Deze filognostische presentatie is in aanbouw

Spiegelsymmetrie

Eenheid in Verscheidenheid

Christian Vandekerkhove: Ik zou durven stellen dat de breuk tussen de Antroposofische Vereniging en de Theosofische voor beide stromingen één grote gemiste kans is geweest om samen aan een groot monument te bouwen in een sfeer van eenheid in verscheidenheid.

De drie verenigende Logoi van de Esoterie:

Eenheid inVerscheidenheid   
Pythagoras 1e Logos, Monade3e Logos, TriadeAntroposofieRudolf Steiner 
MonadeTriadeGod ----GeestGeestmens ----Geestzelf (omgevormd Astraallichaam)
||||||
TetradeDuade4. Lichaam ----ZoonFysiek lichaam ----Levensgeest (omgevormd Etherlichaam)
  Tetrade2e Logos, Duade  

De wijsheidssleutels 1, 2 en 3 dragen een macro en de sleutels 5, 6 en 7 een micro karakter. De 4e sleutel, de schakel tussen buiten en binnen draagt beide karakteristieken. De schakel, de ziel brengt de reflexieve dynamiek 'zo binnen, zo buiten; zo buiten, zo binnen', 'wat en hoe; hoe en wat' tot uitdrukking. Sleutel 1 kan in samenhang worden gezien met sleutel 7, sleutel 2 met 6, en sleutel 3 met 5. De sleutels weerspiegelen zich in elkaar waardoor de macrokosmos en de microkosmos met elkaar worden verbonden.

Theosofie verklaart zowel het 'Wat' (Religie), het 'Waarom' (Filosofie), als het 'Hoe' (Wetenschap) van het leven. Wanneer we theosofie praktisch willen gaan toepassen gaat het naast Wat, Waarom en Hoe om de vraag 'Wanneer'? Dit rapport legt op het wanneer, op het besturingssysteem, de wederzijdse wisselwerking tussen hardware en software de nadruk. De ziel, het 'Wie' de menselijke psyche verbindt het verleden met de toekomst en vice versa. Tegenover de symbolische orde staat de diabolische uitzichtloze wereld.

Zevenvoudige samenstelling van de mens (Zoo omhoog, zoo omlaag)

Gottfried de Purucker boek Grondslagen der Esoterische Wijsbegeerte, Deel I, Hoofdstukken 18 en 19, Diagram:

  

Deze doorsnede sluit op het Ei van Roberto Assagioli aan.
Voor de zevenvoudige samenstelling van de mens is ook gebruik gemaakt van het boekje Mens en kosmos uit de serie theosofische fragmenten van D.J.P. Kok. De schakel, de ziel, de wisselwerking tussen geest en substantie, kracht en stof wordt aan de hand van het onderstaande schema toegelicht:

 Antroposofie (b):Blavatsky Deel III, p. 555, tabel der tattwa’s:Deel II, p. 707:Mens
7. ÂtmaGeestmensAurisch ei; Akasha, grondslag van de geest van de etherNoumenale sfeerSchone
6. BuddhiLevensgeestBuddhi, Derde oogGeestelijke sfeerWare
5. ManasGeestzelfManas. Ego; Ruimte-ether of derde differentiatie van AkashaPsychische sfeerGoede
4. Kama (a)Ik als kern van de zielKâma-Manas; Kritsche toestand van stofAstro-etherische sfeer'Ik'
3. PrânaEtherlichaamKâma (Rűpa); Essence van grove stof; komt overeen met ijsSub-astrale sfeerChaos
2. Linga-sariraAstraallichaamLinga-sarira; Grove ether of vloeibare luchtVitale sfeerGaia
1. Sthűla-sariraFysiek lichaamLevend lichaam in prâna of dierlijk levenZuiver stoffelijke sfeerEros

