| Deze filognostische presentatie is in aanbouw |
NU, Verleden en Toekomst
Tijd
Deepak Chopra: Tijd is afhankelijk van onze gewaarwordingen. Het bestaan van de voortgaande beweging van de lineaire tijd is in geen enkel experiment aangetoond en nooit in een wiskundige formule beschreven. De ervaring van de voortgaande beweging van de lineaire tijd is een verschijnsel dat is gecreëerd door ons zenuwstelsel. In feite bestaan verleden, heden en toekomst tegelijk, naast elkaar, in een veld van oneindige mogelijkheden. De ervaring van de lineaire tijd is de manier waarop de natuur ons ervoor behoedt alles tegelijk te ervaren. Maar dat is wat er werkelijk gebeurt.''
Tijdloze, eeuwige NU
Er wordt wel gezegd we moeten leren leven in het nu, de enige echte realiteit. Elke nano-seconde verandert de wereld, alles is nieuw onder de zon. Bestaat het nu uit één halve nanoseconde verleden en één halve nanoseconde toekomst of duurt het nu één nanoseconde? Een verklaring ligt verborgen op metaniveau. Het nu bestaat zowel uit het ‘of-of’ als het ‘en-en’.
Er geldt ‘these, antithese en synthese’. Voor een nog kleinere eenheid dan het miljardste deel van een seconde geldt opnieuw ‘these, antithese en synthese’ etc. Wanneer je hier maar lang genoeg mee doorgaat blijkt uiteindelijk dat het nu in feite niet bestaat. Het nu is niet meer dan een imaginaire grens, die de toekomst van het verleden scheidt.
H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel I, (p. 67): Het nu is slechts een wiskundige lijn die dat deel van de eeuwige duur dat wij de toekomst noemen, scheidt van het gedeelte dat wij het verleden noemen. Niets op aarde heeft werkelijke duur, want niets blijft ook maar tijdens het miljardste deel van een seconde onveranderd of gelijk. De gewaarwording die wij hebben van de werkelijkheid van het deel van de ‘tijd’ dat bekend staat als het nu, wordt veroorzaakt door het vervagen van dat kortstondige beeld, of opeenvolging van beelden, die door onze zintuigen worden opgevangen, terwijl de waargenomen dingen overgaan van het gebied van idealen dat wij de toekomst noemen, naar dat van herinneringen dat wij het verleden noemen.
Van eind 1876 tot eind 1878 was de Theosophical Society als organisatie betrekkelijk weinig actief, bericht Olcott; en hij vervolgt: etc. Olcott geeft een zevenvoudige classificatie van de verschijnselen die HPB in die dagen voortbracht: 1. Die waarvan de voortbrenging kennis vereist van de fundamentele eigenschappen van de materie, van de samen- hangende kracht die de atomen samenbindt; vooral kennis van âkâsa, de samenstelling, inhoud en latente krachten ervan. 2. Die verband houden met de krachten van de elementalen [onzichtbare natuurkrachten] als ze ondergeschikt worden gemaakt aan de menselijke wil.
Trân-Thi-Kim-Diêu: artikel De verticale verbinding van verleden en heden Vrijheid sluit bewustzijn van het ‘nu’ in en meer zorg voor anderen. … en in de slotconclusie: Binnen het bewustzijn groeit het Universum. Binnen het bewustzijn groeien mensen. De twee innerlijke groeiprocessen bevorderen elkaar wederzijds en bloeien in een ontmoeting die men kent als het realiseren van Waarheid. … Er is slechts eeuwig leven in het NU.
Dr. J.J. van der Leeuw Openbaring of realisatie, het conflict in theosofie: Tegelijktijd wordt dan de vervulling van het leven gezien in realisatie van het leven van elke dag, hier en nu, en niet als een verheffing tot perfectie die ver weg ligt. De ervaring die je nu hebt op dit moment en op deze plaats is de open deur naar de werkelijkheid - niets anders. Het is in het hier en nu dat de manier van leven gevonden kan worden.
Anna Lemkow: boek Het Heelheid Principe. Hoofdstuk 9. Over tijd en causaliteit, p. 220: ..mystieke toestand van bewustzijn is een toestand van bewustzijn die uitstijgt boven ruimte en tijd en toch ruimte en tijd omvat. Het lijkt zeker dat de vraagstukken van tijd en causaliteit alle vormen van denken omvatten en alle schijnbare tweedelingen, zoals denkvermogen en materie, de waarnemer en het waargenomene, wetenschap en kunst, wetenschap en de eeuwige wijsheid, innerlijke waarden en uiterlijke omstandigheden. Deze zullen ongetwijfeld onopgelost blijven tot het moment dat ze beschouwd worden in termen van een hoger verband, een diepere eenheid.
