Deze filognostische presentatie is in aanbouw

Meta-Leren

Groupthink

Dr. C. (Kees) le Pair: Why be a scientist if you can be his boss?
Harry Nijhof Er zal een tijd komen dat de professionals die bottom up, met hun cliënten de problemen echt oplossen beter gewaardeerd zullen worden dan de politicals die zich met navelstaren bezig houden.

De belangstelling voor het nieuwe leren hangt vermoedelijk met mijn eerste publicatie in Het Landelijke H.T.S.-orgaan van maart 1966 samen. De reactie haakte destijds in op een polemiek rond het thema H.T.S. nieuwe stijl. Mijn kritiek had op het eenzijdige, vrijwel uitsluitend klassikaal gerichte, onderwijs betrekking. Nu is het zo dat op scholen voor het hoger beroepsonderwijs het klassikale onderricht soms beperkt blijft tot enkele uren per week.

In mijn praktijkjaar bezocht ik een Volkshogeschool waar onder andere maatschappelijke onderwerpen in discussievorm aan de orde werden gesteld. Conclusie in het bewuste artikel was: Door actualiteiten (bijvoorbeeld de wet op het televisiebestel van minister Vrolijk) en andere onderwerpen als bijvoorbeeld leidinggeven, kunst en literatuur in discussievorm te behandelen, zal het creatief denken zeer zeker worden bevorderd alsmede spreekvaardigheid, gedachtenfomulering en mensenkennis. Terwijl het ook verruimend werkt op het maatschappelijk inzicht.

In de Samenvatting eindrapport Commissie Parlementair Onderzoek Onderwijsvernieuwingen onder voorzitterschap van Jeroen Dijsselbloem staat 'Verantwoordelijke bewindslieden vertoonden een tunnelvisie': De uitvoering van het vernieuwingsproces werd gedurende de gehele jaren negentig uit handen gegeven aan externe procesmanagers. Een dergelijke constructie stond op gespannen voet met de ministeriële verantwoordelijkheid en een adequaat parlementair toezicht. De kring van beleidsmakers stond onvoldoende open voor kritiek en waarschuwingen. Eigen ervaringen in plaats van wetenschappelijk onderzoek vormden de onderbouwing van de ingezette didactische vernieuwingen. Deugdelijke pilots en experimenten ontbraken.

Groepsdenken kan tot gevolg hebben dat pas wordt opgetreden wanneer het duidelijk misloopt. Instituties kunnen een enorm probleem vormen in de zelfverwerkelijking van het individu en de ontwikkeling van een duurzame, betekenisvolle unificatie van de samenlevingen die deel uitmaken van de wereldorde. Het gewraakte Group thinking (hokjesgeest, bewustzijnsvernauwing), een tunnelvisie, houdt in dat bestuurders de marionet van het systeem kunnen worden waar ze mee willen triomferen en dat alle overige betrokkenen in de samenleving in zielloze mechanische ledepoppen neigen te veranderen. Het individualisme en de algehele hekel aan een idee van buitenaf opgelegde orde is het resultaat.

Om grip te krijgen op het verschijnsel organisatiecultuur wordt een constructieve oplossing, het duurzamere energiemanagement van een nieuwe wereldorde aangereikt; een aangepast energiemanagement in de zin van een persoonlijk en collectief beter omgaan met de energie van mensen in relatie tot zichzelf en het systeem waar ze deel van uitmaken.

In het kader van het innovatieplatform schrijft Jan Peter Balkenende (Volkskrant 3 juni 2006):
Het onderwijs staat niet alleen voor de zware opgave schooluitval te vermijden, maar zal ook leerlingen moeten uitdagen het allerbeste uit zichzelf te halen. Samen verstevigen we de basis voor welvaart en welzijn in de toekomst. Op alle Nederlanders van jong tot oud zal een appèl worden gedaan het beste uit zichzelf te halen en hun kennis en vaardigheden up to date te houden.

Een recent uitgebracht OESO-rapport schrijft dat het Ministerie van Onderwijs onvoldoende greep op het hoger onderwijs heeft. De OESO waarschuwt: Er is een reëel gevaar dat het onderwijs een sociale tweedeling langs culturele lijnen aan het vestigen is.

Jaap Dronkers, ‘Ruggengraat van ongelijkheid’, Elsevier 13 oktober 2007: Het streven in het onderwijs de laatse decennia was: ongelijkheid tegengaan. Gelijke mensen, gelijke kansen was het devies. Maar de afgelopen decennia is die ongelijkheid alleen maar toegenomen, volgens de socioloog Jaap Dronkers – ondanks maatregelen om dat tegen te gaan, en soms juist dóór die maatregelen. Het lijkt wel of de gunstige vernieuwingen van de eerste driekwart eeuw voor een groot deel teniet zijn gedaan door wat er de laatste 25 jaar werd ingevoerd. Dronkers bepleit het navolgen van de eerste zin van het grondwetsartikel over onderwijs: Het onderwijs heeft de voortdurende zorg van de regering.

