn moeten we nog een
paar andere dingen met onze methode onder de
loep nemen. We hadden het nog niet over de
orde van de tijd. We kwamen alleen maar tot
de conclusie van drie verschillende soorten
van tijd, niet tot enig schema om de tijd te
kunnen respecteren. Als we een samenleving
willen hebben van mensen die van dienst zijn,
hebben we tijdschema's nodig, afspraken over
onze tijden van werken en slapen en
dergelijke. 's Nachts bijvoorbeeld willen we
geen kabaal en gedurende de dag willen we dat
onze handelingen zinvol en effectief zijn
zoals het samen de maaltijd gebruiken. En
aldus hebben we klokken en kalenders die ons
zeggen welke datum het is en hoe laat het is
met het cyclische van de tijd zodat we onze
handelingen kunnen coördineren en
afspraken kunnen maken.
Hoe
verkeren we dan in illusie of zijn we anders
van respect voor de waarheid met onze
tijdschema's?
Beste
René,
wat betreft de orde van de tijd van de mensen
op deze planeet hebben we verschillende
culturen die de zaak compliceren. Dat is
één zijde van de munt van de
tijd. Anderzijds kennen we verschillende
referentiepunten voor het respecteren van het
cyclische van de tijd zoals die in de natuur
is. We kunnen onze dagen instellen naar de
zon, de maan en de sterren. Al deze
natuurlijke fenomenen tezamen vormen, met het
krachtveld van de ether, het volledige van
het natuurlijke patroon van de
lineair/cyclische tijd en het bewustzijn
ermee dat we niet goed kunnen ontkennen op
straffe van een zinloos bestaan.
Wat
is dan de waarheid van de cyclische of
lineaire tijd en het bewustzijn
ervan?
Beste
René, laten we de methode weer
toepassen. Zoals we dat deden met de honden
en de verdeling van de tijd in drieën.
Nu hebben we als onze these de orde van de
tijd zoals we die respecteren in onze cultuur
en dat is waar we van houden. Het probleem
daar tegenover aan de orde gesteld is dat die
cultuur van onze kalender en klok van illusie
kan zijn aangezien we afwijken van andere
culturen en van de natuur ermee, en dat we
dus niet stevig verankerd zijn en met de
benen op de grond staan met de aarde en onze
medemensen inzake de aangelegenheden van de
tijd op deze planeet. Het tegenargument
vervolgens is dat dat helemaal niet zo'n
probleem is aangezien we het verschil kunnen
aanduiden, een klok kunnen corrigeren en een
kalender kunnen schrikkelen, het politiek
kunnen bespreken, of een ritueel van respect
kunnen opvoeren om de overtreding van
respectloosheid tegen te gaan. De conclusie
die we dan mogen trekken is dat het mogelijk
illusoire effect van de orde van tijd van
onze voorkeur kan worden bestreden met een
klok die op de zon is ingesteld en een
kalender die naar de maan luistert, zowel als
middels een filosofisch/politiek debat, door
religieuze oefeningen van respect en door het
bewust vergelijken van twee kalenders en
klokken of door het afzetten van die
aanduidingen tegen de actuele posities van de
zon, de maan en de sterren. De daarop
volgende samenvatting is dat al de
tijdculturen op deze planeet met ieder hun
eigen gewoonten van tijdbeheer een
gemeenschappelijke orde kunnen vinden in
de
wetenschap die ons klokken biedt die de zon
volgen voor het heil van de
geldigheid,
in religies die ons met de noodzakelijke
moraal erbij constant herinneren aan de
oorspronkelijke natuur, in politieke debatten
die het onlogische, het onredelijke en de
vervreemding bestrijden in compensatie en
door de multiculturele tolerantie en het
wederzijds respect dat Moslims toestaat te
buigen voor de zon en Hindoes om de maan te
vieren, terwijl de Christenen de data van
Kerstmis en andere feestdagen op de
zonnekalender hooghouden. In de laatste
sectie zullen we verder uitweiden over het
onderwerp van de tijdpolitiek. Tot zover
hebben we met dit methodisch onderzoek naar
de waarheid van de orde van de tijd de weg
vrijgemaakt om de illusie te bestrijden in
het algemeen en samen te leven in vrede
ondanks onze verschillen.
En
hoe zit het met de tijdloosheid in het
ervaren van de tijd?
Met
dat onderwerp zullen we ons bezighouden in de
volgende afdelingen van de spiritualiteit en
de persoon, beste René.
Hoe
precies moeten we dat wat je zei realiseren
zonder enige training in de wetenschap van de
astronomie, de theologie, de filosofie en de
politiek te hebben genoten?
Beste
René, om de tijd van de natuur te
checken hebben we zonnewijzers en een
tempometer
op het internet om de positie van de zon uit
te zoeken, we hebben kalenders die de
maanfasen aangeven zodat je regelmatig met de
maan kan zijn als je dat wilt, en naar de
sterren hebben we een tijd op de kalender -
die GMT op het ogenblik valt in de nacht van
de zesde op de zevende juli - die het
dynamische punt markeert in de sterrenhemel
waar omheen al de sterren in ons
sterrenstelsel ronddraaien. Deze tijd op de
kalender die, met de tijd dat de aarde het
dichtst bij het centrum van de melkweg staat,
het galactisch nieuwjaar zou kunnen worden
genoemd, verschuift met ongeveer 20 minuten
per jaar voorwaarts door de kalender (de z.g.
precessie van de equinox). De sterren kan men
dus collectief vieren met een jaarlijkse
feestdag of individueel met je verjaardag die
ieder galactisch jaar dan ongeveer twintig
minuten later valt. Aldus kunnen we van een
astronomisch respect zijn voor de zon, de
maan, de sterren en het krachtveld van de
ether dat ze bij elkaar houdt.. Wat betreft
de theologie hebben we kerken, tempels en
moskeeën met getrainde theologen die je
op de hoogte kunnen stellen en al het
onderricht kunnen geven dat noodzakelijk zou
zijn om in dezen voor God te leven. Wat
betreft de filosofie hebben we paradigma's of
wetenschappelijke denkmodellen die de
universiteiten en andere instituten van
onderwijs beheersen, en voor het politieke
respect hebben we politieke partijen om het
debat over dit alles te
organiseren.
En
zijn die verschillende opties van tijdbeheer
nou allemaal even goed of bestaat er een
voorkeur?
