Deze filognostische presentatie is in aanbouw

2.5 Creativiteit en Culturele innovatie

Creativethink

Shakespeare: De kunst een spiegel is die men de natuur voorhoudt.
Carl Jung: Wat de natuur onvolkomen laat, vervolmaakt de kunst.
Ian Stevenson: Het is al veel vaker gezegd dat er voor de meeste mensen niets zo lastig is als een nieuw idee, en ik denk dat zoiets al helemaal telt voor wetenschappers.
P.A. de Génestet: Veel wordt bewezen dat toch in den grond niet waar is, en veel is eeuwig waar, ofschoon 't bewijs niet daar is.
Vincent van Gogh in 1885 aan broer Theo: Laat men lullen van techniek wat men wil met farizeese, holle, schijnheilige woorden. De ware schilders laten zich leiden door die consciëntie, die men sentiment noemt. Hun ziel, hun hersenen zijn niet voor ’t penseel, maar ’t penseel is voor hun hersenen.
Levinas: Pas in de ontmoeting met de Ander kunnen we het bestaan als rechtvaardig ervaren. De Ander raakt een dimensie in het bestaan van het subject die dieper ligt dan het autonome bewustzijn en roept daarmee een verantwoordelijkheid op die het subject niet zelf kan begrenzen.
Thomas Hardy: Om de wereld te kunnen verbeteren, moet je je volledig rekenschap geven van haar slechtheid.
Escher: Vul niet uw leegte, maar leeg uw volte.
H.W.J.M. Keuls: Al wat ik verover gaat mij verloren. En mijn bezit is wat ik niet bereik.
Simon Vinkenoog: De eenheid in oneindige verscheidenheid. De macro- en de microkosmos, en wij mensen precies in het midden daarvan aanwezig.
Juan Keymer We weten niet wat een individu is, iets halverwege de schaal tussen competitie en symbiose. (Volkskrant 28 juni 2008)
Hofnar: In de grap ligt de wijsheid verborgen
Pieter Kooistra: Het kunstwerk is een middel tot bewustwording van eenheid in verscheidenheid, zoals het leven zelf.

Sheakespeare: ‘De storm’ van buiten een sprookje, van binnen is het een relaas over de antieke inwijdingsmysteriëen. Maar ook over de levensweg van de mens van alle tijden.’

Jan Wicherink boek Ontheemde zielen ontwaken, (p. 154): De schepping zelf echter lijkt het bewijs te zijn van het feit dat de totale orde in het universum is toegenomen sinds haar vroegste conceptie en dat negentropie (negatieve entropie) dus ook moet bestaan. De levenskracht in iedere plant, elk dier en ieder mens op deze planeet is de kracht die voortdurend de effecten van de entropie tegengaat. Dus naast de tweede wet van de thermodynamica die alles afbreekt, moet er ook een creatieve kracht in de natuur bestaan die zomaar orde uit de chaos schept.

Voor wat betreft creativiteit geeft Prana nr. 159 (Ten geleide) interessante voorbeelden.
Brahms zegt dat hij als hij componeert in contact staat met dezelfde geest als waar Jezus zo vaak naar verwees.
Richard Strauss beschrijft overweldigende visioenen Dan put ik uit de bron van oneindige en eeuwige energie waaruit wij allen en alles voortkomen.
In de religie noemt men dit God
.
Grieg zegt: Wij componisten projecteren het oneindige in het eindige.
Picasso is een ander groot kunstenaar die met zijn schilderij ‘Guernica’ toont hoe het paard aan de lans van zijn eigen ruiter ten onder gaat.

Het mysterie van het leven kan in poëzie of rab voelbaar worden gemaakt.