Aleid Truijens geeft in haar column in de Volkskrant van 20 oktober een reactie op het rapport van Jaap Dronkers. Ons onderwijs vervult zijn functie als ‘hefboom’naar een beter leven beroerd. Het mechanisme van de self-fulfilling prophecy wordt bij ons op geraffineerde wijze vervolmaakt: het is bijna onmogelijk om onder de doem van lage verwachtingen uit te komen. Dankzij een heersende gelijkheidsideologie, en onder goedkeurend geknik van opeenvolgende sociaal-democratische bestuurders. Een van de oorzaken voor ongelijke kansen in het onderwijs: ‘zachte didactische methoden’, die niet het te behalen eindresultaat vooropstellen, maar de ‘ontplooiingskansen’.

In het artikel Daar gaat ons geld (Volkskrant 24 november 2007) gunt Yvonne Doorduyn het publiek een blik in de keuken van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Naar aanleiding van deze publicatie kan de vraag gesteld worden in hoeverre creëren grote bureaucratische organisaties nog kwalitatieve meerwaarde?

Mede naar aanleiding van de Commissie Dijsselbloem en de kwaliteit van het onderwijs stelt Ronald Plasterk in de Volkskrant van 1 december 2007 dat: De vernieuwingen het niveau hebben verlaagd.

Arie van der Hek geeft in de Volkskrant van 2 februari 2008 een reactie. Wim Mijnen was een erkende goeroe op het gebied van de onderwijsvernieuwing. Zijn invloed op bewindslieden was groot. Het gevolg was dat de bestuurder en managers in het onderwijs, trendgevoelig als ze zijn, zich snel tot het nieuwe leren bekenden. Zo is nu eenmaal de cultuur in onderwijsland. Onderwijsambtenaren en inspecteurs zorgden ervoor dat daar geen verandering in kwam.

Hij haakt in op de column Het gedraai van de vernieuwingspolitie van Aleid Truijens in de Volkskrant van 29 januari 2008. Het is opvallend om te zien hoe snel bestuurders als Kete Kervezee en Heim Meijerink met een andere pet op van kleur veranderen.

Aleid Truijens schrijft in haar column Plasterk moet nu driest optreden over de bobo Sjoerd Slagter, voorzitter van de VO-raad (de raad voor het voortgezet onderwijs), die nu glimlachend de overwinning naar zich toetrekt. De schuld ligt volledig bij de overheid! Het was Slagter die in interviews orakelde dat vakkennis achterhaald was in onze ‘postmoderne’ tijd met ‘polyvalente’ waarden.

Yvonne Doordyun stipt in haar artikel Aan wie de macht: leraar of manager (Volkskrant 21 februari 2008) ook een uitspraak van Sjoerd Slagter ‘laat scholen bepalen wat goed is voor leerlingen’ aan.

Wederkerig altruïsme, het verschijnsel waarbij men elkaar wederzijds helpt of een gunst verleent, is een veelvuldig onderzocht onderwerp binnen de Evolutionaire psychologie. De reciprociteit van "voor wat hoort wat" is "heb uw naaste lief". Rita Smaniotto: Op basis van experimenten, simulatie-onderzoek en een heranalyse van een aantal antropologische studies naar het delen van voedsel in jagers-en verzamelaarsvolkeren concludeert Rita Smaniotto in haar proefschrift dat het "voor wat hoort wat" mechanisme niet zo wijdverspreid is als doorgaans wordt aangenomen. Volgens haar is er in veel gevallen sprake van een alternatief mechanisme, het "heb uw naaste lief" mechanisme. Dit mechanisme is vooral gericht op het welzijn van personen in iemands directe omgeving.

Cultuuroverdracht

Oud-conrector Jan Jimkes (N.R.C. 12 april 2008):
Anderen in het onderwijs kropen bij de gezagsdragers op schoot, wilden hogerop, hielden zich stil. Ik kon me kwaad maken. Ik vond mijn hobby muziek interessanter.
Netelenbos zei tijdens haar verhoor precies hetzelfde als tien jaar geleden. Ze deed me denken aan zo'n apparatsjik uit de voormalige DDR, die zei dat de Berlijnse muur niet eens zo'n slecht idee was. dat hij alleen te snel was afgebroken.