Overeenkomen
met de natuur, de oorspronkelijke
werkelijkheid van de tijd die ons leven
gestalte gaf evolutionair, bespaart je de
energie van de compensatie die je nodig hebt
als je niet overeenstemt. Denk maar aan
ploegendiensten in het bedrijfsleven die
mensen in een gezin of een prille relatie
minder goed doen samenleven als er steeds
iemand ligt te snurken, of die iemand sneller
uitputten als men van een dag- naar een
nachtritme moet omschakelen. Maar meer
energie hebben wil nog niet zeggen dat je er
dan beter mee omgaat. Zo slaagde b.v. de
Islam er niet in Europa te veroveren aan het
einde van de middeleeuwen, terwijl ze toch
meer overeenstemden met de maan en de zon dan
de Europeanen die christelijk gewijs zon- en
maan-aanbidders als ketters op de brandstapel
hebben gezet. Het is dus zo dat in
compensaties als religieus, politiek of
wetenschappelijk de zaak overbruggen, met
rituelen, discussies en paradigmatische
vertogen, je ook heel veel goede kwaliteiten
en effectiviteit kan ontwikkelen. Maar
gegeven een eensluidende, gezamenlijke goede
wil met de openstaande opties van tijdbeheer
en de noodzaak van een efficiënte
benadering, zou je kunnen stellen dat - net
zoals voorkomen beter is dan genezen -
overeenkomen beter is dan overbruggen en dat,
om bij onze voorbeelden te blijven, het
Christendom dus nog niet zomaar klaar is met
de Islam wat dit betreft, noch de Islam wat
zichzelf betreft overigens.
Wat
is nu de magie die ik hier geleerd
heb?
Beste
René, dat je geen enkele goocheltruc
hoeft op te voeren om jezelf en de zaken waar
je mee te maken hebt in de hand te hebben,
en, dan beter bezig, een grote voldoening kan
ervaren in de filognosie, de liefde te weten,
te begrijpen en te handelen ten gunste van
alle levende wezens.
Kan
ik er gelukkig mee zijn door simpelweg de
illusie zo tegen te gaan?
Beste
René, het leven kan je voor
uitdagingen plaatsen en het je moeilijk maken
om gelukkig te zijn, maar als je vasthoudt
aan deze les voor jezelf, ligt het geluk
binnen je bereik mits je accepteert dat in
deze filognosie, deze liefde voor de kennis,
er inderdaad nog een paar lessen meer te
leren zijn.
Dialoog
twee: I-b Veldbeheersing
Dit
is een wetenschappelijke les over feiten. Het
feit dat telt na de methodologische zorgen
omtrent de tijd in de voorgaande sectie is
het feit van de zogenaamde velden van
handelen. Om je agenda te vullen is het van
belang kennis te ontwikkelen van en van
evenwicht te zijn in de verschillende velden
van handelen.
Wat
zijn die velden dan?
Beste
René, kijk alsjeblieft eens goed om je
heen. Bezie de feiten van het materiële
leven. Zoals je ziet zijn er privé
huizen en zijn er winkels, theaters en
kroegen, in de stad. Er zijn ook
ontmoetingsplaatsen die beheerst worden door
een bepaalde gedachte van vereniging:
sportclubs, gebedshuizen, zang- en
muziekverenigingen, en verenigingen die de
natuur op een bepaalde manier respecteren, en
er zijn ook kantoren, scholen, fabrieken en
andere plaatsen waar mensen hun werk doen.
Deze verschillende materiële gebouwen in
je stad zijn te herkennen als de vier velden
van handelen waar je in je levenrekening mee
moet houden.
Rekening
houden?
Je
moet er letterlijk mee op je tellen passen.
Je moet het op de klok en de kalender
uitzoeken wanneer je wat moet doen aangezien
je je, als je een volledig leven wilt hebben,
het niet kan veroorloven welk van hen ook
over het hoofd te zien en ermee te mislukken.
Het idee is dat in je leven, teneinde
volledig en volkomen te zijn, je heel bewust
je handelingen moet plannen. Dit omdat je
samenleeft met anderen. Voor jezelf kan je
spontaan zijn, maar tezamen moet je tewerk
gaan naar afspraken over de tijd. Dat is de
z.g. mûrti, het kruis, de
moeilijkheid, die je te dragen hebt als offer
voor je eigen bestwil. Voor je filognosie is
het nodig, voor je lichamelijke en
geestelijke geluk en gezondheid wat betreft
de verschillende gezichtspunten in het leven
dus, dat je er niet in gefrustreerd raakt ook
maar iets van het leven te missen. Laat
niemand je wijsmaken dat ook maar
één van deze velden slecht zou
zijn, verboden terrein is, of
uitgesloten.
Wat
is de orde erachter, wat is de essentie van
ieder van de velden?
Er
is de eenheid van het leven en de veelvoud
van de vormen. Dit is een fundamentele
tweevoudige verdeling van de waarheid die we
de 'fundamentele werkelijkheid' noemen die we
moeten respecteren met de stelregel van
'eenheid in verscheidenheid'. Precies
zoals in de voorgaande klas de zegswijze gold
'zo boven zo beneden' om volledig van respect
te zijn voor de feiten van het leven en de
tijd, wordt deze sectie beheerst door deze
kernspreuk. Het wordt ook wel de dualiteit
genoemd van de kwantiteit tegenover de
kwaliteit. Eenheid of verenigd zijn is een
kwaliteit van fundamenteel belang. Om in
jezelf verdeeld te zijn en daarvan in de
samenleving vervreemd, behoort tot de
terminologie van de psychiater. Nu zullen we
verder uitweiden over de orde van het beheren
van de tijd met achting voor de verschillende
velden. De twee aspecten van de kwantiteit en
de kwaliteit van het leven worden gekend aan
de hand van de dualiteiten die ze met zich
meebrengen. Voor de kwaliteit is er de
eenheid in het abstracte denken zoals het
idee van God of een gedeeld spiritueel
ideaal, dat staat tegenover de eenheid in het
bezig zijn in het concrete van de materie en
de materiële handelingen zoals het bezig
zijn met dingen tijds je vakantie of het doen
van je werk. Van de kwantiteit heb je een
soortgelijke dualiteit van de diversiteit van
het individuele van het op jezelf zijn
tegenover de diversiteit van het sociale
belang van het samenzijn. Als je de aldus
gevonden vier factoren in een tabel zet zal
je de vier velden zien verschijnen waar we
die vier labels aan hebben toegekend van de
zakelijkheid, het privé, het publieke
en de vereniging.