James M. Pryse Apocalypse ontsluierd / een esoterische uitleg van de Openbaring van Johannes
(p. 36, zie ook diagram links onder, de “dramatis personae”):
Men dient echter wel te bedenken dat deze de werelden en krachten van de microcosmos, de mens, zijn; zoals uitgebeeld is in het zodiacale schema; en daar de twee driehoeken het conflict tussen de geestelijke- en dierlijke principes uitbeelden, wat zich in de menselijke ziel afspeelt, moet men het zo zien, dat ze voor het geval van de mens dooreengestrengeld zijn, het “volmaakte vierkant”, en aldus ingesloten binnen in het aurische plęrôma, of de goddelijke sythese.

Hogere Triade: Âtma-Buddhi-Manas
Tetrade, Lagere viertal: Kama, Prâna, Linga-sarira en Sthűla-sarira

a) De hogere en de lagere Kama zijn twee aanzichten van een en hetzelfde beginsel.
b) In het Het Witte Lotusblad (Belgische Theosofische Vereniging, Loge Witte Lotus) zijn twee artikelen van Christian Vandekerkhove over Rudolf Steiner verschenen, kies categorie: Nieuwsbrief en vervolgens nr. mei 2007 en juni 2007. De Nieuwsbrief van juni 2007 bevat de bovenaangehaalde eindconclusie die op mijn verhaal aansluit. Christian Vandekerkhove, proefschrift Johannes Jacobus Poortman, het Hylisch Pluralisme en de Multicorporaliteit als mogelijk epistemologisch sluitstuk in de kloof tussen wetenschap en religie en tussen de religies onderling, promotor: Hans Gerding.

Poortman deelt de verschillende visies op, in zes standpunten:

  • Het alfa-standpunt: Monistisch Materialisme of Materialistisch Monisme (er bestaat enkel materie)
  • Het bčta-standpunt: Dualistisch Materialisme
  • Het gamma-standpunt: Enkel God is immaterieel
  • Het delta-standpunt: Ook de ziel is immaterieel
  • Het epsilon-standpunt: Antropologisch Dualisme
  • Het zčta-standpunt: Psychisch Monisme (er bestaat enkel geest)

Blavatsky, Deel III, p. 552: De Tattwa’s staan in dezelfde volgorde als de zeven macrokosmische en microkosmische krachten en zijn volgens de leer van de esoteriek als volgt: etc. Deze alle komen met onze beginselen en met de zeven zintuigen en krachten van de mens overeen.
Deel I, p. 127: Neem bijvoorbeeld de twist tussen de zintuigen, welk van hen het hoogste staat en hun keuze van Brahman, de heer van alle schepselen, als scheidsrechter. ‘U bent alle het grootst en niet het grootst’, of zoals A. Misra zegt, verheven boven de objecten, en geen van alle onafhankelijk van de ander. ‘U bezit alle elkaars eigenschappen. Elk is het grootst op zijn eigen gebied en alle ondersteunen elkaar. Er is er een, die niet beweegt (levenswind of adem, de zogenaamde ‘yoga inademing’, die de adem is van het Ene of hogere ZELF). Dat is het (of mijn) eigen Zelf, verzameld in talrijke (vormen).’ Deze adem, stem, zelf of ‘wind’ (pneuma?) is de synthese van de zeven zintuigen, noumenaal alle lagere godheden en esoterisch – het zevental en het ‘leger van de STEM’.
P. 591: De “oorspronkelijke driehoek” is de 2e Logos, die zich als een driehoek in de 3e Logos of hemelse mens weerkaatst en daarna verdwijnt. De 3e Logos, die het “vormende scheppingsvermogen” bevat, ontwikkelt de tetraktys uit de driehoek, en wordt zoodoende zeven, de scheppende kracht, die met de oorspronkelijke driehoek, die haar voortgebracht heeft, ene tienheid vormt. Als deze hemelse driehoek en tetraktys in het heelal van stof weerkaatst zijn in den vorm van de astralen, paradigmatische mens, zijn zij omgekeerd, en wordt de driehoek of de vormende kracht onder de vierheid geworpen, met zijn spits naar omlaag gekeerd; de Monade van deze astrale paradigmatische mens is zelf een driehoek die tot de vierheid en de driehoek in dezelfde verhouding staat als de oorspronkelijke driehoek tot de Hemelse Mens. Vandaar de zinsnede: “de bovenste driehoek …..is in de mens van stof onder de zeven geplaatst”. Ook hier vormen het punt dat de driehoek beschrijft, de Monade die den drieheid wordt, met de vierheid en de lagere scheppende driehoek, de tienheid of het volmaakte getal. “Zoo omhoog, zoo omlaag”.

