1.4 Bewustzijnsevolutie

Jezus: Het Koninkrijk van God komt niet op waarneembare wijze. En men zal niet zeggen: Ziehier of ziedaar, want, zie, het Koninkrijk van God is binnen in u. (Lucas 17:20-21).
Machiavelli: Het is noodzakelijk dat iemand die een staat inricht en wetten ontwerpt, er bij voorbaat van uitgaat dat alle mensen slecht zijn. De mensen handelen alleen maar goed wanneer ze ertoe gedwongen worden.
Van de mensen kan men in het algemeen zeggen dat ze ondankbaar, wispelturig en huichelachtig zijn, dat ze wegvluchten voor gevaar en belust zijn op geldelijk gewin. Zolang je goed voor hen bent, staan ze volledig voor je klaar. En ze hebben hun bloed, hun bezit, hun leven en hun kinderen voor je over wanneer de noodzaak daartoe ver weg ligt. Maar wanneer deze dichterbij komt, keren zij je de rug toe.
Om zijn machtspositie te handhaven, is de heerser dikwijls genoodzaakt te handelen in strijd met de betrouwbaarheid, de barmhartigheid, de menselijkheid en de godsdienstigheid. En daarom is het nodig dat hij mentaal bereid is een andere koers te gaan varen als de grillen van het lot en de veranderende situaties hem dat voorschrijven. En hij moet het goede niet achterwege laten wanneer dat mogelijk is, maar van de andere kant moet hij in staan zijn over te stappen op het kwade wanneer de noodzaak hem daartoe dwingt.
H.P. Blavatsky: Theosofie is… de archaïsche wijsheidreligie, de esoterische doctrine, die ooit in elk oud, beschaafd land bekend was.
Mahatma Gandhi: We need to be the change we wish to see in the world.
P.D. Ouspensky:
Het is principieel onmogelijk elkaar te begrijpen en tegelijkertijd het oneens te zijn.
Thomas Hardy: Om de wereld te kunnen verbeteren, moet je je volledig rekenschap geven van haar slechtheid.

Het 1e, 2e en 3e aanzicht vormen één geheel, éne werkelijkheid. Deze drie aanzichten (drie diemensionale ruimte) in dit hoofdstuk komen met drie aanzichten in hoofdstuk 7.4 en de drie aanzichten in de bijlage bij hoofdstuk 2.2.1 overeen. De drie aanzichten van een Kubus (Ruimte) brengen de kwantitatieve as, kwalitatieve as en de verticale as (Axis mundi, tijd-as) in het morele kompas tot uitdrukking.

Begrip en Onbegrip (Mysterietaal, Gebroken symmetrie, 'Hegel en Engels', Ken uzelve)

Emil Cioran: Het is echter een heldere, cionareske paradox dat de mens juist vanwege de wil tot slagen een eindeloze reeks catastrofen achter zich laat: je manifesteren betekent je door een of andere vorm van volmaaktheid laten verblinden. Denken leidt tot niet-handelen. De utopie houdt volkeren jong en vitaal. Wijsheid maakt hem oud en futloos. Dat zag je al bij de Romeinen. Toen ze ten langen leste door contact met de Grieken beschaafd werden, sloeg de vermoeidheid toe en waren ze een gemakkelijke prooi voor de utopisch gedreven barbaren.
Bhagavad Gita: Hij die sympathie noch antipathie koestert, is evenwichtig en beheerst van denken. (kernthema van het verwerven van kennis)
Meister Eckhart: Um die „Gottesgeburt in der Seele“ zu verwirklichen, muss man die Vorstellung von Zeit aus dem alltäglichen Leben entfernen.
Meester Eckhart: De uiterlijke mens is de zwaaiende deur; de innerlijke mens is het stille scharnier. (BRES #300 november 2016 p. 74)
Wat we begrijpen noemen we wetenschap
Wat we niet begrijpen noemen we spiritualiteit
William James: De aard van de werkelijkheid is verwant aan de vermogens die we bezitten.
André Malraux: De mens heeft het vermogen om te denken, maar het denken is ook de bron van ons lijden.
William Blake: Time is a man, space is a woman and her masculine portion is Death..
Voor Hannah Arendt is de bron of kern van het denken de dialoog met zichzelf. Voor de innerlijke dialoog gebruikt Hannah Arendt de omschrijvingen: ‘geluidloze dialoog tussen mij en mijzelf’, ‘geestelijke tweespraak’, ‘innerlijk gesprek, waarin ik zelf de gesprekspartner ben’, ‘praten met en luisteren naar mezelf’, ‘meditatief denken’.
In het onvoorspelbare ligt de vrijheid van de mens.
Hannah Arendt, The Life of the Mind: The need of reason is not inspired by the quest for truth but by the quest for meaning. And truth and meaning are not the same.
George Orwell: Sommige ideeën zijn zo fout dat alleen een heel intelligente mens daarin zou kunnen geloven.
Nell Zink: there’s a clear distinction between taking your career seriously and taking your writing seriously
Carl Jung: Een mens is iemand die zowel met God heeft gewandeld als met de duivel heeft geworsteld.
Peter Thiel: De weldenkenden nemen Trump „letterlijk maar niet serieus”, zijn aanhangers nemen hem „serieus maar niet letterlijk”. (Eelco Runia NRC 17 december 2016)
Sylvana Simons: Iedereen is een stukje van het probleem en iedereen is een stukje van de oplossing. (Nadia Ezzeroilli Volkskrant 23 december 2016 p. 8-9)
Jacobine Geel Door het kleine trachten te begrijpen, kunnen we grotere verbanden in het vizier krijgen. (Jacobine en de Bijbel 30 oktober 2017)

De Bijbel leert dat er niets nieuws is onder de zon. Voor niets gaat de zon op.

BEGRIJPEN Gedachten uit werken van Dr. G. S. Arundale (p. 4):
Begrijpen laat ons den Ene te midden van de vele zien en verscheidenheid als een zinnebeeld van de rijkdom van den Ene.

Bescheidenheid (Pieter Klok Volkskrant 10 maart 2018 Opinie p. 5):
Dankzij Draghi komen de banken nooit meer geld tekort. Door de lage rente stijgen de huizenprijzen en de aandelenmarkten en is het onmogelijk om als bank niet veel winst te maken.
De strategie van Draghi is echter niet zonder risico. Door de geldinjecties zijn nieuwe financiële zeepbellen ontstaan. Als de inflatie op enig moment gaat stijgen, waardoor de rente omhoog moet, dreigt het gevaar van een nieuwe ineenstorting.
Of dat gaat gebeuren is onzeker.
Wel zeker is wie in dat geval de risico's (risicobeheersing) draagt. Dat zal niet ING zijn, niet Ralph Hamers en ook niet Jeroen van der Veer, maar de belastingbetaler. Dit besef zou de top van ING tot bescheidenheid moeten dwingen.
Jeroen van der Veer kiest nu rücksichtslos voor de bestuurders en de aandeelhouders en toont daarbij een gebrek aan leiderschap. Hij zou zich ook moeten bekommeren om de sfeer in het land en moeten weten dat hij met een stap als deze bijdraagt aan het chagrijn en de polarisatie van de Nederlandse samenleving.

Een topbestuurder is echt geen Messi (Koen Haegens Volkskrant 10 maart 2018 p. 14-15):
Premier Rutte vindt de loonsverhoging van 50 procent voor topman Hamers onterecht, omdat een bank 'een soort semi-overheidsinstelling' is. ING noemt een beloning van 3 miljoen bruto per jaar 'marktconform'. Wie heeft er gelijk?
Transfermarkt
En wat nou als ING in dit ene, afzonderlijke geval gelijk heeft? De bank zegt bij de vaststelling van de beloning van Hamers consequent te kijken naar de Euro Stoxx 50, een index waarin grote Europese bedrijven als Volkswagen en Unilever zitten. Critici wijzen erop dat die in tegenstelling tot ING failliet kunnen gaan, zoals ook premier Rutte vrijdag opmerkte toen hij banken
'semi-overheidsinstellingen' noemde.
Vanuit de logica van die race naar boven bezien, lijkt het slechts een kwestie van tijd tot ook ABN Amro en Rabobank de vergoedingen voor hun leidinggevenden 'marktconform' gaan maken. Die lopen nu immers wel heel ver uit de pas met wat er bij die andere grote Nederlandse bank betaald wordt.

Large Adult Sons (Hassan Bahara Volkskrant 11 augustus 2017 p. 2):
Het interessantste punt dat Tolentino maakt is dat Large Adult Sons jongens zijn met een ongeneeslijk vadercomplex. Sons act out when they are defined by their fathers. Altijd zijn ze bezig om uit de schaduw van hun vaders te treden, met chronisch baldadig jongetjesgedrag als gevolg.
Toen dit internetfenomeen Large Adult Son twee jaar geleden opkwam, kon je er nog probleemloos om lachen, want uiteindelijk ging het om figuren die alleen zichzelf en hun families tot last zijn.
Maar nu leven we in een tijd waarin de Large Adult Sons over regeringsmacht beschikken. Hun daddy issues zijn nu ook onze issues, want deze eeuwig verongelijkte zonen beschikken over kernwapens, en om het punt te maken dat ze niet meer door hun vaders gedefinieerd willen worden, zijn ze in staat om een kernraket of twee te lanceren. Dat is baldadig jongetjesgedrag van een heel andere orde.

Binnenhof telt af naar mini-kabinetscrisis (Frank Hendrickx Volkskrant 11 augustus 2017 p. 7):
Het demissionaire kabinet Rutte II dreigt op de valreep toch nog te vallen. VVD en PvdA ruziën over een beetje extra geld voor leraren. Genoeg voor een vechtscheiding?
Allemaal de schuld van Asscher, zeggen ze bij de VVD. Het was wellicht mogelijk geweest om samen met D66, CDA en ChristenUnie iets te regelen, maar niet als Asscher met zijn negen zeteltjes de indruk wil wekken dat zo'n succes vooral aan zijn stoerheid te danken is. 'Wat Asscher probeert te doen is de bloemen van anderen wegjatten,'concludeert Zijlstra in De Telegraaf. 'Daarmee heeft hij het op scherp gezet.'
De hoop is dat niet veel later de formatie wordt afgegrond. VVD, D66, CDA en ChristenUnie kunnen dan eventueel via een amendement alsnog extra geld naar leraren schuiven. In de beeldspraak van Zijlstra:
het nieuwe kabinet krijgt de bloemen; Asscher mag vanaf de zijlijn toekijken.

Scherpzinnige formateurs (Joop Vermeulen Volkskrant 11 augustus 2017 p. 18):
Welke cartoonist wil eens treffend uitbeelden hoe vier scherpzinnig kijkende Nederlandse formateurs, zittend in hun Hollandse bubbel (kaasstolp) zich opwinden over medisch-ethische kwesties, softdrugsbeleid en Europa, terwijl buiten hun bubbel (kaasstolp) duizenden vluchtelingen verdrinken, Trump en Kim Jong-un op het punt staan massamoordwapens op te pakken en de aarde voortgaat op te warmen in weerwil van subsidies op zonnepanelen en elektrische auto's?
Ik kan niet tekenen.

Eurocratie (Maarten Koning Volkskrant 10 augustus 2017 p. 23):
De Europese media staan vol over Brexit en Trump. Wat niet aan de orde komt, is het functioneren van de Amerikaanse en Britse democratie. In Amerika en het Verenigd Koninkrijk is het parlement soeverein (zie bijvoorbeeld de Brexit, het onderzoek naar Trump en de sancties tegen Rusland).
In de EU onderhandelt de eurocratie zonder het Europees Parlement met Turkije, vindt geen strafrechtelijk onderzoek plaats naar de Duitse autoindustrie en zijn EU-sancties door interventies van Merkel van tafel, Duitse industrie en politiek houden Rusland én de bezette Krim op de been (onder meer Siemens, Gazprom en Nordstream), Duitsland introduceert een apart illegaal tolsysteem, er worden geen sancties genomen tegen Frankrijk en Italië ondanks decennia negeren van de wet (onder meer wat betreft de euro, staatssteun) en de ECB heeft vrij spel.
In de EU staan Juncker, Draghi, Merkel, Rutte, Macron, de eurocratie en hun nationale lobbynetwerken boven de wet en functioneren media, rechtsstaat en democratie niet meer.
Op de blaren zitten (Maaike van Gilst Volkskrant 10 augustus 2017 p. 23):
De laatste tijd is het weer een ware hausse op de woningmarkt waardoor de prijzen voor woningen de pan uitrijzen. Voor middeninkomens in de Randstad wordt het steeds moeilijker een betaalbare woning te vinden, want de huren stijgen bijna evenredig mee met de prijzen voor koopwoningen.
Helaas kan ik geen medelijden opbrengen voor de getroffenen: de overgrote meerderheid van de inwoners van dit land heeft bij de laatste verkiezingen rechts tot zeer rechts gestemd; welnu hiermee heeft zij gekozen voor vrije marktwerking en voor een kleine overheid die zich zo min mogelijk met het volk bemoeit. Tja en dat dan is dit het resultaat!
Gewoon zelf gewild jongens en meisjes, ga maar lekker op de blaren zitten.

Witte Woede (Heleen Mees Volkskrant 9 augustus 2017 p. 23):
Dat is natuurlijk precies het probleem. Jelani Cobb schreef in The New Yorker dat verongelijkte witte Amerikanen hun economische status afmeten aan de economische status van zwarte Amerikanen. De vraag is niet of de salarissen van Wall Street-bankiers honderden keren hoger zijn dan hun eigen salaris, maar of zwarte Amerikanen lonen hebben die vergelijkbaar zijn met die van witte Amerikanen. Terwijl twee-derde van de zwarte Amerikanen vindt dat het leven de afgelopen vijftig jaar beter is geworden, vindt een meerderheid van de witte Amerikanen dat het leven de afgelopen vijftig jaar slechter is geworden. Daar komt de witte woede vandaan.
In Nederland is het niet wezenlijk anders. Ook hier zijn de politieke partijen die schaamteloos appelleerden aan het witte ressentiment bij de verkiezingen als grootste uit de bus gekomen. Hoewel uit de cijfers van het Sociaal Cultureel Planbureau blijkt dat discriminatie de belangrijkste verklaring is voor de achterstand van migranten op de arbeidsmarkt, wordt er in Nederland - met uitzondering van de politie en het Openbaar Ministerie - nauwelijks een actief diversiteitsbeleid gevoerd uit angst de boze witte Nederlander voor het hoofd te stoten.

PostNL zoekt in krimpmarkt bescherming bij de politiek (Wilco Dekker Volkskrant 8 augustus 2017 p. 10):
Dit najaar moeten kabinet en Kamer zich buigen over het basispakket voor die postmarkt. Oftewel de vraag wat PostNL moet doen voor wie en tegen welke prijs. Minister Henk Kamp van Economische Zaken is al om. Door de krimp als gevolg van e-mail, WhatsApp en sociale media moet de gereguleerde postmarkt op de schop. Dat betekent minder bezorgdagen en mogelijk hogere tarieven, stelde de VVD-minister onlangs. De vraag is of een nieuw kabinet dat ook vindt. De PostNL-lobbyisten kunnen na hun vakantie meteen aan de bak.

Henk Kamp ventileert zijn retorisch foefje, een fluitje van een cent. De kwintessens van het rapport 'E i V' zit in de immateriële dimensie, de transcendente metafysica, de verborgen 5e Dimensie verscholen.

Een kleptocratie in een paar weken (Wltr 14 nov 2016):
Trump zal als president vooral op de golfbaan te vinden zijn. Zijn beleid zal hoofdzakelijk bestaan uit het veiligstellen en mogelijk vergroten van zijn kapitale vermogen uit zijn ondernemingen. Trump is geen politicus maar zakenman, de natte droom van de jongens van de vrije markt die hun winst wegspoelen in exorbitante paleizen onder het genot van mooie vrouwen, geweldsvideo’s en snelle auto’s. Zijn cultuur is die van vergulde appartementen, 24-karaats gouden toiletten en bidets, woont in groteske bouwwerken en leidt zijn bedrijven en casino’s als een feodale vorst. Trump is een kleptocraat en in alles het tegengestelde van de gewone man, maar vertegenwoordigt iets waar, tenminste in de verbeelding, de gewone man niet buiten kan.

H.P. Blavatsky De SLEUTEL tot de THEOSOFIE:
Hoofdstuk Over de mysterien van reincarnatie (p. 187):
B: Moet ik daaruit opmaken dat de wet van karma niet noodzakelijkerwijs een individuele wet is?
Th: Dat is precies wat ik bedoel. Karma zou onmogelijk het evenwicht van krachten in het leven en de loop van de wereld kunnen herstellen, als het niet een breed en algemeen vlak van werking had. Theosofen zien het als een waarheid dat de onderlinge afhankelijkheid van de mensheid de oorzaak is van wat distributief karma wordt genoemd, en het is deze wet die de oplossing biedt voor het grote vraagstuk van het collectieve lijden en de opheffing daarvan. Bovendien is het een occulte wet dat niemand boven zijn individuele zwakheden kan uitstijgen zonder het geheel, waarvan hij een integrerend deel vormt, te verheffen, al is dat nog zo weinig. Om dezelfde reden kan iemand niet alleen zondigen, of alleen de gevolgen van zonden ondergaan. In werkelijkheid bestaat er niet zo iets als ”afgescheidenheid”; en wat het meest op die zelfzuchtige toestand lijkt en bij de bestaande levenswetten mogelijk is, ligt in bedoelingen of motieven.
Hoofdstuk Wat is praktische theosofie? (p. 213):
213: Th: Plicht is dat wat we aan de mensheid, onze medemensen, buren, familie, verschuldigd zijn en vooral wat wij verschuldigd zijn aan allen die armer en hulpelozer zijn dan wijzelf. Als die schuld in het leven niet wordt betaald, leidt dat in onze volgende incarnatie tot geestelijk onvermogen en een moreel bankroet.
Theosofie is de kwintessens van plicht.

De Theosofische Vereniging in de wereld van nuDanielle Audoin
Eenheid waargenomen hebben, de onderlinge afhankelijkheid van alles wat afgescheiden lijkt te zijn, wat onbegrijpelijk, ja zelfs onzinnig is in de ogen van de mens van de wereld. In zijn boek De Tao van Fysica werpt de natuurkundige Fritjof Capra licht op deze diepe overeenkomst tussen de laatste wetenschappelijke ontdekkingen en de kennis van de werkelijkheid die de mystici hebben verworven door directe waarneming. Hij wijst er ook op dat de wetenschappers dezelfde moeilijkheden ontmoeten als de mystici bij hun pogingen om uitdrukking te geven aan hun ontdekkingen, want woorden en ideeën kunnen niet datgene uitdrukken wat ons gewone waarnemingsvermogen te boven gaat. Einstein heeft gezegd dat datgene wat verwijst naar de werkelijkheid alleen onzeker kan zijn en dat datgene wat zeker is er geen aanspraak op kan maken naar de werkelijkheid te verwijzen.
Maar als de mens voor zichzelf verantwoordelijk is, is hij dat ook voor de ander. Want daar waar eenheid is, is ook
onderlinge afhankelijkheid. Als het hele verschijnsel van de manifestatie een eenheid is, dan is de mensheid nog des te meer in zijn geheel een eenheid, een groot lichaam. In een menselijk lichaam heeft elke cel zijn eigen leven, zijn eigen taak, maar alle cellen werken samen in harmonie voor deze eenheid, namelijk het hele lichaam. Als een cel ziek is, is het hele lichaam aangedaan en uit zijn evenwicht gebracht. Elk mens is een cel in het grote lichaam dat de mensheid is en elk mens is verantwoordelijk voor de goede gezondheid of de ziekte hiervan. De lichamelijke, emotionele of mentale gezondheid van elk van ons doet de hele mensheid aan, dat wil zeggen, elk van onze broeders. En de gezondheid van de mensheid doet alle rijken van de natuur aan en misschien wel de hele kosmos. In de wereld van nu beginnen de mensen zich bewust te worden van de onderlinge afhankelijkheid van alle volken van de aarde, van het feit dat het onmogelijk is de problemen van de anderen langs je heen te laten gaan. Het is duidelijk dat het onder andere gaat om een economische en politieke bewustwording. Maar voor de meeste mensen gaat het niet veel verder. Men realiseert zich niet op welk punt onze gedachten, gevoelens en zelfs onze dagelijkse daden, waarvan we denken dat ze geen enkel effect op de ander hebben, een werking hebben die veel verder reikt dan ons kleine persoontje en zelfs verder dan onze directe omgeving. Mevrouw Blavatsky zegt in De Sleutel tot de Theosofie: ‘Omdat de mensheid absoluut uit één en dezelfde essentie voortkomt… en omdat deze essentie één is, is er niets dat iets slechts voor een staat of een mens kan veroorzaken zonder alle andere staten en mensen schade toe te brengen.

Ga er maar aan staan, G. Zalm (Martin Sommer Volkskrant 8 juli 2017 Bijlage Opinie p. 5):
De mens reikt niet langer naar God, maar Hij komt naar jou toe. Ook orthodoxe christenen vieren hun verschil en eisen ruimte voor zichzelf op. Overtuigen willen ze niet langer en zieltjes winnen is er niet meer bij. Maar ze zijn even onverzettelijk als alle anderen. Waarom zouden ze iets toegeven, je eigenheid verdient immers respect.
Via deze omweg is misschien iets meer te begrijpen van de voetangels en klemmen die Gerrit Zalm nu ontmoet. Ook van de formatie is de bedoeling dat partijen zichzelf overstijgen, ten behoeve van het algemeen belang. Maar zichzelf overstijgen is nogal uit de mode. Standpunten zijn identiteiten geworden. Daarover is het lastig onderhandelen, zoals ook Mark Rutte heeft gemerkt.
Toen het in de vorige ronde met GroenLinks misliep, zei Rutte dat migratie 'zo'n klein dingetje' was en dat ze er in tien minuten uit hadden kunnen zijn.

Top matigt, toch groeit de kloof (Wilco Dekker Volkskrant 8 juli 2017 p. 8):
De stijging aan de top was in jaren niet zo laag, maar desondanks groeit de loonkloof tussen top en werk vloer, blijkt uit onderzoek van de Volkskrant. En hij wordt voorlopig niet kleiner.
Beloningsexpert Camiel Selker van Focus Orange maakt zich daar zorgen over. 'Groot zorgpunt is dat we pas over een aantal jaren zullen weten of, en in welke mate een veel lager beloningsniveau in de publieke sector ook leidt tot uitholling van de managementkwaliteit. Wij zijn ervan overtuigd dat dit het geval is.' Volgens Selker moet een nieuw kabinet 'na jaren van disciplinering' de semipublieke normbedragen herijken - lees: verhogen.
Volgens demissionair minister Ronald Plasterk is dat niet nodig. De PvdA-bewindsman stelt dat de maatschappelijke en politieke steun voor de WNT groot is en dat de wet goed wordt nageleefd. 'Veel mensen maken een bewuste keuze om in de publieke sector te werken. Ik heb geen aanwijzingen dat op dit moment vacatures voor bestuurders en toezichthouders in de (semi)publieke sector niet op een goede manier kunnen worden ingevuld als gevolg van de WNT.'

'Loonkloof' tussen top en werkvloer groeit, ook al matigt de top (Wilco Dekker Volkskrant 8 juli 2017):
De topinkomens zijn in jaren niet zo bescheiden gestegen als in 2016, maar toch loopt de 'loonkloof' met de werkvloer verder op. De hoogste bazen gingen er vorig jaar in doorsnee 2,8 procent op vooruit, het bedrag per werknemer steeg met 1,3 procent.

Kooigevecht om een nieuwe wereldorde (Arie Elshout Volkskrant 8 juli 2017 p. 2-3)
De wereldpolitiek is in een rauwe fase beland, schrijft onze Brusselse correspondent Arie Elshout. Trump en Poetin worden op hun lichaamstaal beoordeeld. De glorietijd van de globalisering is voorbij. Al probeert Merkel te redden wat er te redden valt.
Merkel wil dat de verworvenheden van na 1945 behouden blijven, zoals het idee dat het dienen van andermans belang ook in jouw belang kan zijn. Ze wil niet terug naar de politiek als een zero-sumgame, waarbij de winnaar alles krijgt en de verliezer niets. Ze wil niet terug naar de wereld als een arena, waar het recht van de sterkste geldt en handelsoorlogen woeden.
Wie aan het langste eind zal trekken, is onzeker. De barometer in Hamburg staat op wisselvallig: het kan alle kanten op.

Trump schaart zich als enige niet achter slotverklaring klimaatakkoord G20 (Volkskrant 8 juli 2017):
De G20-top in Hamburg is afgesloten met een gezamenlijke slotverklaring inclusief vrijhandel en klimaat. President Donald Trump schaarde zich echter als enige van de G20-leiders niet achter de conclusie dat het klimaatverdrag van Parijs 'onomkeerbaar' is. Op 1 juni trokken de VS zich terug uit het akkoord van eind 2015.

