Deze filognostische presentatie is in aanbouw

7.4.1 Een hoofdroute, een verscheidenheid aan doorsneden

Hoofdroute

Openbaring 1:8: Ik ben de Alfa en de Omega, zegt de Heere God, Hij die is en was en komt, de Almachtige.
Jezus: "Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven".
Uit God worden wij geboren
In Jezus sterven wij
Door de heilige Geest worden wij wedergeboren
Laozi De hoogstaande mens kan de Weg nauwelijks in praktijk brengen.
De middelmatige mens volgt de Weg, maar raakt hem ook weer kwijt.
De laagstaande mens lacht om de Weg; deed hij dat niet, dan was het niet de Weg.
György Konrád: Op de vraag naar de zin van het leven antwoordt iedereen met zijn levensloop.
Teilhard de Chardin Op een dag, wanneer we de ether, de wind, de getijden en de zwaartekracht hebben bedwongen, zullen we . . . de energieën van liefde gaan aanwenden. Dan zal op die dag voor de tweede keer in de geschiedenis van de wereld de mens het vuur hebben ontdekt.
Hoe verder we in de materie doordringen, door middel van steeds krachtiger methoden, des te meer raken we verward door de onderlinge afhankelijkheid der delen. Elk element in de Kosmos is voortgekomen uit alle andere elementen. Het is onmogelijk in dit netwerk te snijden of dit te isoleren zonder dat het aan alle kanten gaat rafelen.
De moderne fysica is er niet langer zeker van of wat ze in handen heeft zuiver energie is, of zuiver gedachte.
Chinees spreekwoord waarschuwt: Als we niet van richting veranderen is de kans groot dat we aankomen waar we heen gaan.

In welke richting mogen wij dan verwachten dat de evolutie verder gaat?
Antwoord: Hiervoor ziet Teilhard de Chardin maar één mogelijkheid. In miljarden jaren tijds heeft zij zich gericht op het ontstaan van het leven (de biogenese) en het bewustzijn (de psychogenese); nu zij zich grenzen gesteld ziet op het gebied van het individuele bewustzijn, liggen voor de noögenese de perspectieven op het collectieve vlak.

Pierre Teilhard de Chardin INLEIDING OVER HET CHRISTELIJK LEVEN
Uit het hele voorafgaande betoog wordt duidelijk dat het christendom bij uitstek een geloof in de voortgaande éénwording van de wereld in God is, en daarmee in diepste wezen universeel, organisch en 'monistisch'.
Natuurlijk heeft dit 'panchristelijke' monisme iets heel bijzonders. Omdat het universum vanuit het standpunt van de christen bezien niet op een andere wijze definitief tot eenheid zal komen dan door personalisatie van de verbindingen erin, d.w.z. onder invloed van de liefde, om die reden zal de vereniging van de schepselen in God niet kunnen worden begrepen vanuit een fusie (waarbij God voortkomt uit de samensmelting van alle elementen ter wereld of deze in tegenstelling daarmee in zich opneemt), maar vanuit een 'differentiërende' synthese (waarbij de elementen van de wereld deste meer zichzelf worden naarmate zij meer in God convergeren). Immers, de liefde die erdoor gekenmerkt wordt dat zij iemand zelf sterker maakt, heeft als specifiek effect, dat zij de schepselen nader tot elkaar brengt. In het voltooide christelijke universum (in het 'pleroma', zoals Paulus zegt) blijft God per slot van rekening niet alleen; nee, hij is alles in allen (en pâsi panta Theos ) - de eenheid in en door de verscheidenheid.

Waarom is Omega dan Christus en niet Mohammed of Boeddha of Brahman? (slotconclusie)
De god van de Islam is geen mens, hij incarneert niet. En de god van het Boeddhisme wordt bereikt door vernietiging van de veelheid, die maya (begoocheling) genoemd wordt: men wil daar het doel bereiken door de-personalisatie, net het tegendeel van wat Teilhard beschrijft.
Teilhard toont dat het geloof aan de wereld en het geloof in God in het Christendom kunnen samengaan. Christus wordt voorgesteld als de sluitsteen van het te construeren gewelf. We moeten afstappen van de statische God, en meer nadruk leggen op de Christus-Omega, de Christus-Evoluteur, de kosmische Christus. Het Mystiek Lichaam is geen dood lichaam maar verkeert in voortdurende Wording. God is dynamisch, de Vader werkt zonder ophouden, en Christus is de toegangsweg tot de noumenale wereld. Het Absolute geeft zich aan de geesten die het verbreiden; het is een eeuwig offer, een gave om niet, want dat is de Liefde.

Door Plato zijn er al voorzetten gedaan, een uitverkoren klasse tot beroepsbestuurders op te leiden. In een rechtvaardige maatschappij zouden dan mensen uit de heersende klasse bij de verstandigen en wijzen in de leer moeten om in de kunst van het regeren onderricht te krijgen.

De hoofdroute is eerder door Pythagoras en later opnieuw door bijvoorbeeld Spinoza onderkend.