Innerlijke, reflexieve bewustzijn

De Geheime Leer Deel II, Hoofdstuk 25 De mysteriën van het zevental, De zeven zielen van de Egyptologen (p. 721):

 

1. Noot bij tabel: Er schijnt bij de westerse kabbalisten een verwarring te bestaan die al eeuwen duurt. Zij noemen ruach (geest) wat wij kama-rupa noemen; terwijl bij ons ruach ‘de spirituele ziel’, buddhi, zou zijn en nephesh het vierde beginsel, de vitale dierlijke ziel. Eliphas Lévi begaat dezelfde fout.

Volgens de Niewsbrief juni 2007 ziet de vergeestelijkte mens er als volgt uit:

Antroposofie  Theosofie
7. Geestmens als omgevormd Fysiek Lichaam1. Stoffelijk of Fysiek LichaamHogere wereldenGeestelijke wereld
6. Levensgeest als omgevormd Levenslichaam2. Ether- of LevenslichaamEtherische wereldMentale wereld
5. Geestzelf als omgevormd Astraallichaam3. Astraal LichaamAstrale wereldAstrale wereld
4. Ik als kern van de ziel Stoffelijke wereldFysieke wereld

De lagere gebieden kunnen we samen met het hogere als volgt in het rechter kwadrant schematisch weergeven.

Joodse Kabbalah     Antroposofie (b) Holistische fysiotherapie
        Mensenrijk Plantenrijk
Neshama NepheshTussenliggende viertal:  4. Hogere wereld 2. Etherische wereld
4. Geest-2. Dierlijk-astrale Ziel  7. Âtma<5. Manas7./1. 5./3.
| |Lagere viertal: | || |
1. Voertuig-3. Ziel4. Kama>2. Linga-sarira>6. Buddhi4.-6./2.
Guph Ruah| |  1. Stoffelijke wereld 3. Astrale wereld 
   1. Sthűla-sarira<3. Prâna  Mineralenrijk Dierenrijk

Het bovenstaande middelste 'dubbelkwadrant' illustreert de 'Zevenvoudige samenstelling van de mens.

Gottfried de Purucker geeft in zijn boek Grondslagen der Esoterische Wijsbegeerte, Deel I, Hoofdstuk 10 een met het linker kwadrant vergelijkbare doorsnede:
Volgens deze opvatting hadden die vier sferen psychologisch hun afschaduwing of weerspiegeling of locus (plaats) in het menselijk lichaam; en om in overeenstemming te zijn met de vier grondbeginselen waarin de joodse kabbalistische filosofen de mens verdeelden, werd verondersteld dat neshâmâh (of de geest) zijn locus had in het hoofd, of beter, erboven zweefde; dat het tweede, rűahh (of de ziel) zijn locus of centrum had in de borst; en het derde, het laagste van de werkzame beginselen, nephesh (of de dierlijk-astrale ziel) zijn locus of centrum in de buik had. Het vierde voertuig was gűph of het omhullende stoffelijke lichaam. Men moet neshâmâh, het hoogste van alle, waaruit de andere geleidelijk emaneerden – rűahh uit neshâmâh, nephesh uit rűahh en gűph uit nephesh (gűph is esoterisch in feite het linga-sarîra en scheidt het stoffelijk lichaam van de mens af) – niet zozeer zien als een beginsel dat in het hoofd zetelt, maar dat als het ware het hoofd en het lichaam overschaduwt. Het kan worden vergeleken met een zonnestraal of met een elektrische straal, of ook wel met de zogenaamde gouden keten van de grote Griekse dichter Homerus en de veel latere neoplatonische filosofen, die Zeus met alle lagere entiteiten verbindt; of met de keten van wezens in een hiërarchie die via haar hyparxis met het laagste gebied van de volgende en hogere hiërarchie is verbonden.