1)
Het zakelijk veld
(individueel/concreet). Als je een
kind bent is het je zaak naar school te
gaan. Als je wat ouder bent is het je zaak
geld te verdienen of vrijwilligerswerk te
doen in liefdadigheid om dankbaar te zijn
als je in de bijstand zit. Waar je ook
goed in bent, dit is hoe je van dienst
bent of van plan bent om je medemens en de
samenleving in zijn geheel van dienst te
zijn. Dit is een hoeksteen van je leven
waarmee je je zelfwaardering vindt en je
geestelijke gezondheid. Als je er niet in
slaagt met dit veld tot actie te komen,
spreken mensen van werkeloosheid of anders
van goddeloosheid. Op de een of andere
manier moet je ernst maken met je
dienstbaarheid om uitdrukking te geven aan
je dankbaarheid voor wat anderen, met
inbegrip van je voorvaderen, voor jou
deden. Het is hierin dat je, terwille van
een goed geweten, de zaken in evenwicht
brengt om individueel van de dingen van
het leven te kunnen genieten. Dit belang
in het individuele van de concrete materie
wordt ook wel 'het veld van de
materiële elementen'
genoemd.
2)
Het privé-veld
(individueel/ideëel). Thuis
zitten is een individuele positie waarin
je een zekere kwaliteit zoekt in het
ontvluchten van de invloeden van de
concrete buitenwereld die je verleidt tot
wedijver en prestaties. Het is het
privé-veld, dat behoort tot de
idealen van de vrijheid, waarmee je de
concrete druk van het materiële leven
tegenwicht biedt. Daar geniet je van je
familierelaties, je hobby's en zoek je en
geef je liefde, vertrouwen, steun,
vertrouwdheid en veiligheid. In dit
individuele belangenveld ontwikkel je, met
behulp van een religie of een filosofie,
je individuele kwaliteit: je
intelligentie. Dit individuele belang in
het ideële wordt ook wel 'het veld
der intelligentie' genoemd.
3)
Het publieke veld
(sociaal/concreet). Dit is het veld
van de vrije omgang. Je gaat de stad in
naar de markt, om te gaan winkelen en om
in een restaurant te zitten, naar de
bioscoop te gaan of een theater en dan
mensen te ontmoeten die ook deel uitmaken
van je leefgemeenschap. Dit is wat de
mensen in de samenleving het best bindt:
gelijk te zijn, zich vrij te bewegen en
wederzijds elkaars diensten te waarderen.
Hoe kan men nu van dienst zijn en
verwachten dat je erom gewaardeerd wordt
als je zelf geen waardering hebt voor de
diensten die anderen leveren? Dit is waar
het geld dat je verdiend hebt wordt
uitgegeven en vrienden en kennissen worden
gevonden en zich ontwikkelen. Dit is waar
je feest viert en het fijn hebt met het in
alle vrijheid je overal naar toe begeven
waar je maar naar toe wilt, zoals je dat
doet tijdens een vakantie. Dit is het
lokale, nationale, continentale en
wereldse van het concrete sociale belang
van jou en iedereen. Dit wordt genoemd
'het veld van het valse ego' of de,
sociaal bevestigde, persoonlijke
identificatie met de materiële zaken
van het aanwezig zijn in de
gemeenschap.
4)
Het verenigingsveld
(sociaal/ideëel). Samen met
anderen moet je je ziel voeden en
versterken, alsook je rede en je morele
gehalte; tezamen is de geest gehandhaafd
sterker dan in je eentje bezig zijn, een
strootje breekt gemakkelijk, maar met een
hele bundel samengebonden als een bezem
kan je de straat aanvegen. Dit is het
geestelijke, een door een bepaald stel
regels bepaald, veld waar mensen de zin
van het leven vinden in het samenzijn van
het oefenen van respect in zang en gebed,
luisteren en spreken, eten, dansen,
wandelen, sporten en herinneringen ophalen
en dergelijke. Dit is waar men de controle
vindt van de definitie van de favoriete
vorm van vereniging als zijnde sportief,
artistiek, cultureel, religieus of
alternatief spiritueel. Dit ideëel
opgezette belang in sociale
aangelegenheden wordt ook wel 'het veld
van het ongemanifesteerde' genoemd
aangezien het niet zo duidelijk is in
welke vorm de geestelijke principes moeten
worden gerespecteerd, omdat de ziel, net
als God die er het opperste van is, altijd
wordt gevonden voorbij de materiële
greep als een aanwezigheid in het
bovenzinnelijke.
Hoe
dan combineren deze velden met de orde van de
tijd die we bespraken?
Als
het allerbelangrijkste, René, moet je
in gedachten houden dat, teneinde gezond te
zijn van lijf en leden, je evenwicht moet
houden. Uit de velden hierboven genoemd kan
je opmaken dat de zakelijke aangelegenheden
moeten worden afgewogen tegen de religieuze
of verenigingszaken en dat de
privé-zaken moeten afgewogen tegen de
publieke aangelegenheden. Ze vormen beiden
een contrast van onverenigbare tegendelen.
Deze twee dimensies die de scheidslijn
bepalen van de velden in de tijd, die tezamen
de basis van al de velden van handelen
vormen, vereisen aldus dat die basisvelden
een afzonderlijke positie krijgn toegewezen
in de tijd, als we ten minste onszelf
alomvattend op de agenda willen zetten en een
dienovereenkomstige volkomenheid van
samenleven willen hebben.
Nu
hebben we twee dimensies met
één agenda....
Welnu,
René, in feite is onze agenda
tweeledig opgezet. Cultureel hebben we de
dagen van de week in contrast met de datum.
In de filognosie echter bouwen we op zekere
kennis, gevalideerde wetenschappelijke
kennis, zodat de weekdagen worden vervangen
door overeenkomstige dagen gefixeerd op de
maan. De weekdagen zoals we die cultureel
kennen zijn commercieel opgezet in politiek
overleg en derhalve onzeker. Ze hebben niet
rechtstreeks betrekking op natuurlijke
gebeurtenissen. Dat onderscheid moeten we
maken, willen we zekerheid hebben. Hoewel
afgeleid van de maan worden normale weken
niet geschrikkeld naar de maan en vormen ze
dus niet een natuurlijke, onafhankelijke
variabele waar we op kunnen rekenen. Ze zijn,
onderhevig als ze zijn aan politieke
besluitvorming en economische nevenmotieven,
onzeker door het feit dat ze door de mens
geschapen zijn en deel uitmaken van een
materialistisch bewustzijn dat, met slechts
een pretentie van vrije keuze, gebondenheid
inhoudt en dus niet geschikt is voor de
stabiliteit van het geluk. We gaan voor het
filognostische bewustzijn van de
wetenschappelijk zekere kennis uit van de
posities van de zon en de maan zoals ze zijn.