Hoofdstuk 10. De psi-vermogens: de relatie tussen binnen en buiten
223: Het denkvermogen/hersenen-vraagstuk heeft direct te maken met het onderwerp van de psi-vermogens.
226: Zonder twijfel is het de nieuwe fysica die de parapsychologie in een respectabeler licht heeft gesteld. Het idee van het ruimte/tijd-continuüm helpt ons om de tijd te zien als een ondeelbare heelheid die nu voor ons aanwezig is, met inbegrip van dat wat we beschouwen als verleden en toekomst. Etc.
227: Je kunt zelfs volhouden dat de psi-verschijnselen helemaal niet fantastischer zijn dan de verschijnselen van de quantumfysica of de relativiteit van ruimte en tijd.
228, Phoebe D. Bendit: Zintuigelijke vormen van waarneming trekken een grenslijn tussen subjectief en objectief, binnen en buiten… Een gelijksoortig onderscheid moet te zijner tijd ontwikkeld worden in het psychische organisme, zodat het individu het verschil kent tussen het produkt van zijn eigen denken en datgene wat buiten de sfeer van zijn persoonlijk denkvermogen bestaat.
Plato
Plato, Augustinus en Bergson (p. 96, 97 en 98)
Het bio-psycho-sociale model wordt uitgelegd aan de hand van een metafoor, vrij naar Plato en Gurdjieff (Ouspensky, 2002):
Het bio-psycho-sociale model, dat in de laatste decennia sterk in populariteit toenam, leek deze reductie op te heffen. Het is een model waarin verschillende visies
over ontstaan en behandeling kunnen worden samengevoegd. Het kijkt naar alle zichtbare en onderliggende interactieve biologische, psychische en sociale
factoren die in hun wisselwerking gezamenlijk borderline, maar ook andere psychische
klachten kunnen doen ontstaan.
Je zou de mens kunnen vergelijken met een koets met paarden en een koetsier.
De koets is het fysieke lichaam, het biologische menselijke aspect. Het biedt bescherming
en is een fysiek voorwerp dat voortbewogen wordt. Dit gebeurt door
de paarden, die in deze metafoor gelijk staan aan de gevoelens. Het is als het Es
(Id) waar Freud over spreekt. De gevoelens/paarden zijn de motor van de mens,
ze zijn driftmatig en bestaan uit trekkende behoeftes (lustprincipe) en remmende
angsten. Ze leven vooral in het hier-en-nu en streven naar vermindering van
spanning en het vermijden van pijn. Het is ons aangeboren instinct, de krachtbron
van onze psychische energie.
Deze gevoelens worden in toom gehouden door de koetsier, ofwel het Ego. De
koetsier leidt de driftmatige impulsen van het Es in juiste banen door de paarden
in toom te houden en te verzorgen. Verder houdt hij contact met de omringende
(sociale) wereld, hij kiest de te volgen route, verzorgt de paarden en de koets en
houdt overzicht. De koetsier fungeert ook deels als Superego, namelijk het normatieve
en aangeleerde beoordelen van goed en kwaad. Hij streeft naar het volbrengen
van zijn taak binnen de geldende regels en normen. Hij probeert het
geheel zo probleemloos mogelijk door de wereld te loodsen en heeft voor dieperliggende
waarden, idealen en zingeving waarnaar gestreefd wordt (en binnen het
gehele bio-psycho-sociale model) geen plaats. Deze vinden binnen het gehele
bio-psycho-sociale model geen plaats. Hij doet gewoon zijn werk, net als de
paarden en de koets. Het zijn bio-psycho-sociale middelen, gereedschappen.
Ouspensky en de 4e dimensie
Het nu is al sinds Aristoteles een illusie, lees subjectief. Ook de Russische psycholoog en antropoloog P.D. Ouspensky gaat er vanuit dat de 4e dimensie onkenbaar is. Deze dimensie kan niet door onze zintuigen worden waargenomen.
Mark Robert Peters, kies 4e Dimensie: RUIMTE EN TIJD - de vierde dimensie in de kunst.: Ik behandel de vierde dimensie in de betekenis van een hogere ruimte en in de betekenis van tijd. Ik laat de theoretici Abbott, Kant, Hinton en Ouspensky aan bod komen, omdat deze mensen nodig zijn voor het begrijpen van de vierde dimensie en omdat zij, op Abbott na, van invloed zijn geweest op het denken van kunstenaars.