Bij Netelenbos valt duidelijk de door Dijsselbloem gesignaleerde tunnelvisie te bespeuren.

Gerard Verhoef, Bolleboosjes tussen plebs (Volkskrant 16 mei 2008):
Het gebrek aan plaatsen op categorale gymnasia is geen toeval, maar het gevolg van bewust beleid. Dat had de bedoeling voordelig te zijn voor kinderen uit zwakke milieus zonder aandacht te schenken aan kinderen die slimmer zijn (ongeacht hun milieu). Voor slimmere kinderen, was de gedachte, doen we niets. Als ze al nut hebben, dan toch alleen om de zwakkere kinderen te helpen. Het beleid heeft averechts gewerkt voor de kinderen waar het om ging en ook de slimmere kinderen hebben aanzienlijke slechter onderwijs gekregen dan ze anders zouden hebben gehad. Nu zijn er ouders die naar de rechter stappen. Lijkt me terecht. Het gaat om bewust beleid dat bewust is ingezet, met bewust deze consequenties. Het was de bedoeling dat deze kinderen geen plaats zouden hebben.

De bottleneck op de route hangt vaak samen met hokjesgeest. Wanneer je bereid bent het belangenspel mee te spelen krijg je een beloning.
Het principe van belonen en bestraffen staat centraal.
Het zijn de zwakke managers, de 'carrièremanagers' met een groot ego, die dreigen en intimideren om hun gelijk te behalen.
Opportunistische managers hanteren het foefje van de kool en de geit sparen, grijze muizen bekennen vaak geen kleur. Door hun standpunten vaag te formuleren is het niet mogelijk daarover later verantwoordelijkheid af te leggen. Volgens grote ego’s ligt de oorzaak van problemen altijd aan de omgeving en nooit aan henzelf. Managers met een sterk ego kunnen tegen kritiek en nemen wanneer dat wenselijk is effectieve beslissingen.

Samenvatting

De middelmatigheid regeert. De zesjescultuur in Nederland is een afspiegeling van het regeringsbeleid. Je krijgt het management dat je verdient. Structure follows Strategy.

In het rapport 'E i V' is de strategie op de zes Darshana’s gebaseerd. Om de continuïteit van organisaties te waarborgen het principe 'Structure follows Strategy' toepassen. De organisatiestructuur wordt in met name bureaucratische organisaties te vaak een doel op zichzelf. De bekende 4e macht kan gewenste veranderingen tegenhouden. In bureaucratische organisaties staat veelal niet de klant, waar het feitelijk om moet draaien, maar het bouwen van koninkrijkjes centraal.

Het kompaskwadrant is een methodiek waarmee het mogelijk is de hokjesgeest te doorbreken. Het gezichtspunt is echter niet nieuw, het was al bij Pythagoras bekend. In de hermeneutiek komen de verschillende redenering bij elkaar, worden ze een geheel. Pythagoras heeft veel reizen naar het Oosten gemaakt. De oosterse tradities laten metterdaad zien dat de wijsheid, in de zin van de oudste ervaring van de kennis, uit het oosten komt. Het Sanskriet b.v. is immers de oudste taal die we kennen. Het wiel is in feite al uitgevonden. De filognost is slechts een ontdekkingsreiziger.

Het zijn de opportunistische managers die de politieke machtsspelletjes in optima forma beheersen. Zij schikken zich soepel in de nieuwe rol ‘u vraagt wij draaien’ die van hen wordt verwacht. Het heeft puur op het overleven in de materiële wereld het "voor wat hoort wat" betrekking.

De vraag komt naar voren inhoeverre neigen managers als Kete Kervezee, Heim Meijerink en Sjoerd Slagter richting "voor wat hoort wat" of richting "heb uw naaste lief"?

Het mechanisme dat Aleid Truijens en Yvonne Doordyun signaleren is een oud verhaal en heeft op de bureaucratie, de Vierde Macht zie Reflexief bewustzijn van Crince Le Roy betrekking.

Veel managers in het onderwijs gaan van meten is weten uit. Er wordt echter zoveel tijd uitgetrokken voor het meten dat er voor het onderwijzend personeel geen tijd overblijft daadwerkelijk iets met de meetresultaten te doen. Het meten is een doel op zichzelf geworden. Het gaat er juist om dat meetresultaten worden gebruikt om zwakke leerlingen extra aandacht te geven.

Zie ook:

Boeken

  • Eric Rassin Waarom ik altijd gelijk heb, Over tunnelvisie

Externe Links:

Categorie: Definities | Auteurs: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 10 jan. 2008 742 keer bekeken.