We aanbidden zogezegd God het liefst
rechtstreeks, en liever niet bij bemiddeling
van 'politieke halfgoden' die het ons anders
voorspiegelen om zichzelf of het geld als
zijnde nuttig te bewijzen. Maar het is nog
steeds wel, zoals reeds gesteld met de vier
opties van het tijdbeheer, schriftuurlijk
toegestaan om de tijd te aanbidden bij
bemiddeling van de bij tijden zo kwalijke
'halfgoden' van de twintigste-eeuwse
materialistische en commerciële
standaardtijd zoals daar b.v. zijn de
krijgsheren Hitler en Napoleon, die de
'kampioenen' zijn van respectievelijk het
bezorgen en institutionaliseren van de
zonetijd en de gemiddelde tijd in
Europa.
Zon
en maan en de velden, hoe combineert dat dan
weer?
De
aangelegenheden van het valse ego en het
privé-leven zijn geassocieerd met de
zon. Bij de helderheid van de dag
manifesteert men zijn lichaam met achting
voor de ware (half-)god van die orde, de
zonnegod. Met het weerstreven van die orde is
men een ketter van die orde en gedoemd te
lijden onder instabiliteit van motief en
bewustzijn, en dat is niet wat we willen.
Aldus zijn de private en publieke zaken het
best geregeld met de orde van de zon, d.w.z.
geregeld met de data van de zonnekalender.
Denk maar aan de private en publieke
verjaardagen en feestdagen. Zo ook zijn de
andere tweepolige velden van je zakelijkheid
en je verenigingsleven het best geregeld naar
de orde van de maan. De maan bestaat er als
een fixatie in de hemel. Hij is altijd
gefixeerd op de zon als de eerste toegewijde
en leidende godheid van die orde. De zaken
van het verenigingsleven liggen allemaal
vast. Een vereniging kan niet zomaar zijn
regels veranderen zonder in een andere club
te veranderen. De verandering wordt er dus
door tegengegaan en dus moet de vereniging
worden aanvaard zoals die is of anders worden
ontkend. En zo is het ook met de
zakelijkheid. Iedere zaak, iedere
arbeidsovereenkomst, wordt beheerst door een
contract en een businessplan. Een ander plan
is een andere zaak. Ook die afdeling ligt zo
vast als de maan vastligt. Aldus worden de
twee tegenover elkaar geplaatst op de
maankalender, net als de twee vorige velden
van de zon werden gecontrasteerd op die
kalender. Zo hebben we dan een soort van orde
waarin de zakendagen nimmer samenvallen met
de verenigingsdagen en privé-zaken
nimmer samenvallen met publieke dagen van
socialiseren. Golf of tennis spelen bij wijze
van zakelijke ontmoeting is simpelweg een
zich verenigen in de sport om de maandimensie
beter te dekken; men moet nog steeds
afzonderlijk in een kantoor plaats gaan nemen
om het contract door te nemen en de papieren
te ondertekenen. De twee dimensies van zon en
maan die van nature een uiteenlopend discreet
ritme hebben vallen echter wel samen. Aldus
kan het zakelijke samengaan met socialiseren
in de publieke sfeer en kan het
privé-belang samenvallen met het
verenigingsleven. Ook kan het zakelijk belang
in het privé worden behartigd en kan
het verenigingsleven samenvallen met de
publieke interessen van de vrije omgang.
Aldus hebben we dan een gevarieerd, dynamisch
leven dat al de velden dekt in een stabiel,
niet-materialistisch maar zeker respect voor
de tijd. In de laatste sectie III-B zal ik
ook nog over de timing van je leven met deze
velden uitweiden wat betreft de regulatie van
de burgerlijke deugden.
En
wat als me dat niets kan
schelen?
Verwaarlozing
van deze noodzakelijke balans zal ten koste
gaan van het fysieke en mentale welzijn. Je
zal het moeilijk hebben met de psychologie
van de consonantie die zegt dat alles wat je
doet goed is. Aldus zal je je
onevenwichtigheid gaan verdedigen en zal je
zodoende politiserend in waanzin vervallen
met uitroepen dat het verenigingsleven slecht
is of dat uitgaan slecht zou zijn of dat alle
zakelijkheid slecht is of dat alle
privé-dingen corrupt zouden zijn. Je
zal dan, om de waanzin met je rancune tegen
het evenwichtig bestaan tegen te gaan, een
erbij passende politieke partij vinden van
vriendjespolitiek die je er eventueel toe
verleidt een schijnleven op te bouwen van
leven in vijandschap jegens anderen die
mogelijkerwijze even zo, maar dan anders,
gestoord zijn in hun veldbeheersing. Aldus
zal je verzwakken en je synergie verliezen,
je vermogen om sociaal saamhorig te zijn.
Soort zoekt soort en in de wil tot macht
daaruit voortvloeiend zal je, met de
verkeerde vrienden verstrikt rakend,
afglijden, verleid tot onrecht en het maken
van vijanden welke je levensduur zullen
bekorten, je luister zullen stelen, en je
schijnleven van eenzijdigheid in een hel
veranderen. Met andere woorden zal je in
onwetendheid vervallen en met allerlei
psychologische symptomen te kampen krijgen.
Publieke persoonlijkheden b.v. lijden hier
vaak onder in het verlies van hun vrije
associatie; ze beginnen een hekel te krijgen
aan het publiek dat ze dienen maar dat hen
niet toestaat een volkomen leven te
leiden.
Dus
zijn alle politici doortrapte
schurken?
Neen
natuurlijk niet. De politici krijgen het op
hun brood omdat ze verantwoordelijk zijn voor
de orde in de samenleving. Maar het probleem
is bij iedereen terug te vinden. Je hebt
goede en slechte mensen hierin zoals je wel
weet, maar de meerderheid leeft een niet zo
zuivere mix van die materieel gemotiveerde
egopassie die zo'n kwalijke schaduwzijde kan
hebben en de door het principe gemotiveerde,
aan de ziel ontleende goedheid. De politici
bemiddelen tussen het gewenste en het
haalbare in de samenleving. De zo vaak
onvermijdelijke problemen met de onzuiverheid
van de compromissen zijn beroepsrisico's door
hen ingecalculeerd; maar zeker is dat dit
probleem niet bevorderlijk is voor de
stabiliteit van hun persoonlijke positie. De
democratische macht die het doorgaans
ontbreekt aan de minder compromisbereide adel
van een meer wetenschappelijk, persoonlijk en
duurzaam systematisch respect voor God en
Zijn tijd, kan ook worden gezien als
noodzakelijk. We hebben de democratie nodig
teneinde ons op een nette manier te ontdoen
van de minder gewetensvolle 'edelen',
politici en partijen die met hun populisme
erin slaagden de kiezers te bedotten het met
hen eens te zijn. Zij die integer zijn dienen
netjes, voor zolang ze dat kunnen, een
bepaald idee van publiek belang ondanks
allerlei partijbelangen en andere tegenslagen
als gevolg van het feit dat ze een mikpunt
van het ego vormen. Zij die integer zijn
verwarren niet het lidmaatschap van een
politieke partij met een functie in
één van de te verwachten
kiesgroepen die filognostisch zijn opgezet om
de wetten ten behoeve van een bepaald
ministerie of subdepartement te bestuderen,
te bespreken, in te stellen en aan te passen.