Trump miste de kans Xi los te weken van Poetin (Heleen Mees De Volkskrant 11 april 2017 p. 23):
Donald Trump had de aanval op Syrië moeten benutten voor betere verstandhouding met China.
Waar Poetin het liefst verdeeldheid zaait, geeft China de voorkeur aan stabiliteit. En in tegenstelling tot de VS en de Europese Unie, heeft China wel voldoende leverage om Poetin te laten inbinden.
In plaats van zijn belangrijke gast te engageren, koos Donald Trump ervoor Xi Jinping te schofferen. In Foreign Policy vergeleek James Palmer het debacle in Mar-a-Lago met het organiseren van een chic diner voor je baas om vervolgens tijdens het diner een ordinaire burenruzie te maken.
Palmer sloot niet uit dat Trump de aanval juist zo had getimed om de Chinese leider te kleineren. Dat lijkt mij een kwestie van Amerikaanse zelfoverschatting. Die kent slechts haar weerga in de onderschatting van China.
En Xi Jinping? Die zal het affront van de raketaanval van zich afschudden en ietwat geamuseerd toezien hoe Trump zich in het wespennest dat Midden-Oosten heet steekt.

De president en zijn generaals (Ross Douthat De Volkskrant 11 april 2017 p. 22):
De invloed van Trumps generaals kan sommige rampen vermijden, maar andere juist groter maken.
Op bepaalde manieren belooft een door militairen aangestuurd buitenlands beleid meer gericht te zijn op stabiliteit dan andere benaderingen. Het zou minder vatbaar zijn voor ideologische ambities dan onder linkse haviken of neoconservatieven - en minder geneigd de VS te zien als agent van de democratische revolutie of als humanitaire engel der wrake. Maar ook sceptisch over veranderingen in onze strategische opstelling of het terugschroeven van bestaande verplichtingen - zaken die realisten en anti-interventionisten soms wel overwegen.
Op de keper beschouwd is de militaire blik op de wereld - de voorkeur voor status quo, maar met een sterke dosis harde macht - niet de slechtst denkbare visie die Trump kan overnemen. Maar waar het onvermogen van de president om te buigen in een groot gevecht samengaat met de bereidheid van militairen om een heleboel kleine gevechten te beginnen, ligt het grootste gevaar van zijn presidentschap: niet het moedwillig aansturen op oorlog, maar een toevallige escalatie die wordt aangemoedigd door Trumps generaals en waarvan de ultieme beslisser zelf niet weet hoe hij deze moet stoppen.

Mijn boekenlijstje voor het Trump-tijdperk (Ross Douthat Volkskrant 23 december 2016 p. 23):
Op beide boeken valt wel wat af te dingen. Dat van Lasch is te boos, dat van Huntington te pessimistisch (wat mij betreft). Maar op verschillende manieren bieden ze, in de woorden van Lasch, een 'revisionistische interpretatie van de Amerikaanse geschiedenis, die benadrukt hoe de liberale democratie heeft geleend van het kapitaal van de morele en religieuze tradities die voor de opkomst van het liberalisme bestonden'. En ze tonen hoe de westerse elite de kaars van solidariteit aan beide kanten heeft opgebrand - door immigratie te verwelkomen die de maatschappij van onderop verandert, terwijl in de hogere regionen de elite opstijgt in een postnationale utopie.

Stop steun aan wapenleveringen door Airbus (Benjamin Baars Volkskrant 11 april 2017 p. 22):
Miljoenen euro's ontwikkelingsgeld en donaties, opgehaald via Giro 555, gaan naar het straatarme Jemen. Maar als we wapens blijven leveren aan de militaire coalitie die wordt geleid door Saoedi-Arabië, dan blijft het dweilen met de kraan open.
Behalve directe leveringen, faciliteert Nederland één van de grootste wapenbedrijven ter wereld. De meeste mensen zullen Airbus kennen als producent van commerciële vliegtuigen, maar Airbus is ook het zevende grootste wapenbedrijf ter wereld en het op een-na-grootste van Europa. Mede vanwege het gunstige belastingklimaat voor multinationals zit het hoofdkantoor van Airbus in Nederland.
De vluchtelingentragedie en de huidige conflicten in het Midden-Oosten zijn voor een belangrijk deel het gevolg van westerse interventies en wapenleveranties. Bedrijven als Airbus hebben daar grof geld aan verdiend en verdienen nogmaals aan het tegenhouden van vluchtelingen als deze naar Europa proberen te komen.
De wapen- en veiligheidsindustrie, waaronder Airbus, heeft fanatiek en met succes gelobbyd voor militarisering van de grenzen van Europa. Airbus sleepte veel contracten binnen voor het militariseren van de grenzen en is het bedrijf dat de meeste EU-subsidie krijgt voor 'veiligheidsonderzoek' voor grensbewaking. Airbus produceert een breed scala aan 'veiligheidsproducten', variërend van helikopters tot radar- en communicatiesystemen.
Nederland moet een strenger wapenexportbeleid gaan voeren en stoppen met het faciliteren van grote wapenbedrijven als Airbus. Airbus profiteert van het gunstige belastingklimaat in Nederland voor grote multinationals. Ook Nederlandse pensioenfondsen en banken hebben miljoenen geïnvesteerd in Airbus. Het ABP spant de kroon, met 95 miljoen euro aan aandelen in Airbus.

Voetnoot Opportunisme (Arnon Grunberg Volkskrant 10 april 2017):
'Een noodzakelijke straf voor Assad', kopte de Neue Zürcher Zeitung op zaterdag over de Amerikaanse aanval op een Syrische militaire basis. Ook de Volkskrant was positief. In een redactioneel commentaar, geschreven door Arnout Brouwers, stond 'dat er grenzen zijn aan wat het wereldgeweten kan verdragen'.
Paul Brill hoopte dat de VS weer leidend zouden kunnen worden in het Midden-Oosten.
Ik ben sceptischer.
In 1988 vond er een gifgasaanval van Saddam plaats in Halabja waarbij circa vijfduizend doden vielen. Het Westen reageerde nauwelijks. De invasie van 2003 stond los van Halabja.
Père Assad maakte in 1982 delen van de stad Homs met de grond gelijk. Er vielen tienduizenden doden. Het Westen reageerde niet.
De symbolische raketaanval van vrijdag komt Trump goed uit, onder andere om de aandacht af te leiden van de aanhoudende stroom berichten over Russische inmenging in de Amerikaanse verkiezingen.
Er bestaat geen wezenlijk verschil tussen het wereldgeweten en opportunisme.

Twijfelhandel (Sheila Sitalsing Volkskrant 10 april 2017 p. 2):
Het was een uitknipwaardig in terview, afgelopen zaterdag in de Volkskrant, met Gerald Schotman, directeur van de Nederlandse Aardolie Maatschappij, gesel van Groningen, boeman van het gas. Met verve vervulde hij de rol van de partij die het ook maar allemaal overkomen is, de partij die de zware verantwoordelijkheid draagt voor het verwarmen van het ganse land, de partij die ook maar zijn stinkende best doet en binnen de grenzen van redelijkheid het beste met de mensen voor heeft en roeit met de riemen die hij heeft en ook maar kop van jut is en in vreedzaamheid naar fatsoenlijke alternatieven zoekt etcetera.
In het gasdebat heeft de NAM jarenlang de rol van de handelaar in twijfel gespeeld: uw schade komt door mollen, blikseminslag of door opkruipend vocht. Ook in de Volkskrant kwijt Schotman zich uitstekend van die rol: 'Bijna alles in het gasdossier had sneller gemoeten. Maar het kon niet eerder. We wisten nog te weinig. De vraag of iets aardbevingsschade is, kunnen we nu met veel meer zekerheid beantwoorden.'
We wisten te weinig.\\Er was geen plan.
Arm Groningen. Er was één plan: om gas uit de bodem te halen. Verder was er geen plan voor de regio, of voor de mensen. Nooit geweest. Nog steeds niet.

Dreigende woorden voor VS van bondgenoten Assad (Rob Vreeken Volkskrant 10 april 2017 p. 10):
Rusland en Iran hebben zondag gewaarschuwd dat ze samen met de sjiitische militie Hezbollah zullen terugslaan als de Verenigde Staten hun bondgenoot Syrië opnieuw aanvallen. Met het afvuren vrijdag van tientallen kruisraketten op een Syrische luchtmachtbasis hebben de Amerikanen een 'rode lijn' overschreden, lieten Moskou en Teheran weten via een gezamenlijk commandocentrum voor de strijd in Syrië.
'We hopen dan de partijen aan tafel te krijgen voor politieke gesprekken' tussen regering en rebellen, zei Tillerson. Als resultaat daarvan 'zal het Syrische volk beslissen over het lot van Bashar al-Assad en zijn legitimiteit'. Die uitspraak lijkt sterk op wat de minister zei een week vóór de gifgasaanval. Hij liet toen weten dat het vertrek van de Syrische president voor de VS niet langer prioriteit had.

'Iedereen loopt in een grote boog om me heen' (Marc Peeperkorn Volkskrant 10 april 2017 p. 8-9):
Loon naar werken bestaat niet in de politiek, zegt Jeroen Dijsselbloem na alle ophef over zijn drank & vrouwen-uitspraak. 'Ik ben nu de bliksemafleider. Dat is prima, ik ben nog niet afgebrand.'
U vergaderde afgelopen weekend met uw EU-collega's. Staan ze nog achter u?
'Er was actieve en passieve steun. Sommigen vonden het een ongelukkige formulering. Anderen zeiden: ik snapte precies wat je bedoelde. Maar bijna allemaal delen ze mijn boodschap over rechten en plichten. In de huidige mediastorm rond mijn persoon zijn er echter weinig die dat voor een camera of microfoon uitspreken. Ik heb aan het begin van de vergadering gezegd: mijn woordkeus was niet goed, het spijt me als u er aanstoot aan heeft genomen, maar ik sta nog steeds achter de boodschap. Daarop heeft verder niemand gereageerd, ze willen geen discussie over mijn positie.

Het doormodderscenario van Jeroen Dijsselbloem heeft betrekking op dat politici in het algemeen beter zijn in het doorschuiven, dan in het oplossen van problemen. Of met andere woorden struisvogelpolitiek. Het verschijnsel dat Jeroen Dijsselbloem in het eindrapport Commissie Parlementair Onderzoek Onderwijsvernieuwingen signaleert namelijk dat de verantwoordelijke bewindslieden een tunnelvisie (groupthink) vertoonden is niet nieuw. Een tunnelvisie komt duidelijk met een conditionering of blinde vlek, het Pontius Pilatus-syndroom overeen. Het zijn vaak de onbewuste patronen die ons leven sturen. Met de geschapen gebakken lucht financieren we de ondergang van de Westerse beschaving. Met de blinde vlek waarmee Jeroen Dijsselbloem c.s. de PvdA naar de afgrond heeft geleid beoogt hij nu het Europese Stabiliteitsmechanisme te 'redden'. Het messianisme van Jeroen Dijsselbloem berust slechts op gebakken lucht. De blinde vlek, de inconsequentie in het denken van Jeroen Dijsselbloem is dat net als eerder aan de onderwijsvernieuwingen ligt aan het laten draaien van de geldpers geen enkel wetenschappelijk onderzoek ten grondslag.

Het woord anomie (normloosheid) is afgeleid van de Griekse woorden a- ("zonder") en nomos ("wet"). De Oude Grieken maakten onderscheid tussen "nomos" (νόμος) (wet), en "archè" (Αρχή) (uitgangspunt, axioma, principe).
Sociologie
Organische solidariteit ontstaat juist bij toenemende sociale differentiatie, wat het geval is bij arbeidsverdeling en specialisatie. Door de onderlinge afhankelijkheid en het besef dat de verschillende functies elkaar aanvullen ontstaat een nieuwe solidariteit, waarbij de sociale pressie afneemt. De maatschappij wordt nu niet mechanisch, maar organisch bij elkaar gehouden.
Bij een te snelle overgang kan echter de nieuwe ordening van functies, normen en waarden onvoldoende voltooid zijn, waardoor een bepaalde mate van anomie optreedt.
Ook zag hij een discrepantie tussen de ideologische theorieën en waarden en de haalbaarheid daarvan in het dagelijks leven, een vorm van cognitieve dissonantie.

Levende wijsheid of dode traditie? – (Radha Burnier Theosofie december 2007):
Een zo’n wet, waarover de wijzen gesproken hebben, is de wet van opoffering. Annie Besant zei dat deze ‘gedrukt staat in het universum waarin wij leven’ en dat ‘de hele wereld verbonden is door een wet van onderlinge afhankelijkheid’. Biologen beginnen nu iets te begrijpen van deze onderlinge afhankelijkheid en zij zeggen zelfs dat geen enkel schepsel op aarde in zijn eentje kan overleven zonder de hulp van een grote verscheidenheid aan andere schepselen die het ecologische systeem van de aarde in een staat van goede gezondheid houden. In The Theosophist van maart 2004 verwijst het artikel van de hoogleraar dierkunde C.A. Shinde naar de symbiotische relatie van planten, insecten en andere wezens.
Voortbordurend op de erkenning van
onderlinge afhankelijkheid moet het begrijpen van de mens zich verder ontwikkelen tot het erkennen dat de onderlinge belangen van schepselen, zelfs van verschillende soorten, in de natuur gesteund worden door een systeem van opoffering, dat wil zeggen van geven en niet alleen van nemen. Alle levensvormen zijn in een toestand van onderlinge uitwisseling van gasvormige, vloeibare en vaste substanties. Om Annie Besant weer aan te halen: ‘Het draaiende levensrad kan niet voortgaan tenzij ieder lid, ieder levend wezen, helpt bij het draaien door het verrichten van daden van opoffering.’ De Bhagavad Gita suggereert ook dat, om het hoogste goed te oogsten, er onderlinge zorg en liefde moet bestaan. Volgens de Goddelijke Orde moeten levensvormen uiteenvallen en hun eigen samenstellende delen opofferen voor het overleven van anderen, totdat ook zij uiteenvallen en op hun beurt substanties doorgeven die weer andere voeden.

Begrijpen is volgens Spinoza de dingen zien in hun ‘logische afhankelijkheid’. Carl Jung noemde, een modaliteit die er eenvoudigweg is, zonder oorzaak, ‘acausale geordendheid’. Het begrip toeval (synchroniciteit) wordt in verband gebracht met ‘logische afhankelijkheid’ en ‘acausale geordendheid’ (Karma-Nemesis). Of met andere woorden we kunnen leren om het toeval (Amor fati: Liefde voor het lot) te begrijpen.
De lering van het afhankelijk ontstaan betreft zowel causaliteit als basispricipe, als de keten van wederzijds afhankelijk ontstaan, die laat zien hoe onwetendheid tot voortdurende wedergeboorte leidt.

Barbara Hannah, boek Jung zijn leven zijn werk (p. 319): Jung toonde aan dat synchronistische gebeurtenissen slechts een specifiek voorbeeld lijken te zijn van een veel breder natuurlijk beginsel, dat hij ‘acausale geordendheid’ noemde, een modaliteit die er eenvoudigweg is, zonder oorzaak, zoals in het geval van de discontinuïteiten in de fyica (de geordendheid van energiekwantums, nucleair verval enzovoort) of de natuurlijke getallen.

Erwin Rousselle wurde an der Universität Heidelberg 1916 in Philosophie und 1921 in Rechtswissenschaft promoviert. In den frühen zwanziger Jahren lehrte er mit Hermann Keyserling an dessen „Schule der Weisheit“. Es begann eine erste interdisziplinäre Zusammenarbeit u.a. mit C.G. Jung, Heinrich Zimmer, Rabindranath Tagore'. 1923 habilitierte er sich für Vergleichende Philosophie des Morgen- und Abendlandes an der Technischen Hochschule Darmstadt.

Want in De grote transformatie is de Spiltijd een eenmalig scharnierpunt in de geschiedenis van de mensheid, waarna een dimensie bleek toegevoegd aan het zelfbewustzijn, te weten die van het tragische besef van het menselijk tekort, het lijden daaraan, maar ook de ontdekking van transcendentie, het overstijgende dat te benoemen noch te bevatten, maar met wat moeite wel te ervaren is.

De pijl van de tijd bestaat echt interview met Ilya Prigogine7
Marionetten
"Het belangrijkste is dat we de strikte scheiding tussen twee culturen kunnen overstijgen. De geschiedenis van de westerse filosofie is een ongelukkige geschiedenis die alleen maar tot dualisme of monisme heeft geleid. In navolging van Spinoza zei Einstein ooit tegen De Gaulle dat we marionetten zijn zonder dit zelf te beseffen. Dat is wel een heel raar beeld. Het past perfect bij de eeuwenoude retoriek die wil dat de menselijke geschiedenis contingent en de natuurlijke gedetermineerd is. Hoe kunnen deze twee zienswijzen gecombineerd worden? Wij handelen in de natuur. Als wij contingent zijn, is de natuur het dus ook, want wij zijn een deel van de natuur."
"De grote fysicus - maar niet zo grote filosoof - David Bohm heeft een boek geschreven over het overstijgen van de tijd. Hij had het ook over een expliciete en een impliciete orde. Dit is een heel conservatieve en deterministische zienswijze omdat ze ervan uitgaat dat we alleen maar kunnen ontdekken wat al op voorhand is gegeven. Maar zo werkt het niet. In de natuur is niets aanwezig wat aanleiding kan geven tot Mozarts muziek of Michelangelo's schilderijen. De mens doet meer dan het gegevene herhalen."
"De ervaring van de pijl van de tijd en van de creativiteit is waar het in het leven om draait. En wanneer de wetenschap er geen vat op heeft, ligt dit aan de wetenschap en niet aan de realiteit. Je moet niet de fout maken van Einstein, die zei dat de tijd een illusie is. Degene die hem gelooft, hecht meer belang aan een wiskundige vergelijking dan aan de realiteit."
Bent u optimistisch gestemd over de toekomst?
'Ik had het net over Bruno en ik denk dat we in zijn situatie verkeren: we wachten op een vernieuwing van het denken. We staan op een bifurcatiepunt. Vele uitkomsten zijn mogelijk, maar we weten niet welke het uiteindelijk zal halen. Gaan we ten onder te midden van conflicten of wacht ons een vredige toekomst? We zullen het zelf moeten waarmaken. Vijftig jaar geleden opende Malraux de stichtingsconferentie van de Verenigde Naties met de woorden dat hij beschaamd was over het geringe aantal boeken van Verlaine, Baudelaire of Zola dat er gelezen werd. Dat is toch totaal anders geworden. Iedereen leest ze. Iedereen reist de wereld rond en maakt kennis met andere culturen. Dat heeft natuurlijk ook zijn schaduwzijden. Wanneer je bijvoorbeeld Egyptische piramiden wilt zien, heb je maar een paar minuten de tijd. Dan moet je plaats maken voor degenen achter je. Maar uiteindelijk is ook dat een verbetering. Net zoals Karl Popper ben ik waarschijnlijk de meest optimistische pessimist.'

PVV'ers , willen jullie meer of minder rechtsstaat? (Bert van Roermund Volkskrant 3 januari 2017 p. 22):
Wilders' reactie is een vrijbrief voor iedereen om uitspraken van rechters naast zich neer te leggen.
Ten slotte is het ook de reden waarom een rechtsstaat niet één maar twee polen kent (grondrechten en democratie) die steeds weer op elkaar betrokken dienen te worden.
Ik wil dan ook de oproep herhalen die ik naar aanleiding van Wilders' commentaar plaatste in het Brabants Dagblad: PVV-fracties in alle Provinciale Staten, omdat jullie partij geen leden heeft maar wél vertegenwoordigers, heb de moed om een vraag te beantwoorden die jullie bekend zal voorkomen: gehoord de reactie van jullie partijleider op zijn strafvonnis, willen jullie in jullie provincie, en in Nederland, meer of minder rechtsstaat?

Stop de zoektocht naar geluk of Zoektocht naar geluk is als een veldtocht naar Moskou (Erdal Balci Volkskrant 3 januari 2017 p. 24):
'''Geluk is de weegschaal in ons. Ergens diep in ons wordt voortdurend een balans gemaakt van de tijd die we hebben mogen beleven en hoe we die tijd zijn doorgekomen. Noem het de voortdurende terugblik die we op ons verleden werpen zonder ons ervan bewust te zijn.
Ben je gelukkig, dan is dat de bekroning van een levenswerk. En het is alleen weggelegd voor de mensen die toegang hebben tot de middelen. Heeft je moeder van je gehouden? Kon je aan je talenten werken? Heb je die talenten ten dienst gesteld van de medemens? Ben je bemind en heb je liefde gegeven? Heb je de dood van je eigen kind niet meegemaakt? Dan heb je waarschijnlijk genoeg in de spaarpot.
Derhalve een laatste woord aan het adres van degenen die zich hebben laten beïnvloeden door de verkooptechnieken van handelaars in geluk. Het vreselijke schrikkeljaar is over, dames en heren. Het is 2017, de dagen van het gezonde verstand zijn terug.

Ooit was identiteit een onschuldig woord (Elma Drayer Volkskrant 23 december 2016 p. 25):
Voordat u me van het omgekeerde verdenkt: natuurlijk klopt het dat we anno 2016 allerminst in een utopia wonen. Hoewel iedereen gelijk is voor de wet, zijn racisme en discriminatie in dit land verre van uitgeroeid. De sollicitatiebrieven van Zaka en Fatima verdwijnen in de prullenmand, overheidsfunctionarissen doen bewust dan wel onbewust aan etnisch profileren, op machtsposities wemelt het tot op heden van de witte heren. Om nog maar te zwijgen van het open riool dat sociale media heet.
En natuurlijk verdienen deze abjecte verschijnselen serieuzer bestrijding dan tot nu het geval is geweest. Maar zo'n documentaire als die van Sunny Bergman zal het paradijs zeker niet dichterbij brengen.

Rebellie tegen elite lijkt vooral angstig of Kom op, elite, vernieuw jezelf! (Erik Jurgens Volkskrant 23 december 2016 p. 22):
Net als in de jaren zestig van de vorige eeuw, is er nu grote veranderingsgezindheid en ontevredenheid over de heersende elite. Het grote verschil met die tijd, betoogt Erik Jurgens, is dat zich toen nieuwe elites aandienden - en nu niet.
'Hebben wij een in een geëmancipeerde samenleving nog wel elites nodig. Is de elite niet op voorhand ondemocratisch?' Die vragen stelt een studie (uit 1978!) van het Nederlands Gesprek Centrum over elites die wel komen en gaan, maar onontkoombaar zijn. En in onze dagen horen we het geroep opnieuw. Het richt zich tegen de 'liberaal-democratische, politiek correcte elite/intelligentsia'(LDE). Die is voorstander van onze democratische rechtsstaat met een echt parlement en onafhankelijke rechters, met een vrije pers, actieve Europese samenwerking over grenzen heen, en bescherming van vluchtelingen.
Ontevreden grondstroom
Ik voel nu weer een ontevreden grondstroom, net als toen. Inmiddels is die liberaal-democratische elite - wij, van de twee generaties na de oorlog - zelf het mikpunt. 'Het volk', zo wordt ons verzekerd, wil dat die mooie dingen er aan gaan: uit Europa moeten we, ons nep-parlement en onze nep-rechters moeten worden vervangen, grenzen moeten dicht, arme landen zoeken het zelf maar uit, eigen volk moet eerst, iedereen moet kunnen zeggen en twitteren wat-ie wil, kwetsbare groepen zorgen maar voor zichzelf. In Polen en Hongarije laten ze het ons al zien. Het is dus niet een creatieve opstand tegen de elite, het lijkt meer een negatieve, angstige rebellie die terug wil naar een 'toen' dat nooit bestaan heeft. En wij van de LDE maar denken dat we wezenlijke waarden gegrondvest hadden.
Het is ook duidelijk dat een aantal van de verworvenheden naast positieve gevolgen ook negatieve neveneffecten heeft gehad: de globalisering van de economie, de open grenzen, migranten uit andere culturen die moeite hebben met het
waardensysteem van de LDE. Maar het is niet zinvol om de bestaande elite scherp daarop aan te vallen zonder zelf nieuwe waarden voor de samenleving aan te dragen. Daarmee worden het dragend ethos van onze samenleving ondergraven, zonder uitzicht op iets beters. Er zal zich een nieuwe elite moeten ontwikkelen, die poogt een creatief antwoord te vinden op negatieve effecten van ons huidige waardensysteem.
Waar zijn de vernieuwers?
In deze tijden lijken de jaren zestig en zeventig zich qua veranderingsgezindheid te herhalen. Ik heb grote zorgen. Niet zozeer dat nieuwe, anders samengestelde, elites zich aandienen - maar dat ze zich juist NIET aandienen.\\
Destijds konden bijvoorbeeld CDA, PvdA en VVD, met behulp van nieuwe formaties als D66 en GroenLinks zichzelf hervormen en zo een nieuwe, naoorlogse elite vormen, samen met vernieuwers in de rest van de samenleving. Met alleen, zoals nu, bars 'nee' roepen tegen die bestaande elite wordt deze niet vernieuwd, maar afgebroken. En door onze democratische rechtsstaat te ondermijnen, die de vorming van een nieuw elan een bedding kan geven, is die kans helemaal verkeken.
De vernieuwing zal dus moeten komen vanuit de bestaande elite. Die LDE moet zich weerbaarder opstellen tegen ondermijnende tendensen, zij moet de rechtsstaat verdedigen, onderling samenwerken, idealen uitdragen, oplossingen vinden. Makkers, tot den strijd ons geschaard!