In de huidige consensus politiek staat niet de moraal, maar het belonen en bestraffen, het zondebokmechanisme centraal. Wanneer je je niet aan de regels van het spel houdt dan word je buitengesloten of opgesloten. Recent stond in de Volkskrant dat het aantal gevangenen in Nederland sinds 1985 is verviervoudigd. Marcel van Dam scheef er een aardige column over. Gaan we alleen voor de worst? Uitgangspunt van veel politici is dat de wetenschap, de technologie in staat is alle problemen wel op te lossen. In de politieke machtsspelletjes verschuift het accent steeds meer naar de vorm, niet naar de inhoud. Holle retoriek en het willen scoren met schijnoplossingen komen centraal te staan.

Glossarium 'Lectorium Rosicrucianum' Orde:
Orde : Er zijn twee orden : door het grote kosmische onheil dat bekend staat als de val werd het menselijke bewustzijn in twee verscheidene orden opgesplitst:
- de dialectische natuurorde, die onderworpen is aan de wet van "opgaan, blinken en verzinken"; deze vertegenwoordigt slechts één aspect van de oorspronkelijke schepping, en is afgescheiden van het geheel dat haar zin gaf; een gedeelte van de menselijke levensgolf die de verbinding met de Geest verloren is identificeert zich met deze dialectische natuur, waar de Rede afwezig is
- de andere orde - deze van de onbeweeglijke natuur - is bekend als het Oorspronkelijk Rijk, het domein der levende Zielen; alleen zij hebben toegang daartoe die "herboren zijn door water en Geest". Dit onderscheid tussen de twee orden vormt de basis van de gnostieke leer.

Levenscycli op moederaarde bestaan uit geboorte, opgaan, blinken en verzinken. De fase van blinken lijkt op dit moment in Nederland te stagneren. Alle zeilen dienen te worden bijgezet om het verouderings-, het aftakelingsproces te stoppen.

Tetrade

De Tetrade symboliseert de schepping van het stoffelijke universum. De vier edele waarheden van het boeddhisme laten een doorsnede van de hoofdroute zien.

De wetenschappers waren op zoek naar kennis over hoe het mediterende denkvermogen werkt; de Dalai Lama kwam met een eenvoudige en pragmatische boodschap:
‘Ik zoek wetenschappelijke steun of bevindingen met de bedoeling dat iedereen geholpen kan worden om een gelukkig denkvermogen te krijgen. Iedereen doet moeite voor materieel comfort, maar niet zoveel moeite om gelukkig te zijn’.
Of, zoals MIT-professor in de biologie Eric Lander het formuleerde, ‘zoals het lichaam van een goed getrainde atleet informatie verschaft over het menselijk lichaam, zo zal iemand die zich getraind heeft om zeven of acht uur per dag te mediteren informatie kunnen verschaffen die we kunnen bestuderen’.
Verscheidene verslagen van die gebeurtenis vermeldden hoezeer de boeddhisten openstonden voor allerlei gezichtspunten. Vermeld wordt dat de Dalai Lama op een nieuwsconferentie voorafgaande aan de gebeurtenis op MIT, gezegd heeft dat het westen ‘verder vooruit is op het terrein van kosmologie, neurobiologie, fysica en psychologie, en boeddhisten moeten deze vakgebieden gaan bestuderen. Boeddhistische geloofsstellingen kunnen veranderen door de wetenschap. De manier waarop aloude teksten hemellichamen beschrijven, bijvoorbeeld, moet echt veranderen’.

Levenscyclus, Regelkring:

PythagorasBoeddhisme:Friedrich Nietzsche:Carl Jung:Sri Aurobindo
1. Monade4. ‘Gulden Middenweg’, beëindigen van ‘lijden’ZarathustraArchetype (Unus Mundus)Opperste werkelijkheid
2. Duade3. Beëindiging van ‘lijden’ÜbermenschGroeiPassieve Brahman
3. Triade2. Ontstaan van ‘lijden’Wil tot macht‘Dubbele natuur’, aanpassingActieve Brahman
4. Tetrade1. Het ‘lijden’Eeuwige terugkeerEnantiodromie (Homeostase)‘Ik’, het zelf

‘Dubbele natuur’: Het feit dat Jung de meeste nadruk legde op het zelf, als tegengesteld aan het ik, is wel als de omwenteling à la Copernicus in de psychologie aangeduid. Jung beweert dat het doel van alle persoonlijkheidsgroei volledige verwerkelijking van het zelf is. Het ik verhoudt zich tot het zelf als het passieve tot het actieve. In zekere zin is het zelf voor het ik wat de ouder is voor het kind, of, in de grote wereldgodsdiensten, wat God is voor de mens, want het ik is bij wijze van spreken de vertegenwoordiger van het zelf ‘op aarde’.