De Russische psycholoog en antroposoof P.D. Ouspensky schreef aan het begin van deze eeuw ook over het onderwerp van de vierde dimensie. In zijn essay 'De vierde dimensie' (1908-1929) schrijft hij: "Zelfs een oppervlakkige bekendheid met het probleem van de vierde dimensie doet reeds de noodzakelijkheid inzien het langs psychologische en natuurkundige weg te bestuderen. De vierde dimensie is onkenbaar. Wanneer zij bestaat en wij haar niet kunnen kennen, betekent dit klaarblijkelijk dat er iets ontbreekt aan ons psychisch apparaat, aan ons waarnemingsvermogen; m.a.w. verschijnselen uit het gebied van de vierde dimensie worden niet door onze zintuigen waargenomen. Wij moeten nagaan hoe dit komt, welke de gebreken zijn, waarvan deze niet-ontvankelijkheid het gevolg is en de omstandigheden vinden ( zij het ook maar theoretisch) waaronder de vierde-dimensie begrijpelijk en toegankelijk voor ons wordt. Al deze vragen behoren tot het gebied van de psychologie of mogelijk ook tot dat van de kennis-theorie. Verder zegt hij; "Wanneer wij het bestaan van de vierde dimensie aannemen, moeten wij dus erkennen, dat een lichaam van drie dimensies niet kan bestaan, indien er vier dimensies zijn. Een werkelijk lichaam moet in ieder geval een zij het slechts geringe uitbreiding hebben in de vierde dimensie, anders zal het slechts een denkbeeldige figuur zijn, de projectie van een lichaam van vier dimensies in de driedimensionale ruimte, zoals een op papier getekende kubus. Zo moeten wij tot de conclusie komen dat er een kubus van drie en een van vier dimensies bestaat, en dat alleen de kubus van vier dimensies werkelijk is. Wanneer wij de mens vanuit dit gezichtspunt bestuderen, komen wij tot zeer belangwekkende gevolgtrekkingen. Indien de vierde dimensie bestaat, is slechts een van twee dingen mogelijk. Of wijzelf bezitten de vierde dimensie, d.w.z. zijn wezens van vier dimensies of wij bezitten enkel drie dimensies en bestaan in dat geval helemaal niet. Wij hebben dus goede redenen om te zeggen dat wijzelf wezens van vier dimensies zijn en alleen met een van onze zijden, d.w.z. met een klein deel van ons wezen, naar de derde dimensie gekeerd zijn. Alleen dit deel van ons leeft in drie dimensies, en wij zijn ons enkel van dit deel als ons lichaam bewust. Het grootste deel van ons wezen leeft in de vierde dimensie, maar wij zijn ons van dit grotere deel van onszelf niet bewust. Wij zouden met nog meer grond van waarheid kunnen zeggen, dat we in een wereld van vier dimensies leven, maar van onszelf enkel bewust zijn in een wereld van drie dimensies. De vierde dimensie is niet alleen in ons zelf, maar wij zijn ook in de ruimte van vier dimensies.
Hinton heeft over de symmetrie der dingen iets interessants geschreven. Ouspensky schrijft hierover in zijn essay 'de vierde dimensie': "Over het geheel genomen staat Hinton zo dicht bij de juiste oplossing van het vraagstuk van de vierde dimensie, dat hij soms de plaats van de vierde dimensie in het leven raadt, al kan hij die niet precies aanwijzen. Zo zegt hij, dat de symmetrie in de bouw van levende organismen alleen verklaard kan worden door de beweging van hun deeltjes in de vierde dimensie. Ieder weet, zegt Hinton, hoe hij op papier afbeeldingen kan maken die op levende insecten lijken. Een paar inktvlekken worden op een stuk papier geworpen en het vel wordt in tweeën gevouwen. Zo krijgt men een heel ingewikkelde symmetrische afbeelding, die veel wegheeft van een fantastisch insect.
Zie ook:
Boeken:
Externe Links
- Ouspensky Stichting
- J.F. Coeterier De beleving van tijd (Ouspensky, A new model of the universe)
- Drs FC van Dongen Het Bewustzijn als Quantum-verschijnsel Een kritiek op de tijdsbeleving
- Onderzoeksvraag: ‘Welke rol speelt de existentiële dimensie bij het ontstaan van een borderline persoonlijkheidsstructuur?’ (model uitleggen aan de hand van een metafoor, vrij naar Plato en Gurdjieff)
- Han Jordaan De onmogelijkheid van het Nu Een verkenning naar het wezen van de tijd, de herinnering, het verhaal en de werkelijkheid
- Galactisch Onderzoek Instituut van de Stichting voor de Wet van Tijd.
- Mark Robert Peters RUIMTE EN TIJD - de vierde dimensie in de kunst
- Tijd voor nu - Een gesprek met Eckhart Tolle
- Gurdjieff en zijn leerlingen
- Trân-Thi-Kim-Diêu: artikel De verticale verbinding van verleden en heden
- Het eeuwige nu
- de utopie van de vierde dimensie
Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof
Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 479 keer bekeken.