Spirituele - en Persoonlijke ego, Âtma-Buddhi en Kama-Manas, Hogere - en Lagere duade
Deel I, Hoofdstuk 16 een met het middelste kwadrant vergelijkbaar schema:
U ziet dat de zeven beginselen en elementen van de mens in drie afzonderlijke groepen zijn verdeeld: een lagere triade, zuiver stoffelijk en vergankelijk, een tussenliggende duade, psychisch, samengesteld en grotendeels sterfelijk, Kâma-Manas, de eigenlijke ‘mens’ of ‘menselijke natuur’; en een hogere duade, Âtma-Buddhi, onsterfelijk, onvergankelijk, de monade. Bij de dood van de mens voert deze hogere duade al wat tot de geestelijke essentie behoort, het aroma van de lagere of tussenliggende duade met zich mee; en dan is de hogere duade het hogere zelf, de reďncarnerende individualiteit of egoďsche monade. In dit stadium van evolutie bevindt het gewone levensbewustzijn van de mens zich bijna geheel in de lagere of tussenliggende duade; wanneer hij zijn bewustzijn verheft om één te worden met de hogere duade, wordt hij een mahâtma, een meester.

 

Hoofdstuk 46 bevat een andere met het bovenste, middelste kwadrant vergelijkbaar diagram:

Dit is een heel algemeen diagram, maar het toont wel hoe de tien element-beginselen functioneren: het goddelijke, het zuiver stoffelijke en het tussenliggende viertal. Maar om praktische redenen kunnen de tien beginselen van de mens, denk ik, het best worden verdeeld zoals in het diagram hierboven.
Eerst komt natuurlijk de hoogste of goddelijke driehoek, een figuur die voor zichzelf spreekt. Vervolgens verdelen we het tussenliggende viertal in twee duaden. Bedenk alstublieft dat deze samengestelde tekening een symbolisch diagram is, dat uitsluitend wordt gebruikt om de zaak aanschouwelijk te maken. We hebben hier dus evenals eerst, bovenaan de goddelijke triade; dan de duade van de monade, ofwel âtma-buddhi. Dan de tweede of persoonlijke of astrale duade, manas en kâma. Vervolgens daaronder de omgekeerde driehoek, die slechts het voertuig, het lichaam, voorstelt – dat wil zeggen het sthűla-sarîra en het linga-sarîra en de prâna’s.

 