Roberto Assagioli boek Pschychosynthese (p. 31):
(1) de ogenschijnlijke dualiteit, het schijnbaar bestaan van twee zelven in ons; het lijkt inderdaad alsof er twee zelven in ons bestaan, omdat het persoonlijke zelf zich gewoonlijk niet bewust is van het andere Zelf, en zelfs zover gaat dat het het bestaan ervan ontkent; het andere, het ware Zelf daarentegen is latent, en openbaart zich niet rechtstreeks aan ons bewustzijn;
(2) de werkelijke eenheid en het unieke karakter van het Zelf; in werkelijk bestaan er geen twee zelven, geen twee onafhankelijke en aparte, afgescheiden eenheden; het Zelf is één; het openbaart zichzelf in verschillende graden van gewaar-zijn en zelfverwerkelijking; de afspiegeling schijnt op zichzelf te bestaan, maar heeft in werkelijkheid geen autonome, eigen inhoud; zij Roberto Assagioliis, met andere woorden, geen nieuw, ander licht, maar een projectie van haar lichtende bron.
Roberto Assagioli bespreekt op p. 32 de route, de verschillende stadia, om tot een harmonische innerlijke eenheid te komen.

Plato's Ideeën wereld:
Plato verdeelde de werkelijkheid in twee zijnssferen, materie en geest met als schakel de ziel. Het Antahkarana, nous legt de virtuele verbinding tussen epithumia en thumos. Het zelfbewustzijn, dat meta-leren mogelijk maakt, kan als een recursiefproces worden opgevat. Het universum (universele quintessens) creëert een levend wezen dat in staat is zichzelf te aanschouwen en te reguleren. Het universum kijkt als het ware op een bewust niveau naar zichzelf. De in het brein, het geheugen opgeslagen informatie kan opnieuw worden geprojecteerd. We zijn aan onze eigen perceptie, het eigen perspectief overgeleverd. Het reflexieve ik, het zelfbewustzijn ondergaan we niet alleen als een ontologisch gegeven, maar veeleer als een fenomenologisch feit.

Vijf zuilen in de Islam

Gert J. Peelen De Koran, geen boek om te begrijpen (Volkskrant 25 april 2008): Mohammed maakt kennis met de gedachtewereld van Zarathoestra, profeet der Perzen, met Jezus, de messias van de christenen en met Mozes, leidsman van de joden. Al hun leringen en kennis, vermaningen en leefregels zijn vastgelegd in boeken. Zo'n boek zou er ook moeten komen voor zijn eigen land, waar slaven nog als vee en vrouwen als bezit worden beschouwd en waar nog goden van steen worden vereerd.
De Koran als basis voor een nieuwe wereldreligie en een machtige islamitische staat, met de Kaabé, de granieten kubus in Mekka als 'huis van Allah' en het middelpunt der aarde staat beschreven in De boodschapper (Kader Abdolah boek De boodschapper - Een vertelling/De Koran - Een vertaling).

Islam: Algemeen gezegd, beveelt de islam het voortreffelijke gedrag en ethiek en verafschuwt al het slechte. De islam beveelt het verrichten van alle goede daden en verafschuwt de slechte daden.

Het motto van de Islam is het vers: ‘En we hebben jullie tot de ummah, Eenheid in Verscheidenheid, van de middenweg gemaakt’. Het is verleidelijk na te gaan hoe de vijf zuilen van de Islam in de natuurlijke cyclus van het ‘5Ddenkraam’ passen.

2. Salaat ----3. ZakaatBidden ----Geven ----
||||
1. Sahada ----4. SawmGetuigen ----Onthouden

De 5e zuil Hadj, het scheppen van eensgezindheid en een volmaakt broederschap onder alle mensen wordt in het centrum geplaatst.

Zowel Sahada en Zakaat als Salaat en Sawn zijn complementair. Geloof (getuigen) zonder daden (geven) heeft geen waarde, zoals daden (bidden, meditatie) zonder geloof (onthouden) geen waarde hebben.

Zehra Bharucha Pelgrimage:
De vijfde zuil van de Islam is de pelgrimstocht. Tijdens zijn of haar leven wordt van iedere moslim die daartoe in staat is verwacht dat hij of zij de ‘Hajj’, Hadji, of pelgrimstocht naar Mekka maakt, waar het woord van God voor het eerst aan Mohammed geopenbaard werd. Het voornaamste doel van de pelgrimage is de toewijding aan God te vergroten, maar het dient ook als een krachtige herinnering aan de menselijke gelijkheid en broederschap. Wanneer zij Mekka bereiken, leggen de pelgrims hun normale kleding en andere onderscheidingstekens van hun rang en status af en hullen zij zich in twee eenvoudige kledingstukken die lijken op lakens. Zowel de prins als de arme benaderen hun God niet verdeeld door belemmeringen van rijkdom, klasse, geloofsleer of huidskleur. Aldus schrijft de Islam een volledige levenswijze voor aan zijn volgelingen, een pad van onderwerping en genade dat uiteindelijk zal leiden tot verlichting en de Waarheid.
De Derde grondstelling verhaalt over de ‘fundamentele gelijkheid van alle zielen met de universele overziel … en de verplichte pelgrimstocht voor iedere ziel’. De Koran spreekt over ‘de Kenner van het Ongeziene en het Geziene, de Machtige, de Genadige, Die alles wat hij geschapen heeft prachtig gemaakt heeft, en Hij begon de schepping van de mens uit stof… toen maakte Hij hem compleet en ademde in hem uit zijn Geest…’ [De Adoratie, vers 7]. Dit denkbeeld wordt dan afgerond in de Uitspraken van de Profeet Mohammed die zei ‘O Mens! Gij dient terug te keren tot God, uw God, uw Zelf, met moeite en pijn, door stap voor stap, fase voor fase omhoog te klimmen’.