Wie zijn de populisten? (Erik Jurgens Volkskrant 16 november 2016 p. 29):
Niet kiezers zijn populisten, maar de politici die voornamelijk inspelen op onderbuikgevoelens die bij kiezers leven. Zulke politici geven zich verder geen rekenschap van wat zij wakker roepen. En zij hebben weinig redelijke opvattingen over onderwerpen die niet worden geraakt door die gevoelens in de onderbuik.
Arnout Brouwers (Commentaar V zaterdag 12 november) waarschuwt ons terecht dat het het democratisch recht is van degenen die met deze onderbuikgevoelens behept zijn om daaraan uiting te geven. Maar schunnig is het om als politicus schaamteloos op die gevoelens te spelen, met als enig doel stemmen te winnen. Dit zonder tegelijk een algemener program te bieden waarin andere hoofdzaken positieve aandacht krijgen.
Brouwers hoopt dat tegenover onderbuikgevoelens 'het betere idee kiezers wel kan overtuigen'. Als ik zie hoe het afliep met Hillary, die betere ideeën had, heb ik er een hard hoofd in.

Tien Trump-lessen voor Nederlandse politici (Elsevier 10 november 2016):
Het succes van Donald Trump wordt wel op één lijn gesteld met de uitslag van het Britse referendum over de Brexit en met de opkomst van ‘populistische partijen’ in West-Europa. Er zijn inderdaad overeenkomsten. Er zijn dan ook Nederlandse lessen te trekken uit de winst van Trump. Minstens tien, schrijft Syp Wynia.
Les 8: Lobbycratie blijft niet langer onbestraft Aan Hillary Clinton kleefde dat zij als minister van Buitenlandse Zaken benaderbaar was voor rijke en omstreden donateurs van de Clinton Foundation, die waarschijnlijk mede daardoor honderden miljoenen dollars kon vergaren. Ook hield zij voor veel geld – evenals haar man Bill – toespraken om grote bedrijven te behagen. Het heeft er alle schijn van dat de Nederlandse lobbycratie (politici en ex-politici worden gehuurd door bedrijven en lobby’s) ook niet langer buiten schot gaat blijven. Als dat zo is, ondervinden vooral partijen als VVD, CDA, PvdA en D66 daar hinder van.
Clinton FoundationWaarom verzweeg Clinton-stichting miljoenendonatie van Qatar?
De stichting van Hillary en Bill Clinton ontving in 2011 een miljoen dollar van de overheid van Qatar, in ruil voor een afspraak met Bill. In strijd met de regels werd de gift niet doorgegeven aan het ministerie van Buitenlandse Zaken, waar Hillary de baas was.

Het ancien régime zag de revolutie ook niet aankomen (Eelco Runia NRC 17 december 2016):
‘Weldenkenden’ die al netwerkend door het leven glijden, de regels van het spel naar hun hand zetten, zijn zich er nauwelijks van bewust hoe geprivilegieerd ze zijn. „Maak je deel uit van het oude speelveld, dan voorzie je slecht het nieuwe”, schrijft historicus Eelco Runia.
De humanisten wisten zich totaal geen raad met de ‘Trumps’ van hun tijd: Cesare Borgia en paus Julius II. Die deden geen enkele moeite redelijk te zijn en hadden tóch succes. Voor de humanisten waren het ongeleide projectielen, houwdegens: ze lieten zich meevoeren door hartstochten, waren lichtgeraakt en haatdragend, joegen mensen tegen zich in het harnas, waren ijdel en praalzuchtig en leken geen enkele boodschap te hebben aan hun welbegrepen eigenbelang. Het is de verdienste van Machiavelli geweest dat hij afstand nam van de
humanistische weldenkendheid. Hij bouwde een politieke leer op het inzicht waarom Cesare Borgia en Julius II succes boekten – niet ondanks maar omdat ze zich niets gelegen lieten aan ragione en ruim baan gaven aan virtú (zie Machiavelli, deugd, '). Een begrip dat misschien het best vertaald kan worden als ‘stoutmoedigheid’.

Voetnoot Subliem of Trumps overwinning was een sublieme gebeurtenis (Arnon Grunberg Volkskrant 22 december 2016):
'Het is de verdienste van Machiavelli geweest dat hij afstand nam van de humanistische weldenkendheid', aldus historicus Eelco Runia in een fascinerend stuk over weldenkendheid en revolutie, zaterdag in NRC.
Volgens Runia was de verkiezingsoverwinning van Trump een revolutie, een 'sublieme historische gebeurtenis'. Het sublieme is een begrip uit de esthetica: dat wat fascinatie én afgrijzen oproept.
Ja, Trumps overwinning was een sublieme gebeurtenis zoals ook oorlogstaferelen en aanslagen dat kunnen zijn. En de weldenkenden zijn inderdaad, zoals Runia betoogt, blind voor het feit dat weldenkendheid de geschiedenis zelden stuurt.
Maar revolutie - of Trumps overwinning dat is zal blijken - komt niet zozeer voort uit weerzin tegen privileges van weldenkenden als wel uit de verveling van de bourgeoisie of in andere tijden de aristocratie.
Men snakt naar het sublieme. Niet alleen in de kunst, waar het thuishoort, maar ook in de politiek, waar het sublieme dikwijls eindigt in catastrofaal sadisme.

Elitair of Bestuurlijke elite: ben je van de kwaliteit of van de privileges? (Marjan Slob Volkskrant 22 december 2016 p. 26):
Al in de eerste zin van Over de democratie in Amerika (1840) beschrijft Alexis de Tocqueville wat hem treft als het funderende principe van deze jonge democratie: de standsgelijkheid. In Amerika is het gelijkheidsbeginsel dat de Franse revolutionairen zo bloederig afdwongen echt in praktijk gebracht.
Mensen uit de Top 200, als jullie dat elitevijandige klimaat willen doen keren, maak dan duidelijk dat je op grond van je kwaliteiten tot de elite behoort - en schud die afgunstige blikken verder maar gewoon af. 'De mens raakt niet vernederd door het gebruik van de macht (...) maar door het gebruik van een macht die hij onrechtmatig acht', merkte Tocqueville al op.
Mensen uit de Top 200, als jullie dat elitevijandige klimaat willen doen keren, maak dan duidelijk dat je op grond van je kwaliteiten tot de elite behoort - en schud die afgunstige blikken verder maar gewoon af.
Maar als jullie stiekem zijn gaan geloven dat er voor jullie andere regels gelden dan voor het gewone volk, dan kennen jullie elkaar privileges toe. Dan installeren jullie weer standsverschil.
Daar leek het verdacht veel op toen jullie bonussen verdeelden terwijl de rest van de maatschappij bloedde. Zo'n soort elite verdient de volkse woede. Dus bestuurlijke elite: ben je van de kwaliteit of van de privileges? Laat maar zien.

Buitenkansje (Bas Heijne NRC 16 maart 2014):
Was de toon van Angela Merkel richting Rusland deze week hard en dreigend – die van onze minister van Buitenlandse Zaken, Frans Timmermans, kun je, als je vriendelijk wilt zijn, het beste als beschouwend omschrijven. „Ik zie niet hoe elkaar met sancties om de oren slaan uiteindelijk een oplossing kan bieden. De internationale gemeenschap moet hard reageren als een land de rechtsorde zo flagrant schendt als Rusland nu doet, maar moet ook zorgen voor een oplossing. Op dat vlak laat de internationale gemeenschap nog niet zoveel zien.”
Op de website van het Ministerie van Economische Zaken staat: Wilt u zakendoen in Rusland en bent u werkzaam in de sector energie? Ga dan van 13 tot en met 16 mei mee met de economische missie naar Moskou en Yamal met Henk Kamp.” Het gaat om een buitenkansje: „Er wordt een programma georganiseerd voor en met bedrijven in de olie- en gassector. Deze missie biedt kansen aan bedrijven om contacten te leggen met zakenpartners en autoriteiten in Rusland. Het programma bevat onder meer collectieve bezoeken aan ministeries en Russische olie- en gasbedrijven.’’ Navraag bij het ministerie leert dat men niet van plan is deze handelsmissie op te schorten of te annuleren.

Frans Timmermans: Bas Heijne is een praatjesmaker NRC-columnist is 'Opperpriester van het eigen morele gelijk' (16 maart 2014):
Minister van Buitenlandse Zaken Frans Timmermans (PvdA) was afgelopen week te gast bij College Tour. Op zijn Facebook-account wilde hij zijn grote schare volgers bedanken voor de ‘vele positieve reacties’. Eén van hen wees de bewindsman op de zaterdag-column van NRC-denker Bas Heijne. Heijne schrijft over de Nederlandse houding ten opzichte van Rusland in onder meer het Oekraïne-dossier. Heijne hekelt slappe excuses, idiote drogredenen en schaamteloos cynisme en de rol daarbij van Timmermans.
‘Opperpriester van het eigen morele gelijk’
De Timmerfrans-volger weet dat de bewindsman beschikt over een kort lontje: omgaan met kritiek is bepaaldelijk geen forte van de sociaal-democraat. “Hij wordt bij wijze van spreken al woedend als zijn aansteker het niet doet, dat ziet hij als een directe en persoonlijke aanval”, vertrouwde een oud-fractiegenoot ons eens toe. De kritiek van Heijne leidde dan ook tot een felle reactie.

Psychologie van de verliezer (Thanneke van de wiel Volkskrant 19 december 2016 p. 19):
De radicalisering van Nederlanders, door velen 'populisme' genoemd, komt niet voort uit onwetendheid, maar uit het diepe besef dat de rekening van het establishment betaald wordt door de man in de straat. Het zich nog steeds in zelfgenoegzaamheid wentelende bedrijfsleven wil bij monde van Frans Blom nog eens uitleggen waar de omzet van een bedrijf vandaan komt (Ten eerste, 17 december).
Blom vergeet hierbij een belangrijke zaak: De psychologie van de verliezer. Gedreven door afkeer is men bereid alles op te offeren. Dus ook welstand. Men breekt op zeker moment alles af omdat men liever offers brengt dan doorsukkelt. Woede en frustratie winnen het van rede. Ongeacht de schade.
Wij zijn in Europa hard op weg die kant op te gaan. Politici als Rutte, Juncker, Merkel, Hollande helpen daar niet bij. Blom hoeft niet uit te leggen waar het geld vandaan komt. Dat is bekend. Men wil weten waar het blijft.

Hoe de elite zich voorbereidt op Wilders of Bestuurlijke elite houdt hart vast voor 'rampjaar 2017' (Wilco Dekker Volkskrant 17 december 2016 p. 10-13):
De bestuurlijke elite beleeft angstige tijden. Geert Wilders klimt maar door in de peilingen. Wat gebeurt er achter de schermen om zijn verkiezingszege volgend jaar maart te voorkomen, of ten minste in goede banen te leiden?
Onderklasse
Het probleem van de tweedeling gaat de gehele maatschappij aan, zegt Frans Blom van The Boston Consulting Group. Hij is betrokken bij het Dutch Transformation Forum, een gezelschap 'op raad van bestuur-niveau' uit het bedrijfsleven en de publieke sector dat een 'nieuw fundament voor de toekomst van Nederland' wil leggen en dat vorige maand confereerde over 'inclusiviteit als prioriteit voor politiek en bedrijfsleven'.
Want de gevolgen van de tweedeling, zoals de onvrede bij de maatschappelijke verliezers over thema's als Europa, immigratie en inkomensonzekerheid, brengen de economische groei van iedereen in gevaar, zegt Blom. En dus moeten de maatschappelijke winnaars zich ook zorgen maken om de verliezers, om zo toekomstige groei veilig te stellen. 'We moeten de taart beter gaan verdelen zodat zij groter kan worden voor iedereen. Vanuit een moreel leiderschap en vanuit welbegrepen eigenbelang.'
Blom stelt dat de houding van terughoudendheid bij de bestuurlijke elite begint te draaien. 'Mensen willen zich weer uitspreken, niet om te zeggen hoe het moet, wel om uit te leggen hoe het in elkaar zit. Zoals één bestuursvoorzitter me zei: 'Ik vertel mijn mensen nooit hoe we 90 procent van onze omzet verdienen in het buitenland en dat we dus gebaat zijn bij open grenzen en bij de EU. Maar ik denk dat ik het in mijn nieuwjaarstoespraak nu toch eens ga uitleggen.''
Dat is nog iets anders dan echt het publieke debat opzoeken. Daarvoor voelt men enorm veel aarzeling, zegt Blom. 'In het publieke debat heb je weinig te winnen en veel te verliezen, het komt al snel neer op oneliners of je wordt zonder echte discussie doorgezaagd. In de media ben je als bestuurder uit het bedrijfsleven ook maar een mening. Dan kun je beter binnen je eigen bedrijf met mensen de dialoog aangaan. Dat werkt.'
De vraag is dan wel wat voor de werkgevers de
'krijtlijnen' zullen zijn: welke populistische thema's zijn onderhandelbaar en welke niet? Een Nexit-referendum ongetwijfeld zeker niet, net zoals diskwalificatie van minderheden, maar concessies over de gezondheidszorg of over de AOW-leeftijd misschien wel.
Het wordt, zeggen waarnemers, een enorme uitdaging die om groot politiek leiderschap vraagt, en om de bereidheid op bepaalde thema's je verlies te nemen. 'Zeker is dat een deel van wat de werkgevers afgelopen jaren hebben bereikt, zoals de herziening van de sociale zekerheid, zal worden teruggedraaid', zegt een analist. 'Je zult wellicht een soort recollectivisering gaan zien. In die zin kan het bedrijfsleven de verliezer zijn.'

Rutger Bregman Gratis geld voor iedereen over het basisinkomen, de 15-urige werkweek en een wereld zonder grenzen
Het probleem is niet dat we het niet goed hebben, het probleem is dat we niet weten hoe het beter kan. In deze tijd, met koopkracht als laatste ideaal, schetst historicus Rutger Bregman nieuwe vergezichten. Van een basisinkomen voor iedereen tot een werkweek van vijftien uur, van een wereld zonder grenzen tot een wereld zonder armoede - het is tijd voor de terugkeer van de utopie.
De historicus, schrijver en columnist Rutger Bregman (1988) is een aanstormend jong talent. In dit boek, in korte tijd zijn derde, constateert hij dat het ons niet ontbreekt aan welvaart maar aan visie. Wij hebben het nog nooit zo goed gehad, maar wij hebben geen idee hoe het nu verder moet. Bregman doet ons zes ideeën aan de hand: een werkweek van vijftien uur, een onvoorwaardelijk basisinkomen, het uitroeien van armoede, een ander belastingstelsel, nieuwe maatstaven van vooruitgang en een wereld zonder grenzen. Elk van die ideeën onderbouwt hij met een veelheid van verwijzingen, namen en getallen. Desondanks leest het boek als een trein: het is hoopvol, uitdagend en creatief.

'Mensen hunkeren naar iets groters' (Laura de Jong en Frank van Zijl interviewen Rutger Bregman Volkskrant 17 december 2016 p. 24-25):
Zijn laatste boek wordt komend jaar in vijftien landen uitgegeven en hij kan zich verheugen in een groeiende populariteit. Rutger Bregman, historicus en utopisch denker. 'Er is behoefte aan een radicaal ander verhaal.'
Sinds de Frankfurter Buchmesse lijkt de geest uit de fles: 2017 wordt voor Rutger Bregman een jaar van veel reizen. Zijn boek Gratis geld voor iedereen wordt tot in Japan verkocht. Zijn pleidooi voor een basisinkomen voor iedereen, of de 15-urige werkweek mag door veel politici worden weggezet als dagdromerijtjes van een jeugdige idealist, ondertussen groeit zijn het gehoor maar door. Bregman is hot en trekt volle zalen als hij aan universiteiten spreekt.
Hoe verklaart u dat uw idealistische taal zo aanslaat?
'Mensen hunkeren naar een nieuw verhaal dat niet uitgaat van het slechte in de mens. Ik kom uit de leerschool van Rob Wijnberg (oprichter van de Correspondent, red.): nieuws gaat over de uitzondering, over crises en rampen. Het Journaal is een belangrijke reden dat mensen een zwartgallig wereldbeeld hebben.
Je kunt de media toch niet verwijten dat ze boodschappers zijn van slecht nieuws?
'Wat goed gaat, is bovendien meestal geen nieuws. Een voorbeeld is de vluchtelingencrisis van vorig jaar. De meeste media - en weer is het Journaal de grootste boosdoener - hadden het over Steenbergen waar een paar raddraaiers tekeergingen. Die week belde m'n zus me op, een beetje pissig, want ze wilde vrijwilligerswerk doen, maar was op een wachtlijst beland. Toen vroeg ik me af: ik ga eens opzoeken of dat op meer plaatsen speelt.
Blijkt dat er in Nederland meer vrijwilligers zijn dan vluchtelingen. Daar hoor je alleen in de marge over, dat is de banaliteit van het goede. Ik wil meer balans en het goede in de mens benadrukken.'
Drijft u met al die getuigenis niet mijlenver af van de journalistiek? Had u niet beter dominee kunnen worden, net als uw vader?
'We hebben het hier veel over op onze redactie: hoe activistisch kun je als journalist zijn? Als je altijd maar zegt: enerzijds-anderzijds, krijg je een
valse balans.
'Je moet op een gegeven moment terugduwen. De Correspondent is er ook om mensen in beweging te krijgen. En dan niet door te roepen: stem op die partij, maar door nieuwe perspectieven aan te rijken.
Journalistiek is bovendien te lang eenrichtings-verkeer geweest: journalist zendt naar lezer. 'Wij willen het verschil maken, en dat lukt niet met 's ochtends je Volkskrantje openslaan en roepen: gut o gut, het gaat niet goed.'

Wim Couwenberg Onafhankelijkheidsideaal als moderne pretentie getoetst aan de realiteit Bespreking van: Onaf. Over de zin van onafhankelijkheid in cultuur en media. Onafhankelijkheidsideaal als moderne pretentie getoetst aan de realiteit (20 augustus 2014)
Ook de andere medewerkers, resp. Jos de Putter, Coco Schrijber, Xandra Schutte en Rutger Bregman, onderzoeken vanuit hun eigen praktijk en expertise de intellectuele inhoud en betekenis van het onafhankelijkheidsideaal, hoe relevant dat nog is of weer kan worden. Al met al een heel geslaagde uitgave over een dierbare pretentie van onze moderne democratische samenleving en cultuur.

Wim Couwenberg CDA een confessionele partij? Nostalgia! (13 januari 2014)
Er is iets raars aan de hand met het paradijs dat Nederland volgens internationale ranglijstjes zou moeten zijn. Ondanks alle vooruitgang woekert hier meer dan ooit het verlangen naar vroeger. Die nostalgie doet alle vooruitgang vergeten, zo begint de jonge historicus Rutger Bregman zijn prachtige boek . Bij Radio Nostalgia weten ze het, nostalgie heeft de toekomst, noteert hij. Ik moest daar onwillekeurig aan denken, toen ik in het dagblad Trouw las dat volgens recent onderzoek het CDA door 50 procent van de kiezers nog al confessionele partij wordt gezien en dat CDA leider Buma tv-kijkers in een reclame filmpje oproept met kerstmis naar de kerk te gaan.

Nederland in pessimisme-top-3: waarom de onvrede hier zoveel groter is (Rutger Bregman Volkskrant 23 september 2012)
Hoe komt het dat het met het ongenoegen in Nederland zo veel erger is gesteld dan in landen om ons heen? De politiek is hier een mengelmoes van inhoud en entertainment. En feiten tellen minder dan gevoel.
Het Schnabel-effect
Het is de economische versie van de paradox die Paul Schnabel, directeur van het SCP, al in 2004 formuleerde: 'Met mij gaat het goed, met ons gaat het slecht'. Nergens in Europa gaapt zo'n groot gat tussen de beleving van het 'wij' en het 'mij'. En dat nu al zo'n tien jaar. Schnabels uitspraak is inmiddels bijna een cliché. Toch is er nog altijd één vraag onbeantwoord: waarom is ons collectieve chagrijn zo veel groter dan in andere landen?

Engagement, of toch weer disco-idealisme? (19 september 2009):
De netwerk-idealisten
De antiglobaliseringsbeweging, die rond het millennium in vrijwel alle ons omringende landen voor veel ophef zorgde, werd in Nederland nauwelijks serieus genomen. Weliswaar werden de boeken van Naomi Klein en Noreena Hertz gretig gelezen, maar het kwam niet tot protest op straat. Antiglobalisten bleven voor velen een soort krakers met een mobiele telefoon. Geen serieuze deelnemers aan het publieke debat.
De vraag ‘waarom niet?’ kunnen ze geen van allen simpel beantwoorden. Maar ergens raakt het aan het thema van hun volgende symposium: overvloed. En dan vooral: een overvloed aan beelden en informatie. ‘Onze ouders waren afhankelijk van twee tv-zenders en een paar kranten,’ zegt Steije Hofhuis. ‘Voor ons is er geen excuus meer om niet te weten wat de problemen zijn. Het gaat erom: wat doe je met al die informatie?’ Volgens Hofhuis raak je daardoor ‘een beetje lamgeslagen’.
‘Ik zie bij mijn generatie zo’n sterk realiteitsbesef,’ zegt Rob Wijnberg, ‘dat ze de optie om idealistisch te worden niet eens meer overwegen.’ Die realiteit is weliswaar overrompelend, maar klopt bij de Nederlandse jongere toch nog niet echt op de deur. ‘We zijn nog altijd enorm welvarend, onze zorgen zijn betrekkelijk en de grote problemen zijn abstract. Wij zien de economische crisis in cijfers en grafieken. Terrorisme is een soort alarmschaal met de kleuren groen, oranje en rood. Of het is letterlijk ver weg, in Irak of Afghanistan.’

Rechtstreeks uit William Blakes buurt of 'Je moet ook de duivel leren kennen om je te ontwikkelen' (Menno Pot Volkskrant 29 oktober 2016 bijlage Sir Edmund p. 54-59):
Ach wat, bij Kate Tempest loopt alles door elkaar. Haar poëzie is hiphop. Haar proza is poëzie. De stenen die de huizen bouwen is de romanbewerking van het album Everybody Down. Ze staat in de traditie van John Cooper Clarke, The Streets en Scroobius Pip, op het breukvlak waar literatuur, popmuziek en het grotestadsleven elkaar raken.
2. Boek: Wlliam Blake: The marrige of heaven and hell (1793)
The Marriage of Heaven And Hell is een poëtisch essay over de essentie van het leven: een tirade die toch altijd poëtisch blijft, vol rake observaties en maatschappijkritiek.
De boodschap? Je moet niet alleen God leren kennen om je te ontwikkelen, maar ook de duivel. Dat was nogal een bewering, in een tijd waarin beheersing de norm was. Zijn visie ging er bij jongeren natuurlijk goed in.
Lééf. Durf. Probeer. Maak fouten. Alleen dan kun je leren. ' The road of excess leads to the palace of wisdom. Of: ' You never know what is enough until you know what is more than enough. ' Het zijn Blake-citaten die ten grondslag liggen aan bijna alles wat ik schrijf. Je zou ze haast als mijn manifesten kunnen zien. Als iemand me ertoe heeft aangezet zelf te gaan dichten, dan was het Blake, die in zijn tijd voor gevaarlijke, alcoholistische gek werd versleten.
3. Schrijver: Sophocles
Vooral Sophocles greep me.
Van alle oude Grieken die ik las, legt hij het best de vinger op de tragische frictie tussen ons handelen en ons lot: in hoeverre heb je eigenlijk invloed op je wat je overkomt?
'Mijn roman The Bricks That Built The Houses speelt zich af in het Londen van vandaag, maar het is één en al Sophocles.
7. Land: Brazilië
'
In Engeland is kunst steeds meer iets voor hoogopgeleiden met geld geworden. De bovenste sociale laag is met kunst bezig, de onderste geeft er niets om. In Brazilië is dat gelukkig niet zo, en het droevige is: ooit was het in Europa ook zo. En plotseling dacht ik: als ik een piepkleine bijdrage zou kunnen leveren aan het herstel van die traditie, hoe kleinschalig ook, dan is mijn missie geslaagd.'