P. 35: De “dramatis personae” en de rangschikking van de scčnes zijn in het bovenstaande linker diagram geschetst.
P. 13:Van elk van deze negenenveertig constellaties (sterrenbeelden) wordt gezegd, dat ze een principe, kracht of hoedanigheid in de mens zelve symboliseren; het gehele stelsel vormt een symbolisch wezen, een hemelse mens (Adem Kadmon of Tetragrammaton), uitgebeeld op de sterrenhemel.
P. 35: De Twaalf Krachten, waarvan vijf noetisch (solair) zijn en zeven substantief (lunair), gesymboliseerd door de Twaalf Zodiacale Constellaties. De twaalf krachten, die achtereenvolgens op de vier gebieden van bestaan geëmaneerd worden, geven achtenveertig cosmische krachten; en, tezamen met de Archę-Logos, negenenveertig.
Deze achtenveertig constellaties, twaalf in de Zodiac en drie groepen van twaalf er buiten, tezamen met de Zon beschouwd als het middelpunt geven samen het getal negenenveertig en maken het stellaire schema van de zodiac voltallig, waaraan de Apocalypse zich getrouw gehouden heeft.
P. 36 Men dient echter wel te bedenken dat deze de werelden en krachten van de microcosmos, de mens, zijn; zoals uitgebeeld is in het zodiacale schema; en daar de twee driehoeken het conflict tussen de geestelijke- en dierlijke principes uitbeelden, wat zich in de menselijke ziel afspeelt, moet men het zo zien, dat ze voor het geval van de mens dooreengestrengeld zijn, het “volmaakte vierkant”, en aldus ingesloten binnen in het aurische plęrôma, of de goddelijke sythese.
P. 37: De twaalf krachten die aan elk van de vier gemanifesteerde gebieden hun energie geven, worden in een vijftal en een zevental verdeeld, het vijftal wordt onderverdeeld in één en een viertal; en het zevental is onderverdeeld in een drietal en een viertal, de drie wordt weer onderverdeeld in één en twee. Wanneer men deze indelingen in de vorm van een diagram gelijkend op een maatlat schrijft, ontstaat de riet gelijk een staf, waarmede “de adytum van de Godheid, het altaar en hen die daarbinnen aanbidden” gemeten worden, maar de hof die buiten de adytum is - de lagere triade - wordt uitgeworpen:
P. 96: De “staf” waarmede het goddelijke kind de volkeren zal hoeden, is natuurlijk de caduceus (11e dimensie) van Hermęs, de voorbeeldige schaapherder van de zielen. In de oudere mythologie vindt men deze magische staf in de hand van Neb, de God van wijsheid en “de bewaarder van de scepter van kracht”.

SisyPhus De MultiVersele Creatie door Negentropie in correlatie met de vier niveau's van de Ka-Ba-Lah.
In het kort: de "Eeuwige A-Symmetrische Alpha-impuls" (in de religie/esotherie "SpiritGod") volgt d.m.v. de "beste zelf-organisatie-selectie" een spiraalvormige Fibonnaci structuur (via de Gulden Snede Proporties), dat in meerdere 2 dimensionale (cirkel) en dus meerdere 3 dimensionale (sfeer) fenomenen wordt "omgezet" (kunnen we zien als het "spontane" generatieve [√2], formatieve [√3], re-generatieve principe [√5]). Dat is de "divergentie" en de /2)=1. Het pad is NIET terug via √5, √3 en √2,"convergentie" daarvan is SIN( want vanuit de √2, √3 en √5 divergentie is de "ongemanifesteerde" de SIN(PI/2)=1 al de totaliteit, als spiegel! Dat is het "Alpha 3+ punt". Kijk een naar de vorming van het "Vlinder-Effect", via de "Lorenz-Attractor", in spiralen. Dit is de essentie van de natuurlijke "zelf-organisatie", door de "zelf-selectie".

Volgens de kwantumzwaartekrachttheorie zou de ruimte op heel kleine schaal (kleiner dan 10^-34 m) opgebouwd zijn uit fractals. Fractals zijn wiskundige patronen die zich tot in het oneindige blijven herhalen. Op heel kleine schaal krijgen we dus geen snaren, of superkleine deeltjes, of kwantumschuim te zien, maar gewoon een saaie, eeuwigdurende herhaling. Het is pas op grotere schaal dat die fractals samen de driedimensionale ruimte vormen zoals we die kennen (doordrengt met tijd). U kan dit een beetje vergelijken met sneeuwvlokjes. Op heel kleine schaal bestaat sneeuw uit prachtige kristallen die een beetje lijken op fractals, en op grotere schaal (bv een sneeuwlandschap) vormen die fractals een egaal sneeuwdeken.