Mystiek in de islam: De gewone gelovige islamiet is ook niet anders dan een gelovige christen die zijn best wil doen om in overeenstemming met zijn leer te streven naar de eenwording met God. Het voortdurende streven naar eenwording, een liefdevolle mystieke versmelting met God, het vernietigen van het lagere egoïstische zelf leidt als vanzelf tot de meest uitgebreide vorm van verdraagzaamheid. Ibn Arabi, een geleerde uit de 12e en 13e eeuw drukte zijn gevoel voor tolerantie als volgt uit:
‘Mijn hart kan elke vorm aannemen
Een klooster voor een (christelijke) monnik, een tempel voor afgodsbeelden,
Een weide voor gazellen, de Ka’aba van de volgelingen,
De tafels van de (joodse) Torah, de Koran.
Liefde is mijn geloof: waarheen Zijn kamelen ook gaan,
Liefde blijft mijn overtuiging en geloof.’

De zuivere islam is een geloof van liefde, zelfopoffering én strijdbaarheid, op innerlijk gebied wel te verstaan, bijvoorbeeld zoals in de Bhagavad-Gītā de innerlijke strijd van Arjuna wordt beschreven. De islam rust op vijf pilaren en dat zijn eigenlijk de verplichtingen waaraan elke gelovige naar vermogen moet voldoen.
De islam en de hadj staan bol van de symboliek die met behulp van de sleutels van de theosofie voor een groot deel zijn te verklaren.

De Islam maakt ook van het complementariteitsprincipe gebruik. Een weerwoord op extreme afhankelijkheid geeft het boek Moslim Unlimited, (over)leven in het wilde westen van Esma Choho. De korste weg om een individu te worden en niet langer een lid van een gemeenschap te zijn, neemt hier niet de vorm aan van onverzoenlijke strijdbaarheid, maar van ontwapende eerlijkheid (Pieter Hilhorst, Volkskrant 9 januari 2007).

Karen Armstrong: De profeet Mohammed was de Volmaakte Mens van zijn generatie en een bijzonder doelmatig symbool van het goddelijke.
De moslims konden bogen op hun soefische ideaal van de Volmaakte Mens, het eindpunt van de schepping en het doel van haar bestaan.

Het is mogelijk een religieuze en (tegelijkertijd) democratische staat te hebben, betoogt de Iraanse dissidente islamist Abdolkarim Soroush. De fout die mensen telkens maken, is dat ze hun identiteit zien als iets dat vaststaat, niet als iets dat in ontwikkeling is. Maar de eigen identiteit veranderen, is een deel van de eigen identiteit. Worden is een deel van Zijn. Het moderniseren van de islam is dus niet een radicale innovatie, maar een voortzetting van de oude praktijk. Als je de overtuiging bent toegedaan dat de heilige teksten je veel wijsheid kunnen schenken, hoef je niet bang te zijn dat de vrijheid ze te interpreteren zal leiden tot secularisatie. De behoudzucht van de conservatieven komt dus eigenlijk voort uit een diepgeworteld wantrouwen ten aanzien van de rijkdom van de religieuze bronnen.

Prof. Koningsveld schrijft dat de gedachte van de Egyptische Nobelprijswinnaar Najib Mahfuz is dat de islam, als godsdienst van de ‘Gulden middenweg’, de beide voorafgaande godsdiensten van jodendom en christendom heeft overstegen door beider grondbeginselen in zich te verenigen, een lange islamitische voorgeschiedenis heeft en ook gezien kan worden als in overeenstemming met de Koran ('De Jezuslezingen' publicatie Volkskrant).

Het is voor religies gemakkelijker oude afgesleten paden te blijven bewandelen, dan gezamenlijk te kiezen voor de ‘Gulden middenweg’. Is er een andere weg om het autisme te doorbreken?

Simon Vinkenoog Kies: 'Geschiedenis' en 'Islam, de onbegrepen religie' door Rene Derkse.

Immanent en Transcendent

Volgens Plato is dat wat wij doorgaans beschouwen als de werkelijkheid slechts een zwakke afschaduwing van de échte werkelijkheid: de wereld van de Ideeën. Deze ideeën bevinden zich in Plato’s hemel of Ideeënrijk: een transcendente werkelijkheid waar geen tijd of ruimte bestaat.