Johan Reijmerink DE ANDERE STEM Over het dialogisch dichterschap van Bernlef
Bernlef: dichter van het zwijgen en de taalwerkelijkheid
Bernlef legt zich vanaf 1977 toe op poëzie waarin het inhoudelijk steeds weer en steeds meer en ‘steeds onomwondener gaat om de essentie van het leven’ 48. Deze essentie kan enkel voor een moment in beelden worden betrapt. Daarmee reikt Bernlef naar de ervaringen die we ook terugvinden bij mystici als Meister Eckhart.49 Hij verlangt ernaar dat de essentie zich in al haar zuiverheid aan hem zal openbaren. Zijn poëzie doet onder meer denken aan de minimalistische muziek van de Amerikaanse componisten Philip Glass en Steve Reich, de beeldende kunst van Alberto Giacometti, zoals is te lezen in ‘Stilleven’ uit de bundel Stilleven (1979): ‘Iedere tekening staat op het punt het papier te verlaten.’50 Hij heeft daarmee definitief de anekdotische Barbarber-periode achter zich gelaten.

Willem Broens: 'In een artikel over Faverey en Meister Eckhart wees dichter C.O. Jellema op het feit dat God weliswaar onnoembaar is bij de mysticus, maar dat hij geen deus absconditus is, zich onttrekkend aan het bestaande. Dat stemt overeen met het beeld in Favereys gedicht, waar god - met een kleine letter - 'op aarde' is. Hoe de beschreven 'doorboring' van God vervolgens begrepen kan worden, blijkt uit Blanchots tekst over Meister Eckhart. Hij legt uit dat in de mystiek het 'ik' kan samensmelten met 'het goddelijke jij'. De eenheid die dan ontstaat, is anders dan alle gewone structuren van subject en object. Dat verklaart misschien waarom de mystieke gedichten bij Faverey ook vaak liefdesgedichten kunnen zijn, of gedichten over het 'ik'. Het denken over God blijkt vaak een denken over identiteit en identificatie. De erotische aspecten van Favereys mystieke gedichten komen aan de orde in de interpretatie van Heynders, die minder exclusief 'mystiek' is dan die van Jellema. Voor haar wijst het optreden van de vrouw, zoals in het bovenstaande gedicht, niet op 'bruiloftsmystiek', maar laat het een direct erotische interpretatie toe:'lichaam, genot en vervoering lagen dicht bij elkaar in een begrip als orewoet dat echec én extase omvat'.
'Door de herhaling van 'leegte' ontstaat er tussen die twee woorden, in de pauze van de komma, een nog overstijgende leegte. Tegelijk 'kantelt' de leegte in die komma. Daarna blijkt er immers toch nog iets te zijn: het gaat om leegte die ademt. In het typografisch wit. Je zou kunnen zeggen dat in deze 'bezieling' van de leegte rond het gedicht Favereys meest metafysische momenten schuilgaan. Een manier waarop Faverey 'het Niets' zou kunnen uitdrukken, is door de woorden zichzelf te laten tegenspreken, zodat hun eindresultaat ook niets is. De paradoxen die vaak voorkomen in zijn gedichten, draaien rond een scharnier, waarbinnen twee tegenstrijdige beweringen even waar kunnen zijn: waar dood ook leven is, of leegte ook niet-leegte. Dat scharnierpunt krijgt een plaats in het typografisch wit. Peter van Lier schreef over Faverey vanuit zenboeddhistisch perspectief, en wees erop dat zijn paradoxen 'typisch boeddhistisch' zijn. Voor Van Lier is het grote verschil dat Faverey de uiteindelijke 'Ja-ervaring' in het 'veld van de leegte' niet bereikt. Ik ben het daar niet mee eens. Ik heb de indruk dat Favereys poëzie wel degelijk af en toe raakt aan dat moment - alleen eerder in de witregels dan in de tekst. Bijvoorbeeld in de velden van wit die de op zichzelf staande, niet-talige dieren, bomen of mensen omringen: [...]

Zie de mens (VPRO boeken 2 oktober 2016):
Kunstredacteur/schrijver Hans den Hartog Jager (1968) is ook te gast met zijn boek Zie de mens. Dit is een fascinerend overzicht van de visie op de mens in de portretkunst van de afgelopen honderd jaar. Het portret is een belangrijk genre in de beeldende kunst – niets zo prettig als ongegeneerd kijken naar een ander. Het proces van de verandering van portrettering legde Hans den Hartog Jager vast door honderd portretten bij elkaar te brengen. telkens van één mens en uit elk jaar één. Het boek toont de meest uiteenlopende artistieke en sociale gebeurtenissen, van de nasleep van de Eerste Wereldoorlog, via het feminisme tot de celebrity-cultuur en de selfie. Zie de mens stimuleert om beter te kijken naar de kunst en naar de wereld om ons heen, en daarmee naar onszelf.

Bhagavad Gita leert al dat tat tvam asi het uiteindelijke doel van elk mens is, dus uit te vinden wie hij werkelijk is.

Dr. I.K. Taimni boek Śiva-Sūtra De hoogste werkelijkheid en hoe deze te realiseren
De eerste Sutra in deel III is bijna gelijk aan de eerste Sutra in deel I. Het is verstandig om dan ook meteen even te kijken naar de eerste Sutra in deel II. Er volgt dan een mooie aanhaling uit de Katha Upanishad 1-2-20: Het Paramatma dat in het hart van het individuele Atma verblijft, is ijler dan het ijlste en groter dan het grootse. Alleen degenen die volledig vrij zijn van alle soorten begeerte en zorgen kunnen het aan zijn glorie her-kennen. Door middel van de teksten uit de Upanishaden kunnen we een beter inzicht krijgen in: DAT ben jij; jij bent DAT (Tat Tvam Asi). We zijn wezenlijk van dezelfde aard als het Allerhoogste...
Deel III heeft mij persoonlijk het meest getroffen. Daarin wordt onder andere over het Wezen van een Mahatma gesproken. Dit deel is minder abstract en daardoor toegankelijker. Er wordt gezegd dat de Meesters ons willen doen inzien dat we goddelijk zijn.
De mens, ieder mens, is goddelijk kan voor ons zeer inspirerend en toepasbaar zijn. Deze zin kan een echte mantra worden. Het innerlijk herhalen van deze mantra kan onze benadering van de ander veranderen, immers: hij/zij is in wezen goddelijk…

Islam gaat terecht niet mee in het reli-polderen (Stefan Gärtner Volkskrant 26 augustus 2016 p. 17):
Religie en samenleving
Het zuiveren van religieuze uitingen, als de boerkini, uit het publieke domein, is de verkeerde weg.
Als kinderen bang zijn, sluiten ze hun ogen. Wat zij niet zien, bestaat niet meer. Het gevaar lijkt bezworen. Dezelfde infantiele strategie gebruiken westerse landen waar het gaat om religie. Door deze uit het publieke leven te bannen, lijken haar gevaarlijke trekken onschadelijk gemaakt. De scherpe kantjes zijn er afgehaald, maar de heilzame eveneens.
Als Nederland godsdienst neutraliseert om haar gevaren te bezweren, worden deze positieve trekken even-eens van tafel geveegd.
Religie is echter niet alleen oorzaak van conflict en geweld, maar tevens van cohesie en engagement. Omdat dit de meeste burgers niet meer voor ogen staat, gooien zij het religieuze kind met het badwater weg. Ogen dicht.

Strand (Jean-Pierre Geelen Volkskrant 25 augustus 2016 katern Vonk p. 3):
Waar zomergeluk heerste, marcheert nu de Franse modepolitie. 'Mevrouw, hier dragen wij enkel reetveters.'
Dinsdag zag ik een jong stel voorbijgaan; zichtbaar moslims, duidelijk verliefd. Zij droeg een tuniek op een spijkerbroek. En een lange hoofddoek. Die moest volgens de islamitische leer haar schoonheid verbergen, net zoals de boerkini vormen moet verhullen. 'Een ontkenning van het vrouwelijk lichaam', aldus de Franse rechter.
Ik heb geprobeerd het niet te zien, maar bij de vrouw die mij op het strand passeerde, spatte haar schoonheid overal doorheen. Of een hoofddoekje en boerkini vrouwen onderdrukken, weet ik niet zo goed. Wel weet ik nu: ze werken niet.

'Mijd zelfhulpboeken, ze maken je narcistisch' (Marco Visscher interviewt Svend Brinkmann Trouw 21 augustus 2016):
Of hij weleens een boek over persoonlijke groei heeft gelezen? Met een armgebaar wijst de Deense psycholoog Svend Brinkmann naar de boekenkast tegen de muur van zijn werkkamer.
Zijn boek over de zelfhulpcultuur is zojuist vertaald. De titel, 'Standvastig: Onder alle omstandigheden jezelf blijven', past uitstekend in het rijtje met zus-en-zoveel wetten voor succes en leven in het nu. Voor de zekerheid heeft zijn uitgever op de kaft gezet: '#1 anti-zelfhulp bestseller'.
Voor een boek tégen de zelfhulpcultuur staan er aardig wat adviezen in over hoe we ons leven moeten leiden.
"Klopt. Het boek is ten dele een ironische parodie op het zelfhulpgenre, maar de ironie is wel degelijk serieus. Mijn doel is te komen tot een culturele kritiek over het egocentrisme van onze tijd door gebruik te maken van het genre dat dit egocentrisme vertegenwoordigt."

Het is oké om te verliezen (Asha ten Broeke Volkskrant 26 augustus 2016 p. 16):
Als het allemaal niet zo wrang was, zou ik Maurits Hendriks dankbaar zijn. Het gebeurt immers niet vaak dat iemand zo treffend in het klein iets illustreert dat in het groot misgaat in onze maatschappij.
Het is een ideologie waarbij de zelfhulpindustrie garen spint. Die verkoopt miljoenen boeken, gevuld met de illusie dat falen een hoogstpersoonlijk issue is. 'Ze staan voor een heel beperkte, individualistische benadering van problemen', zei de Deense psycholoog Svend Brinkmann deze week in Trouw. Hij noemt zelfhulpboeken 'een symptoom van een problematische cultuur waarin we proberen te overleven door onszelf op onszelf te richten.' Het maakt dat grotere, structurele, maatschappelijke kwesties blijven liggen, merkt hij op.
De enigen voor wie de neoliberale leugen troost noch bezwering biedt, zijn de mensen die al veel verloren hebben; de zieken, de zwakken, de overvraagden, de gediscrimineerden, de pechvogels. Zij weten vaak dondersgoed dat het niet hun mindset was, laat staan hun schuld - er kan een hoop gebeuren in een mensenleven waarover je geen controle hebt. Het zou fijn zijn als we dat als samenleving zouden erkennen: verliezen hoort bij het bestaan. Het is gewoon soms het onvermijdelijke gevolg van het feit dat je iets hebt durven proberen. Dat is niet iets negatiefs, of iets dat koste van alles vermeden moet worden. We kunnen niet allemaal altijd winnaars zijn. En dat is oké.

Rob Riemen Wachten op de barbaren
De Europese geschiedenis is weliswaar mede getekend door brandstapels, guillotines, slavernij en concentratiekampen, maar dat alles is voorbij. Bij ons heerst nu beschaving – of althans, dat denken we. Wereldwijde recente gebeurtenissen illustreren dat ook vandaag de dag wreedheid en barbarij aan de orde zijn. Het is daarom van onontkoombaar belang om niet te vragen ‘wie zijn de barbaren?’, maar ‘hoe beschaafd zijn wij eigenlijk?’'
Omwille van het voortbestaan van onze eigen beschaving moeten we beginnen met onszelf een aantal ongemakkelijke, want kritische vragen stellen.
9: Maar heeft Nietzsche gelijk als hij in 1880 in een van de nagelaten fragmenten voor zijn boek Morgenrood schrijft:
'Een tijdperk van barbarij begint, en de wetenschappen zullen hem dienen!' Zal dan de ratio, zal rationalisme uitkomst bieden als pijler voor ons beschavingsideaal?
Ondertussen groeit overduidelijk het politie-maatschappelijke onbehagen in de maatschappij.
Donald Sassoon Beschaafde imperialisten
In meerdere Europese landen is het beschimpen van mensen met een andere etniciteit opnieuw onderdeel geworden van de heersende politieke trend: ‘wij’ en ‘zij’ staan loodrecht tegenover elkaar. Maar racistische sentimenten zijn al lange tijd gemeengoed in de Westerse wereld, als pijnlijke erfenis van de van bekeringsijver doortrokken visie van het negentiende-eeuwse liberalisme dat in de koloniale tijd al tot superioriteitsgevoelens leidde. Alleen als we het menselijk ras als ondeelbaar gaan beschouwen, kunnen we ons werkelijk beschaafd gaan noemen.
Ik durf te beweren dat zij die het menselijk ras als ondeelbaar beschouwen, de werkelijke beschaafden zijn - zij die het standpunt hebben overgenomen van Diogenes van Sinope, die, gevraagd naar zijn herkomst, trots antwoordde:
'Ik ben een wereldburger.'
156: Door zich superioriteit aan te meten, gedroegen de beschaafden zich als 'barbaren', aangezien ook de barbaren meenden de beshaafden te zijn.
157: Deze morele blindheid was David Hume al opgevallen. In zijn ATreatise of Human Nature, verschenen tussen 1738 en 1740, merkte hij in het derde boek over de moraal op dat
'wij meer sympathie hebben voor personen die ons nabij staan dan voor personen die ver van ons af staan, meer voor bekenden dan voor vreemdelingen, meer voor onze landgenoten dan voor buitenlanders'. Hij voegde daar echter onmiddelijk aan toe dat morele oordelen niet zouden mogen berusten op dergelijke irrationele gevoelens. Als iets moreel geldig is in Engeland, is dat eveneens moreel geldig in China.
Op een paradoxale manier zouden we IS er dankbaar voor mogen zijn dat het ons superioriteitsgevoel versterkt; de beweging zorgt dat we ons beschaafder voelen dan we zijn.

Voetnoot Overbodig of Wat maakt de mens uniek? (Arnon Grunberg Volkskrant 26 april 2016):
'Maar als je iets overheerst, betekent dat dan dat je superieur bent?', vraagt bioloog Frans de Waal aan Wilma de Rek in een mooi interview zaterdag in de Volkskrant. De Waal bestrijdt de gedachte dat de mens intelligenter zou zijn dan alle andere dieren.
Het is inderdaad een bekend en begrijpelijk misverstand dat overmacht geassocieerd wordt met morele en cognitieve superioriteit.
Taal 'is een speciaal vermogen van de mens', maar we hebben taal niet nodig om te denken, aldus de Waal. Al vrees ik dat we taal nodig hebben om onze gedachten te delen.
Dieren hebben empathie, moraal, humor. Wat maakt de mens uniek?
Het vermogen tot destructie, dieren hebben geen weapons of mass destruction. En de mens is het enige diersoort dat bezig is artificiële intelligentie te ontwerpen die de mens zelf misschien overbodig maakt.
De mens is een dier dat een vermoeden heeft van zijn eigen overbodigheid.

Antonie Börger kies: Vademecum Wijsgerige Ideeën, Ruimte en Tijd: Onder de indruk van de ontdekkingen van Isaac Newton, hield Kant zich vooral met kosmologische problemen bezig (zie kosmologie). Hij stelde een theorie op ter verklaring van het ontstaan van ons zonnestelsel: dit zou op louter mechanische wijze zijn ontstaan uit een oernevel door middel van aantrekkende en afstotende krachten, gehoorzamend aan de gravitatie. Deze theorie is later door Pierre Simon de Laplace, die Kants geschrift niet kende, opnieuw naar voren gebracht. Men spreekt daarom van de Kant-Laplace-theorie. Naast dit rationalistische standpunt werd Kant onder invloed van het Engelse empirisme, vooral van David Hume, gebracht tot een sceptischer houding, met als gevolg een nadere bezinning op de mogelijkheden en de grenzen van de metafysische kennis. Hij deed een felle aanval op de Zweedse ‘ziener’ Emanuel Swedenborg wegens diens zgn. kennis van hogere werelden en betwijfelt daarmee tegelijk de waarde van veel metafysische kennis (1766). Steeds meer kwam hij ertoe een duidelijk onderscheid te gaan maken tussen de door het verstand gekende en de door de zintuigen waargenomen wereld. Dit leidde o.a. tot het inzicht dat ruimte en tijd subjectieve kenvormen zijn, in tegenstelling tot zijn eerdere opvatting, dat de ruimte een absolute realiteit bezit en los van het menselijk kennen bestaat (zie bijv. tijd, natuurfilosofie). Zo kan men in de oratie van 1770 al de voorafschaduwing zien van het latere kritische standpunt.

Wim de Lobel (kies: Artikelen) boek De eeuwige generatie, Blauwdruk, (p. 28): Het scheppend vermogen van het heelal blijkt dus logisch doordacht te berusten op zelforganiserende processen. Paul Davies, de Engelse hoogleraar in de theoretische natuurkunde oppert in zijn boek Blauwdruk van de kosmos een opmerkelijke theorie. Hij stelt namelijk dat: Materie en energie van nature een neiging hebben tot zelforganisatie. Ook wijst hij op: het bestaan van logische organiserende principes. Verder constateert hij dat het creatieve heelal zijn eigen zelfbewustzijn organiseert. Volgens de wis – en natuurkundige Hans de Heer berust het wordings – en ontwikkelingsproces dat leidt tot bewustzijn, aanvankelijk op een wisselwerking tussen oer-informatie en elkaar aftastende interactieve bewegingsvormen.
P. 70, In de brahmaanse kennis komt het besef tot uitdrukking, dat er sprake is van een samenhang en een structureel verband tussen de Micro – en Macrokosmos.
P 87: In het bewustzijn vallen microkosmos en macrokosmos samen, weerspiegelen elkaar.

Wim de Lobel, boek De Eeuwige Generatie (p. 43): Heidegger verwijst naar een aantekening van Nietzsche, die hij na zijn Zarathustra heeft gemaakt (±1885), naar aanleiding en ter definiëring van het zijn van het wordingsproces. Heidegger citeert: “Aan het worden (wording) het karakter van het zijn te geven – dat is de hoogste wil tot macht.” Verder zegt Heidegger: “Het zijn, dat Nietzsche hier denkt, is de eeuwige wederkeer van hetzelfde.”

De kwintessens van het rapport 'E i V' is dat de tegenstelling aan elke crisis ten grondslag ligt.
De theosofie beweert dat niet te scheiden wederzijdse verbondenheid op kwantumniveau de fundamentele realiteit van het hele universum is en dat zich relatief onafhankelijk gedragende delen slechts bepaalde en toevallige vormen binnen dit geheel vormen.’ Deze ‘ongedeelde heelheid’, deze onderliggende procesmatige eenheid, deze ‘wederzijdse verbondenheid’, bestaat omdat al het leven één is. Dat wil zeggen dat het leven alles doordringt, alles in de natuur activeert (inclusief natuurlijk de mens). Het is één leven, het goddelijke, dat zichzelf manifesteert in ontelbare vormen.

Kauw de leerling niet voor wat hip is (Anouk Zuurmond Volkskrant 8 februari 2016 p. 18):
Docenten hebben de verantwoordelijkheid om jongeren onze wereld met zijn tradities te laten kennen.
De oproep van Christiaan Weijts om de verplichte canonieke werken op de leeslijst in te ruilen voor de 'lévende boeken' van de jonge generatie schrijvers kon op instemming rekenen. Toegegeven, makkelijk is het niet om jongeren kennis te laten maken met de klassieken. Gelukkig hebben veel docenten er terecht op gewezen dat ze een reeks van didactische strategieën hebben om deze canonieke werken succesvol te bespreken. Frank van Pamelen laat zien hoe ook dichters en acteurs hieraan een bijdrage kunnen leveren (O&D, 27 januari).
Koester canon
Toch verdedigt Arendt de overdracht van traditie in het onderwijs niet alleen met een beroep op het verleden. Het conservatisme van Arendt is vooral gebaseerd op haar liefde voor vernieuwing, op wat de toekomst ons zal brengen. Ze gebruikt daarvoor het begrip 'nataliteit', waarmee ze niet alleen verwijst naar de geboorte van een mens, maar ook naar al het nieuwe begin dat deze wereld met zich meebrengt: het vermogen van de mens om volstrekt origineel te denken en schrijven.
Juist om het vermogen tot vernieuwing van de toekomstige generatie te koesteren, moeten docenten vooral niet de misstap begaan door zélf te dicteren hoe die vernieuwing vorm moet krijgen. Arendt legt uit dat 'wij ouden' alleen onze hoop kunnen vestigen op elke toekomstige generatie wanneer we dat nieuwe niet proberen in de hand te krijgen - wanneer we bijvoorbeeld onze leerlingen alleen die literaire werken zouden voorschotelen waarvan wij denken dat ze hip en jong zijn.
De ontwikkelingen in de kunst of de politiek zijn afhankelijk van vernieuwingen: daarom is het van cruciaal belang dat docenten leerlingen niet hun eigen kans op het nieuwe ontnemen, concludeert Arendt. Wanneer je dus écht een liefhebber bent van jonge generaties schrijvers, koester dan de canon in je curriculum.

Ik wil de heilsleer van de islamisten begrijpen (Hans Achterhuis Volkskrant 18 november 2015 p. 25):
Natuurlijk heeft premier Rutte gelijk wanneer hij 'onze manier van leven' bedreigd acht door de terreurdaden in Parijs en natuurlijk horen terrasjes en poppodia hierbij. Maar er wordt meer bedreigd: het vrije denken om de wereld te begrijpen.
Elke keer als ik betoog dat het belangrijk is om de opkomst en het optreden van islamisten te begrijpen, word ik door een columnist - dit keer Elma Drayer - weggezet als een naïeve studeerkamergeleerde die begrip toont voor zielige terroristen.
Mijn poging tot begrijpen is nu juist gebaseerd op de filosofe Hannah Arendt, die in een aantal grote studies probeerde te 'begrijpen' waarom het nazisme op veel Duitsers, onder wie filosofische collega's en vrienden, grote aantrekkingskracht uitoefende.
Al dit soort studies om het nazisme te begrijpen, kunnen volgens Drayer kennelijk de prullenbak in. Hitler en zijn kompanen waren immers even glashelder over hun beweegredenen als 'de luitjes van Islamitische Staat'. In drie zinnen kun je weergeven waar het hen om ging.
Stap verder
Mag ik in mijn poging tot begrijpen toch nog een stap verder gaan? George Orwell was een van de eersten die in de jaren dertig van de vorige eeuw het nazisme begreep en daardoor juist kon oproepen om het te bestrijden. Orwell zei zelf dat hij het gevaar ervan onderkende, omdat hij bij zichzelf nazistische trekjes als mogelijkheid ontdekte.
In mijn pogingen om de heilsleer van IS te begrijpen, ontdek ik ook sporen ervan in de christelijke Europese ziel. Er heeft altijd een nauwe band tussen monotheïsme en geweld bestaan. Waarom is het ons moderne mensen gelukt om die grotendeels te overwinnen, waarom steekt ze bij islamisten in extreme mate weer de kop op?
Dit soort vragen lijken mij onontkoombaar om het nieuwe fenomeen van het moslimterrorisme beter te begrijpen en te bestrijden.

Gert-Jan Seegers Het hart van de Europese cultuur is leeg (Volkskrant 29 december 2009):
Bolkestein meent dat het Christendom ons heeft opgezadeld met een schuldcomplex en een gebrek aan zelfvertrouwen. Maar de politiek filosofe Hannah Arendt stelt dat juist vergeving een van de belangrijkste christelijke bijdragen aan de westerse cultuur is geweest. Die vergeving is in persoonlijke verhoudingen een bevrijdende kracht, maar heeft in de publieke orde nooit het onrecht door de vingers willen zien. Liefde die alles goedpraat, heeft niets met het christelijk geloof te maken. Vergeving die uit haar christelijke context wordt gehaald en in een seculiere samenleving tot publieke moraal wordt verheven, leidt tot een slapheid die niets met het christendom heeft uit te staan. De uitdaging van de Islam legt het lege hart van van de Europese cultuur bloot. Ze leidt tot een onzekerheid die Bolkestein terecht aanklaagt. Maar het is de onthoofding die de kip doet waggelen en het is de doorgehakte wortel die de boom doet verdorren. Alleen een nieuwe geboorte kan ons redden.