Laozi (gedeelte van gedicht):
Waarlijk, hij die zich kan bevrijden van verlangen,
ziet het geheime wezen der dingen.
Hij die zich nooit heeft bevrijd van verlangen,
ziet alleen de uitkomsten.
Deze twee dingen komen voort uit dezelfde Bron,
maar hebben niettemin een andere vorm.
Deze Bron kunnen we alleen maar het Mysterie noemen,
de Poort waaruit alle geheimen voortkomen.
De volledigheid is als water, Laozi:
Wanneer iemand zou willen regeren en iets tot stand zou willen brengen door handeling, besef ik dat hij niet slagen kan. Het koninkrijk is een geestelijk ding en kan niet door handelen worden verworven. Hij, die het op die wijze zou willen winnen, vernietigt het. Hij, die het in zijn greep zou willen vasthouden, verliest het. Een geestelijk koninkrijk wordt alleen werkelijk veroverd door vrij te zijn van doelstelling en activiteit. De wijze is niet menslievend of goed, de volledigheid is als water. Water doet goed aan alle wezens en strijdt niet. Het woont op plaatsen door alle mensen veracht. Daarin komt de wijze Tao nabij. Hij leeft graag op lage plaats. Zijn hart mint de diepte. In weldoen mint hij de liefde. In spreken de waarheid, in bestuur de orde, in werken bekwaamheid, in handelen de geschikte tijd. Hij strijdt niet, daardoor treft hem geen blaam.
Ge moet het Tao van de oudheid doorgronden om over het bestaan van het heden te kunnen regeren.
Wie het begin weet van het oorspronkelijke heeft de draad van Tao in handen.
Wislawa Szymborska:
Uit het raam heb je een mooi uitzicht op het meer,
maar dat uitzicht ziet niet zichzelf.
Kleurloos en vormloos, stemloos, geurloos
en pijnloos bestaat het op deze wereld.
Flex de Hittespitter 'De Anti-christ Mixtape':
Satan:
"ken je mij nog? heb je 'n tijd niet gezien
je was 'n tijd binnen en tijd is wat je dient
je bent nu wel vrij, maar nog steeds van mij
en ik heb heb 'n paar klussen voor jou is wat ik zei"
Flex:
"modderfok dit kil, ik ben klaar met jou
ik doe niks meer wat me van het licht weghoudt
ik doe geen fout meer, loop een rechter pad
fok 666, ik ben die bullshit zat!"

Een variant op het peterprincipe: is het sprookje De nieuwe kleren van de keizer van Hans Christian Andersen.
De definitie Reflexief Bewustzijn licht dit thema toe.

Bas Heijne: Gauguin probeerde het aardse achter zich te laten door zich terug te trekken in zijn verbeelding (en in de fantasie van een grotendeels verzonnen tropisch paradijs, waar de lelijke moderne wereld op wonderbaarlijke wijze onzichtbaar was gemaakt), terwijl van Gogh de zichtbare werkelijkheid als het ware wilde bekeren tot zijn blik. In zijn verhitte discussies met zijn vermeende kunstbroeder stond hij erop dat hij altijd realistisch wilde zijn, dat wil zeggen, dat zijn schilderijen altijd een echt onderwerp moesten hebben. Een echt gezicht, echte zonnebloemen, een echt paar versleten schoenen; de verbeelding van Van Gogh moest altijd in direct contact met de werkelijkheid staan, die vervolgens door hem getransformeerd werd in iets nieuws en ongeziens. Die grote verwachting van de kunst als radicale vernieuwer van de wereld werd niet ingelost; en je kunt zeggen dat de kunst sindsdien bezig is geweest vooral zichzelf eindeloos te vernieuwen. Het politieke engagement van veel kunstenaars, zowel extreem links als rechts, in de twintigste eeuw ging er opnieuw van uit dat de kunst een belangrijke rol in het vernieuwen van de wereld te spelen had, maar de nadruk lag nu veel meer op een maatschappelijke, politieke omwenteling. Het idee van een artistieke avant-garde was nauw verbonden met de grote ideologische ideeën over de Nieuwe Mens. Ook die grote verwachtingen werden niet ingelost; de meeste eindigden in dood en vernietiging. In de afgrond tussen verbeelding en werkelijkheid die de grote ideologieën van de twintigste eeuw hebben geopend, echode de kreet van afgrijzen door die al helemaal aan het begin van die eeuw uit de vertrokken mond van een stervende Mr Kurtz te horen was: ,,The horror! The horror!’’ Sindsdien zingt de kunst een flink toontje lager.

Dit betekent dat Tetragrammaton een 'universele sleutel tot creativiteit' is. Een 'getetragrammatoniseerd' bewustzijn is een 'Goddelijk bewustzijn'.
Zelfs het Pisces-tijdperk is tijdelijk ... Hoe voorzag Christus daarin ? Door over een terugkomst te spreken. Hierdoor wordt de universele liefdesgeest losgemaakt van het tijdelijk karakter eigen aan de tijdperkenleer zelf (Yah & Christus zijn tijdelijke 'Namen' voor hetzelfde, n.l. YHVH). Tetragrammaton incarneert in alle tijdperken. Telkens in andere gestalten (dan Yah, dan Christus, dan Aquarius). Aan het einde van het tijdperk komt er immers steeds een 'nieuwe wet' (waardoor de 'cyclus' van de Wijsheid zich voltooit).