De ware bedoeling van politieke partijen is
de filognostische orde te dienen en de zaak
niet te verwarren door te leven in openlijke
en verholen afgunst, vijandigheid, en een
niet-begrijpende geesteszwakte gebaseerd op
de eenzijdige opties ontleend aan hun
onevenwichtige levensstijlen en
nevenmotieven.
Verwachte
kiesgroepen?
We
zullen die optie voor de wetgevende macht,
die samenhangt met de identiteiten van de
mens in zijn maatschappelijke spel van orde,
in de latere sectie III-B van de retoriek
bespreken. Tot zover moet je onthouden dat
onevenwichtigheid in de velden van handelen
leidt tot de illusies van het politieke
nepotisme of tot andere soorten van valse
eenheid in pathologie en neurose. De
pathologie reageert het af ten koste van
anderen, de neurose trekt zichzelf in twijfel
met een niet-effectieve geest die het
ontbreekt aan een stevige basis in het volle
van de menselijke werkelijkheid en een juiste
discipline met de ziel. De psychopathologie
maakt slachtoffers op een slagveld en de
neurose eindigt totaal krankzinnig met een
psychose in een gekkenhuis. Hou dus, teneinde
niet jezelf en anderen schade te berokkenen,
altijd evenwicht met respect voor de velden
van handelen.
O.k.
begrepen, maar, wetenschappelijk, hoe zit het
met dat schrikkelen met de orde van de
tijd?
Schrikkelen
is van belang om het schema van de tijd
afgestemd te houden op de natuur, zonder
verliest men het contact met het krachtveld
van de ether en verliest men in zijn
tijdrespect de geldigheid. Men is niet meer
van deze planeet als men niet de orde ervan
aanvaardt. Dus, om stevig verankerd te zijn
alhier en stabiel in het bewustzijn te zijn,
worden de kalenders geschrikkeld, zowel de
maan- als de zonnekalenders. Maar
filognostisch met de maankalender
geschrikkeld naar de zon moeten we toegeven
dat het zonnejaar, dat zelf naar behoefte
iedere vier jaar wordt geschrikkeld, de
dienst uitmaakt en dat het maanjaar als
zodanig niet werkelijk in de hemel bestaat.
Om die reden schrikkelen we niet de
maankalender, net zoals de Islam, maar houden
we er ook geen maanjaar op na anders dan
een z.g lunatie die staat voor
vier maanfasen. 29.5 dag is de lengte van de
maancyclus en haar signaaldagen zijn
traditioneel de nieuwe maan (romeins:
kalends), de volle maan (ides)
en de halve maan (nones), en niets
anders. Dat is nu eenmaal de astronomische
overeenkomst die men een lunatie noemt. De
zonnekalender is filognostisch, d.w.z.
volgens de vedische geschriften en ook
overeenkomstig de romeinse orde van voor
Constantijn 325 n. Chr., ingedeeld naar de
verdelingen van de maan. De twaalf maanden
zijn verdeeld in 24 15-daagse halve maanden
welke ieder voor zichzelf, naar onze
tradities en naar de maan, kunnen worden
verdeeld in twee weken zoals we dat gewend
zijn, met de toevoeging van een extra
schrikkeldag aan het einde van iedere
veertiendaagse periode. Deze dag noemen we
een cakradag van studie en vasten (naast de
overige cakradagen van werken en uitgaan)
waarop het ongunstig is om materieel te
willen ondernemen omdat men dan breekt met de
reguliere orde van de week. Aldus passen we
ons met de zonneorde, welke we aldus de
cakra-orde noemen, aan bij de orde van de
maan, niet meer indelingen er op nahoudend
dan nodig zijn of in de natuur aanwezig. Men
wordt een dwaas genoemd als men de noodzaak
voorbij streeft.
Geen
dwaasheid met het vasthouden aan wat bitter
noodzakelijk is voor een stabiel bewustzijn
van de tijd?
Precies,
en daarmee komt een einde aan ons tweede
gesprek.
Dialoog
drie: II-a Emotionele
Expressie
Het
is van belang je te uiten. Enkel maar
studeren en weten geeft geen stabiliteit en
vormt nog niet de juiste leermethode. Het is
de oefening die de kunst baart.
Is
dat de reden dat we in gesprek
zijn?
Ja,
maar praten is niet genoeg. Praten is heel
corticaal, d.w.z. van de hogere
hersengebieden, en wordt beheerst door de
verdringing van de gevoelens van de lagere
hersencentra. Emoties in de geaardheid
hartstocht die de rede overweldigen maken een
einde aan het begrijpen als we niet van te
voren met behulp van zingen en oefenen
bewuste controle op ze uitoefenen. Het
betreft een individuele verantwoordelijkheid
van niet enkel de politici.
De
filosoof moet zingen?
Zo
is het. Er zal alleen maar stabiliteit van
bewustzijn zijn als we niet enkel onze
handelingen in de velden van handelen in de
buitenwereld in evenwicht brengen, maar ook
in de innerlijke velden van onze hersens. Ons
eigen lichaam met al zijn functies van
handelen en zinnen van waarnemen vereist een
uitbalanceren wat betreft al haar drie
dimensies: het corticale zoals dat staat
tegenover het emotionele (de verticale
dimensie), het ruimtelijke of parallelle
tegenover de tijdzin ofwel het seriële
(lateraal/ temporeel), en het initiatief
nemen dat staat tegenover de functies van de
ontvankelijkheid (frontale/occipitale
gebieden).
Hangt
dat ook samen met de orde van de
tijd?
Ja
René dat is zo, maar dit heeft meer
betrekking op je activiteiten met de klok dan
met de kalender. De dag is van nature
verdeeld in een lichte en een donkere
periode. Gedurende de lichte periode zijn we
actief en gedurende de nacht rusten we uit.
Aldus hebben we gemiddeld twaalf uren van
actief zijn en twaalf uren van rust houden.
