Deze filognostische presentatie is in aanbouw

7.1 Psychologie en Sociologie, 1e Aanzicht

Kerk en Staat

In 1795 werd in Nederland door de Fransen de scheiding van kerk en staat ingevoerd.

De relatie tussen psychologie en sociologie verdient meer aandacht. Op het snijvlak van beide disciplines gaat het niet primair om individu versus collectief, maar eerder om de samenhang en wisselwerking daartussen. Psychologie en sociologie kunnen wel onderscheiden, maar niet gescheiden worden. Door beide disciplines als complementair te beschouwen ontstaat een completer zicht op de complexe werkelijkheid.

Het betreft overtuigingen, links en rechts, theïst en atheïst, die naast elkaar kunnen bestaan. De ene overtuiging is niet per se beter dan de andere. Complexe maatschappelijke vraagstukken kunnen alleen dan effectief worden opgelost wanneer de krachten van de verschillende politieke richtingen, dus zowel van de seculiere als van de reguliere wereld worden gemobiliseerd (eenheid der tegendelen). De discussies die nu mede in het kader van het nieuwe boek ‘God als misvatting’ van Richard Dawkins zich afspelen zijn niet echt interessant. De discussie beperkt zich tot de biologische evolutie. De manifesten van de atheïst Herman Philipse en de theïst Willem Ouweneel op Internet laten zien dat beide partijen diametraal tegenover elkaar staan. Veelzeggend is dat geen van beide al een doorslaggevend bewijs heeft gevonden. Relevanter is volgens Ervin Laslo de vraag hoe heeft het universum zich kunnnen ontwikkelen tot een toestand waarin de biologische evolutie überhaupt heeft kunnen plaatsvinden.

H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel I, Hoofdstuk Pantheïsme - Atheïsme (p. 48):
Hierin ligt het hele verschil tussen de esoterische en de christelijke drieëenheid. De mystici en de filosofen, de oosterse en de westerse pantheïsten, vatten hun aan de wereldvorming voorafgaande triade samen in de zuivere goddelijke abstractie. De orthodoxen vermenselijken haar.

Blavatsky, Deel III
65: De heilige drieheid komt voort uit de één en is de tetraktys; goden, demonen, en zielen zijn eene emanatie van de driehoek. Helden en mensen herhalen de hiërarchie in zichzelve.
Aldus sprak de Pythagoreër Metrodorus van Chios, terwijl het laatste gedeelte van deze zinssnede betekent dat de mens in zichzelf de zeven flauwe weerkaatsingen van de zeven goddelijke hiërarchieën bevat; zijn Hoger Zelf is daarom op zichzelf slechts de gebroken straal van de rechtstreekse straal.
Epicurus: “De Goden bestaan”, maar zij zijn niet wat hoi polloi (de grote menigte) meent”. Niet hij die het bestaan van de Goden, welke de grote menigte aanbidt, ontkent is een ongelovige of atheïst, maar hij die die Goden volgens de openbare mening opvat. De Adepten en de occultisten weten dat “wat men Goden noemt slechts de eerste beginselen zijn” (Aristoteles). Niettemin zijn zij verstandelijke, bewuste en levende “beginselen”, de geopenbaarde zeven oerlichten uit het ongeopenbaarde licht - dat voor ons duisternis is. Zij zijn de zeven – exoterisch vier – Koemâra’s of “verstandgeboren zonen” van Brahmâ.
III66: Uit dit oogpunt gezien staat het Rooms Katholicisme onmetelijk veel hoger en is het veel logischer dan het protestantisme, hoewel het de R.K. kerk behaagd heeft de exoteriek van de heidensche “menigte” aan te nemen en de wijsbegeerte van de zuivere esoteriek te verwerpen.
Ieder sterveling heeft derhalve zijn onsterfelijk tegenbeeld, of veeleer archetype, in den hemel.

Alice Ann Bailey (geboren Alice Ann le Trobe-Bateman) (16 juni 1880 – 15 december 1949) was een Britse schrijfster. Zij wordt door haar volgelingen gezien als de voortzetster van het werk van theosofe Helena Petrovna Blavatsky.
Alice Bailey beschrijft in haar boek De wederkomst van Christus de ‘Avatar of Synthesis’ die zoals zij zegt een ‘nauw metgezel’ is van de ‘de Christus’.
Zij zegt: 'Hij werkt onder de grote natuurlijke Wet van synthese die eenheid en fusie voortbrengt. Zijn functie (in harmonie met de energie van Christus) is het voortbrengen van een spirituele wil in de mensheid, de wil tot het goede.'