Willem Barnard, Volkskrant 25 juni 2004:
Hij ziet een wereld, die alleen nog uit is op ‘grijpen en begrijpen’. De Mammon van het grote geld lijkt tot de hoogste waarde in het leven te zijn verheven. Fel gekant als Barnard is tegen de luidruchtige zinledigheid van het moderne leven, meent hij dat alleen vanuit de kunst en de religie een tegengeluid te verwachten is. Maar juist die twee, stelt hij met droefheid vast, weigeren gezamenlijk op te trekken tegen de tijdgeest, verwikkeld als ze zijn in een onderlinge concurrentiestrijd.

Jonah Lehrer Proust was een neuroloog Waarom kunst vaak voorloopt op de wetenschap
Paul Depondt Tussen bètaland en alfastan (recensie)
Veel ontdekkingen uit de (neuro)wetenschap zijn al veel eerder gedaan door kunstenaars, componisten en schrijvers. Vaak zonder het door te hebben stuitten zij op zaken die pas veel later werden verklaard en bewezen door wetenschappers. Kunst kan dus, net als wetenschap, leiden tot inzicht; wetenschap heeft niet het monopolie op kennis van, in dit geval, ons brein. In dit fascinerende boek, dat het midden houdt tussen kritiek, biografie en populaire wetenschap, laat de auteur een aantal beroemde gevallen zien. Een eye-opener voor wie gefascineerd is door ons brein en door de manier waarop we daar tegenaan kunnen kijken. Uiteindelijk is het boek een pleidooi om wetenschap en kunst niet als tegenpolen op te vatten maar als twee elkaar aanvullende manieren om de werkelijkheid mee te beschouwen. Jonathan Lehrer is pas 25 en studeerde neurologie aan Columbia University. Hij schreef eerder diverse artikelen voor onder andere Nature en New Scientist.
In onze door technologie beheerste wereld gaan we ervan uit dat de wetenschap het antwoord heeft op al onze vragen. Maar zoals Jonah Lehrer in dit sprankelende debuut uitlegt, is wetenschap niet de enige weg naar kennis. Ook kunst kan tot inzicht leiden – en soms zelfs nog eerder dan wetenschap.
Lehrer toont aan dat een aantal beroemde kunstenaars elk een belangrijke waarheid over de werking van ons brein heeft ontdekt, waar de wetenschap pas veel later bewijzen voor leverde. Zo legde de Franse romancier Marcel Proust als eerste de feilbaarheid van het geheugen bloot, verkende Paul Cézanne tal van subtiliteiten van ons gezichtsvermogen en onthulde schrijfster Gertrude Stein, ver voor Noam Chomsky, de diepe structuur van taal. Kunst en wetenschap kunnen elkaar prachtig aanvullen.

Goede, Ware en Schone (Micro - en Macrokosmos)

De oudste mimesistheorie is van Plato, de stichter van de oudste Academie. De mimesistheorie van Plato is onderdeel van zijn Ideeën-leer, die de wereld verdeelt in een zintuiglijke en een geestelijke wereld. De geestelijke wereld is werkelijk, de zintuiglijke is een illusie, want veranderlijk. Men moet zich volgens Plato richten op het geestelijke en streven naar de hoogste wijsheid, namelijk die van het Goede, het Schone en het Ware.

James M. Pryse Apocalypse ontsluierd / een esoterische uitleg van de Openbaring van Johannes (p. 62):
Hier vertegenwoordigt de Logos het aspect van GODDELIJK DENKEN, de zuivere en onvervalste natuur van het intellect, of het ongebroken licht van het Nous-Denken dat niet in gedachten versplitst is, niet gedifferentieerd is, maar beschouwd als het in werking stellende principe van het denken en het complement (aanvulling) van het in werking stellende principe van Liefde; “De Heilige” en de “waarachtige” zijn indentiek aan “het Goede” en het “Waarachtige” van Plato, terwijl het daarmede in verband staande Aphroditê-aspect “de Schoonheid” is.