Friedrich Nietzsche
Übermensch
An einen Fortschritt in der Geschichte der Menschheit – oder in der Welt überhaupt – glaubt Nietzsche nicht. Für ihn ist folglich das Ziel der Menschheit nicht an ihrem (zeitlichen) Ende zu finden, sondern in ihren immer wieder auftretenden höchsten Individuen, den Übermenschen. Die Gattung Mensch als Ganzes sieht er nur als einen Versuch, eine Art Grundmasse, aus der heraus er „Schaffende“ fordert, die „hart“ und mitleidlos mit anderen und vor allem mit sich selbst sind, um aus der Menschheit und sich selbst ein wertvolles Kunstwerk zu schaffen. Als negatives Gegenstück zum Übermenschen wird in Also sprach Zarathustra der letzte Mensch vorgestellt. Dieser steht für das schwächliche Bestreben nach Angleichung der Menschen untereinander, nach einem möglichst risikolosen, langen und „glücklichen“ Leben ohne Härten und Konflikte. Das Präfix „Über“ in der Wortschöpfung „Übermensch“ kann nicht nur für eine höhere Stufe relativ zu einer anderen stehen, sondern auch im Sinne von „hinüber“ verstanden werden, kann also eine Bewegung ausdrücken. Der Übermensch ist daher nicht unbedingt als Herrenmensch über dem letzten Menschen zu sehen. Eine rein politische Deutung gilt der heutigen Nietzscheforschung als irreführend. Der „Wille zur Macht“, der sich im Übermenschen konkretisieren soll, ist demnach nicht etwa der Wille zur Herrschaft über andere, sondern ist als Wille zum Können, zur Selbstbereicherung, zur Selbstüberwindung zu verstehen.
Wille zur Macht
Der „Wille zur Macht“ ist erstens ein Konzept, das zum ersten Mal in Also sprach Zarathustra vorgestellt und in allen nachfolgenden Büchern zumindest am Rande erwähnt wird. Seine Anfänge liegen in den psychologischen Analysen des menschlichen Machtwillens in der Morgenröte. Umfassender führte es Nietzsche in seinen nachgelassenen Notizbüchern ab etwa 1885 aus.
Zweitens ist es der Titel eines von Nietzsche auch als Umwertung aller Werte geplanten Werks, das nie zustande kam. Aufzeichnungen dazu gingen vor allem in die Werke Götzen-Dämmerung und Der Antichrist ein.
Drittens ist es der Titel einer Nachlasskompilation von Elisabeth Förster-Nietzsche und Peter Gast, die nach Ansicht dieser Herausgeber dem unter Punkt zwei geplanten „Hauptwerk“ entsprechen soll.
Die Deutung des Konzepts „Wille zur Macht“ ist stark umstritten. Für Martin Heidegger war es Nietzsches Antwort auf die metaphysische Frage nach dem „Grund alles Seienden“: Laut Nietzsche sei alles „Wille zur Macht“ im Sinne eines inneren, metaphysischen Prinzips, so wie dies bei Schopenhauer der „Wille (zum Leben)“ ist. Die entgegengesetzte Meinung vertrat Wolfgang Müller-Lauter: Danach habe Nietzsche mit dem „Willen zur Macht“ keineswegs eine Metaphysik im Sinne Heideggers wiederhergestellt – Nietzsche war ja gerade Kritiker jeder Metaphysik –, sondern den Versuch unternommen, eine in sich konsistente Deutung alles Geschehens zu geben, die die nach Nietzsche irrtümlichen Annahmen sowohl metaphysischer „Sinngebungen“ als auch eines atomistisch-materialistischen Weltbildes vermeide. Um Nietzsches Konzept zu begreifen, sei es angemessener, von den (vielen) „Willen zur Macht“ zu sprechen, die im dauernden Widerstreit miteinander stehen, sich gegenseitig bezwingen und einverleiben, zeitweilige Organisationen (beispielsweise den menschlichen Leib), aber keinerlei „Ganzes“ bilden, denn die Welt sei ewiges Chaos.
Zwischen diesen beiden Interpretationen bewegen sich die meisten anderen, wobei die heutige Nietzscheforschung derjenigen Müller-Lauters deutlich näher steht. Gerade der Begriff Macht weist jedoch bei Nietzsche (mit seiner stets auf das gesunde Individuum ausgerichteten Weltanschauung) auf neuere positive Verständnisformen voraus, wie wir sie z.B. bei Hannah Arendt[41] finden – hier jedoch bezogen auf den Menschen in der Gesellschaft: die grundsätzliche Möglichkeit aus sich heraus gestaltend „etwas zu machen“.
Ewige Wiederkunft
Nietzsches zuerst in Die fröhliche Wissenschaft auftretender und in Also sprach Zarathustra als Höhepunkt vorgeführter „tiefster Gedanke“, der ihm auf einer Wanderung im Engadin nahe Sils-Maria kam, ist die Vorstellung, dass alles Geschehende schon unendlich oft geschah und unendlich oft wiederkehren wird. Man solle deshalb so leben, dass man die immerwährende Wiederholung eines jeden Augenblickes nicht nur ertrage, sondern sogar begrüße. „Doch alle Lust will Ewigkeit – will tiefe, tiefe Ewigkeit“[42] lautet folglich ein zentraler Satz in Also sprach Zarathustra. Eng mit der „Ewigen Wiederkunft“, für die Nietzsche trotz seiner nur sehr oberflächlichen naturwissenschaftlichen Bildung auch wissenschaftliche Begründungen zu geben versuchte, hängt wohl der Amor fati (lat. „Liebe zum Schicksal“) zusammen. Dies ist für Nietzsche eine Formel zur Bezeichnung des höchsten Zustands, den ein Philosoph erreichen kann, die Form der höchstgesteigerten Lebensbejahung.[43] Über die „ewige Wiederkunft“, ihre Bedeutung und Stellung in Nietzsches Gedanken herrscht keine Einigkeit. Während einige Deuter sie als Zentrum seines gesamten Denkens ausmachten, sahen andere sie bloß als fixe Idee und störenden „Fremdkörper“ in Nietzsches Lehren.

Mrs Piketty (Bob Witman Volkskrant 12 december 2015 bijlage Sir Edmund p. 72-79):
Sociologe Saskia Sassen, bekend door haar onderzoeken naar globalisering en migratie, is zo gepassioneerd van haar vak dat alle voorkeuren die ze met ons deelt eraan raken - van activistische kunst tot een boek van haar echtgenoot (de al even beroemde socioloog Richard Sennet).
Ze vormen misschien wel het beroemdste sociologenechtpaar ter wereld, Saskia Sassen en Richard Sennett. De Amerikaan Sennett is befaamd om zijn essayistiek over de creërende mens, zijn tijd en zijn gebouwde omgeving. Sassen (Den Haag, 1949) schrijft over globalisering en economische structuren die diep ingrijpen op ons dagelijks leven.
'Mensen denken dat wij de godganse dag serieuze discussies voeren. Nou, eigenlijk doen we dat nooit.' Van Sassen verscheen onlangs Uitstoting, brutaliteit & complexiteit in de wereldeconomie. Het bezorgde haar de bijnaam 'de vrouwelijke Piketty', naar de Franse wetenschapper die groeiende economische ongelijkheid op de agenda kreeg. Sassen schetst een scenario waarin steeds meer mensen - ook in rijkere landen - worden buitengesloten van welvaart. Het flitskapitaal financiert minder echte handel en producten, maar hult zich in complexe financiële constructies waarop toezichthouders en de politiek nauwelijks greep hebben.
'Na de Tweede Wereldoorlog werd het geld geïnvesteerd in het produceren van goederen', zegt Sassen. 'De consumptiemaatschappij leverde winst en banen op. Natuurlijk waren er ook grote verschillen tussen arm en rijk en werden er mensen uitgebuit, maar toen profiteerden grote groepen van de welvaart. Het was een inclusieve economie.'
Nu verdwijnt het kapitaal in complexe hypotheekportefeuilles of in veel te luxe onroerend goed waar niemand woont, maar dat puur als belegging wordt gekocht. 'Het is een vorm van roofdiergedrag, het holt de sociale structuur van de stad, van de samenleving uit.' De negatieve effecten zijn niet alleen sociaal en economisch, maar ook ecologisch. 'Het is een bruut systeem. Ik vergelijk het weleens met mijnbouw. De mineralen worden gedolven, het landschap blijft verwoest en leeg achter.'

Werklozen van Wall Street (Peter Giesen Volkskrant 14 maart 2009):
De Amerikaanse socioloog Richard Sennett gelooft, kredietcrisis of niet, in de veerkracht van de samenleving.
Sennett houdt kantoor in een van de torens van de London School of Economics. Hij is een wetenschapper die filosofische vergezichten onderbouwt met etnografisch onderzoek naar toonaangevende groepen, zoals fabrieksarbeiders uit Boston in de jaren zeventig, whizz kids uit Silicon Valley in de jaren negentig en nu naar het nieuwe kantoorproletariaat van Wall Street. Zijn grote thema is de invloed van de economie op de cultuur. De westerse manier van leven wordt steeds vluchtiger, betoogde hij in zijn boek De cultuur van het nieuwe kapitalisme uit 2006. Sinds de jaren tachtig is de ster van managers en consultants gerezen. Zij verdienden enorme bedragen, zonder dat zij veel hoefden te weten van de producten die hun bedrijf maakte. De directeur van een autofabriek kon net zo goed directeur van een dropfabriek worden, of van een school of ziekenhuis. Management werd gezien als een neutraal en universeel proces, waarin het eigenlijke product als een black box werd rondgeschoven.Deze cultuur ging ten koste van degelijk vakmanschap, stelde Sennett met nog meer kracht in De ambachtsman uit 2008. De vakman houdt van het product dat hij maakt, los van de vraag hoeveel hij ervan kan verkopen.

Voetnoot Dom of Vroeger hield de kerk de mensen dom, nu doen ze het zelf (Arnon Grunberg Volkskrant 26 november 2015):
Ongeveer rond deze tijd in 2002 was Saddam de vijand du jour. Saddam was een gewetenloze, bloeddorstige dictator, wat niet wegneemt dat hij lange tijd door het Westen werd gesteund, onder andere tijdens de Iraans-Iraakse oorlog (1980-1988, circa een miljoen doden). Iran werd de winnaar van de door Amerika geleide invasie van 2003. De Iraakse soennieten voelden zich de verliezer, vermoedelijk niet ten onrechte. En Saoedi-Arabië zag met lede ogen aan hoe de Iraanse invloed in Bagdad toenam.
Een gedeelte van wat nu IS heet, bestaat uit voormalige officieren van Saddams leger. IS is niet zozeer een islamitisch fenomeen als wel een resultaat van politieke ontwikkelingen en machiavellistische strategieën in het Midden-Oosten, ontwikkelingen die het Westen ten dele zeer bevielen.
Veel burgers in het Westen lijken dit niet te begrijpen. Vroeger hield de kerk de mensen dom, nu doen ze het zelf. Men heeft de kerk geïnternaliseerd.

Werkbezoek of Aboutaleb op werkbezoek in Saoedi-Arabië: lastig (Bert Wagendorp Volkskrant 26 november 2015 p. 2):
Burgemeester Ahmed Aboutaleb van Rotterdam vertrekt vandaag voor een vierdaags bezoek aan Saoedi-Arabië. Daar is niet iedereen blij mee. In Saoedi-Arabië worden mensenrechten geschonden en bovendien krijgt IS financieel steun van rijke Saoediërs. Terwijl Aboutaleb juist pleit voor het 'wegvagen' van de terreurgroep.
The New York Times publiceerde een week geleden een stuk van Kamel Daoud, columnist van de Algerijnse krant Quotidien d'Oran. Daarin beschreef Daoud Saoedi-Arabië als 'een IS dat het gemaakt heeft'. 'IS heeft een moeder, de invasie van Irak', schreef hij, 'maar het heeft ook een vader, Saoedi-Arabië en zijn religieus-industriële complex.'
Ahmed Aboutaleb gaat in Saoedi-Arabië onder meer bezoeken brengen aan grote jongens als Sabic (petrochemie) en Aramco (olie). Die zorgen in de Rotterdamse haven voor veel omzet en banen.
Ik vermoed dat Aboutaleb niet helemaal zonder twijfels afreist. Althans, de moedige Aboutaleb die we kennen van zijn uitgesproken opvattingen. Hopelijk laat hij tijdens zijn ontmoeting met studenten van de King Saud Universiteit nog een glimp van die Aboutaleb zien.
Maar in Riyad arriveert vandaag in de eerste plaats de Hollandse koopman Aboutaleb, die zich gedwongen ziet even een oogje toe te knijpen. Zakendoen en rechtlijnige opvattingen verdragen elkaar nu eenmaal niet altijd even goed.

J.A. de Vries Alternatieve geneeskunde en de wetenschap
Wetenschap is een model dat materie en geest verbind. Er zijn andere modellen die datzelfde op andere manieren doen. Complementaire geneeswijzen zijn gebaseerd op zulke andere modellen.
De westerse opvatting van wetenschap heeft kennelijk een soort van universele geldigheid waar niet vanaf mag worden geweken wanneer men onderzoek doet. Om misverstand te voorkomen: er zitten niet alleen nadelen aan het wetenschappelijk denken, en de westerse onderzoeksmethoden binnen de reguliere gezondheidszorg. Deze traditie heeft vele zegeningen voor de mensheid voortgebracht in de loop der eeuwen en is als zodanig onomstreden. De verworvenheden van de moderne geneeskunde zijn verbazingwekkend. De westerse wetenschapstraditie is echter niet alleen zaligmakend. Dit moge blijken uit het feit dat de eeuwen oude Chinese beschaving nooit een wetenschapstraditie heeft gekend of ontwikkeld, maar toch door de eeuwen heen er in is geslaagd een hoog ontwikkelde en effectieve geneeskunde te cultiveren.

Smeed coalitie tussen moslims en het Westen (Tineke Benema Volkskrant 18 november 2015 p. 24):
Moslims in Europa en het Midden-Oosten willen ook wonen in een democratische rechtsstaat. Betrek hen als bondgenoten bij de strijd tegen IS.
Wij-zij-denken
Het wij-zij-denken in de westerse publieke opinie en media ontwricht onze samenleving en de westerse regeringen hebben te weinig gedaan om dat beeld te nuanceren. Door moslims met extremisten te laten identificeren, bedien je je van dezelfde strategie als de terroristen, je valt namelijk onschuldigen aan.
Laten westerse overheden programma's opzetten om kennis te verspreiden over het Midden-Oosten en islam, op school, onder beleidsmakers, docenten. Zorg dat jongeren van het Morgenland en Avondland elkaar ontmoeten en ondernemingen op touw gaan zetten.
Van eminent belang is te begrijpen waarom een groot deel van de wereld 'ons' haat. Deze haat is niet irrationeel, maar politiek en historisch bepaald. IS heeft zich vaak bediend van het akkoord van Sykes en Picot uit 1916, waarin de Britten en de Fransen de regio in invloedssferen verdeelden, om zijn daden te rechtvaardigen. Alle Arabieren weten waar dit over gaat, maar in het westen bijna niemand. Die kloof moet gedicht.

Zinderende intensiteit (Persis Bekkering Volkskrant 10 oktober 2015 bijlage Sir Edmund p. 30-31):
Het leven van Karl Ove Knausgård wordt beheerst door zijn allang overleden dominante, kille vader. De enige manier om zich van hem te bevrijden, is door in manisch tempo te schrijven. 'Vrouw', het laatste deel van zijn serie 'Mijn strijd', is essayistischer dan ooit.
Het begin van mijn Knausgård-verslaving is echter exact te lokaliseren, want in mijn beduimelde exemplaar heb ik vanaf bladzijde 196 bijna elke pagina volledig onderstreept in slordige halen. 'Schrijven houdt in wat bestaat uit de schaduw te halen van wat we weten', is het eerste wat ik heb onderstreept.
Het is alsof zijn pen een lampje is dat steeds een schemerig hoekje van het leven belicht en hoewel de auteur wel degelijk nadenkt over een opbouw en structuur, voelt het toch vrij willekeurig: of hij nu de glinsterende natte straten van Bergen beschrijft, of het Zweedse gelijkheidsideaal bekritiseert, hij beschijnt het met evenveel aandacht. Soms schudt de lamp van opwinding over zo veel schoonheid, soms laat hij haar bijna zakken van ellende, maar het is steeds dezelfde lamp.
Bonkiger
In Vrouw zijn beide uitersten nog sterker aanwezig dan in de eerdere delen. Knausgård beschrijft de periode vlak voor het uitkomen van het eerste deel (Vader), de verschrikkelijke woede van zijn oom daarover, tot aan het voltooien van deel zes; als zijn vrouw Linda net een manisch-depressieve periode achter de rug heeft. Etc.
Maar aan het slot, over de ziekte van Linda, is daar weer die zinderende intensiteit die het lezen van Mijn strijd zo koortsachtig maakt. Sinds ik het boek dichtsloeg, bekijk ik de wereld anders: in hd. Ik zie meer. Niet alleen de druppels aan een kopje koffie, maar ook de sociale krachten die ons leven sturen. Dankzij Knausgård zijn de
schaduwen korter geworden.

De literatuur uit het leven in Karl Ove knausgard (Arjan Peters Volkskrant 10 oktober 2015 Volkskrantmagazine p. 13-17):
Toen het laatste deel van Mijn strijd erop zat, besloot Karl Ove Knausgård nooit meer te schrijven. Dat blijkt intussen mee te vallen.
Ik heb geen roman meer geschreven, alleen essays en artikelen. Losse dingen. Er komen nu vier boeken uit binnen een jaar.'
Pardon
'Klein werk hoor, niet meer dan duizend pagina's. Vier boeken met stukken van elk zo'n tweehonderdvijftig pagina's, die telkens door het seizoen zijn geïnspireerd. Herfst is zojuist verschenen, Winter heb ik ook al af, en je kunt wel raden welke twee delen volgend voorjaar verschijnen. Geen verhalen of fictie, maar teksten en beschouwingen. De cyclus draag ik op aan mijn jongste dochtertje Anna, die nu anderhalf jaar is en nog een flink tijdje zal moeten wachten voordat ze het kan lezen. Ze komt er niet in voor, maar het is voor haar. Mijn andere drie kinderen, Vanja die nu 11 is, Heidi die 8 is en John die 6 is, spelen alle drie al een rol in Mijn Strijd. Anna is na de voltooiing daarvan geboren.'
Ik dacht dat je genoeg had van een cyclus schrijven?
Schouderophalend: 'Het ging een beetje vanzelf. Eigenlijk heb ik na Mijn Strijd geen rust genomen. Ik heb elke dag verder gewerkt. Zo gaat het bij mij.'
Een jaar geleden sprak ik je vrouw Linda, ook hier in Malmö. Ze had uitgekeken naar het moment dat je klaar zou zijn met Mijn Strijd en droomde van het leven daarna. Samen reisjes maken.
'Zoiets zei ze, ja. Door Mijn Strijd ben ik van de schrijfkramp bevrijd die ik daarvoor had: het liep weer, het stroomde. Een geschenk voor een schrijver. Daar moest ik mee doorgaan.'
Een passage uit Vrouw: 'Als ik op het toneel met het publiek zit te praten, is de afstand groot. Daar kan ik mee omgaan en dan kan ik openhartig en hartelijk zijn. Als ik daarna samen met de organisatoren aan een tafel zit te eten, is de afstand tot hen klein, maar die in mezelf groot. Dan zeg ik niets en maak ik een tamelijk afwijzende en kille indruk, zeker niet hartelijk en openhartig zoals vlak daarvoor op het podium. Het is net alsof het nu ik een naam krijg, mogelijk wordt zo te zijn als ik eigenlijk ben of me voel, maar alleen in geënsceneerde situaties, niet in het normale, sociale verkeer. Daarom voel ik me daarna zo vals, hoewel ik eigenlijk meer mezelf ben geweest.'
Een passage uit Vrouw: Als ik op het toneel met het publiek zit te praten, is de afstand groot. Daar kan ik mee omgaan en dan kan ik openhartig en hartelijk zijn. Als ik daarna samen met de organisatoren aan een tafel zit te eten, is de afstand tot hen klein, maar die in mezelf groot. Dan zeg ik niets en maak ik een tamelijk afwijzende en kille indruk, zeker niet hartelijk en openhartig zoals vlak daarvoor op het podium. Het is net alsof het nu ik een naam krijg, mogelijk wordt zo te zijn als ik eigenlijk ben of me voel, maar alleen in geënsceneerde situaties, niet in het normale, sociale verkeer. Daarom voel ik me daarna zo vals, hoewel ik eigenlijk meer mezelf ben geweest.
'Optreden voor een zaal gaat vaak goed, want het publiek luistert en je hoeft je niet met hen te verstaan. Schrijven en optreden, dat lukt omdat er voor allebei geen interactie nodig is. Maar daarna vind ik het moeilijk, als ik met andere mensen moet praten. Adolf Hitler had volgens mij hetzelfde: die kon een volle zaal toespreken, maar had moeite met een persoonlijk gesprek.'
Zie je mensen vaak denken: die Knausgård schrijft boeken vol over zijn leven en praat een avond op het toneel, maar na afloop aan de bar komt er geen stom woord uit?
'Altijd. En dan denken ze dat ik een arrogante kwast ben of geen belangstelling heb voor anderen. Het is exact het omgekeerde; het kan me veel schelen, ik zie en voel alles, maar het blijft voor mij ingewikkeld om mezelf in een klein gezelschap aan de praat te krijgen.
'Wanneer je schrijft, of de geest krijgt tijdens een optreden, kun je tot in het extreme denken en praten. Maar in een doorsneeconversatie met een willekeurig iemand gaat het er helemaal niet om dat je iets briljants zegt, maar uitsluitend om het samenzijn. De waarheid heeft geen plaats in een sociale setting.
'Acteren, dat is het. Als mensen bij elkaar zijn voor de gezelligheid, acteren ze allemaal, terwijl ze denken volkomen naturel te zijn. Zo hoort het ook, hoor. Stel je voor dat iedereen de hele dag hardop zegt wat hij denkt, dan zou de hel losbarsten. Om een samenleving leefbaar te houden, is acteren noodzaak.
'Maar als ik schrijf, probeer ik juist niet te acteren - van deel 6 heb ik aanvankelijk de eerste tweehonderd pagina's weggegooid toen ik ineens in de gaten kreeg dat ik te zelfbewust bezig was en de effecten van wat ik schreef zat te calculeren. Het was nep. Ik ben helemaal opnieuw begonnen.'

Kennis zit niet meer in je hersenen (Aleid Truijens Volkskrant 10 oktober 2015 p. 18):
Ik vind dit rapport niet inspirerend, om maar eens een woord te gebruiken waar het Platform dol op is. Het toont verbluffend weinig visie op onderwijs. Er worden stokoude vernieuwende ideeën ontvouwd, platgetreden paden uit vier decennia mislukte onderwijsvernieuwing. Stokoud is bijvoorbeeld het idee dat je op school moet leren 'sollicitatiebrieven te schrijven'. Natuurlijk moet dat. Alsof er één leraar Nederlands is die dat niet allang doet! Zo vaak dat voor belangrijker dingen als literatuur geen tijd overblijft.
Het bekendste is het cliché dat kennis 'in onze gedigitaliseerde tijd' minder ertoe doet en dat onderwijs er minder nadruk op moet leggen. Schnabel zegt daarover in Trouw: 'Vroeger zat je kennis in je hersenen en je boeken, nu is dat de computer.' Hij 'worstelde' eerst nog 'met de emotie om daarvan afscheid te nemen', nu is zijn visie hierop 'radicaal veranderd'.
Schnabel is dus om. Kennis zit niet meer in je hersenen. Goh. Welke profeten hebben hem zover gekregen? Zou deze wetenschapper, hoogleraar, oude baas van het Sociaal en Cultureel Planbureau echt niet weten dat kennis iets anders is dan informatie? Dat wie niks weet en snapt ook niet kan opzoeken? Dat het bij kennis gaat om een zinvol verband, niet om de feiten zelf maar om het begrijpen van hun samenhang? Dat zou treurig zijn.
Kennis is ongezellig. 'In Nederland hoor je weinig te weten. Als je dat toch doet, is het je geraden om het verborgen te houden', schreef de wijze Remco Campert.
Wat gaan we kinderen onderwijzen? Dat moet de vraag zijn, niet 'wat moeten ze leren'. Leren doe je overal en altijd, thuis en op straat; school brengt je dingen bij die je niet vanzelf leert - een onderscheid dat pedagoog Gert Biesta terecht maakt.
Niet kneden, maar helpen vormen. Toekomstige volwassen de werktuigen bieden om kritisch na te denken over de wereld, dat zou de taak van onderwijs moeten zijn. Daarover zwijgt het rapport. Misschien iets voor het volgende 'voorstel'.

Filosofie en Opvoeding
Het kleine levensverhaal is altijd ook onderdeel van het grote verhaal. In dit artikel zal gekeken worden naar het standpunt van 4 verschillende filosofen t.a.v. de invloed en plaats van het grote verhaal. Het grote verhaal is in dit geval het verhaal van de Verlichting. Aan het eind van dit artikel worden deze ideeën in het kader van opvoeding en pedagogiek besproken.
De Verlichtingsfilosofie komt tot uitdrukking in de stelling van de filosoof Kant: 'Durf je eigen verstand te gebruiken'
Verlichtingsdenken: standpunten van vier filosofen
De standpunten van Gadamer, Habermas, Lyotard en Lemaire ten aanzien van het Verlichtingsdenken in het kort:
Gadamer: heeft kritiek op het Verlichtingsdenken en vindt dat de basis of grondgedachte van waarden en normen in de traditiegezocht moeten worden
Habermas: zoekt de criteria van ' het ware, schone, het goede in de Verlichting. Fundamenteel bij hem is dat de criteria totstandkomen in consensus (onderling overleg).
Lyotard: is een vertolker van het Post-modernisme en stelt dat de Verlichting voorbij is. Hij stelt het begrip legitimiteit centraal.
Lemaire: kiest niet voor of traditie of verlichtingsdenken, maar vertolkt de spanning tussen de verschillende posities vanuit een transculturele visie.