De twaalf van handelen moeten in evenwicht
worden gebracht met zes uren van dienst aan
anderen en zes uren ten dienste van je eigen
belang. De nachtelijke uren zijn verdeeld in
zes uren slaap, rust voor het lichaam, en zes
uren van thuis wat doen, zonder stress voor
de geest. Aldus worden initiatief en
ontvankelijkheid in evenwicht gebracht in
navolging van het daglicht. Dit dekt de
frontale en occipitale gebieden voor en
achter in de hersenen. Onvoldoende actief
zijnd zoals met werkeloos zijn of anders
bezien goddeloos zijn, kan leiden tot
overactieve achterhersenen hetgeen een
kenmerk van schizofrenie is: de hersenen
kunnen dan in een psychotisch falen, oftewel
decompenseren, hun eigen denkbeeldige actie
gaan verzinnen of de vergetelheid gaan zoeken
in bedwelming, maar dan strookt het
voorgestelde niet met de werkelijkheid in de
handelingen: men is in feite krankzinnig. Of
anderzijds leidt een teveel aan handelen tot
een, zoals we dus al zagen, pathologisch
misbruik van andere mensen of de samenleving
in zijn geheel; respectievelijk bekend als
psychopathie en sociopathie met de soorten
van misdaad die daar bijhoren. Derhalve:
mediteer nimmer door lang achtereen televisie
te kijken overdag. Slaap, als volwassene,
nooit meer dan zes uur. En werk voor anderen
nooit meer dan zes uur per dag (een 36-urige
werkweek van zes werkdagen is ideaal), en
houdt je ook niet langer dan zes uur per dag
bezig met hobby's of huishoudelijke taken.
Aldus zal je een evenwichtig, stabiel leven
leiden bevorderlijk voor het
geluk.
Bevorderlijk?
Maakt me dat op zich dan niet
gelukkig?
Vanzelf,
de orde van de tijd, die je nodig hebt om met
het krachtveld van de ether de beheersing te
hebben en respect te houden, is maar
één van de voorwaarden waar je
aan moet voldoen. Laten we het eerst eens
proberen met wat geestelijk en lichamelijk
gezond is in het omgaan met de voetangels en
klemmen van de tijd in het algemeen en de
moderne tijd in het bijzonder. Cultureel
waren we, in de twintigste eeuw, niet direct
voorbereid op klokken en werkschema's die
ingaan tegen de geboden en de dynamiek van
moeder natuur, die samen met vadertje tijd
ons het levenslicht liet zien, en dus hadden
we begrijpelijkerwijze historisch een aantal
problemen met onze zelfbeheersing.
Hoe
staat het dan met die twee andere innerlijke
dimensies?
Zoals
gezegd staat het mentale van de cortex
tegenover het emotionele van de lagere centra
in de hersenen. En dit kan dus actief en
receptief worden beleefd zoals net uitgelegd.
Deze dimensie extra compliceert de zaak van
het evenwicht houden dus, zodat je dan, met
meerdere factoren rekening houdend, makkelijk
de logica uit het oog verliest van hun
samenhang. Geestelijk kan je receptief en
actief zijn en emotioneel kan je receptief en
actief zijn. Voor de kwaliteit van het hogere
denken moet je zo dus zowel lezen als
schrijven en zowel naar iemand luisteren, als
met iemand praten, wil je je evenwicht
houden. Het is als met de computer: uploaden
en downloaden (of uitzenden en tv kijken) of
ook als een soort van stofwisseling zoals het
is met in- en uitademen of met eten en
drinken en weer naar de w.c. gaan. En
emotioneel werkt het gebod der wederkerigheid
net zo: je moet zowel luisteren naar muziek
als zelf gaan zingen of een instrument
beheersen, je moet zowel waardering hebben
voor de artistieke prestaties van een ander
als zelf gaan dansen of componeren of
schilderen. Slaag je er niet in met deze
tweede dimensie evenwicht te houden, dan
ontstaan er problemen die de vorm aannemen
van een conflict tussen gevoel en verstand.
Als je met je geest te actief bent kan je
verwachten dat de emotionele aard gaat
opspelen, zoals dat gaat in een nare droom
b.v. of, vastgedraaid met uitvluchten en
leugens, zoals dat zich op kan werpen in een
ruzie met een 'uur van de waarheid' of met
een emotionele ineenstorting; en omgekeerd,
als je te veel in de emoties blijft
rondwaren, kan je verstandelijk in de war
raken en je integriteit verliezen en zelfs
verstrikt raken met het doen van dingen die
je eigenlijk niet wilt doen - net alsof je
dronken bent of als je jezelf niet kan zijn -
omdat je dan onvoldoende de feiten in acht
neemt en de argumenten afweegt en je teveel
op je impulsen afgaat. Zo is het met de
vierdeling die we zoeven bespraken
verstandig, voor deze extra dimensie van
fysiek/emotioneel en geestelijk bezig zijn,
je dag verder op te delen. Zo kan je je dan
voorstellen dat je je actieve zowel als je
receptieve periode in vieren deelt:
receptief/reactief en actief initiatiefrijk
zes uur voor je zelf naar de aard, zes
uur voor je lichaam naar de vorm, zes
uur voor de geest naar de persoon en
zes uur voor anderen naar de doener
bezig zijnd, is dan je etmaal gevuld met in
principe drie uur gereserveerd voor ieder van
de zo ontstane onderdelen. Om de verwarring
van het door elkaar lopen van deze dingen te
bestrijden, moet je dus even stil staan bij
het basisidee van je leven. De basislogica
omtrent het receptief/reactieve en actieve,
initiatiefrijke van je leven is dat je
naar de aard, de vorm van de persoon
respecteert als de doener. Het
receptief/reactief zijn valt dan onder de
aard en de vorm als de oorzaak van je
handelen (dharma en rûpa
in yoga), en actief zijn valt dan onder de
persoon - het zelf van de logica en de rede -
en de doener - het zelf onderworpen aan, maar
van initiatief zijnd met, de tijd van God of
de natuur en van de medemens
(kâla en purusha, zie ook
info.html
over
causaliteit).
Zo krijg je dan acht perioden van drie uur
waarmee je dan je dag in kan delen. Idealiter
ziet zo'n dagindeling er dan in principe zo
uit:
Wat
is de redenering achter die tabel?
Je
bent, receptief/reactief levend naar de
aard, mentaal met meditaties bezig en
naar de vorm op dit gebied met dromen
bezig in je slaap. Daarnaast moet je dan meer
fysiek reactief zijnd naar je eigen aard je
hobby's doen als tegenwicht voor je
verplichtingen en daarbij tevens in reactie
op de behoeften van de vorm van het lichaam
weer voor je eigen materie zorgen met het
doen van de huishouding.