Konrad Dietzfelbinger boek Mysterie scholen hoofdstuk De 'ideeën' (p. 117): Het 'Goede', het 'Ware' en het 'Schone'
Zijn werkzame krachten en toestanden. Zij treden zowel macro – als ook microkosmisch op. Macrokosmisch gezien zijn het de krachten en toestanden die in het universum werkzaam zijn als structuur, energie en vorm. Microkosmisch vormen zij, met betrekking tot de mens, zijn eigenlijke identiteit. De volgens de ordening van de Geest ontplooide en levende mens is één met de macrokosmisch structuur, energie en vormgeving van de Geest. In de mens die alleen op de zintuiglijke wereld (de vormzijde) gericht is, werken de structuren en energieën van de geestelijke wereld alleen indirect. Hij onderdrukt ze door zijn op de zintuiglijke wereld afgestemde leven.
P. 118: Wat in de Egyptische mythe wordt voorgesteld als goden, die verwekken, ontvangen en voortbrengen, dat duidt Plato aan als ‘ideeën’: het goede, als verwekkende principe, wordt door het tot inzicht komende bewustzijn, het ontvangende principe als waarheid ervaren. Vervolgens ontstaan rechtvaardigheid, deugd en schoonheid als ordening en vorm van de menselijke ziel of haar handelingen.

P. 117: Het is de openbaringsvorm van het goede, dat in een voor de waarheid ontvankelijk mens tot uitdrukking komt (III, Politeia VI, 19):
De Politeia wordt veelal beschouwd als Platoons belangrijkste werk en niet zelden wordt uitsluitend van dit werk kennis genomen in een poging om Platoons 'leer' te leren kennen. In het in deze serie als inleiding tot de Timaios vertaalde en afgedrukte artikel van Prof. C.M. Turbayne, Plato's fantastic appendix, stelt de schrijver dat zowel de Politeia als de Timaios moet worden gezien als een uitgewerkte vergelijking, waarbij de Politeia als een model fungeert voor de Timaios. Hij zegt dat beide geschriften vergelijkenderwijs een mensbeeld trachten op te roepen; de Politeia door de ideale mens te vergelijken met het functioneren van een ideale staat en Timaios door de mens te vergelijken met de Kosmos. De Politeia behandelt gezondheid en ziekte van de geest en de Timaios gezondheid en ziekte van het lichaam; de mens dus als staat-in-het-klein, als microkosmos. In beide dialogen legt Platoon het 'micro' onder een vergrootglas en maakt er 'macro' van om er aldus beter naar te kunnen kijken. Hij vergroot het mensbeeld dat hem werkelijk bezighoudt.

Chaos, Gaia en Eros

Sappho: Eros is bitterzoet.
Tsjechof schrijft in het verhaal Wjérotsjka:
Ik…ik houd van u! Nu ze hem haar liefde had bekend, en die onbereikbaarheid had afgelegd welke de aantrekkelijkheid van een vrouw zo verhoogt, scheen ze hem als het ware nietiger toe, alledaagser en minder mooi.
Carson: Eros is gemis. Niet omdat liefde meestal eindigt in verlies, maar omdat het verlangen zelf een onoplosbare tegenstrijdigheid in zich draagt. De verliefde wil wat hij niet kan hebben, maar zodra hij het bezit, kan hij er niet meer naar verlangen.

C.J. Schuurman boek Stem uit de diepte (p. 25): De chaos verbeeldt de drang tot scheppende activiteit. De eerste die te voorschijn komt uit de Chaos is Gaia, de vrouw, de moeder der goden, de oermoeder. Treffend is, dat haar naam ‘de aarde’ betekent. Het is duidelijk, dat hier direct van het begin af in de mythe de nadruk gelegd wordt op de aarde. Gaia bracht Ouranos, de hemel, voort; de aarde schiep dus de hemel en Ouranos wordt de eerste heerser van goden en mensen. De mensen zijn er dan nog niet, eerst waren er alleen de goden. De derde die tevoorschijn komt is Eros, het vermogen om tweeheid te verzoenen tot één geheel. In het vervolg van de mythe komt Eros niet meer ter sprake.

Plato's Eros-leer: Volgens Plato is Eros onze reactie op schoonheid.
Want dat is de juiste manier om tot de liefde te komen of door een ander gebracht te worden: beginnen met de mooie dingen hier om ons heen en dan terwille van díe schoonheid steeds verder omhooggaan, als ware het langs de treden van een trap, van één naar twee en van twee naar alle mooie lichamen, en van die mooie lichamen naar mooie maatschappelijke activiteiten en van die activiteiten naar mooi wetenschappelijk werk om van dat wetenschappelijk werk dan eindelijk terecht te komen bij die wetenschap die niets anders dan die schoonheid op zichzelf bestudeert, zodat je uiteindelijk de eigenlijke schoonheid leert kennen.