Henk Procee, hoogleraar wijsbegeerte aan de Universiteit Twente en directeur van Studium Generale is in juni 2011 met emeritaat gegaan en heeft als afscheidscadeau het boek Intellectuele passies geschreven. Als blijk van waardering en erkenning voor de manier waarop hij de academische vorming aan de UT gezicht en inhoud heeft gegeven, voor zijn diverse onderwijsvernieuwingen, zoals wijsgerige denkmethoden en systematisch reflecteren ontving hij tijdens het afscheidssymposium de erepenning van de Universiteit Twente. Voor Procee betekent academische vorming mensen een sterk onderzoekend karakter meegeven. Niet alleen in de wetenschap, ook in andere aspecten van het leven. Voor Procee bestaat er een essentieel onderscheid tussen kenner, kenproces en kenproduct. Academische vorming is het ontwikkelen van de kenner aan de hand van het kenproces, namelijk methodologie, en het kenproduct, al bestaande kennis. Het gaat dus primair om het leerproces (internalisering), de intermediair tussen kenner en kennis.

W.L. Tiemeijer, C.A. Thomas en H.M. Prast (red.) De menselijke beslisser over de psychologie van keuze en gedrag
176/177: Conclusie: gevolgen voor beleid
Er zijn verschillende soorten omgevingen: de fysieke omgeving, de sociale omgeving en de symbolische omgeving. Uit de voorgaande paragrafen blijkt dat geen enkele omgeving neutraal is. Elke omgeving zendt boodschappen uit en heeft een sturende werking op het gedrag van mensen. Natuurlijk, omgeving is niet allesbepalend. Mensen hebben persoonlijkheden, attitudes, bepaalde preferenties, achtergronden, talenten en onhebbelijkheden. Gedrag wordt ook gestuurd door genen en persoonlijkheidseigenschappen. Echter, zoals psychologisch en psychiatrisch onderzoek steeds weer laat zien: persoonlijkheidseigenschappen zijn moeilijk te veranderen. En belangrijker: zelfs persoonlijkheidskenmerken, geïnternaliseerde attitudes, voorkeuren, of verwachtingen zullen gedrag niet beïnvloeden als ze niet ook cognitief zijn geactiveerd. Een consument kan een zeer milieuvriendelijke attitude hebben en vinden dat men vooral ecologisch verantwoorde producten moet kopen, maar als deze attitudes, gevoelens en cognities niet geactiveerd zijn op het moment dat er gekozen moet worden tussen product a en product b, zal de milieuvriendelijke attitude de keuze tussen a of b niet beïnvloeden (zie Meijers en Stapel 1990). Dit eenvoudige inzicht – dat gedrag vooral zal worden gestuurd door cognities die op het moment van gedragsuitvoering het sterkst zijn geactiveerd – is wellicht de meest onderschatte bevinding in de sociale en gedragswetenschappen (Cialdini et al. 1990; Lindenberg en Steg 2007). De consequenties van dit inzicht zijn immens, want het suggereert dat een reeds gevormde neiging van mensen om voor a of b te kiezen kan worden ‘omgebogen’ door de kracht van de omgeving, door cue-power.

Mathieu Weggeman Graag wat minder arrogantie in het debat over God (Volkskrant 8 januari 2015 p. 30):
Onze verstandelijke vermogens zijn wellicht te beperkt om een betrouwbaar en valide antwoord op de vraag naar het bestaan van God te kunnen geven.
Ook de filosoof William James (1842-1910) komt tot de bevinding dat geloven in iets met een perspectief uiteindelijk voordelen biedt. Zijn pragmatische opvatting is dat het zinvol is te geloven in hypothesen, mogelijkheden en fantasieën, zo lang die beantwoorden aan reële behoeften. Het is niet de bedoeling van James om op die manier allerlei flauwekul te legitimeren. Hij vraagt zich gewoon rustig af wat er op tegen is om te geloven in'het bestaan van een of andere ongeziene orde waarin raadsels van de natuurlijke orde kunnen worden verklaard'.
Het voordeel van het geloof in zo'n hogere orde is dat daardoor de energie kan ontstaan waardoor dat geloof - althans ten dele - werkelijkheid wordt. James noemt dat het 'zelf-verifiërende geloven'. Zo werkt ook de tweede suggestie: door te kiezen voor het geloof in God, wordt een persoonlijke realiteit besteld waar je veel plezier van kunt hebben. En 'als het werkt, is het goed', zei Richard Rorty, de filosoof van het neo-pragmatisme.

HPB: Het bijzondere leven en de invloed van Helena Blavatsky / Sylvia Cranston, Carey Williams (research assistent)
HPB had een aantal vrienden in wetenschappelijke kringen, onder wie Thomas Edison, Sir William Crookes, een vooraanstaande scheikundige en natuurkundige uit de negentiende eeuw, en Camille Flammarion, de beroemde Franse sterrenkundige. Ze waren alle drie lid van de Theosophical Society. Andere leden van betekenis waren de Amerikaanse filosoof William James en generaal-majoor Abner Doubleday, een held uit de Burgeroorlog, en zogenaamd de uitvinder van baseball. Doubleday, een geleerd man, liet zijn bibliotheek met zeldzame boeken na aan de TS, waarvan hij vicevoorzitter was geweest. HPB kende hem goed toen ze in New York woonde.

Wetenschapsfilosofie
De wetenschapsfilosofie is nauw verwant met de epistemologie en de ontologie. Het poogt tot een beschrijving te komen van zaken als:
• het karakter van wetenschappelijke uitspraken en concepten;
• de wijze waarop ze worden ontwikkeld;
• hoe de wetenschap de natuur verklaart, voorspelt en beïnvloedt;
• methoden om de juistheid van informatie te bepalen;
• de beschrijving en de toepassing van de wetenschappelijke methode;
• de wijze van redeneren om tot gevolgtrekkingen te komen;
• en de implicaties van wetenschappelijke methoden en modellen voor wetenschap en voor de maatschappij als geheel.
Er wordt in de wetenschapsfilosofie onderscheid gemaakt naar:
• ontologische kenmerken: hoe het is
• epistemologische kenmerken: hoe is het te kennen
• methodologische kenmerken: hoe is het te onderzoeken
• sociaal-filosofische kenmerken: hoe beïnvloeden het onderzoek en de omgeving elkaar
Elke wetenschap heeft een onderliggende filosofie, ook al wordt over die wetenschap het tegendeel beweerd. In de woorden van Daniel Dennett:
Filosofie-vrije wetenschap bestaat niet; er is hooguit wetenschap waarvan de filosofische bagage zonder nadere inspectie aan boord wordt genomen.

Ben A. Crul Inleiding bij David Ray Griffins boek "Reenchantment without Supernaturalism" - "Hernieuwde bezieling zonder bovennaturalisme"
Een niet-bovennatuurlijke, niet-almachtige, bovenmenselijke God - Een handboek ten dienste van ‘Het Genootschap tot Convergentie van Wetenschap en Religie’
Op de eerste plaats moet een zijnsleer geschikt zijn voor de totaliteit van wat we ervaren (‘ervaren’, zoals Whitehead dat bedoelt). Verder moet ze recht doen zowel aan veronderstellingen van het gezond verstand (genoemd in deel 3 van hoofdstuk1) als aan goedgefundeerde wetenschappelijke inzichten.
Op de tweede plaats moet een zijnsleer, om acceptabel te zijn, volledig consistent zijn, dat wil zeggen: ze moet in harmonie zijn met zichzelf en met de leer van de menselijke kennis (de epistemologie) waarmee zij is verbonden en waarvoor zij ook een verklaring moet geven.
Op de derde plaats moet een dergelijke zijnsleer volledig naturalistisch zijn; dat wil zeggen: zij moet, zelfs impliciet, geen bovennaturalisme huldigen in de betekenis, die is vermeld in het eerste deel van hoofdstuk 1.

Sjoerd L. Bonting Convergentie en dialoog, hoe? (p. 40):
1. Mijn benadering
1. Ik zie natuurwetenschap en theologie als twee wereldbeelden van éénzelfde realiteit, de kosmos waarvan wij onderdeel zijn. Beide zijn ons door God gegeven in de zin dat God zichzelf niet alleen openbaarde door menselijke geest en hand in de bijbel, maar ook in het wetenschappelijke inzicht dat wij mochten ontwikkelen met onze zintuigen en hersenvermogens.
2. Beide wereldbeelden hebben beperkingen: de natuurwetenschap kan zich niet bezighouden met het bovenaardse, de theologie kan niet bijdragen aan de wetenschappelijke aspecten van onze wereld. De natuurwetenschap kan ons leren over mechanismen, maar niet over doel, kan antwoorden op Hoe? - vragen. Theologie kan ons inlichten over Gods bedoeling, maar weinig over mechanismen, kan antwoorden op Waarom? -vragen.
3. Dialoog tussen beide wereldbeelden is mogelijk, omdat de beide disciplines veel gemeen hebben. Beide zoeken een rationele verklaring van basisgegevens, bijbelse gegevens in het geval van de theologie, waarnemingen en experimentele gegevens in de natuurwetenschap. Beide hebben bepaalde axioma's, zoals 'niets kan tegelijk bestaan en niet-bestaan terzelfdertijd en op dezelfde wijze'.
44/45: Erkend wordt door allen dat de taal van beide disciplines veelvuldig gebruikmaakt van modellen en metaforen. Maar als dit in een bepaald geval geconstateerd en de betekenis van het model of de metafoor verklaard wordt, dan behoeft dit niet tot misverstand te leiden. Peacocke benadrukt de realistische bedoeling van de natuurwetenschappelijke taal, en hetzelfde kan worden gezegd van de theologische taal. Daarom zie ik geen noodzaak om in de metafysica te vluchten, zoals vooral gedaan wordt door Barbour. Naar mijn mening dreigt dit zowel de wetenschappelijke als de theologische boodschap slechts te verduisteren zonder er iets waardevols aan toe te voegen. Ook het veelvuldige gebruik van filosofische termen als kritisch realisme, ontologie, epistemologie, 'bottom-up', determinisme, etc. vind ik onnuttig en maakt de over te brengen boodschap nodeloos moeilijk te begrijpen voor toehoorder en lezer. Voor mij kunnen theologische en wetenschappelijke uiteenzettingen geconfronteerd worden in hun directe taal zonder metafysica en filosofie als brug te gebruiken. Wel zullen we moeten beseffen dat in dit leven ons kennen en begrijpen altijd onvolledig zullen zijn, maar dit mag ons er niet van weerhouden te blijven streven naar dieper begrip door de dialoog naar 'convergentie'.

In zijn Phänomenologie des Geistes beschrijft Hegel de verschijningsvormen van de Geest. Hij beschrijft daarin de acht "Stufen" waarin via het bewustzijn zichzelf in het kennen overschrijdt naar de werkelijkheid:

I. Zintuiglijke zekerheid
II. Waarneming
III. Verstand
IV. Zelfbewustzijn (Heer en knecht)
V. Rede (Observatie van de natuur)
VI. Geest (Zedelijkheid en recht, vorming en moraliteit)
VII. Religie (Natuur, kunst en geopenbaarde religie)
VIII. Het absolute weten

Begrip kent volgens Ouspensky twee componenten kennis en zijn (ervaring, kies Taukompastheorie, Werking Taukompas, 2.2.1. Definities):
Hebben jullie wel eens meegemaakt dat in een discussie je gesprekspartner zei: " ja, ik begrijp je wel, maar ik ben het er niet mee eens." Dit komt omdat mensen kennis verwarren met begrip. Begrijpen betekent namelijk zowel Kennis als Ervaring en niet één van beide. Iemand kan je pas echt begrijpen als die persoon zowel de Kennis als het Zijn (de ervaring) gelijk heeft aan jou. Dus kan die persoon het nooit oneens zijn met jou. Overigens kan je wel een ervaring met iemand delen en wat je dan doet is de ander op dezelfde zijnsniveau brengen als die van jouw en dan begrijp je elkaar wel. Maar dat is een kunst, die velen maar wat graag zouden willen leren….en dat kan…. Kennis zonder ervaring bestaat. Er zijn vele denkers, filosofen en andere hersengymnastiekfanaten, die een onnoemlijke berg kennis bezitten, maar helaas zonder enig begrip ervan, omdat ze de ervaring missen en dus het "Zijn". Het is alsof ze je wel een geraamte geven, maar dan zonder het vlees, dus zonder leven. Andersom geldt ook: iemand die wel de ervaring bezit, maar niet de kennis ervan, kan het je ook niet leren. Dit is een probleem van vele (wereld)leiders. Zij bezitten wel de ervaring en ook wel de kennis, maar zo gauw er mensen zijn die het oneens zijn met hen, dan blijkt dat de kennis ontoereikend is om die andere groep mensen te bereiken en dus een gemis aan begrip en daarmee is het Weten, waar ze zo mee te koop lopen niet volledig. Blijf nou maar nederig en stil en blijf onderzoeken (met behulp van anderen eventueel) hoe je Weten kan vergroten (besef van niet-weten).

J.Krishnamurti: "De maatschappij is niet anders dan jij - jij bent de maatschappij. De maatschappelijke structuur is de structuur van jouzelf. Dus als je begint jezelf te begrijpen, dan begin je de maatschappij te begrijpen waar je in leeft. Die twee zijn niet elkaars tegengestelde. Voor een religieus mens gaat het er dus om een nieuwe manier van leven te ontdekken, van in deze wereld te leven, en een transformatie teweeg te brengen in de maatschappij waarin hij leeft. Want door zichzelf te veranderen verandert hij de maatschappij" (Bombay, 10 februari 1965)

Ingram Smith boek Waarheid is een land zonder paden, Een reis met Krishnamurti (p. 162):
Interviewer: En waar vindt u waarheid?
Krishnamurti: Alleen als het denken – en niet alleen het denken, maar ook het leven – volledig harmonieus is, zonder tegenstellingen. Alleen zo’n denken kan waarheid vinden, kan waarheid waarnemen. Waarheid is niet iets abstracts, waarheid is hier.

De fysicus Cees Dekker stelt een intrigerende vraag in de Volkskrant van 4 maart 2006, namelijk welk model past het zuiverst op de éne werkelijkheid?

Het betekent dat wanneer wij de werkelijkheid verkeert interpreteren we niet mogen verwachten dat we op basis van deze interpretaties wel de juiste oplossingen zullen vinden. Het gaat er om dat ons denken, onze gedachtevormen de éne werkelijkheid zo nauwkeurig mogelijk weerspiegelen.

Marco Iacoboni Het spiegelende brein (p. 12):
Ons uiterst subtiele begrip van andere mensen ontstaat dankzij bepaalde verzamelingen speciale cellen in de hersenen, die we spiegelneuronen noemen.
Zij zorgen ervoor dat wij mentaal en emotioneel met elkaar verbonden zijn.

Om de interacties tussen geest en materie te illustreren wordt van het 5D-concept en Ether-paradigma gebruik gemaakt. Het zelfbewustzijn, het reflexief bewustzijn brengt als het ware verschillende aggregatieniveaus van het bewustzijn (communicatie) tot uitdrukking.
Skanda's: Ook wel genaamd de vijf groepen van hechten van 'ik' en de 'ander', dat wil zeggen van de ontwikkeling van ego: vorm, gevoel, perceptie, gewilde activiteit en bewustzijn. Geen mens kan bestaan zonder ook maar één van deze vijf, ze zijn er altijd.

 

Jan Wicherink, boek Ontheemde Zielen Ontwaken (p. 114): Het hologram van de gehele mensheid op aarde lijkt op wat Carl Jung de collectieve geest van de mens noemt.
158: Ervin Laszlo zegt dat we verder moeten kijken en dat we de evolutie van het universum in zijn geheel in de discussie moeten betrekken. Volgens Laszlo is de echte vraag hoe het universum zich heeft kunnen ontwikkelen tot een toestand waarin de biologische evolutie überhaupt kon plaatsvinden.
199: De fundamentele waarheid is dat er maar één oneindige Schepper is en dat alle percepties van individualiteit eenvoudigweg illusies zijn.

Ervin Laszlo schrijft in zijn boek The Creative Cosmos dat het Zero Point Field meer is dan een massa zinderende energie op de achtergrond van ons bestaan. Volgens Laszlo is het veld vooral ook een informatiedrager. ‘Dit kwantumvacuüm is de oorsprong van geest en materie – een blauwdruk van het universum. Zelfs onze eigen herinneringen liggen niet in onze hersenen opgeslagen, maar liggen als holografische informatie opgeslagen in het veld. Onze hersenen zijn vooral ontvangers en verwerkers van deze informatie. Wanneer zij resoneren met bepaalde frequenties krijgen zij toegang tot specifieke informatie.’

Richard Dawkins laat met zijn ‘natuurlijke selectie’ zien dat het leven op aarde een medaille met twee kanten is een geestelijke en een fysieke. Blavatsky en in haar voetspoor Ervin Laszlo legt de nadruk op de eerste en Darwin op de tweede. Net als Ervin Laszlo houdt Blavatsky zich bezig met zowel de symmetrie als de gebroken symmetrie (7 gemanifesteerde 'missing links'), die in de schepping zitten verborgen en de éne werkelijkheid, de oerbron tot uitdrukking brengen.

Ervin Laszlo bespreekt in zijn boek Het Akasha-veld, Verbinding en geheugen in kosmos en bewustzijn de relatie tussen de micro - en macrokosmos, René Meijer in zijn boek De Ether Bestaat aan de hand van 3 aanzichten, 6 gezichtspunten (Darshana's).

Morele kompas: 3 Aanzichten: Standaardmodel:
RuimteKwalitatieve as2e Top down en Bottom upFilosofie en EthiekMateriesymmetrie
MaterieKwantitatieve as1e Segulier en RegulierPsychologie en SociologieSpiegelsymmetrie
TijdVerticale as3e Analyse en OntwerpScheppingsleer en BewustzijnsevolutieTijdsymmetrie
PythagorasEsoterie: DühringFilognosieUnificatietheorieHoofdstuk: 4.6 en 4.7
1. Monade1e Logos1e Manifestatie4e WetLemniscaatZwaartekracht2.3.1Akasha7.48.4
2. Duade2e LogosGeest-stof3e WetI FeitenTijdsymmetrie2.3Synthese, Z.P.F.7.38.3
3. Triade3e LogosHiërarchie2e WetII PrincipesSpiegelsymmetrie2.2 en 2.2.1Antithese7.28.2
4. TetradeTetraktysPeriodiciteit, Karma1e WetIII PersoonMateriesymmetrie2.1.1These7.18.1

De 1e, 2e en 3e Logos komen met de geschapen scheppende orde 'Kether, Chockmah & Binah' (‘Wijsheid & Verstand’, ‘Passer & Winkelhaak’), de weerkaatsing van En-soph (Dat en Dit) overeen.

De verticale as is een richtingaanwijzer die laat zien hoe de kloof tussen probleem en oplossing kan worden verkleind. Het rapport ‘E i V’ geeft een nieuw perspectief op een oud vraagstuk. Primair gaat het om de kwaliteit van het recept, de Nieuwe levensrichting, het AOS-concept, BON, het Vierde Model of het Nieuwe Denken. Het rapport ‘E i V’ beoogt net als deze 'probleemgestuurde' modellen probleem en oplossing dichter bij elkaar te brengen. We zitten in ons eigen wereldbeeld gevangen. Het outside the box-denken komt centraal te staan.

De ‘Eenheid in Verscheidenheid’ wordt met behulp van de kubus c.q. bol tot uitdrukking gebracht. In het snijpunt van de kwantitatieve, de kwalitatieve en de verticale as, ofwel de as van resp. de persoon, de feiten en de principes, vinden we de alles samenvattende 6 gezichtspunten (Darshana's) van de filognosie, het neutrale punt waar de synthese en de realisatie plaatsvindt.

Het reflexief bewustzijn heeft een ruimtelijke, een materiële en een tijdsdimensie. De ruimtelijke dimensie hangt met de Spiegelsymmetrie, de materiële dimensie met de Materiesymmetrie (complementariteitsbeginsel) en de tijdsdimensie met de Tijdsymmetrie van het standaardmodel samen.

Het morele kompas is een metafoor die gebruikt wordt om te laten zien hoe de éne werkelijkheid, het innerlijke universum, de bewustzijnsevolutie en de scheppingsleer met elkaar zijn verbonden. Het morele kompas verbindt de zes Darshanas. Het enneagram, de vier kwadranten van Ken Wilber, het hexagram van de I Ching, het kernkwadrant van Ofman, het Tetragrammaton, het Circumplex en de systeemtheorie zijn modellen die nauw bij het morele kompas aansluiten.

Het besef moet nog groeien of je nu vanuit de wetenschap of de religie naar de éne werkelijkheid kijkt het beeld blijft hetzelfde. Hokjesgeest heeft tot gevolg dat we ons slechts op een kant van de medaille concentreren. Door een kant te negeren komen we zeker niet tot begrip. Om de éne werkelijkheid te leren begrijpen kan van het morele kompas gebruik worden gemaakt. Het model maakt het mogelijk de opvattingen in verschillende wetenschappelijke disciplines te integreren, een unificatie van de monadische -, verstandelijke – en stoffelijke evolutie tot stand te brengen. Het morele kompas kan een steentje aan de begripsvorming bijdragen. Het model reikt voor de holos-beschaving een macro - en microkader aan.

Otto Duintjer, gasthoogleraar filosofie en spiritualiteit aan de Universiteit van Amsterdam, kan wel enig begrip opbrengen voor de huidige wending naar het heden. Het heden is namelijk nogal eens veronachtzaamd en niet in de laatste plaats door filosofen. Duintjer: 'Immanuel Kant praat bijvoorbeeld over "de Caraibiër", die in het heden zou leven en die gelukkig is omdat hij niet denkt. Kant waardeert dat negatief, omdat hij geen bewustzijn erkent zonder denken.' Door overal over na te denken, geven filosofen zich niet direct over aan de ervaringen van het heden.
Het reflexieve bewustzijn verhindert, in de woorden van Duintjer, dat hun geest 'volledig tegenwoordig' in het heden kan zijn. Door over het heden na te denken verdeelt het reflexieve bewustzijn de aandacht met name over verleden en toekomst.

John P. Van Mater De broederschap van het leven
Onlangs kreeg ik een kranteknipsel in handen uit de Pasadena Star News (19 augustus 1986) waarin staat dat dr. Murray Gell-Mann en 72 Nobelprijswinnaars zich verzetten tegen de leer van het creationisme op onze openbare scholen. We hebben stellig bezwaar tegen het letterlijke geloof dat God de wereld in zes dagen heeft geschapen. Maar we behoeven ook niet aan te nemen dat de geboorte van werelden louter een astrofysisch verschijnsel is en niets meer; en dat de vermogens en krachten van de mens – zijn gedachten, aspiraties, begrip en bewustzijn – niets anders zijn dan ingewikkelde bijproducten van de stof. Kinderen worden opgeleid in de natuurwetenschappen en terecht. Maar er is een middenveld tussen deze twee uitersten waar ze kennis zouden kunnen nemen van de grootse religieuze en filosofische verklaringen van feiten, waarvan de natuurwetenschappen op het materiële gebied een beschrijving geven.
Wat ik probeer duidelijk te maken is, dat de ervaring of het besef dat de aarde en de kosmos leven, metafysische vragen met zich brengen, waarmee de natuurwetenschap nu door haar eigen diepgaande onderzoekingen begint te worden geconfronteerd. Wat is leven? Wat is substantie? Wat is bewustzijn? Zijn leven en bewustzijn producten van de stof, of is stof een van de uitingen van bewustzijn? Of zijn ze twee zijden van dezelfde medaille?

De evolutie van de mensheid (de gemanifesteerde werkelijkheid) op macroschaal, die op de psyche van de anonieme massa berust, creëert op aarde golfbewegingen (bv. Biogeochemische cyclus, Epigenetica, Conjunctuurbeweging, Kondratiev-cyclus). Alles wat gebeurt, is altijd historisch. De geschiedschrijving (Akasha-kronieken) legt de macro-evolutie vast. In elke cel van ons lichaam, en dat van andere levende wezens, bevindt zich een geweldig rijk archief. Het boek Mens tussen hemel en aarde van Willem Schulte Nordholt laat het euvel zien dat we nog steeds niet bereid zijn van de geschiedenis te leren. De geschiedenis is de vrucht van de innerlijke wereld. Maar is het wetenschappelijk bezien interessant dat door ‘trial and error’ bestuur het wiel steeds opnieuw wordt uitgevonden?