Een fractal is een recursief geometrisch patroon dat oneindig herhaald wordt op verschillende schaalgroottes. De meest bekende fractal is de Mandelbrot-fractal. Fractals worden vaak gebruikt in screensaversofware van computers. Ze blijven het scherm eeuwig overschrijven met in toenemende mate complexere geometrische patronen.

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, wie is het machtigst in dit land?
Er is echter een belangrijk aspect aan dit oorlogenverhaal dat misschien nog niet voldoende wordt (h)erkend. De uiterlijke werkelijkheid is een weerspiegeling van onze innerlijke werkelijkheid, want wij hebben tenslotte allemaal bijgedragen aan het scheppen van deze realiteit. Wij kunnen deze door velen niet-gewilde werkelijkheid, door het laten ontstaan van een werkelijk inzicht in onszelf en in onze gezamenlijke individuele kracht, ook veranderen. Waar draait het in essentie om bij het laten ontstaan van een oorlog? In mijn beleving komen oorlogen voort uit het niet ervaren van de eigen grenzen van een staat en het niet respecteren van de grenzen van andere staten. Op zich natuurlijk logisch. Iets dat je niet in jezelf ervaart kun je bij de ander ook niet waarnemen.

Éne werkelijkheid

Blavatsky, Deel III, (p. 228): de Volstrekte Godheid is die het vorm geeft; dit geschiedt door de eerste Stralen, de engelen of Dhyân Choans, die uit het Ene Element voortkomen, dat periodiek licht en duisternis wordt en in zijn wortelbeginsel eeuwig de éne onbekende en toch bestaande Werkelijkheid blijft.
235: Derhalve is het niet het Ene en Onbeperkte “Beginsel”, noch zelfs de weerkaatsing daarvan, dat schept, maar slechts de “de zeven Goden” zijn het, die het heelal vormen uit de eeuwige stof, tot objectief leven gewekt doordien de Ene Werkelijkheid zich daarin weerspiegelt.
412: De “zeven beginselen” zijn natuurlijk de openbaring van één ondeelbare geest, doch eerst aan het eind van het manwantara, en wanneer zij op het gebied van de Ene Werkelijkheid weder verenigd worden treedt de eenheid aan de dag; gedurende de tocht van de “pelgrim” heeft elke weerkaatsing van die ondeelbare Ene Vlam, de aanzichten van de ene eeuwige geest etc.
566: Paramâtmâ – de Algemene Geest, die de grenzeloze Kosmos het zij in of buiten ruimte en tijd bezielt. Buddhi dient als voertuig voor deze Paramâtmische schaduw.
567: Antahkarana, de enige verbindingsschakel tussen de beide denkvermogens – het hogere bewustzijn van het Ego en het menselijke verstand van het lagere denkvermogen. Hindoes noemen het Paramâtmâ en Parabrahma.
568: Als dat zo is, spreekt het vanzelf dat leven en dood, goed en kwaad, verleden en toekomst, zonder onderscheid zinledige woorden of op zijn hoogst wijzen van spreken zijn. Als het objectief heelal zelf op grond van zijn begin en zijn eindigheid slechts een voorbijgaande begoocheling is, moeten leven en dood beide ook aanzichten en begoochelingen zijn. Zij zijn inderdaad veranderingen van toestand, meer niet. Het werkelijke leven bestaat in het geestelijke bewustzijn van dat leven, in een bewust bestaan in den geest, niet in de stof; en de ware dood is de beperkte waarneming van het leven, de onmogelijkheid om bewust of zelfs individueel bestaan gewaar te worden buiten den vorm of ten minste buiten een vorm van stof.
Paulus: Persoonlijk zijt gij dode stof, onbewust van haar eigen geestelijk inwezen, en uw ware leven is in uw Goddelijke Ego (Christos) verborgen of samengevloeid met God (Âtmâ); thans is het van u geweken, o gij ziellozen.