In zijn Kritik der reinen Vernunft stelt Kant een kritisch onderzoek in naar de draagwijdte van de menselijke kennis, dwz. zowel naar de zekerheid als naar de begrensdheid van de rede. Om deze vraag te kunnen beantwoorden, heeft Kant een volkomen nieuw uitgangspunt gekozen: in plaats van te veronderstellen dat de kennis zich naar de dingen richt, stelt hij nu dat de dingen zich naar het menselijk kennen richten. Dit standpunt hangt samen met zijn inzicht dat ruimte en tijd subjectieve kenvormen zijn, d.w.z. dat ze pas in het kennen aan de dingen worden toegevoegd. Dit wordt door hemzelf de ‘Copernicaanse wending’ genoemd. Om te weten welke kennis zeker is, moet men de wetten voor de kennis opsporen, zoals die in het kenvermogen zelf gegeven zijn. Omdat dit onderzoek de kenobjecten ‘transcendeert’, te boven gaat, noemt Kant het ‘transcendentaal’ (niet te verwarren met transcendent). Kant gaat ervan uit dat kennis inderdaad mogelijk is en dat er een bepaalde hoeveelheid zekere kennis bestaat. Hij was immers sterk onder de indruk van de geldigheid van wiskunderegels en natuurwetten, en zoekt dezelfde geldigheid op het terrein van de metafysica. Hiertoe voert hij het onderscheid a priori – a posteriori in: a priori is al datgene wat zeker is buiten alle ervaring om, a posteriori is de (niet absoluut-zekere) kennis uit de ervaring. In nauw verband hiermee ligt het onderscheid tussen analytische en synthetische oordelen: een analytisch oordeel analyseert uitsluitend de begripsinhoud en voegt er geen nieuwe kennis aan toe (de eik is een boom), een synthetisch oordeel kent nieuwe eigenschappen aan een begrip toe (de eik is oud).

Jürgen Moltmann heeft in Leuven een eredoctoraat in de theologie gekregen. Hij is één van de meest invloedrijke protestante theologen van vandaag.
Moltmann schreef een scheppingstheologie: "God in de Schepping (1987)". Kenmerkend voor Moltmann is een bijbelse verwerking van zijn theologie. Maar we moeten even oppassen met wat we dan bedoelen met 'bijbels'. Moltmann gebruikt veel bijbelse thema's. Drewermann lijkt soms meer een profeet van Freud en Jung, Moltmann blijft dichter bij de tekst. Hij is van mening dat wij onze scheppingsleer opnieuw moeten formuleren. Dat ziet hij als de oplossing voor de ecologische crisis. Wij moeten de schepping vanuit deze crisis opnieuw doordenken. En hij wil daardoor komen tot een scheppingsleer die ook in de praktische kerkelijke ethiek op het gebied van het milieu nuttig is.
Zijn uitgangspunt daarbij is de 'oikos', Gods woontent, de 'shekinagedachte'. "De aarde is daar waar God woont. Maar God woont op meer dan de aarde". En dat brengt hem op het begrip "panentheïsme". Je hebt pantheïsme: alles is god (Baruch Spinoza); maar als er dan geen onderscheid meer is, wat is dan god? Pantheïsme ligt dan ook heel dicht bij atheïsme (er is geen god).

SPINOZISME: WIJSBEGEERTE OF PROZA? Als creatieve deugden noemt Krause: de creatie van persoonlijke autonomie (een aansporing tot zelfverlichting); de creatie van autonomie voor anderen (een aansporing tot politieke rechtvaardigheid); de creatie van interacties met de totaliteit (een positieve aanvaarding van een universeel humanisme); de creatie van schoonheid (het bevorderen van kunst en cultuur); en ten slotte de creatie van een eenheidsperspectief waarin alle genoemde creaties samen worden gebracht (een pleidooi voor panentheïsme). Zijn einddoel is een humanisme: een 'mensheidsbond', de maatschappij van de 'Humanitas' - een sociaal kunstwerk dat op alle fronten en alle niveaus uitdrukking geeft aan harmonie en eenheid. Zijn kritiek op de vrijmetselarij is dat ze nog onvolkomen is; een gedachte die in Nederland het meest pregnant wordt verwoord door Polak en zijn clandestiene loge Post Nubila Lux. Apostel schrijft:
"Volgens Krause is de huidige vrijmetselarij slechts een poging met tal van onvolkomenheden: het is een geheim genootschap met een hiërarchische structuur dat niet voor iedereen toegankelijk is. Als zodanig blijft haar realisatie ver beneden haar idee!"
Ook voor Opzoomer is het dualisme van Kant een probleem. Hij overwint dat dualisme in zijn derde stadium, dat van het monistisch idealisme. De wijsbegeerte moet de mens verzoenen met de wereld en de kosmos, met God: een verzoening van menselijke tegenstrijdigheden in een hogere eenheidsband. Het is niet moeilijk hier het verzoenende, synthetische denken van Krause aan te wijzen. Hegel en Spinoza zouden, volgens Opzoomer, blijven steken in hun verzoening van God met de wereld (pantheïsme), maar Krause kent nog een hoger, kosmisch beginsel (panentheïsme). De resultaten van modern, natuurwetenschappelijk onderzoek moeten worden afgestemd op dat hogere eenheidsideaal. God openbaart zich door middel van de rede in het innerlijk van de mens - de rede biedt ons inzicht in de samenhang van de gehele werkelijkheid.

P. 82: Om opnieuw Hegel aan te halen, die met Schelling praktisch de pantheïstische opvatting aanvaardde van periodieke Avatars (bijzondere incarnaties van de wereldgeest in de mens, zoals men die aantreft bij alle grote religieuze hervormers): . . . ‘het wezen van de mens is geest . . . alleen door zich van zijn eindigheid te ontdoen en door zich over te geven aan zuiver zelfbewustzijn bereikt hij de waarheid.

