Bhagavân

(bhaga - volheid; van - bezittend): de welvervulde, de fortuinlijke, de aanbiddelijke, de gelukkige, de Allerhoogste Heer gekenmerkt door zes volheden: rijkdom, schoonheid, kracht, roem, kennis en verzaking.

- Eretitel voor de Hoogste Persoonlijkheid. Naast de V i s h n u - a v a t â r a ookwel gebruikt voor S' i v a, V y â s a en B r a h m â om uitdrukking te geven aan hun bijzondere grootheid.

- Hoogste nivo van zelfrealisatie na b r a h m a n en p a r a m â t m â (1.2: 11).

- Zijn â n a n d a-aspekt (zie sat-cit-ânanda).

- De naam Bhagavân wordt ook gebruikt voor anderen, maar van allen die in aanmerking komen voor die naam is Hij op de eerste plaats V â s u d e v a (11.16: 29).

Categorie: Lexicon


Deze pagina werd sedert 19 jan. 2008 145 keer bekeken.