Commentaar (november 2004) van Simon Vinkenoog (Kies: Chaos) op het boek Trialogen op de rand van het westers denken van Rupert Sheldrake.
Rupert Sheldrake: De verbeeldingskracht is chaos. Nieuwe vormen ontstaan uit de chaos.
"Het is duidelijk dat de chaos vrouwelijk is en dat de schepping uit de chaos lijkt op de schepping uit de moederschoot: een allesomvattende potentialiteit die uit de duisternis te voorschijn komt."

Hesiodus: De drie voornaamste godheden waren Chaos, Gaia en Eros.

Recensie boek Filosofie van de levenskunst van Wilhelm Schmid:
Op zijn boek filosofie van de levenskunst staat een schilderij (plaatje rechts) van de Amerikaanse realistische schilder Edward Hopper afgebeeld. Op een bed ligt een halfnaakte vrouw. Haar gezicht is niet te zien; ze heeft zich naar de muur gekeerd. Op de rand van het bed zit een man, volledig aangekleed, in een houding die zowel nadenkend als vertwijfeld kan zijn en hij staart voor zich uit naar een lichtvlek op de vloer. Naast hem ligt een opengeslagen boek en je krijgt de indruk dat het zojuist is weggelegd. Dit schilderij verbeeldt voor Schmid de moderne mens die op zichzelf is teruggeworpen. Het is het moment na het bedrijven van de liefde, waarin de distantie tot de ander pijnlijk duidelijk wordt en ieder weer op zichzelf is aangewezen.

 

Lucebert:
De wezens die mijn schilderijen (plaatje boven) bewolkte zijn of monsterlijk of machteloos of beide tegelijk en als zodanig weerspiegelen zij de schizofrene en paranoïde aanleg van de menselijke soort, die zich eerst in onze tijd ten volle heeft ontplooid.
De vaganten, 1992: Het schilderij toont een mooie, zittende naakte vrouw met grote melancholieke ogen. Achter haar is nog net een glimp van het gezicht van haar minnaar te zien. Het schilderij lijkt een idylle te verbeelden, maar aan de fysionomie van die twee liefdesgezichten klopt iets niet, achter de melancholie gaapt een diep onheil. ‘Lovers met gebroken neuzen’ heet het doek. Het roept een grijnslach en koede rillingen op. 'Ja zo ziet de wereld er uit', is het antwoord van de schilder.

Kristoffer Schipper, boek Tao:
Het Bewaren van het Ene is in de eerste plaats een creatief proces dat door de bervrijding van onze energieën uit de boeien van de concepten wordt verwezenlijkt. De versmelting van yin en yang in het Centrum komt tot uitdrukking in een moment waarop wij meester zijn over onszelf: in de liefde, in de artistieke schepping van de kalligrafie, de poëzie of de dans en in alle kunstvormen die de mens tot zijn beschikking heeft.
In het boek van de Gele Hof wordt de innerlijke orde, nadat hij eenmaal is bereikt, weer afgebroken, de elementen verliezen hun symbolische waarde. Door het omkeren van de rollen, door de verwarring en de fusie van de elementen worden nu beelden opgeroepen van het thema van de afbraak, van de breuk in het systeem veroorzaakt door de godheden van het yin, van de schaduw en het Niet-zijn. Ze slepen ons mee in een duizelingwekkende val naar een onbekende ruimte: de chaos waar de gemeenschap zich kan voltrekken. Eros stuwt ons met onweerstaanbare kracht naar deze val.
Eros aanbeden en verdrongen: deze paradox beheerst nadrukkelijk de taoïstische seksualiteit. Het ritueel werd op zuiver symmetrische wijze uitgevoerd. Ieder gebed en ieder gebaar van de man hadden hun weerspiegeling in een gebaar en een gebed van de vrouw. Er was dus sprake van een actieve en een passieve partner. In deze context is het doel van de sexualiteit in de eerste plaats om orde en evenwicht aan het lichaam te geven. De integratie, zonder enig sectarisme, binnen de natuurlijke groep en het leiden van een perfect geordend leven zijn voorwaarde om verder te kunnen gaan en de terugkeer naar de Chaos, de plaats van schepping en vernieuwing te kunnen beleven.