Regulier en Segulier

Theïst en Atheïst
Willem J. Ouweneel, boek DE GOD DIE IS Waarom ik geen atheïst ben:
230: Sterke krachten in de Europese Unie, bijvoorbeeld bij alle recente discussies rond de Europese Grondwet, wel wilden uitspreken dat de Europese beschaving veel aan de antieke oudheid, aan de Renaissance en aan de Verlichting te danken heeft, maar daarbij de joods-christelijke traditie niet genoemd wilden hebben. Het motief dat daarbij genoemd wordt, is de ‘scheiding van kerk en staat’! Dit motief is nogal verbluffend. Immers, bij de scheiding van kerk en staat gaat het historisch om het punt dat het instituut kerk niet mag heersen over het instituut staat, en omgekeerd. Beide ‘kringen’, kerk en staat, zijn binnen hun grenzen ‘soeverein’, zoals Abraham Kuyper het heeft uitgedrukt. Zij beogen ten diepste een scheiding van religie en samenleving – wat iets geheel anders is. Dat is geen ‘scheiding van kerk en staat’ (noch de kerk, noch de staat heeft er immers iets mee te maken), maar onderdrukking van de religie in het openbare leven.
232: Maar dat verandert niets aan het feit dat de vrijheid en gelijkwaardigheid van alle mensen oerchristelijke ideeën zijn. Etc.. Maar dat verandert niets aan het feit dat gewetensvrijheid een oerchristelijk idee is.

Over het onderwerp God schrijft Sheldrake:
een opvatting van de natuur zonder God moet een creatief eenheidsbeginsel inhouden, dat de hele kosmos omvat en de polariteiten en dualiteiten verenigt die in het hele natuurrijk worden aangetroffen. Maar dat staat niet veraf van de opvatting van de natuur met God.
Hij wijst erop dat in plaats van de theïstische opvatting dat God ver weg is en afgescheiden van de natuur, God ook zou kunnen worden beschouwd als immanent in de natuur en toch tegelijk als de eenheid die de natuur overstijgt. Hij haalt de vijftiende-eeuwse mysticus Nicholas van Cusa aan: ‘De Godheid is het invouwen en ontvouwen van al wat bestaat. De Godheid is in alle dingen en wel zo dat alle dingen in de Godheid zijn.’ Paulus verkondigt een gelijksoortig pantheïstisch idee als hij zegt dat de Godheid dat is waarin ‘wij leven, ons bewegen en zijn’ (Handelingen 17:28).
Het goddelijke kan zeker niet minder zijn dan onze meest verheven voorstelling en moet daarom de oneindigheid zelf zijn. Maar als het goddelijke oneindig is, kan het zich niet buiten de natuur bevinden, anders zou er geen ruimte overblijven voor het heelal! Het goddelijke is het heelal – niet alleen het stoffelijke heelal, maar alle eindeloze hiërarchieën van werelden en gebieden die het grenzeloze Al vullen en in feite vormen. Het goddelijke is dus immanent, alomtegenwoordig en de wortel van alles. Omdat het groter is dan elk van zijn individuele expressies, kan het ook worden beschouwd als transcendent. Dit pantheïsme onderkent een universeel leven dat alles zonder uitzondering vult en bezielt, dat alles bevat en in alles is besloten. Sheldrake noemt dit panentheïsme, aangezien hij pantheïsme omschrijft als de zienswijze dat het goddelijke in alles immanent is, maar niet transcendent is. Maar dit is een nogal willekeurige definitie.