Panentheïsme wordt in het christendom in het algemeen afgewezen uit vrees voor een verlies aan de transcendentie Gods, die in het theïsme primair is. Er zijn in de geschiedenis verschillende individuele christenen geweest aan wie panentheïstisch denken wordt toegeschreven (met name Origenes). In de laatste decennia bracht Teilhard de Chardin de evolutietheorie en de scheppingsmythe bij elkaar in panentheïstische denkbeelden.
Sheldrake noemt dit panentheïsme, aangezien hij pantheïsme omschrijft als de zienswijze dat het goddelijke in alles immanent is, maar niet transcendent is. Maar dit is een nogal willekeurige definitie.

Gottfried de Purucker boek Grondslagen der Esoterische Wijsbegeerte, Deel I, Hoofdstukken 18, Diagram:
Let op de rol van het zelf in dit diagram dat schematisch wordt voorgesteld door de lijn die van het hoogste gebied afdaalt, door alle gebieden onder hun archetypische oorsprong heen loopt en deze doordringt. Ik breng onder uw aandacht dat niet alleen Plato maar de hele Griekse school van mystieke filosofieën over het zelf sprak als immanent in de kosmos, en als een offer, dat de christelijke mystici soms de ‘in de stof gekruisigde christus’ noemen; en dat als we de leer van het wonderlijke wezen die we hebben bestudeerd op de exoterische christelijke godsdienst toepassen, we ontdekken dat de christelijke mythos of legende er in werkelijkheid geheel aan werd ontleend en, verdraaid weergegeven, de ‘incarnatie van de logos’ werd genoemd. In de oude Griekse filosofie werd het woord logos op vele manieren gebruikt, wat de christenen helaas slecht begrepen.

Rudolf Steiner heeft er al op gewezen dat de Heilige Geest aan de aarde haar definitieve bestemming geeft. Geest en lichaam zijn twee tegendelen, die al bij de eerste openbaringen aan de profeet Mozes naar voren zijn gekomen. Volgens Dion Fortune is het etherisch dubbel de enige schakel, tussen geest en materie.

De 5e sleutel betreft het principe van voortschrijdende evolutie.
De sleutel tot zelfbewust leven berust op het inzicht te beseffen dat beelden slechts ideeën zijn die zich in elkaar spiegelen en in feite een eenheid vormen.
In het boek De grote transformatie refereert Karen Amstrong aan de Spiltijd, Gert J. Peelen Het wezen van religie (Volkskrant 2 december 2005):
Want in De grote transformatie is de Spiltijd een eenmalig scharnierpunt in de geschiedenis van de mensheid, waarna een dimensie bleek toegevoegd aan het zelfbewustzijn, te weten die van het tragische besef van het menselijk tekort, het lijden daaraan, maar ook de ontdekking van transcendentie, het overstijgende dat te benoemen noch te bevatten, maar met wat moeite wel te ervaren is.

Paul Revis DE FILOSOFIE (Evolutieleer) VAN TEILHARD
Hoe heeft Teilhard dit Punt gevonden? Het blijkt dat alle deel-extrapolaties in de noösfeer, waarvan we in het voorgaande enkele besproken hebben, zonder uitzondering convergeren, dat wil zeggen naar elkaar toebuigen en uitkomen in één punt. Teilhard bereikt hier de uiterste grens van zijn extrapolaties, omdat Punt Omega de grens markeert van het tijdruimtelijke. De wet complexiteit- interioriteit en de noösfeer monden in dit Punt uit. In de mate waarin de extra-polatielijnen convergeren is Omega als een aantrekkingskracht onder ons aanwezig en is sprake van immanentie. In de mate waarin Omega het eindpunt vormt van de tijdruimte en de evolutie is het een transcendent begrip.
Daarmee heeft Teilhard nog niet alles gezegd over Omega. Zijn filosofie krijgt nog een theologisch staartje! Omega is geen Iets maar een Iemand. Hoe weet hij dat zo zeker? Teilhard meent dat af te lezen uit de totalitaire systemen van Hitler, Stalin en Mao, die hij beschouwt als 'mislukte pogingen om de noösfeer te organiseren'. In deze systemen wordt volgens hem de mens teruggeduwd in het evolutiestadium van de mierenhoop en de termietenheuvel. Het is gebleken dat de mens in die toestand niet meer warm loopt voor een Heilsstaat. Uiteindelijk laat de mensheid zich alleen organiseren in een maatschappij waarin de persoon en de persoonlijke vrijheid alle ruimte krijgen. Teilhard meent dat dat uiteindelijk alleen mogelijk is door het christendom. Daar is een Supra-Persoon, die de functie van Omega vervult en alle personen verzamelt en in hun waarde laat.
Voor Teilhard is de persoon de belangrijkste vrucht van de evolutie, omdat de persoon niet meer geheel onderworpen is aan de wetten van tijd en ruimte. Dit is een meer moderne uitdrukking van de traditionele leer van de onsterfelijkheid van de ziel.