Immateriële en Materiële wereld

Winnie Sorgdrager: 'Cultuur speelt in het regeringsbeleid geen enkele rol’ (Volkskrant 29 december 2005):
Kunst moet, iedereen zal je vertellen dat dat belangrijk is, maar eigenlijk is het franje. In mijn tijd kwam cultuur in de ministerraad niet aan de orde.
Dat is slecht. Hoe belangrijk kunst is, realiseert men zich pas als het weg is. Cultuur moet bij een minister worden ondergebracht. Een minister heeft meer power. Een samenleving heeft een materiële infrastructuur en een immateriële. Die laatste kun je niet zien, maar die heeft een grote invloed op de kwaliteit van de samenleving. Recht, cultuur en onderwijs behoren tot de laatste groep.

Henk Oosterling IMPASSE IN FILOSOFIE EN KUNST? (Pa)laveren tussen een postmetafysische metaforica en discursieve verbeelding
Met andere woorden: kunst is nooit een voorstelling van, maar louter een voorstel tot werkelijkheid. Het op begrip brengen van de filosoof maakt een eind aan dit 'sinnliche' voorstel, dat altijd een lichamelijke betrokkenheid op de wereld, een totaalervaring impliceert. De filosofie wordt door de kunst met zijn eigen lichamelijkheid geconfronteerd. Ze wordt gedwongen deze weerstand niet meer als negatie, maar als een positiviteit te accepteren. Haar manipulatieve ingrepen, haar technologiserende werking wordt opengebroken en daarmee wordt denken een open gebeuren. Van de kunst neemt het het beschouwende en afwachtende element over. Maar wordt hiermee de impasse van zowel de filosofie als de kunst opgelost? Misschien lost toch op een uiterst merkwaardige manier het idee van een impasse zich op, zodra we de behoefte aan een oplossing die altijd gebonden is aan een probleem met die van het probleem loslaten. Maar dan is de postmoderne Sofie misschien wel weer een nieuw soort sofist geworden: niet langer geslepen als een oude vos, maar als een brillante diamant, die zijn schittering ontleent aan de nabijheid tot de kunst.

Creativethink
Raad voor Cultuur in cultuurnota: Culturele innovatie is in de ogen van de Raad de kern van E-cultuur.

Samenvatting

Publicaties als van Hans Wansink en Thomas von der Dunk laten zien dat Nederland een probleem heeft. De hamvraag is of politici deze signalen opvangen?

Winnie Sorgdrager: 'Cultuur speelt in het regeringsbeleid geen enkele rol’ (Volkskrant 29 december 2005). In Nederland heeft bij de overheid de handelsgeest de overhand gekregen. Hoever moet de slinger doorslaan voordat echt actie wordt ondernomen?

Teilhard de Chardin: Alles divergeert en moet ook weer convergeren, zich samensluiten.

Het bewustwordingsproces bestaat uit de uitwisseling tussen het vrouwelijk en het mannelijk, tussen 'Chaos, Gaia en Eros' en het 'Goede, Ware en Schone', tussen materie en geest, tussen lagere en hogere Triade, tussen chaos en harmonie, tussen navel (Epithumia) en hart (Thumos), tussen begin en het einde, tussen Alpha en Omega.
Het 'Goede en Ware' zijn net als 'Chaos en Gaia' complementair. De Goddelijke liefde (het Schone), Eros (thumos) zorgt voor het verbinden terwijl daarentegen de omgekeerde weerkaatsing van Eros (Epithumia) voor het scheiden zorgdraagt. De positieve betekenis van Eros is in de mens de wil van het genie om grootse schilderijen, grootse muziek, dingen die zullen leven en het ras dienen, te scheppen (Blavatsky, Deel III, p. 648). De negatieve betekenis van Eros staat voor wellust, driftleven, epithumia. Alles heeft zijn tegenstelling, begeerte inbegrepen.

Het Kompaskwadrant is net als de M-theorie van Edward Witten een multidimensionaal verklaringsmodel en gaat ook van de hypothese van de eenheid van tegendelen uit.
Het principe van de antagonistische harmonie (-paren) is de allesomvattende basiswet en als zodanig te vatten onder het - uit de oud Griekse filosofie voortkomende - woord Logos. In de huidige wetenschapsterminologie is het de allesomvattende theorie, ook wel de M-theorie.