Anna Lemkow: boek ‘Het Heelheid Principe’. Hoofdstuk 7 DE EVOLUTIETHEORIE EN HAAR ONTWIKKELING (p. 198):
Enkele jaren geleden bracht Rupert Sheldrake, een Britse plantkundige, een theorie naar voren van wat hij noemt: formatieve veroorzaking. Hij postuleert een verzameling complexe, onzichtbare velden, of ruimtelijke structuren, die verantwoordelijk zijn voor de karakteristieke vorm en organisatie van systemen op alle niveaus van complexiteit. “Deze velden ordenen de systemen waarmee ze verbonden zijn door gebeurtenissen te beïnvloeden die uit energetisch oogpunt indeterministisch of probabilistisch lijken te zijn; ze leggen gestructureerde beperkingen op aan de energetisch mogelijke resultaten van fysische processen.” Sheldrake’s hypothese gaat echter niet over het ontstaan van vormen, alleen over hun ontwikkeling als ze eenmaal verschenen zijn. Hij stelt een tweevoudig proces voor, waarbij de betreffende morfogenetische velden opgebouwd worden door wat er in tijd en ruimte gebeurt; ze zijn behulpzaam bij het vormen en bepalen van levende systemen in de wereld en, omgekeerd, oefenen deze een invloed uit op de velden.

Sheldrake stelt dat er velden bestaan die zijn te vergelijken met gravitatie- en magnetische velden die van niet-materiële aard zijn, maar die niettemin invloed uitoefenen op de fysieke materie. Ze definiëren de vorm die zich in potentie kan manifesteren in de rangschikking van moleculen die het fysieke lichaam van planten, dieren, mineralen en zelfs astronomische structuren opbouwen, en op kleinere schaal in de inwendige structuren van atomen, enz. Deze velden zouden verantwoordelijk zijn voor of een beschrijving geven van het ontstaan van de karakteristieke vorm van embryo’s en andere zich ontwikkelende systemen.

Rupert Sheldrake, Ralph Abraham, Terence McKenna boek Trialogen op de rand van het westers denken
Terence McKenna (1946-2000) bestudeerde zo'n 25 jaar de bestaansbasis van sjamanisme en de middelen die gebruikt worden voor spirituele transformatie.

Dr. Saskia Bosman Biogeometrie, DNA, Vormvelden en Resonantie:
De Engelse bioloog Rupert Sheldrake heeft de theorie van de morfogenetische (vormgevende of vorm-) velden ontwikkeld. Zodra een fysisch, (bio-)chemisch, biologisch of gedragsmatig proces voor het eerst plaatsvindt, wekt dit rond de gehele Aarde een energieveld op, dat het vanaf dat moment gemakkelijker maakt, datzelfde proces weer te doen plaatsvinden. Dit versterkt het morfogenetisch veld, waardoor het nog gemakkelijker wordt, enzovoorts. (8,9) Zouden deze, op de dodecaëder gebaseerde velden die de Phi-verhouding bevatten, ook morfogenetische velden kunnen zijn, en wel van onvoorwaardelijke, universele Liefde?

N.A.A. Vogelesang, F.R.C. Morfische velden en resonantie
De aard van de morfische velden is vooralsnog onbekend. Sheldrake spreekt net als professor Wasserman over 'de alom tegenwoordige patronen in tijd en ruimte'. Elke cel bevat alle genetische informatie om uit te groeien tot een compleet organisme. De psycholoog Jung geloofde daarnaast nog dat de menselijke ervaringen, opgeslagen in het onbewuste van de mens, eveneens genetisch zouden worden doorgegeven. Maar, zegt Sheldrake, het principe dat hier aan ten grondslag ligt, ligt niet in de genen besloten maar in het morfische veld van het organisme. Evolutie is dus als het ware de invloed van deze morfische velden op de materie. Hoe meer individuen van een soort van organisme tot een morfisch veld behoren, des te krachtiger dit veld zal zijn.
Met deze stelling komen wij nu wel heel erg dicht bij de opvatting van het collectieve onderbewustzijn van Carl Gustav Jung. Wat verder volgt, gaat echter een heel andere richting uit. Sheldrake meent namelijk dat de relatie tussen morfisch veld en materie er een is van trilling of resonantie, in dit geval te beschouwen als de overdracht en verwerking van informatie. De opbouw en het functioneren van een organisme hangen af van de informatie die afkomstig is uit zo'n morfisch veld.
Na te zijn ontstaan uit individuele structuren veroorzaken deze morfische velden vibraties en trillingen in gelijkvormige eenheden die daarom 'resonatoren' worden genoemd. De kracht van deze resonantie groeit, naarmate de overeenkomst tussen de morfische velden en de resonator groter wordt.

Dilemma's

In het eerste kabinet Balkenende is een discussie over normen en waarden gestart. Voor Jan Peter Balkenende geldt de typering: ‘Respondenten zijn tevreden over het eigen gedrag en hebben duidelijke opvattingen over wat anderen zouden moeten doen, maar voelen zich minder aangesproken als anderen ook een mening over hun gedrag hebben.’