Actief
zijnd op mentaal gebied, pak je als
persoon, als een wezen van rede en
logica dus, een studie op of ben je
anderzijds gestimuleerd door de tijd als de
doener, geestelijk dan bezig voor God,
zoals het heet of pro deo, van
vrijwilligerswerk. Daarnaast moet je ook,
meer fysiek gemotiveerd, initiatief tonen om
persoonlijke relaties te onderhouden en moet
je je positief als een meer materieel
gemotiveerde doener inzetten voor het dienst
verlenen terwille van anderen om je brood te
verdienen of waard te zijn, zou je ook kunnen
zeggen.
Wat
je, minder ideaal redenerend vanuit zoals het
gaat, kan zeggen is dat je, globaal in
evenwicht verkerend met deze visie, normaal
levend als een volwassene op werkdagen, in
reactie, dan zes uur slaapt om te mediteren
op je dromen, en zes uur voor de goede orde
voor jezelf bezig bent met huishoudelijke
taken, eten en je liefhebberijen, waarbij de
bewuste meditatie en bezinning er dan
makkelijk bij inschiet. Actief bezig op
normale dagen ga je fysiek zes uur om met
andere mensen en werk je, en heb je dan nog
zes uur over om geestelijk gemotiveerd je
meer vrijwillig in te zetten voor anderen en
te studeren, met behulp van boeken, tv, de
computer en andere media. Ook hier ben je dan
geneigd wat meer te werken dan te
socialiseren en wat meer tv te kijken en/of
te computeren dan aan vrijwilligerswerk te
doen. Omdat zo feitelijk te weinig
gestudeerd, vrijwillig gewerkt en
gesocialiseerd wordt in de moderne
maatschappij die steeds weer tot materialisme
neigt, moeten, voor het evenwicht van een
goed leven, voor dat doel compensatiedagen op
de kalender worden ingevoegd om de schade in
te halen; dagen dus van studie, socialiseren
en een zich onbaatzuchtig inzettend bezinnen,
die feitelijk, vanuit de logica van het
evenwicht, een reële noodzaak vormen en,
je daarvan bewust zijnde, zelfs een
reële behoefte in je leven zijn. Maar
daarover meer in de volgende dialoog over de
waardenbeheersing.
De
blokken van drie uur hoeven elkaar niet strak
in de tijd op te volgen. Ze vormen slechts
een algemene maat van evenwicht waarmee je
lekker kan schuiven bij het vinden van je
eigen dagschema. Zo mediteer je overdag
telkens wat er tussendoor om een rustpunt te
hebben en ben je 's avond geestelijk actief
met de media - met name met de tv, de meeste
mensen. Het is dus niet zo dat je strak
actief bent gedurende de dag en helemaal
passief of honkvast zou zijn gedurende de
avond en de nacht.
Wat
van belang is, is je te realiseren dat een
evenwichtig dagschema een werkweek van zes
werkdagen, dat is 6 x 6= 36 uur oplevert. Een
veertigurige werkweek van vijf dagen van acht
uur, kan wel, maar verschuift het accent wat
het actief zijn betreft op deze manier
bekeken te veel naar het fysieke vlak met de
nodige gevolgen van dien. De in de
samenleving ingebouwde neiging tot
onevenwichtigheid wat betreft je
oriëntatie in de tijd en de ruimte uit
zich daarbij dan als een laterale verstoring,
tussen de linker en de rechterhelft van de
hersenen. Het laterale vormt de derde
dimensie in de werking van de hersenen die we
in overweging moeten nemen.
Wat
je, minder ideaal redenerend vanuit zoals het
gaat, kan zeggen is dat je, in evenwicht
verkerend met deze visie, normaal levend als
een volwassene op werkdagen, in passief
opzicht, dan zes uur slaapt om te dromen
danwel te mediteren, en zes uur voor de goede
orde bezig bent met vrijwilligerswerk en
huishoudelijke taken en eten, waar je voor
extra slaap en meditatie dan weer een paar
uurtjes vanaf snoept. Actief bezig op normale
dagen ga je zes uur om met andere mensen en
werk je, en heb je dan zes uur voor jezelf om
bezig te zijn met je hobby's waarmee je dan
creatief kan zijn, studeert met behulp van
boeken, tv en de computer en ook
re-creëert. Ook hier snoep je dan links
en rechts voor de gezelligheid wat uurtjes
bij elkaar. Omdat zo mediteren - of ook wel
bidden, filosoferen en contempleren - en
dromen in het normale leven veelal samenvalt
met de slaapperiode, en onder de druk van het
presteren voor het geld er ook niet genoeg
gestudeerd en vrij gesocialiseerd wordt
meestal, moeten, voor het evenwicht, voor dat
doel compensatiedagen op de kalender worden
ingevoegd om de schade in te halen; dagen dus
van studie, socialiseren en bezinning die een
reële noodzaak en behoefte in je leven
vormen. Maar daarover meer in de volgende
dialoog over de waardenbeheersing. Wat van
belang is, is je te realiseren dat een
evenwichtig dagschema een werkweek van zes
werkdagen, dat is 6 x 6= 36 uur oplevert. De
onevenwichtigheid uit zich daarbij als een
laterale verstoring, tussen de linker en de
rechterhelft van de hersenen, wat betreft je
oriëntatie in de tijd en de ruimte en
deze onbalans is nogal ingebouwd in de
samenleving die geneigd is zich bezig te
houden met het, meer eenzijdig op de materie
georiënteerde en oppervlakkige of
materialistische, enkel maar werken, eten,
slapen en recreëren. Het laterale vormt
een derde dimensie in de werking van de
hersenen.
Hoe
beheers je het laterale zoals het hoort? Je
hebt maar te buigen voor het tijdsysteem en
je bent ook niet altijd de baas over de
ruimte.