De opwaartse - en neerwaartse spiraaldynamiek (beweging) brengt de eeuwige terugkeer van Friedrich Nietzsche tot uitdrukking.
Voor Alpha en Omega, die door een punt worden gesymboliseerd, is er maar een route.
Het is mogelijk de éne werkelijkheid vanuit een nieuw gezichtspunt te belichten. Het rapport 'E i V' wil aantonen dat de kwintessens van het verhaal echter gelijk blijft. De structuur van de eeuwige wederkeer impliceert een Droste-effect. Dit proces van zelfverwijzing heet recursie (chaostheorie).
Om de spiraalwerking te verklaren biedt, net als het boek Het spiegelende brein van Marco Iacoboni, de fractale zelfgelijkvormigheid een handvat.
Het is het zelfbewustzijn, het reflexieve bewustzijn dat mensen kenmerkt.
Reactie van Jules Ruis naar aanleiding van mijn vraag Is zelfgelijkvormigheid een eigenschap die zelfbewustzijn mogelijk maakt?
Jules Ruis veronderstelt dat het ontstaan van elementen in de natuur (net zo als dat pixeltje op het scherm) door bepaalde informatie wordt aangestuurd. De opgeslagen informatie heeft naar zijn mening iets met genen, memen en zelfbewustzijn te maken. Het samenspel van genen en memen noemt hij het speelveld van de ziel. Er zouden dan bijvoorbeeld ook gemen kunnen bestaan.

De éne werkelijkheid is dat het universum in het menselijke bewustzijn wordt weerspiegeld. De driehoek van Pythagoras en de categorieën van Aristoteles symboliseren al hoe de innerlijke wereld met de uiterlijke wereld, 'Wat en Hoe; Hoe en Wat' met elkaar worden verbonden.

Het rapport 'E i V' gaat er vanuit dat de snaartheorie uiteindelijk niet tot een definitieve oplossing leidt. Omdat de snaartheorie slechts de materiële kant behandelt mag niet worden verwacht dat deze theorie over de éne werkelijkheid uitsluitsel geeft. Door alleen beide complementaire kanten, 'Geestkunde en Natuurkunde' van de éne werkelijkheid te belichten komt de unificatietheorie een stapje verder. De unificatietheorie bevat het kader voor de pedagogische hoofdroute.

Le Pair denkt Dat Toonder zag dat Nederland bewoog in de richting van loze retoriek, aan het ‘verbommelen’ was, en daarom Heer Bommel een prominentere rol gaf. ‘De waardering voor slimheid is afgenomen in Nederland. Het gewicht van de natuurwetenschappen neemt ook af.’ Jaren was hij van plan deze theorie aan Toonder voor te leggen, maar toen hij eindelijk het initiatief nam, was het enkele weken voor diens dood. ‘Hij is er niet aan toegekomen mijn brief te beantwoorden.’
Gelet op het interview van Maud Kips met Marten Toonder zal hij vermoedelijk iets gezegd hebben in de sfeer van:
Het is zeker een rake typering, verhalen zijn echter een groeiproces en komen meer onbewust dan bewust tot stand. Achteraf kunnen we gemakkelijker bezien welke route we in het leven hebben afgelegd.

Een uitzicht op wereldvrede in eenheid en verscheidenheid ontstaat wanneer de mensheid er geleidelijk in zal slagen de drie gesignaleerde problemen van onwetendheid, identiteit en politiek integraal tot een oplossing te brengen. Een nieuwe syncretische benadering in de liefde voor de kennis die een mens tot mens maakt: de filognosie als de verzamelterm voor alle kennisgebieden gemoeid met het nieuwe natuurkundige paradigma van de etherfysica.

Het gaat om het plezier van het spelen en niet om de knikkers.

====

Reflexief bewustzijn (Twee kanten van één medaille, veritas duplex, Authentiek leiderschap, Interdisciplinair)

Aristoteles: Alles wat in de ziel zit, is slechts een weerspiegeling van voorwerpen in de natuur.
Rumi: Wij zijn zowel de spiegel als het gezicht dat we er inzien.
Thomas a Kempis: Hoe meer iemand met zijn innerlijk zelf verbonden is en hoe meer hij innerlijk eenvoudig is geworden, des te meer diepere dingen kan hij moeiteloos begrijpen …
Carl Jung: Mijn leven is de geschiedenis van een zelfverwerkelijking van het onbewuste.
In de archetypen zijn alle ervaringen gegeven, die sinds de oertijd op deze planeet zijn voorgekomen.
Alleen dat wat iemand werkelijk is heeft helende kracht.
Tot persoonlijkheid kan niemand opvoeden, die dat zelf niet is.
Er is geen licht zonder schaduw en geen psychische heelheid zonder onvolmaaktheid.
Het enige dat er mis is met deze wereld is de mens.
De spiegel van de ziel kan niet tegelijk de aarde en de hemel weerkaatsen; de één verdwijnt van zijn oppervlak wanneer de ander erin wordt weerspiegeld. (Edward Bulwer-Lytton Zanoni boek 4, hfst. 9)
H.P. Blavatsky: Het occultisme is geen magie, hoewel de magie een van zijn gereedschappen vormt. Het occultisme is niet het verwerven van vermogens, zij het paranormaal of intellectueel, hoewel beide hem ten dienste staan. Noch is het occultisme het zoeken naar geluk, zoals de mensen dit woord begrijpen; want de eerste stap is opoffering, de tweede verzaking. Occultisme is de wetenschap van het leven, de kunst om te leven.
De aanroep van Annie Besant:
O Verborgen Leven, trillend in elk atoom;
O Verborgen Licht, stralend in ieder wezen;
O Verborgen Liefde, alles omvattend in Een Zijn;
Moge ieder die zich een voelt met U,
Zich daarom een weten met elk ander.
Annie Besant Bewustzijn en leven zijn identiek, twee namen voor het zelfde, beschouwd van het innerlijke en uiterlijke standpunt. Er is geen leven zonder bewustzijn; er is geen bewustzijn zonder leven ...
Joy Mills: Onze scheppingsmythen vormen een weerspiegeling van dat wat we van onszelf vinden. Ze geven vorm aan ons wereldbeeld.
Thomas Henry Huxley: De belangrijkste vraag voor de mensheid – het probleem dat aan alle andere ten grondslag ligt en interessanter is dan welk ook – is het vaststellen van de plaats die de mens in de Natuur inneemt en van zijn relaties met het Heelal van de dingen.
Mondriaan: Kunst is alleen maar een vervangingsmiddel zolang de schoonheid van het leven nog afwezig is. Naarmate het leven aan evenwicht wint, zal de kunst geleidelijk verdwijnen.
In het algemeen is het menselijke leven een mengeling van tragedie en komedie. Het verandert en verandert, net als het weer. Alles gaat voorbij. Maar in alles is er leven, eenheid. (Louis Veen: Het geschreven werk van Piet Mondriaan; voorstel tot een editie. 1997)
Ilya Prigogine: In navolging van Spinoza zei Einstein ooit tegen De Gaulle dat we marionetten zijn zonder dit zelf te beseffen.
Robbert Dijkgraaf: De architectuur van ons brein bepaalt en beperkt de wetenschap - Er is geen wiskunde zonder de mens - daar kwam ik achter (NRC 27 december 2008).
Anton Blok: Door vervreemding van het vertrouwde maakten ze zich vertrouwd met het vreemde om te komen tot de ontwikkeling van een nieuw gezichtspunt. (p. 281)
Elizabeth Colson: We leven tussen twee werelden en voelen ons enigszins onthecht van beide, maar elk wint betekenis door haar contrast met de ander.
Christian Wiman: Christus spreekt in verhalen omdat het bestaan niet een puzzel is om op te lossen, maar een vertelling die we erven. (Willem Jan Otten Trouw 26 oktober 2014)

Het rapport ‘E i V’ kiest voor de interdisciplinaire aanpak - de middenweg tussen de twee kanten van één medaille Geestkunde en Natuurkunde - de wisselwerking (wederkerigheid) tussen psychologie, sociologie, filosofie en ethiek of de synthese van wetenschap, religie en filosofie en kunst (Geestkunde - Zielkunde - Natuurkunde - Kunst). In het rapport ‘E I V’ staat religie in het bijzonder voor levenskunst, de moraal van het verhaal, te worden ingewijd in de oude mysteriën. Het reflexief bewustzijn, het projectiemechanisme (weerspiegeling, 'bewust en onbewust') leert dat we zowel waarnemer als deelnemer zijn. Het waargenomene duidt er op dat we allemaal deel uitmaken van de evolutie, de evolutionaire kringloop.

Het boek DE GROTE WERELDRELIGIES en de twee vormen van elke religie van Antony Fernando bespreekt de middenweg (p. 58,62,63,64,68,69,73,74 en 76) van onvolwassenheid naar volwassenheid (p. 3,91,92,93,174,181).
185/186: Maar het ziet er naar uit, dat de wereld in de toekomst voor de vorming van een verenigde mensheid, een spirituele theologie nodig heeft, die de aandacht vestigt op de gemeenschappelijke wortels van alle godsdiensten. Zo'n theologie zal de realiteit moeten uitleggen van leven en dood, waarover alle religies het eens en waarvan alle mensen in hun onderbewustzijn overtuigd zijn. Samengevat zou deze deze op het vlak van de ervaring berustende realiteit zijn: Zonde en lijden horen wezenlijk bij het mens-zijn.
Maar alle mensen ongeacht hun kleur, kaste of geloof zijn begiftigd met de spirituele kracht deze belemmeringen draaglijk te maken en het eeuwige goddelijke leven deelachtig te worden.

Wat (volwassenheid) en Hoe (middenweg)op aarde
De grondslag voor de reciprociteit tussen het
'Wat en Hoe' in de microkosmos en het 'Hoe en Wat' in de macrokosmos is de Eeuwige wederkeer van Nietszche.

In de voorstelling van het Boeddhistische Levensrad wordt op een iconografische manier het proces aangeduid waardoor wij voortdurend de echte werkelijkheid vervormen tot onze eigen relatieve ervaring daarvan, die gekenmerkt is door de kwaliteit van lijden (vergelijk de Eerste Edele Waarheid). Dit universele proces, volgens welke elke mentale en materiële manifestatie tot stand komt, verloopt via twaalf stadia, die tezamen ‘de Keten van Ontstaan in Voorwaardelijkheid’, of ‘de Twaalf Nidanas’ worden genoemd.

Rechts Amerika keert zich tegen 'stomme oorlogen' (Stieven Ramdharie Volkskrant 13 april 2018 p. 7):
President Trump voelt de hete adem in de nek van zijn trouwste aanhangers nu hij op het punt staat Syrië aan te vallen. Nadat de VS 4.500 miljard dollar hebben besteed aan de oorlogen in Irak en Afghanistan, dreigen ze opnieuw een 'militair avontuur' aan te gaan. Terwijl Trump juist had beloofd een einde te maken aan het voeren van kostbare oorlogen.
Coulter en Carlson, gesteund door sommige conservatieve Republikeinse Congresleden, vrezen dat Trump met een aanval op Syrië juist kiezers in de steek zal laten die op hem stemden omdat hij af wilde van de bemoeienis met het Midden-Oosten. Trump wees in de campagne voortdurend op de duizenden miljarden dollars die waren 'verkwist' in Irak en Afghanistan. Ook bekritiseerde de miljardair president Obama toen deze in 2013 Assad dreigde te straffen voor de grote gifgasaanval in Ghouta. "Wat zal het bombarderen van Syrië ons opleveren’" tweette Trump destijds, "behalve nog meer schulden en een langdurig conflict?"

Theater (Wensink Volkskrant 13 april 2018 p. V7):
Stelling: Othello kan ook als slachtoffer racisme aan de kaak stellen.
Wekker had liever een krachtige Othello gezien, een held die zegeviert, maar dat is dramatisch niet interessant (en dat geldt óók voor witte antihelden uit het toneelrepertoire). Overigens speelt acteur Werner Kolf de rol te allen tijden uiterst waardig: hij is geen slachtoffer, hij wordt tot slachtoffer gemaakt. Daarbij is dit personage goddank niet feilloos (hoe saai is dat?) maar lijdt hij ook onder zijn eigen karakterzwaktes: gebrek aan vertrouwen en de daaruit volgende jaloezie - die overigens ook weer heel geraffineerd 'institutioneel' worden verklaard.
Het is goed om te lezen hoe een zwarte toeschouwer het expliciete racisme in de voorstelling ervaart - en vooral het feit dat daar door witte toeschouwers soms om gelachen wordt. Wekker vraagt zich af of de ontoelaatbaarheid van zulke taal dan wel overkomt. Maar betekent lachen automatisch instemmen? Er is de lach uit ongemak, de lach uit gêne, de ongepaste lach waarop je jezelf betrapt, waarna je je schaamt en gestimuleerd wordt na te denken over dit soort 'humor' - de lach die als een graat in je keel blijft steken.
Die momenten zetten misschien wel meer te denken over de eigen aannamen en het onbewuste racisme dan een al te rechtlijnig vertoog met een geheven vingertje. De toeschouwer subtiel manipuleren tot verstrekkend zelfinzicht - dat is wat intelligent theater vermag.

Theater - Othello - het Nationale Theater (Hein Janssen Volkskrant 5 februari 2018):
Daria Bukvic gaat met lef en brutaliteit deze klassieke Shakespeare te lijf. Geef dit talent vooral vrij baan. Bukvic maakt met haar radicale bewerking van Othello een statement over de gevolgen van sluimerend racisme.

Piep! Tot rust komen! Nu! (Barbara Ehrenbach De Groene Amsterdammer 12 april 2018 p. 36-41):
Nadat de zelfbenoemde ‘meesters van het universum’ van Silicon Valley massa’s mensen hebben omgeturnd tot ongeconcentreerde en egocentrische wezens willen ze nu nep-boeddha’s van ze maken.
In de strijd tussen lichaam en geest ziet bijna iedereen de geest als de good guy, de morele overwinnaar die terecht zegeviert. Het lichaam krijgt in de huidige fitnesscultuur hooguit de status van adviseur: we moeten er wel naar ‘luisteren’, want het is per slot van rekening in staat tot heel veel goede dingen, van het helen van wonden tot het laten groeien van foetussen, zonder enige waarneembare instructies van ons bewustzijn.
De dader was snel genoeg gevonden – in Silicon Valley of, algemener, de hightechindustrie die de verleidelijke apparaten en sociale netwerken produceerde die zoveel van onze tijd opslokken. Silicon Valley was niet alleen de bron van het probleem; het bleek ook de ground zero te zijn van de epidemie van het aandachtstekort.
In de ongekende hoogmoed van Silicon Valley streeft men naar niets minder dan onsterfelijkheid. De reden waarom Kurzweil zichzelf heeft veranderd in een wandelend chemielab is dat hij daarmee zijn levensduur hoopt te rekken tot de volgende biomedische doorbraak, zeg in 2040, als we ons lichaam kunnen volladen met miljoenen nanobots die geprogrammeerd zijn om ziekten te bestrijden.
Tegenwoordig heeft mindfulness zich in zijn gelikte en seculiere vorm tot ver buiten Silicon Valley en zijn kenmerkende industrie verspreid, en is het zelfs een alomtegenwoordig stopwoord geworden in ons verbale landschap, zoals eens ‘positief denken’ dat was. Terwijl de eerdere, meer gestrenge versie van het boeddhisme afgezien van Richard Gere maar weinig beroemdheden trok, heeft mindfulness een hele schare prominente beoefenaars, onder wie Arianna Huffington, Gwyneth Paltrow en Anderson Cooper. Het maakte in 2013 in Davos zijn debuut voor de massa, en Wisdom 2.0-conferenties worden niet alleen meer in San Francisco, maar ook in New York en Dublin gehouden, met aanwezigen die doorgaans uitzwermen om als de missionarissen van de nieuwe mindset een coachingbureau te beginnen of app te ontwikkelen.
Natuurlijk stuiten we hier op een klein filosofisch probleem. Wie is de baas? Bij lichamelijke fitness gaat het om de strijd tussen het lichaam, dat als inert wordt beschouwd, en de geest, voorgesteld als een immateriële essentie, de plek van het ‘ik’ of ‘wij’. Maar als ook de geest gereduceerd wordt tot een substantie, een die gelukkig plooibaar is en naar je hand kan worden gezet, waar is dan het ‘ik’? Het is maar een van de paradoxen in het streven om met behulp van de geest, die als een bewuste entiteit wordt gezien, de geest zelf in bedwang te houden.

Orgeltoon, orgeltoon... (Xandra Schutte De Groene Amsterdammer 12 april 2018 p. 59):
Bij elkaar geeft het boek een prachtig beeld van de veelzijdigheid van Dorresteins schrijverschap. Ze brengt in herinnering wat voor ‘feministische Pietje Bell’ ze was in een hilarische lezing over de clitoris die ze in 1988 voor een zaal vol mannelijke seksuologen hield, met fijne zinsneden over hoe de clitoris ‘enkele eeuwen na Amerika – maar gelukkig nog net voor mijn geboorte –, eindelijk was ontdekt’. Uit het naschrift bij de lezing geeft ze toe dat ze wist dat het ‘de gemiddelde man dit, de gemiddelde man dat’, dat ze voortdurend terug liet komen, de zaal woest zou maken. Inderdaad kwam na afloop van haar verhaal het voltallige bestuur van de Rutgers Stichting op haar afgestampt en blafte de voorzitter haar toe: ‘Jij bent zeker nog nooit behoorlijk geneukt.’
Maar naast de sarrende en de polemische Dorrestein is er in dit boek ook de wijze, de empathische, de soms genadeloze maar meestal heel aardige, de bewonderende, de fantasievolle, de betrokken, de dappere, de geestige en de ernstige Dorrestein. Zoals in het scherpe en principiële stuk over de moraal van het verhaal dat ze in 2009 schreef, waarin ze de smetvrees van veel critici hekelt voor romans met een boodschap – ‘onder het motto “boodschappen doe je maar in de supermarkt”’ – en tegelijk een pleidooi houdt voor literatuur die vraagtekens plaatst bij de moraal van onze tijd.

Het reflexief bewustzijn, het projectiemechanisme (weerspiegeling, 'bewust en onbewust') leert dat we zowel waarnemer als deelnemer zijn. Het waargenomene duidt er op dat we allemaal deel uitmaken van de evolutie, de evolutionaire kringloop, het ontwikkelen van "nieuwe hersenpaden" (neurale plasticiteit, trekkermechanisme van Prof. van Peursen). In het interview met Renate Dorrestein komt (VPRO boeken NPO1 17 december 017) naar voren dat de relatie tussen Leven en Dood een groot mysterie is. Ook in interview van Herien Wensink met Daria Bukvic (Volkskrant Magazine 16 december 2017 p. 14-19) blijkt dat we nog lang niet uitgeleerd zijn. De geschiedenis leert dat het niet zozeer gaat om de boodschapper, maar om de moraal van het verhaal. De echte innovaties vinden op het snijvlak tussen disciplines plaats. De moraal van het verhaal wordt op het snijvlak van individu en collectief manifest. Vijand denken, het competitieve denken plaatst vaak superieur tegenover inferieur. Je wordt niet superieur door de ander als inferieur te zien.

De bloedrode zon symboliseert er is niets nieuws onder de zon. Dit wordt niet alleen door boeken als De weg van Michael Puett en Leraar met hart en ziel Over persoonlijke en professionele groei van Parker J. Palmer, maar ook door recent besproken boeken De ondergrondse spoorweg (Buitenhof 22 januari 2017), De Nederlandse paus Adrianus van Utrecht 1459-1523 en Halleluja (VPRO boeken 22 januari 2017) tot uitdrukking gebracht.
Fritjof Capra heeft uiteindelijk een positieve boodschap: de mensheid als geheel, maar ook elk individu, kan keuzes maken tussen de kansen en bedreigingen die de toekomst brengt. Wij kunnen tegengestelde ontwikkelingen met elkaar verzoenen om het leven op deze planeet te behouden en te versterken.

Verzacht de gruwelijkheid van het kolonialisme niet (Ewald Vanvugt Volkskrant 1 februari 2018 p. 25):
Is de kritiek op Johan Maurits en de slavenhandel overdreven, zoals Piet Emmer beweert? Een repliek.
Onder invloed van het slavernijdebat en de Zwarte Pietendiscusssie - termen voor de omslag in Nederland naar een nieuwe omgang met het koloniale verleden - besloot het Mauritshuis een beeld van Johan Maurits van Nassau-Siegen (1604-1679), de bouwheer en naamgever van het museum, niet langer als een gastheer in de hal te plaatsen maar als iemand met een beschadigde reputatie buiten zicht in een depot te zetten.
Dit gedrag vindt de Leidse emeritus hoogleraar Piet Emmer maar 'een vreemde geste van het Mauritshuis'. Hij is in het openbaar bezig met een omscholing tot pamflettist en van de ophef rond Maurits begrijpt hij niets: 'Hij was geen eigenaar van een plantage of van een suikermolen, en hij heeft geen vermogen verdiend aan de slavenhandel.' (Ten eerste, 16 januari).
Dat iemand de rol van apostel van het weldoende kolonialisme op zich neemt om reacties in het publieke debat uit te lokken overschrijdt de grens van het fatsoenlijke. Dat een pamflettist tot iedere prijs aandacht zal vragen hoort bij zijn bezigheid. Maar dat een gepensionneerde professor belegen propaganda en desinformatie verspreidt als wetenschap, moet worden weersproken.
Propaganda voor het weldoende kolonialisme lijkt tegelijk het schrille licht te willen verzachten op de gruwelijke basiskennis dat het ene volk met veel geweld het andere onderdrukte en voor zich liet werken.

Verdiep je in de ander en bestrijd zo racisme (Tahrim Ramdjan Volkskrant 1 februari 2018 p. 24):
In het racismedebat dat al jaren ons land beheerst, worden twee fouten gemaakt. Dat belet ons de werkelijke uitweg te vinden, terwijl die voor ons ligt. Zonde, gezien velen het debat moe zijn.
'Racisme is toch overwonnen in onze prachtige, moderne rechtsstaat?' Begrijpelijk, maar we zijn er nog niet. Want het gaat om institutioneel racisme: een onbewust racisme dat zich heeft vastgeroest in ons doen en laten, van zowel witte als donkere mensen. Je moet het alleen nét zien.
Moddergooien of met de beschuldigende vinger wijzen is daarom volslagen zinloos. We zijn collectief verantwoordelijk om institutioneel racisme te bestrijden. Dat kan echter alleen door naar elkaar te luisteren in plaats van te blijven schreeuwen.
Waarom proberen we het niet eens, bijvoorbeeld als dit jaar de Zwarte Pietendiscussie losbarst? Laten we eens elkaars opiniestukken lezen, ons verdiepen in elkaar, oprechte interesse en empathie tonen naar elkaar. Noem het een links ideaal, maar beschaafde dialoog heeft nog nooit slachtoffers, ordeverstoring en leed veroorzaakt.
Daarom is zo'n beschaafd discours een pijler van onze rechtsstaat, en is er geen andere uitweg uit dit debat. Als we blijven verzaken dat in te zien, saboteren we onszelf weer een jaar - als individu en samenleving - om institutioneel racisme op te lossen.

Het geheim van Jordan Peterson (David Brooks Volkskrant 30 januari 2018 p. 22):
Jordan Peterson is erg negatief over de mensheid, maar zijn methode helpt jonge mannen wel degelijk. Gedurende lange tijd, redeneert Peterson, heeft het christendom de menselijke neiging tot barbarisme in toom gehouden. Maar God stierf in de negentiende eeuw en de christelijke leer en discipline stierven met hem. Dat bracht ons het tijdperk van de ideologie, van fascisme en communisme - en daarmee Auschwitz, Dachau en de Goelag.
Leven is lijden, herhaalt Peterson. Laat je niet in de maling nemen door het naïve optimisme van de progressieve heilsleer. Het leven is een aanhoudende strijd en pijn. Het is jouw neiging om te zeuren, om het slachtoffer uit te hangen, om op wraak te zinnen.
Peterson vertelt jonge mannen om dat nooit te doen. Stijg uit boven de slachtoffercultuur die je overal om je heen ziet. Hou op met zeuren. Geef anderen niet de schuld en wees niet wraakzuchtig. Kies in plaats daarvan voor discipline, moed en zelfopoffering. Lieg nooit. Vertel je baas wat je echt denkt. Wees streng voor je kinderen. Dump de vrienden die jou omlaag halen.
Veel van de raadgevingen van Peterson komen bij mij banaal over. Net als Hobbes en Nietzsche beeldt hij zich een brute wereld in, bijna zonder welwillendheid, schoonheid, verbondenheid en liefde. Zijn recept voor zelfverbetering is solitair en emotieloos.
Ik zou zeggen dat de levens van jonge mannen meer door liefderijke verbondenheid verbeterd kunnen worden dan door Petersons vreugdeloze oproepen tot zelfopoffering.