Geeft dit niet in de kern de problematiek van de ‘wij-zij’, de ‘of-of’ tegenstellingen aan?

De terugtredende overheid meent door het bevorderen van marktwerking de werkelijkheid beter te kunnen beheersen. Dit is slechts gedeeltelijk waar.

Het korte termijn denken prevaleert bij politici en bedrijven. Het eenzijdige korte termijn marktdenken bevordert de graaicultuur. Het wordt tijd om het dilemma markt versus moraal te doorbreken.

Inayat Khan (1882 – 1927), boek ‘De eenheid van religieuze idealen’ (p. 195):
Ali zei al: ’Ik geloof in God omdat ik zie dat wanneer alleen ik iets wil, de dingen niet tot stand komen.

Sinds 2000 is de prostitutie uit het strafrecht verdwenen. Het heeft nog niet betekent dat de problemen in deze sector kleiner zijn geworden, integendeel ze lijken eerder toegenomen. Regelmatig wordt het argument naar voren gebracht dat de paus miljoenen doden op zijn geweten heeft omdat hij tegen het gebruik van condooms is. Simonis heeft daar een bondig antwoord op geformuleerd. Het respect voor je medemens staat daarbij centraal. Het probleem is dat de boodschap van de Bijbel in de afgelopen decennia door de politiek is uitgehold. De politiek laat zijn oren hangen naar wat het volk wil. Tussen kerk en staat is een hoge muur opgetrokken.

Overigens stellen mannen dat het niet gebruikelijk is vleeswaren inclusief de verpakking te consumeren.

Samenvatting

Of je nu theïst bent of atheïst dat is voor het Ether-paradigma minder relevant. De evolutie komt alleen een stapje verder wanneer aan de kwaliteit van het bestaan (de kwalitatieve as), het welzijn meer aandacht wordt besteed. Bij welvaart ligt te sterk het accent op materiële zaken.

Het pedagogisch denkmodel biedt een context voor zowel de theïstische als de atheïstische wereld. Voor de theïst staat Akasha, het centrum symbool voor God, Allah. Voor de atheïst kan het centrum voor het mysterie van het leven, het ontstaan van leven uit de 'dode materie', symbool staan. Het rapport ‘E i V‘ gaat er vanuit dat het ontstaan van leven, een perpetuum mobile op aarde niet zal worden uitgevonden.

Leven betekent eeuwig terugkerende cycli, met het steeds weer nieuwe begin. Het kompaskwadrant belicht de 5e dimensie, de communicatie, de kwintessens, de alomvattendheid van het aardse ruimte/tijd-continuüm. Het kompaskwadrant is een hulpmiddel om te leren de wereld, de éne werkelijkheid beter te begrijpen. Daartoe wordt veelal van mythen gebruik gemaakt. Het gaat echter om de kwintessens, de interpretatie van het verhaal.

Een misvatting ontstaat wanneer je God daadwerkelijk als een man op een wolkje gaat zien.

Neem niet alles wat je leest, ziet of hoort voor waar aan.

Voor de mens op aarde is er een concreet begin en einde. Dit geldt echter niet voor de eeuwigheid in de hemel, het universum.

Gelet op de uitspraak van Simon Vinkenoog: De eenheid in oneindige verscheidenheid. De macro- en de microkosmos, en wij mensen precies in het midden daarvan aanwezig is het linker plaatje echter wel juist. De mens staat in dit plaatje voor de ziel, de schakel tussen lichaam en geest.

Separation of powers, Montesquieu's tripartite system & Checks and balances. Het dilemma is dat het alleen top down, met democratische middelen, nog niet zo eenvoudig is discriminatie en de schending van individuele vrijheden tegen te gaan.

In het volgende hoofdstuk laten we zien dat het dilemma alleen is te doorbreken wanneer bottum up met de wensen van de burgers meer rekening wordt gehouden.

In plaats van dat we de systemen steeds complexer en ondoorzichtiger maken moeten we terug naar wat al in 1973 door de econoom E.F. Schumacher in zijn boek ‘Small is Beautiful’ is aangegeven.

Zie ook:

Boeken:

Externe Links

<< vorige || volgende >>

Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 629 keer bekeken.