De Griekse Filosoof Plato – Logos:
Logos is een Griekse term die "het Woord" betekent. Griekse filosofen zoals Plato gebruikten Logos niet alleen voor het gesproken woord maar ook voor het onuitgesproken woord, het woord dat zich nog steeds in de gedachten bevindt -- de rede. Wanneer deze term op het universum werd toegepast, hadden de Grieken het over het rationele principe dat over alle dingen heerst.

Het kompaskwadrant verbindt de zes Darshanas en biedt een kader voor het enneagram, de vier kwadranten van Ken Wilber, het hexagram van de I Ching, het kernkwadrant van Ofman, het Tetragrammaton, het circumplex en de systeembenadering. Het kompaskwadrant laat zien hoe de éne werkelijkheid, het innerlijke universum en het universum, de Microkosmos en de Macrokosmos met elkaar kunnen worden verbonden.

De ‘Eenheid in Verscheidenheid’, de eenheid van het leven en het veelvoud van de vormen wordt met behulp van de kubus c.q. bol tot uitdrukking gebracht. In het snijpunt van de kwantitatieve, de kwalitatieve en de verticale as, ofwel de as van resp. de persoon, de feiten en de principes, vinden we de alles samenvattende 6 gezichtspunten van de filognosie, het neutrale punt waar de synthese en de realisatie plaatsvindt.

Het rapport 'E i V' gaat er vanuit dat Pythagoras met zijn wiskunde (1 + 2 + 3 + 4 = 10) de kwintessens van de zichzelf herhalende patronen al te pakken had.

Op basis van de vijf persoonlijkheidsdimensies kunnen we zeggen:Jezus was een mystieke intellectueel, een rechtvaardige wijze, die met hart en ziel, met moed en bedachtzaamheid koos voor welzijn en welvaart van de mensheid. De kwintessens van het verhaal wordt opnieuw belicht.

Wim de Lobel, boek De Eeuwige Generatie, De Unio Mystica (p. 91):
Börger was beïnvloed door de kritische bijbelstudies vanuit de Hollandsche Radicale School. In het bijzonder benadrukten zij de Nieuw-Testamentische Evangeliën die in verhaalvorm een verdichting zijn van de oude en steeds weer nieuwe waarheid. Vanuit hun bevindingen ontkenden zij de historiciteit van de Jezusfiguur. Naar hun inzichten stoelde de Christusgedachte in de Unio Mystica, dat is de verborgen inherente universele waarheid omtrent de werkelijkheid. Waarheid in deze zin dienen we dan te verstaan als het zijn van de universele werkelijkheid zoals zij is.

De echte innovaties vinden op het snijvlak tussen disciplines plaats. De moraal van het verhaal wordt op het snijvlak van individu en collectief manifest. Vijand denken plaatst vaak superieur tegenover inferieur. Je wordt niet superieur door de ander als inferieur te zien.

De geschiedenis leert dat de oplossing van de unificatietheorie al millennia bekend is. Het hangt er alleen maar vanaf hoe je het probleem formuleert. Op het snijvlak van de geesteswetenschappen en de natuurwetenschappen ligt het gemeenschappelijke raamwerk, de Unifcatietheorie.

Het eigenlijke denken vindt plaats op het snijvlak, de schakel tussen de binnenwereld en de buitenwereld, tussen verleden en toekomst in het nu, tussen het individuele en het universele, dialectische bewustzijn, in de psyche de schakel tussen lichaam en geest.

De geschiedenis kent een diversiteit aan innovatieve, multi-disciplinaire grenswetenschappers.
Spinoza, Schelling, Nietzsche, Jung en Wittgenstein zijn coryfeeën die zich hebben bewogen op het snijvlak van natuur en cultuur. Op dit snijvlak gaat het echter niet primair om wetenschap versus geloof, maar eerder om de samenhang en wisselwerking tussen natuur – en menswetenchappen. Deze kengebieden kunnen wel onderscheiden, maar niet gescheiden worden. Het zijn twee verschillende, maar complementaire domeinen. Door beide als complementair te beschouwen ontstaat een completer zicht op de werkelijkheid. Het is wenselijk de tweespalt tussen de natuurwetenschappen en geesteswetenschappen te verkleinen. Vastgeroeste denkpatronen te doorbreken. Het domein van de materie met de energetische processen te combineren. Een ruimer denkmodel is nodig om op creatieve wijze wereldvraagstukken op te pakken.