Daarnaast introduceerde Vernadski het begrip noösfeer, dat het bewustzijn van de mensheid bevatte en de biosfeer kan beïnvloeden. De geochemische fluxen die door het menselijk bewustzijn worden aangedreven zijn de afgelopen twee eeuwen groter dan bijvoorbeeld die in de biosfeer.

Ken Wilber, boek Een Beknopte Geschiedenis van Alles:
63: Ontvouwen tegenover Invouwen.
40: Stelling 1: De werkelijkheid bestaat uit geheel/delen of holons. Arthur Koestler bedacht de term ‘holon’ voor een entiteit die een geheel is en tegelijkertijd een deel van een ander geheel. Etc.
366: Het belangrijkste probleem van Gaia is het ontbreken van wederzijds begrip en wederzijdse overeenstemming tussen de materiële en immateriële werkelijkheid over de vraag hoe we deze problemen moeten aanpakken. Daarvoor is nodig innerlijke groei en transcendentie.

Lof der zotheid

Desiderius Erasmus: Eigen mest riekt het best.

Erasmus Lof der zotheid De reformatie
Voorts kan men enige mensen aantreffen die de godsdienst zo op zijn kop zetten dat ze nog eerder Christus zelf ernstig zouden beledigen dan dat er ook nog maar een heel onschuldig grapje op een bisschop of vorst wordt gemaakt, vooral als dat iets heeft te maken met ‘het slijk der aarde’. Hij heeft hier twee vliegen in een klap. Allereerst zegt hij dat de onberispelijkheid van hoog aangeschrevenen niet in vraag wordt gesteld en vervolgens merkt hij op dat deze hoog aangeschrevenen vaak geheimen hebben die ze liever niet bekend zien gemaakt worden, zeker als ze over hun geld gaan.

De reformatie, waarvan de Lof der zotheid een aanleiding was, klaagde de wantoestanden in de kerk aan. Deze wantoestanden bestonden zowel in de lagere clerus (monniken, priesters,…) als in de hogere clerus (bisschoppen, pausen,…). Erasmus beschrijft zijn beklag over deze clerici in hoofdstuk 54, 57, 58 en 59

Hoofdstuk 54: Holle hoofden onder de monnikskap Hierin beschrijft Erasmus de wantoestanden bij de monniken. Vooral de vele voorschriften waaraan de monniken gebonden zijn, en de manier waarop deze lieden die voorschriften verbuigen zit Erasmus hoog. Bijvoorbeeld: Dit citaat is uit een passage waarin Erasmus uitlegt wat de monniken Christus allemaal zouden tonen wanneer Christus vraagt naar de invulling van zijn gebod, namelijk de naastenliefde.

De volgende zal er zich op beroemen dat hij zich zestig jaar lang nooit geld heeft aangeraakt – tenzij zijn vingers beschermd waren door twee paar handschoenen.

Het is dus duidelijk dat de monniken verre van vrome mensen zijn, strevend naar de naastenliefde.

Hoofdstuk 57: De inhalige bisschoppen Erasmus bekritiseert de levenswijze van de bisschoppen. Hij zegt dat dit in schril contrast is met hetgeen zij zouden moeten voorstellen, uitgebeeld door hun kleding. (bijvoorbeeld de dubbele mijter met dezelfde knoop die de kennis van het Oude en het Nieuwe Testament voorstelt). Zij vergeten namelijk hun plichten, of dragen deze over aan Christus of Petrus, die toch niets te doen hebben.

Hoofdstuk 58: Ware opvolgers der apostelen Dit hoofdstuk is vrij identiek met het vorige, maar dan betreffende de kardinalen. Aangezien zij de opvolgers van de apostelen zijn, zouden zij een sober leven in het teken van het verkondigen van het geloof moeten leiden. Dit is duidelijk niet het geval.

Hoofdstuk 59: Christus’ waardige plaatsbekleder? In dit hoofdstuk worden tenslotte ook de pausen aangeklaagd. Erasmus stelt dat de pausen alleen de voordelen (dat wil zeggen, voor hen) van hun functie uitvoeren (excommuniceren). En de andere kantjes bewust vergeten (armoede, …). En ook zij veronderstellen dat Christus of Petrus hun taak wel zullen uitvoeren.

Samenvatting

Blavatsky: "Als je denkt dat je uit De Geheime Leer een bevredigend beeld van de samenstelling van het universum kunt krijgen, dan zal deze studie je alleen maar verwarren. Het boek is niet bedoeld om zo'n definitieve uitspraak te doen over het bestaan, maar om je in de richting van de Waarheid te leiden".