Inderdaad
vormt het tijdsysteem een gekmakende
barrière, tussen jou en de natuurlijke
leefwereld, die om een bewust optreden
vraagt. Hiervoor moet je het lichaam erin
trainen onafhankelijk te zijn van het
culturele tijdsysteem en aldus je laterale
integriteit zien te redden. De
materialistische samenleving heeft de tijd
van de plaats afgesplitst en doet je
makkelijk van jezelf en van anderen
vervreemden door je af te leiden met een
geest gericht op elders. De klok, die met het
ontbreken van een tandrad om het tempo van de
passerende zon te volgen in feite verouderd
is, sloeg op hol en heeft nu wielen,
vleugels, een beeldscherm, een toetsenbord,
luidsprekers, en een microfoon, en groeide zo
uit tot een systeem waarin je nooit weet waar
je met je geest nu eigenlijk zit. Deze
loskoppeling van de plaats ofwel deze
dislocatie van het bewustzijn van de tijd is
een kenmerk van individuele geestesziekte of
in ieder geval een gezamenlijke
cultuurneurose. Zelfs de geest van het
tijdloze zelf en de eeuwige wijsheid die we
in meditaties delen in de kennis van de ziel,
vereist een correcte oriëntatie op de
plaats en tijd: het z.g. momentane
bewustzijn. Psychiaters controleren bij
patiënten altijd de zin voor de tijd en
de plaats die bij hen typisch gestoord is. De
genezing bestaat eruit mensen geregelde
dagelijkse activiteiten te bieden,
'structuur' zoals dat heet, met een strak
werkschema, om hun oriëntatie naar de
plaats en de tijd te herstellen. Maar voordat
het met jou zover is gekomen, kan je de
dreiging van een gespleten geest gericht op
een van de plaats afgespleten tijd tegengaan
door drie maal daags yoga-oefeningen te doen
met behulp van mantra's voor je emotionele
expressie: 's morgens voor het ontbijt, 's
avonds voor het avondeten en 's nachts
voordat je gaat slapen, zodat je je zuivert
voor de verschillende activiteiten van de dag
en ze kan afgrenzen. Doe âsana's
als de sûrya-namskar, de
begroeting van de zonnegod, en doe de
pranava,
door AUM tien maal in je neus vibrerend te
laten weerklinken, de oefening besluitend met
de gâyatrî
mantra
om je brein opnieuw in te stellen op
respectievelijk het oergeluid van God dat
alle andere geluiden in de ether van je geest
verenigt en op de oorspronkelijke orde van de
natuur van de zon. De filognost bouwt op het
bestaan van de ether en dus luidt een
filognostische versie van de vedische
drievoetmantra, de
gâyatrî, als volgt:
' Aum...,
aarde, de ether, de hemel;
dat vitaal dat bidden wij;
de genade van God voor iedereen;
denken zuiver in harmonie.'
De
gâyatrî-mantra zelf is
meer specifiek gericht op de goddelijkheid of
de orde van de zon, maar aangezien we de zon
al met de tempometer
respecteren is deze versie meer algemeen van
toepassing op de gehele orde van de tijd om
verzoening met jezelf en God te vinden.
Natuurlijk moet je voor dat doel, om het
zonder een computer te kunnen,
een
meditatie-klok instellen op de
zon
omdat de sociale tijd die tegen de natuur
ingaat zal leiden tot de vergeetachtigheid
niet die natuur en that ether te respecteren
die van essentieel belang is voor je ziel als
haar bestaansgrond. Ook is het van belang om
een rustige en heilige plaats te vinden om je
oefeningen te kunnen doen. Dit is niet altijd
gemakkelijk. In geval je verward en verstoord
bent als je de zaak niet in de hand hebt, kan
je je geest en het lichaam tot gehoorzaamheid
dwingen met behulp van de z.g.
mahâmantra,
verdedigd door de feitelijk niet-sektarische
maar wel heel traditionele Hare Krishna's,
die een link legt naar de beheersers van de
vedische filosofie Heer Krishna en Heer
Râma. Ook andere gezangen
ter ere van de heilige namen en hun
respectievelijke culturen van kennis zijn
behulpzaam. Met de heilige namen vindt je ook
de ware betekenis van je gereïncarneerd
zijn, van het René zijn, van een nieuw
leven begonnen zijn in relatie tot Hari, de
Fortuinlijke, de Heer of Hoogste
Persoonlijkheid van God: Hij, het veld in
alle velden, is degene die Ik zegt tegen het
onpersoonlijke als het grootste offer dat
mogelijk is zodat niets meer onpersoonlijk
is. Een goede wetenschapper weet dat alles
geclaimd is na zo vele millennia van
beschaving - zelfs de fouten - en dat
refereneren een basisplicht is van valideren
of geldig verklaren.
De
muzikale oefeningen van de afdeling van de
emotionele controle zoals ik je eerder zei,
moeten altijd gericht zijn op de oplossing
die door de ziel en zijn vertegenwoordigers
wordt gevormd, omdat gericht zijn op het
wereldse je als een stimulus-respons-junkie
verstrikt zal doen raken en je je discipline
zal doen verliezen. Wees in de wereld, maar
niet van de wereld.
Dus
je herinneren en werken voor je integriteit
met de yoga herstelt het laterale evenwicht
dat verloren ging in de materialistische,
culturele betrokkenheid?
Ja,
mits je de tijd goed in de gaten houdt dus.
Daarenboven is de yoga ook bevorderlijk voor
het beheersen van de z.g. kleine hersenen,
het cerebellum laag achterin je hersens, dat
de fysieke controle beheerst die je hebt over
je lichaam. Het is goed dat centrum te
trainen om onafhankelijk te zijn van de
stormen die kunnen woeden in de emotionele en
corticale centra. Het bewustzijn dat stabiel
is, is van de tijden ingesteld naar de
natuurlijke signalen; die van de cultuur
hangen af van politici, bazen en intieme
relaties die materieel gemotiveerd zijn en
dus af kunnen branden; het materialistisch
bepaalde bewustzijn is niet stabiel. Dus je
kan ofwel materialistisch je discipline
vergeten van integer en emotioneel expressief
zijn, het zelf verprutsend in de relatie met
de natuur, of je kan door anderen in de war
worden geschopt die storen in die relatie. Er
met de derde vorm van verstoring die
afkomstig is van de geaardheden der natuur
zoals de zomer en de winter, natuurlijke
calamiteiten als overstromingen,
aardbevingen, en algemene weersveranderingen,
moet je ook rekening houden. De bedoeling van
de yoga in het algemeen is om in de
stabiliteit van je bewustzijn en de
lichaamsbeheersing onafhankelijk te zijn van
deze geaardheden, hoewel - of meer als gevolg
van het feit dat - ze grote invloed
uitoefenen. Slaap dus niet te weinig
gedurende de zomer noch te veel gedurende de
winter. Soms sta je, levend op de
breedtegraden verder verwijderd van de
evenaar, op in het donker en soms als het
licht is. Het moet met je yoga niet zo zijn
dat die verloren gaat als je van klimaat
verandert of als de seizoenen voor jou
veranderen.
Is
de filognosie een soort van
yoga?
Ja
en nee. De yoga die je kent als een fysieke
oefening van meditatie en zithoudingen is er
maar een deel van, dus zou je ja kunnen
zeggen. Je mag het filognostische yoga noemen
of Aadhar yoga, de syncretische yoga van je
basisbelangen van geestelijk, maatschappelijk
en lichamelijk welbevinden. Maar niet
afgekee