Gottfried de Purucker geeft in zijn boek Grondslagen der Esoterische Wijsbegeerte, Deel I, Hoofdstuk 4 VAN OORSPRONKELIJK PUNT TOT HEELAL EN MENS. HOE BEGINT DE MANIFESTATIE? MANVANTARA EN PRALAYA. (Blavatsky, Geheimen Leer, Deel I p.(686):
De vonken zijn de ‘zielen’ en deze zielen verschijnen volgens onze leer in de drievoudige vorm van monaden (eenheden), atomen en goden. ‘Ieder atoom wordt een zichtbare samengestelde eenheid (een molecule), en als de monadische essentie eenmaal tot het gebied van de aardse activiteit is aangetrokken, gaat deze door het delfstoffen-, planten- en dierenrijk en wordt een mens.’ (Esot. Catechism.) Verder ‘corresponderen god, monade en atoom met geest, denkvermogen en lichaam (atma, manas en sthula-sarira) in de mens’. In hun zevenvoudige samenstelling vormen ze de ‘hemelse mens’ (zie voor deze laatste term de Kabbala); zo is de aardse mens een voorlopige weerspiegeling van de hemelse mens . . . ‘De monaden (jiva’s) zijn de zielen van de atomen en beide zijn het weefsel waarmee de Chohans (Dhyani’s, goden) zich bekleden wanneer ze een vorm nodig hebben.’ (Esot. Cat.)
Voor we verder gaan is het nodig even stil te staan bij wat we met de woorden manvantara en pralaya bedoelen. Laten we eerst het woord manvantara nemen. Dit is een samengesteld Sanskrietwoord dat niets anders betekent dan tussen twee manu’s; letterlijk ‘manu-tussen’. Manu, of dhyâni-chohan, omvat in het esoterische stelsel de gezamenlijke entiteiten die aan het begin van de manifestatie het eerst verschijnen en waaruit, als uit een kosmische boom, alles voortkomt of wordt geboren. Manu is in werkelijkheid de (geestelijke) levensboom van een planeetketen, van het gemanifesteerde zijn. Manu is daarom in zekere zin de derde logos; zoals de tweede de vader-moeder is, de Brahmâ en de prakriti; en de eerste is wat we de ongemanifesteerde logos noemen, of brahman (onzijdig) en zijn kosmische sluier pradhâna.
Pralaya: dit is ook een samengesteld Sanskrietwoord, gevormd uit laya, van een Sanskrietwortel , en het voorvoegsel pra. Wat betekent ? Het betekent ‘oplossen’, ‘wegsmelten’, ‘vloeibaar maken’, zoals wanneer men water op een klontje zout of suiker giet. Het klontje zout of suiker verdwijnt in het water; het lost op en verandert van vorm; en dit kan als een symbool worden beschouwd van wat pralaya is: een wegbrokkelen, een verdwijnen van stof in iets anders dat er al in aanwezig is, het omringt en doordringt. Dat is pralaya, gewoonlijk uitgelegd als de toestand van latentie, de toestand van rust, tussen twee manvantara’s of levenscyclussen. Als de betekenis van het Sanskrietwoord ons duidelijk voor de geest staat, zal ons denken een andere richting, een nieuwe gedachtegang, volgen; we krijgen nieuwe ideeën en dringen door tot het geheim van wat er plaatsvindt.

Zie ook:

Boeken:

  • Amit Goswami, De kwantum dokter, de nieuwe wetenschap van gezondheid en genezing. Op p. 175 van zijn boek maakt Goswami ook van het Yin/Yang-symbool en de Vijf Fasen gebruik.
  • Paul GEERLINGS Spiegelsymmetrie in de natuur
  • James M. Pryse Apocalypse ontsluierd / een esoterische uitleg van de Openbaring van Johannes

Externe Links

<< vorige ||volgende >>

Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 1321 keer bekeken.