Roberto Assagioli: Een beweging waarin alles samenhangt, het ene het andere afstoot en toch oproept, en voor het eigen zijn nodig heeft. Een voorbeeld uit de gevoelssfeer kan dit verduidelijken. Mensen die elkaar liefhebben, verliezen hun identiteit niet in hun wederzijdse liefde en toch heffen ze hun geïsoleerdheid op. Ze zijn bij zichzelf in het andere. Alle menselijke liefde, zelfs in haar hoogste transpersoonlijke aspect, kan men beschouwen als een gedeeltelijke expressie van een universeel beginsel van LIEFDE.

De kwintessens, het mysterie van het leven zit in de ruimte tussen twee mensen (De ander als spiegel; De ander centraal). Wat daar precies gebeurt, daar begrijpen we heel weinig van, dat zijn louter vermoedens. Wat werkelijk belangrijk is, kan niet in woorden worden uitgedrukt.
Het geheim van het leven zit in eros verborgen. Echte liefde is onvoorwaardelijk, is niet voor een breezer te koop.
Het mysterie van het leven zit, net als de groei van een foetus bij de moeder, in onszelf.
Het mysterie van het leven kan in poëzie wel voelbaar worden gemaakt.

In zijn boek De Ander probeert Ryszard Kapuscinski de betekenis van de ontmoeting te doorgronden, en zoekt hij een antwoord op de vraag hoe je je tegenover anderen moet opstellen in deze tijd van globalisering, grootscheepse emigratie en vluchtelingenstromen. Herodotus inspireerde Kapuscinski er toe De Ander te beschouwen als de spiegel waarin we onszelf bekijken.

Simon Vinkenoog: De eenheid in oneindige verscheidenheid. De macro- en de microkosmos, en wij mensen precies in het midden daarvan aanwezig.

Kies: 'Alchemie' en 'Ralph Metzner' etc.
Kies: 'Geschiedenis' en 'Islam, de onbegrepen religie, Rene Derkse 1988'
Kies: 'WereldInBeweging' Sri Aurobindo

Freud: Haat ligt ten grondslag aan alle genegenheid en liefde tussen mensen; haat is ouder dan liefde.
Herman Hesse plaatst in zijn boeken eros tegenover logos.

De universele polariteit is voor een levenskunstenaar van bijzondere betekenis. Voor een gelukkig, harmonisch en succesrijk leven zijn ideale liefdesbetrekkingen met een partner onontbeerlijk. Zij berusten op het oeroude besef dat iedere genezing een zelfgenezing is. Een proces dat zich in het bewustzijn voltrekt.

Liefde kan overgaan in afhankelijkheid, dat een van beide de toon wil zetten, de behoefte heeft om de ander aan zich te onderwerpen. Er voor oppassen dat je als een marionet aan de draden van andermans hartstochten of begeerten danst. Afhankelijkheid is de oorzaak van veel angsten.

Creativethink staat voor culturele innovatie. Op Google: ‘culturele innovatie’ staan veel bijzonderheden.

Hans Kokhuis:
A. Wat heb ik? (kijken)
B. Wat heb ik nog nodig? (kijken)
Deze twee simpele vragen, gesteld in deze volgorde brengen de flux op gang en sturen mijn energie om me te verdiepen in de Hoe-vraag (zoeken).

Waarom is dit nu zo moeilijk?
De moeilijkheid om een start te maken met creatief gedrag ligt in het doorbreken van de als normaal geaccepteerde grenzen. De werking van het wetenschappelijke en culturele paradigma is boeiend beschreven door Thomas S. Kuhn in The Structure of Scientific Revolutions. Een paradigma beschrijft hij als een model of patroon dat ons kijken bepaalt: ons vaste aandachtspunt. Het geeft richting aan het denken, bepaalt de kwaliteit en de relatie met de natuurlijke omgeving. Het referentiekader van waaruit gewerkt wordt is bepalend voor de resultaten en een puur rationele benadering geeft een onvolledig beeld. In eerste instantie is dit namelijk destructief gedrag, waar we van terugschrikken. Picasso noemde destructiviteit de essentie van creativiteit: het doorbreken van bestaande ordeningen om zo iets nieuws te creëren.. Creativiteit krijgt geen kans als we grenzen respecteren en verschillen proberen af te schaffen.

Het gaat om het spel en het plezier om het te spelen en niet om de knikkers.

Zie ook:

Boeken:

Externe Links

<< vorige || volgende >>

Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 1294 keer bekeken.