H.P. Blavatsky: Geheime Leer Deel I, hoofdstuk Cyclische evolutie en karma (p. 714):
De voortdurende aanwezigheid in ons midden van alle elementen van strijd en tegenstelling en de verdeling van rassen, volkeren, stammen, gemeenschappen en individuen in Kaïns en Abels, wolven en lammeren, zijn de voornaamste oorzaken van de ‘wegen van de voorzienigheid’. We vormen deze talrijke kronkelwegen van ons lot dagelijks met eigen handen, terwijl we ons verbeelden dat we een spoor volgen op de koninklijke hoofdweg van fatsoen en plicht, en klagen dan dat die wegen zo ingewikkeld en duister zijn. We zijn verbijsterd over het mysterie dat we zelf hebben gemaakt en over de raadsels van het leven die we maar niet oplossen, en we beschuldigen dan de grote sfinx dat ze ons verslindt. Maar er is werkelijk geen ongeval in ons leven, geen ongeluksdag en geen tegenspoed, die niet kan worden herleid tot onze eigen daden in dit of in een ander leven. Als men de wetten van harmonie overtreedt of, zoals een theosofische schrijver het uitdrukt, ‘de wetten van het leven’, moet men erop zijn voorbereid tot de chaos te vervallen die men zelf heeft voortgebracht. Want volgens dezelfde schrijver ‘is de enige conclusie waartoe men kan komen, dat deze levenswetten zichzelf wreken, en dus dat elke wrekende engel slechts een symbool van hun reactie is’.

Caroline de Westenholz Heliogabalus en de Vlam van de Lust (Deel V) Het verhaalt van een geheime esoterische doctrine die zou zijn overgeleverd door een reeks van Grote Ingewijden door de eeuwen heen: Rama, Krishna, Hermes, Mozes, Orpheus, Pythagoras, Plato en Jezus. Het concept is echter het bekendst gebleven door de activiteiten van mevrouw Blavatsky, wier theosofie of ‘goddelijke wijsheid’ immers op hetzelfde principe is gebaseerd.

God staat voor iets dat alle denken te boven gaat. God staat voor wat absoluut trancendent en immanent is.

Paul Zwollo: Men realiseert zich dat achter het woord Waarheid een hele wereld verborgen ligt. Dat niemandsland te ontdekken, dat onbetreden gebied binnen te geen, is de taak en het voorland van ieder mens op zijn lange pelgrimstocht.
Er is inderdaad een manier om de menselijke geest los te maken van de boeien en ketenen van zijn lager ik, zodat hij vrij, als een pelgrim van planeet en van planeet naar de zon kan trekken, voor hij in zijn aardse lichaam terugkeert dat hij tijdelijk had verlaten.

Net als in water (zie Laozi), zit er in het universum een zelfhelend vermogen ingebakken. Het gaat er om dat we voorkomen dat we het chaospunt van Ervin Laszlo bereiken. Het omslagpunt dat de natuur zich nog maar zeer langzaam zal herstellen. Het rapport Eenheid in Verscheidenheid wil aan de hand van het kompaskwadrant aantonen dat het er in het leven om gaat de menselijke ziel met de natuur ('materie') en de cultuur ('geest') te verbinden. De ziel als schakel tussen lichaam en geest.

De éne werkelijkheid, de basis van de gnostieke leer bestaat uit een aardse en een hemelse orde. Maatschappelijke problemen kunnen alleen effectief worden opgelost wanneer de aardse politieke orde bereid is zich met de hemelse orde te verbinden.

Het snijpunt van de kwalitatieve -, de kwantitatieve as en verticale as staat symbool voor de eenheid in verscheidenheid. De Islam spreekt in dit kader van ummah.

De verticale as staat symbool voor de tijd, de 'pelgrimstocht' die we in het leven maken. Maar ook voor de tijdloosheid van het nu, en het contrapunt dat naar de eeuwigheid leidt.

De éne werkelijkheid, de bewustzijnsschil bestaat uit zes niveaus.
Om het pedagogische gezichtspunt te duiden maakt het rapport ‘E i V’ van de vijf schakels 4. Ether-paradigma, 5. Reflexief bewustzijn, 6. Meta-leren 7. Hermeneutische cirkel en Unificatietheorie gebruik.

Sutratman toont de verticale as, de verborgen 5e dimensie, het Ether-paradigma.
Naast Ether worden verwante begrippen als nulpuntveld, prana, levenskracht, Tetragrammaton, anima mundi, wereldziel, wereldgeest, eenheidsbewustzijn, De, ki, Chi, Kundalini, psi-vermogens, Akasha-veld, Zero Point Field (Z.P.F.), Aether, vril en tachyonenergie gebruikt.

De verborgen 5e dimensie speelt zowel een rol bij reciprociteit als bij synchroniciteit. Het maakt een verbinding met het eenheidsbewustzijn, het collectieve bewustzijn, het kosmisch bewustzijn van deze planeet mogelijk.

Sri Aurobindo keek daarop vooruit toen hij in 1916 schreef: Het belangrijkste vraagstuk van deze tijd is of de toekomstige vooruitgang van de mensheid zal worden beheerst door de moderne economische en materialistische geest van het Westen, danwel door een nobeler pragmatisme, geleid, verheven en verlicht door spirituele cultuur en kennis…etc.

Na bijna honderd jaar is er in het westen nog niet veel veranderd. Het slijk der aarde speelt nog steeds een te belangrijke rol. De ziel van veel mensen is voor geld te koop. Welke belangen laten we zwaarder wegen?

Zie ook:

Boeken:

Externe Links

<< vorige || volgende >>

Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 787 keer bekeken.