'Bolkestein bereidde weg voor Fortuyn' (Hans Wansink Volkskrant 30 januari 2018 p. 25):
De rechts-conservatieve opleving van begin deze eeuw, met Pim Fortuyn als opvallendste voorman, kwam niet uit het niets, betoogt socioloog Merijn Oudenampsen. Al veel eerder maakten denkers uit de elite dit geluid mogelijk.
Sprong nieuw rechts in het gat dat links liet vallen?
'Zeker. De leegte van links was dat de PvdA op het terrein van de economie naar rechts opschoof, maar dat niet durfde uit te dragen. De Derde Weg van Kok, Blair en Clinton depolitiseerde de economie en liet de economen over het beleid beslissen. Heel technocratisch. Het enige dat nog politiek was, betrof de vraag of je nog aan flankerend sociaal beleid deed of niet. Daar win je de harten van de mensen niet mee. Vandaar dat nu weer een soort hard links opkomt: Bernie Sanders, Jeremy Corbyn, Podemos, Syriza. Links gaat weer de economie politiseren.'
De conservatieve omarming van links
'Nieuw rechts is inmiddels twintig jaar oud en blijft steeds op hetzelfde aambeeld hameren. Het conservatieve tij verloopt. Internationaal zie ik een nieuwe linkse golf opdoemen. Alleen in Nederland nog niet;
daar slagen de linkse partijen er nog niet in een deuk in een pakje boter te slaan.'

Het eeuwige leven: Jeroen Buve (1935-2017)
Strijdbaar tot na zijn dood voor de metafysica (Peter de Waard Volkskrant 2 oktober 2017 p. 16):
Met de reguliere, 'rationalistische' wetenschap lag Jeroen Buve in de clinch, zodat hij uiteindelijk zijn eigen universiteit oprichtte.
Jeroen Buve voelde zich miskend door de academische wereld, die slechts oog had voor kwantitatief meetbare efficiency en rendement. Daarom richtte hij een eigen universiteit op.
'Ik houd de strijd vol door eindeloos optimistisch te zijn. Hoe harder ze mij tegenwerken, hoe harder ik doorzet', zei hij in Trouw.
Postuum zullen nog boeken van hem verschijnen, waaronder zijn autobiografie Een onverantwoord leven en God in de democratie.
'Hij was overtuigd ooit na zijn dood de erkenning te krijgen van filosofisch genie', zegt Sybrand, die samen met zijn broer Gulliver het werk zal voortzetten.

Balanceeract met dronken neushoorn (Arnout Brouwer Volkskrant 2 oktober 2017 p. 18):
Wat wordt Amerika's rol in de wereld nu de 'eenzame supermacht' is opgelopen tegen de grenzen van haar macht? En nu Amerikanen met de keuze voor Donald Trump zelf hun vermoeidheid met de Amerikaanse hegemonie en de daaraan verbonden verplichtingen hebben aangegeven?
Na 9/11 braken onder Bush jr de hoogtijdagen aan van de interventionisten en de maximalisten. Oorlogen in Afghanistan en Irak volgden, maar ook oorlogshandelingen in tal van andere landen in het Midden-Oosten en Afrika. Het werd een ruwe kennismaking met verschillende soorten woestijnzand.
De geloofwaardigheid van Amerikaanse verplichtingen hangt af van een minimale reputatie van competentie en dat is precies wat Trump en de zijnen hard aan het verspelen zijn, vindt Walt. 'Jij zou ook voorzichtig opereren als je in een kamer stond met een dronken neushoorn - maar je zou de neushoorn waarschijnlijk niet vragen om geopolitieke adviezen.' En dat is iets waar realisten en idealisten - en de meeste andere stromingen in Amerikaanse debatten over strategie het eens over zullen zijn.

Geef ons postpopulistisch leiderschap (René Cuperus Volkskrant 2 oktober 2017 p. 19):
De kortsluiting tussen bestuurders en kiezers had misschien niet zo dramatisch hoeven zijn als beter gereageerd was op de afbrokkeling van de politieke partijen en de grotere mondigheid van burgers. Bijvoorbeeld met staatkundige en bestuurlijke vernieuwing. Daartoe was de gevestigde politiek niet in staat. En nu is het te laat. De geest van het populisme is uit de fles. De volksangst bij bestuurders en hoger opgeleiden is tot hysterische hoogte gestegen.
Gevraagd: politici die een verzoening tot stand brengen tussen establishment en populisme. Niet door antipopulistisch leiderschap, maar door postpopulistisch leiderschap. Door politici die het gevaarlijke alarmsignaal van het populisme echt tot zich hebben laten doordringen.

Miljard extra maakt alles slimmer (Martijn van Calmthout interviewt Robbert Dijkgraaf Volkskrant 19 april 2017 p. 27):
'Het is een basisvoorziening, goede wetenschappers'
Een miljard extra voor wetenschap, dat is volgens Robbert Dijkgraaf broodnodig. Een fiks deel daarvan moet naar natuur- en scheikunde. Daar profiteren ook andere sectoren van.

Stop met bewieroken van Trump (Heleen Mees Volkskrant 19 april 2017 p. 25):
Het enige winstpunt lijkt dat Xi Trump aan het verstand heeft weten te brengen dat er geen gemakkelijke oplossing is voor het conflict met Noord-Korea. Dat verklaart ongetwijfeld de Amerikaanse terughoudendheid na de mislukte raketlancering afgelopen zondag. Zoals Trump het zelf zei in The Wall Street Journal: '(President Xi) ging in op de geschiedenis van China en Korea. En na tien minuten luisteren realiseerde ik me dat het allemaal niet zo gemakkelijk is. Ik dacht dat China een enorme macht over Noord-Korea had maar het is niet wat je zou denken.'

Is het ene kind een merk en het andere merkloos (Peter de Waard Volkskrant 19 april 2017 p. 31):
Standenmaatschappij
De celebrity-cultuur heeft de 19de eeuwse indeling van klassen (upper, middle en working classes) op zijn kop gezet. De upper class van graven en hertogen is verarmd, de arbeidersklasse is bij de teloorgang van de industrie ontslagen en nu wordt de middenklasse de middenklasse door digitalisering en robotisering weggevaagd.
Daarvoor in de plaats is geen egalitaire samenleving ontstaan, maar een nieuwe indeling van super class en under class, haves and have nots, merk en merkloos. En net als twee eeuwen geleden speelt geboorte een belangrijke rol. Want ondanks het ideaal dat alle dubbeltjes in deze tijd een kwartje kunnen worden, hebben de kinderen van de geprivilegieerde superklasse meer kansen. Wie op het Mediapark rondloopt ziet daar als nieuwe paradepaardjes opvallend veel telgen van mensen die veertig jaar geleden ook al de televisieshows haalden. Hetzelfde geldt in de politiek of het bedrijfsleven. Afkomst blijkt daar nog altijd belangrijker te zijn dan inzet en talent. De Beckham-kinderen zijn de 21ste-eeuwse aristocraten, de merkloze rest de merkloze paupers.

Het reflexieve bewustzijn beoogt de relatie tussen de microkosmos en macrokosmos te doorgronden. In de esoterie is het inductieve denken van Aristoteles complementair aan het deductieve denken van Plato.

De veritas duplex heeft op het Deus sive Natura, God als ‘achterkant’ van de natuur (“God in de natuur en de natuur in God”) van Spinoza betrekking. In organisaties draait het primair om hoe kunnen we de kwaliteit van de besluiten verbeteren. Er dient wel degelijk met de keerzijde van de evolutietheorie rekening te worden gehouden dat er van doelgerichtheid, entelechie in de natuur sprake is. Het gaat er dus om, zoals eerder Jared Diamond heeft betoogd, een manier te vinden om mensenmassa’s in bedwang te houden. Volgens Jared Diamond zijn daarvoor de religies uitgevonden. Maar dit is niet waar. Religies zijn niet uitgevonden, maar maken deel uit van ons innerlijke bewustzijn. De wet van harmonie, de karmische wet is met antropogenese verbonden. Antropogenese geeft een aanwijzing voor de oplossing van het lastige vraagstuk van de oorsprong van het kwaad, en laat zien dat de mens zelf het ENE scheidt in verschillende tegengestelde aspecten (De Geheime Leer Deel II p. 309).

Tandenknarsend geven we Trump een kans (Nicholas Kristof Volkskrant 11 november 2016 p. 27):
Trump heeft gelijk als hij zegt dat het economisch systeem is vastgelopen voor gewone Amerikanen, vooral voor mannen uit de arbeidersklasse. Sinds 1979 zijn de netto uurlonen voor mannen in de onderste helft van de inkomensklasse onveranderd gebleven. Ongelukkigerwijs versterkt de politiek van Trump de ongelijkheid die hij in zijn campagne wilde aanpakken.
En normale
checks and balances zullen niet van toepassing zijn, want hij gaat werken met een Republikeinse Senaat, een Republikeins Huis en een Hooggerechtshof met een Republikeinse meerderheid. Een cruciale check zouden de nieuwsmedia kunnen zijn, als we dat tenminste aankunnen. Ik ben dit jaar erg kritisch geweest over de rol die de media, vooral de kabel-tv, hebben gespeeld bij de opkomst van Trump. We moeten waakhonden zijn, geen schoothondjes.

Moet de kletsende klasse niet worden vervangen (Peter de Waard Volkskrant 11 november 2016 p. 32):
Het waren de drie p's: populisme, polarisatie en proteststemmen. De kletsende klasse die afgelopen tijd in de media had gecommuniceerd dat Trump niet kon winnen, kroop woensdag in de keuvelprogramma's bijeen om te verklaren waarom Trump wel had gewonnen.
Het media-establishment op televisie zal blijven doen of het de wijsheid in pacht heeft en de natie vertellen wat de politieke elite niet ziet wat het zelf ook niet ziet.
En zo blijft het infotainementcircuit zichzelf in stand houden. Als Duitsland eind volgend jaar heeft gekozen, begint de aanloop naar de volgende Amerikaanse verkiezingen weer. Politiek is een continue wedstrijd geworden van de poppetjes waar de inhoud er niet toe doet.
En zo wordt er door de kletsende klasse automatisch voor gezorgd dat steeds meer mensen hun proteststemmen aan polariserende populisten geven.

De revolutie van de gewone man (Derk Jan Eppink Volkskrant 9 november 2016 p 29):
De drieschaar - anti-immigratie, antiglobalisering en anti-establishment - die de Brexit veroorzaakte, is geen eendagsvlieg. Dezelfde factoren splijten de Verenigde Staten. Trump, aanvankelijk weggehoond als buitenstaander, leidde eigenlijk een anti-establishmentbeweging.
Democratische leiders lieten, net als Europese socialisten, demografie voorgaan op sociologie. Via de voordeur haalden ze nieuwkomers binnen, als nieuw electoraat. Tegelijk joegen ze de arbeidersklasse eruit via de achterdeur. Als de oude, trouwe kiezers klaagden, kregen ze te horen dat ze racisten waren. 'Witte mannen.'
Politieke correctheid werkt niet meer als zweep voor groepsdenken. 'Seksist, racist, fascist' werden dode letters van culturele elites. De media, onderaannemers van het establishment, werden de 'leugenpers'. Het paternalisme van gevestigde media vervangen door de rebellie van sociale media.

In het universum geeft de weerspiegeling een wetenschappelijke onderbouwing van het projectiemechanisme van Carl Jung e.a. Zowel de Radboud Universiteit, de Universiteit Leiden als de Vrije Universiteit Amsterdam besteden aan het thema spiegelneuron serieus aandacht. De hamvraag is nu in hoeverre politici echt bereid zijn over hun eigen schaduw heen te stappen?
Het onderzoeksrapport ‘E i V’ verklaart de spirituele bewustzijnsverandering mede aan de hand van:
- Mimese (Plato)
- Deus sive Natura (Spinoza)
- Weerspiegelingstheorie (Hegel en Engels)
- Weerspiegeling, Weerkaatsing, Verbeeldingskracht (Blavatsky)
- Co-reflectie (Chardin)
- Projectiemechanisme (Freud, Herrmann, Jung, Kolb en Leary)
- Spiegelneuron (Iacoboni)
- Spiegelsymmetrie (Veltman, Standaardmodel)
- Zelfbewustzijn, Reflexief bewustzijn (Bewustzijnsschil)

Jeroen Buve van de Geert Grote Universiteit te Deventer is ‘de grootste Nederlandse filosoof van deze tijd’. Dat zegt Prof. Mr A.Q.C. Tak in de onlangs verschenen vijfde geheel herziene en geactualiseerde druk van zijn 4-delige standaardwerk over Het Nederlandse Bestuursprocesrecht in Theorie en Praktijk (Wolf Legal Publishers, 2014).
Daarom denk ik dat de Nederlandse filosofen pas wakker zullen worden als eerst de beoefenaren van alle andere disciplines in binnen- en buitenland het belang van de theorie van de veritas duplex zullen hebben ingezien. Maar ik ben hoopvol over de jongeren van nu: die begrijpen mijn verhaal meteen.’
Een nieuw paradigma. Niet minder dan dat wordt voorgesteld door Jeroen Buve, filosoof, bedenker van de theorie van de dubbele waarheid (veritas duplex) en geestelijk vader van een nieuw soort inrichting voor onderzoek en onderwijs, de Geert Grote Universiteit in Deventer. Zijn theorie staat compact vervat in Liber Universitatis. Aan de slapende intellectuelen van de Lage Landen.
J. Buve boek Liber Universitatis - Aan de Slapende Intellectuelen van de Lage Landen (Piet Ransijn recensie: Complementaire kennis en de ‘tweeledige waarheid’ van Plato en Aristoteles), het reflexief bewustzijn:

Plato onderscheidt in zijn Faidros (Phaedrus 246A ff., 253C ff.) drie aspecten van de menselijke ziel die hij vergelijkt met een wagenmenner achter een tweespan. Zowel de menner als wel de twee (gevleugelde) paarden zijn onderdeel van de tripartite ziel. Deze drie onderdelen zijn (in verschillende transcripties veelal hetzelfde):
- De menner, de logos of noes (nous) (intellect, het redenerende en kennende deel, Hoofd)
- Het nobele paard, de thumos, thumoeides (passie, wil, doorzettingsvermogen, Hart)
- Het weerspannige paard, epithumia, epithumetikon (trek, lust, driftleven, Onderbuik)

De relatie tussen navel (buik) en hart (p. 15):

De bijlage van hoofdstuk 2.1.1 bevat twee modellen om de zevenvoudige samenstelling van de mens weer te geven, een van de Purucker en een van Pryse. De overeenkomst tussen beide modellen vormt de doorsnede ‘Voertuig, Dierlijk-astrale-Ziel, Ziel en Geest’ van de Joodse Kabbalah.
De viervoudige indeling van de Kabbalah geeft de zevenvoudige samenstelling van de mens compact weer. Het is de basisstructuur, die in het boek van Pryse ook wordt weergegeven als 'Genitaliën - Navel - Hart - Hoofd'. Pryse werkt in zijn vierkant ‘I – II – III – IV’ het vierkant van de Joodse Kabbalah zeer gedetailleerd uit.
Het zal niet nodig zijn te zeggen dat beide auteurs uitgaan van de aanwezigheid in de Natuur van het Ene eeuwige element, het onkenbare 1e Beginsel van de theosofie. De tien beginselen van de mens bestaan uit een hogere en lagere Triade en een viertal. De twee driehoeken, Triaden beelden het conflict tussen de geestelijke- en dierlijke principes uit. De twee Triaden en het viertal beelden de tien Sephiroth van de Levensboom uit.
De “staf” (p. 96) waarmede het goddelijke kind de volkeren zal hoeden, is natuurlijk de caduceus (11e dimensie) van Hermês, de voorbeeldige schaapherder van de zielen. In de oudere mythologie vindt men deze magische staf in de hand van Neb, de God van wijsheid en “de bewaarder van de scepter van kracht”.

Weg met de tweedeling (Rob Witteveen Volkskrant 16 juli 2016 p. 29):
Goed dat René Cuperus in zijn column 'We zijn volk noch elite' (O&D, 11 juli) ruiterlijk erkent tot nieuwe inzichten te zijn gekomen. Ik ben de polarisatie op allerlei gebieden allang zat. Wit contra zwart, elite versus volk, hoogopgeleiden tegen laagopgeleiden, intellectuelen tegenover de onderklasse. Vreselijke typeringen over en weer. Heel zwart-wit redeneren dus, terwijl de grote middenmoot chronisch wordt overgeslagen ofwel in het midden gelaten. Nooit lees je wanneer je hoogopgeleid bent, wat zwart is, wat onderbuikgevoelens zouden zijn; elke nuance ontbreekt.
In de kranten die ik lees, komen de verstandigste inzichten doorgaans van lezers die brieven inzenden. De 'opinies' van de zich beroepshalve (soms krampachtig) profilerende broodschrijvers vind ik van veel minder gewicht. Het zijn vooral luchtbellen.

Lesje creatief boekhouden van Schiphol en Den Haag of Een lesje creatief boekhouden van 'Rupsje-nooit-genoeg' Schiphol (Marcel van Lieshout Volkskrant 16 juli 2016 p. 32):
Schiphol aast op een fikse uitbreiding. Kan mak-ke-lijk, beweert de luchthaven. Maar nieuwe vluchten moeten sowieso over dichtbevolkt gebied zoals Aalsmeer. Daar zijn bewoners het 'gechoogel' met cijfers spuugzat. Het nu al voortdurende geraas van vliegtuigen trouwens ook.
Deze maatregelen zijn volgens steeds meer bewonersorganisaties samen te vatten als 'creatief boekhouden'. Begrippen als 'Rupsje-nooit-genoeg' en Schiphol als 'staat in de Staat' duiken weer vaker op.

Stekel Zonder ego of Laten we van Kesteren naar Brussel sturen (Raoul du Pré Volkskrant 30 juni 2016 p. 21):
Schaduwkoning Niek Jan van Kesteren deed er woensdag in de Volkskrant alles aan om zijn mythische imago als machtig coulissenfluisteraar door te prikken. Met elke zin die hij uitsprak plaatste hij zichzelf nog wat verder op de achtergrond. En toen begrepen we opeens waarom hij zo succesvol kon opereren in de polder. Juist daarom! Wat een verademing.
- 'Je staat als een reiger langs de kant en slaat toe als de vis voorbijkomt. Ze moeten je niet zien.'
- 'Meestal zijn meningsverschillen opgeblazen door onkunde of emotie.'
- 'Kein Ego, keine Probleme. Zorg ervoor dat anderen met de eer gaan strijken.'
- 'Blaas jezelf niet op.'
En zo ging dat door. Van Kesteren is pas 63. Er is nog veel voor hem te doen. Als we hem nou eerst eens naar Brussel sturen om daar wat mensen bij de hand te nemen?

Wereldburgerschap en mensheidsbewustzijn in een mondiale samenleving(Piet Ransijn Civis Mundi 19 mei 2016):
In de crisistijd na de Franse Revolutie en de Napoleontische oorlogen probeerden de grondleggers van de sociologie Saint-Simon en Comte en anderen, inzicht te krijgen in de dynamiek van sociale structuren met bedoeling deze dan beter te kunnen sturen. Dat blijkt niet gemakkelijk te gaan. Inzicht alleen is niet genoeg. Men dient er ook naar te leven en te handelen. Daarbij zijn waarden, normen en doelen bepalend die niet worden bepaald door de wetenschap. Waardoor dan wel?
“Alle Menschen werden Brüder.” Het officieuze Europese volkslied uit de 9e symfonie van Beethoven werd geïnspireerd door de idealen van de Franse Revolutie: vrijheid, gelijkheid en broederschap. Wat is ervan terecht gekomen? We zijn er nog steeds mee bezig. Ongelijkheid en concentratie van rijkdom nemen toe. Dit gaat gepaard met toenemende maatschappelijke tegenstellingen, waardoor saamhorigheid en samen werking minder worden. Broederschap en begrip ten aanzien van vluchtelingen en andere religies en culturen laten te wensen over, terwijl de mondialisering en Europese integratie voorgaat. Of wordt het desintegratie met Brexit en Grexit en opkomende extreem rechtse partijen? Eigenbelang eerst en eigen volk eerst, zijn vaak principes die zwaarder wegen dan vrijheid, gelijkheid en broederschap die ook voor anderen gelden.

Wat houdt de samenleving bij elkaar? Sociologie en collectief bewustzijn (Piet Ransijn Civis Mundi 19 mei 2016):
Hoe zit de samenleving in elkaar? De samenhang van sociale structuur, cultuur en bewustzijn De samenleving bestaat uit een sociaal verband van mensen en groepen die onderling verbonden zijn door gemeenschappelijke gevoelens, opvattingen, gewoonten, normen en waarden. Deze vormen hun cultuur en collectief bewustzijn en geven hun leven zin en betekenis. Cultuur komt overeen met wereld 3 bij de wetenschapsfilosoof Karl Popper: geobjectiveerde geest of bewustzijn. Wereld 1 is de materiële wereld; wereld 2 is de geest, het bewustzijn met alle bewustzijnsinhouden zoals gedachten, gevoelens, gewaarwordingen, enz. Emile Durkheim omschrijft collectief bewustzijn als gemeenschappelijke opvattingen en gevoelens in The Rules of Sociological Method. Dit bewustzijn vormt als het ware de geïnternaliseerde ‘binnenkant’ van de samenleving. Peter Berger noemt dit ‘de samenleving in de mens’ in zijn inleiding in de sociologie Sociologisch denken / Invitation tot sociology of ‘de maatschappij als subjectieve realiteit’in The Social Construction of Reality (Sociologische bouwstenen).
Het (objectieve) sociale verband, de sociale structuur, wordt gevormd door het netwerk van onderling verbonden mensen en groepen, sociale structuren en processen, die door Norbert Elias figuraties worden genoemd vanwege hun dynamische karakter. Structuren zijn niet statisch, zoals bouwwerken, schrijft hij in zijn inleiding in Wat is sociologie?
De structurele ‘buitenkant’ en de ‘binnenkant’ van collectief bewustzijn
Sociale structuren of figuraties en de materiële cultuur vormen de meer zichtbare en tastbare ‘buitenkant’ of ‘objectieve realiteit’ van de samenleving, aldus Berger en Luckmann. Deze omvat zowel de sociaaleconomische onderbouw als de juridische, ethische, filosofische en religieuze bovenbouw in de zin van Marx. Het collectieve bewustzijn en de verinnerlijkte cultuur komen overeen met de minder tastbare ‘binnenkant’ of ‘subjectieve realiteit’ van de samenleving. Mensen hebben deze eigen gemaakt of verinnerlijkt en gesocialiseerd als ‘sociaal zelf’, aldus George Herbert Mead in Mind Self and Society en andere sociologen zoals Sorokin. In termen van Freud is dit sociale zelf het superego of Über-ich, een integraal aspect van hun persoon(lijkheid).
Verandering van sociale structuren, cultuur en bewustzijn
Max Weber heeft het over een ‘profetische doorbraak’, die door ‘de koek der gewoonten’ heen breekt, zie The Sociology of Religion. De protestantse ethiek werd gedragen door een puriteinse minderheid.
De implicatie van deze visie van Tiryakian is dat een sociologische analyse van structurele verandering de culturele en levensbeschouwelijke religieuze achtergrond in quasireligieuze groepen buiten de zichtbare gevestigde sociale kaders in beschouwing dient te nemen, meer dan tot dusver het geval was. Hij noemt als voorbeeld het motto van de Franse Revolutie: Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap. Het marxisme is een ander voorbeeld van een ideologie als een seculier substituut voor religie. Ook wetenschap kan een dergelijke functie vervullen, wanneer deze levensbeschouwelijke proporties krijgt, zoals Dessaur laat zien in haar boek De droom der rede. Tiryakian geeft nog meer voorbeelden.

Ethiek – het overbruggen van vrijheid en verantwoordelijkheid (Paul Zwollo):
Ongelimiteerde vrijheid voor de mens is ondenkbaar en onwenselijk. Misschien was dat de reden waarom het motto van de Franse revolutie in 1793 werd Liberté, Egalité et Fraternité (vrijheid, gelijkheid en broederschap). Door gelijkheid en broederschap toe te voegen aan vrijheid, hoopte men de mogelijk gevaarlijke nadelen van vrijheid alleen te vermijden. Daar de staat van de menselijke ontwikkeling verre van volmaakt was en is, is het ideaal van vrijheid ernstig misbruikt en is er afbreuk gedaan aan de waarden gelijkheid en broederschap.

Kan nationalisme ook verantwoord zijn? (Peter de Waard Volkskrant 16 juli 2016 p. 31):
Globalisme is uit, nationalisme is in. Zelfs de grootste propagandisten van de mondialiseringselite vallen van hun geloof.
Deze week bleek de Amerikaanse hoogleraar Larry Summers (minister van Financiën onder Clinton, voormalig hoofdeconoom van de Wereldbank en president van Harvard) te zijn bekeerd. Hij is sinds deze week 'verantwoord nationalist'.
Zo stelde het Centraal Planbureau deze week dat het vrijhandelsverdrag TTIP van de VS met de EU de Nederlandse handel naar Amerika doet verdubbelen. Dat levert 1,7 procent extra groei voor Nederland op. Maar in plaats van tegenstanders te overtuigen dat TTIP toch misschien niet zo slecht is, oogst het CPB slechts hoon. Het volk voelt zich door deze sommetjes voorgelogen. Economische pluspunten van globalisering worden gezien als even grote verzinsels als leven op Mars.
Alleen mogen de EU en de ECB zich niet meer met het financiële beleid van Italië en Griekenland bemoeien. En TTIP moet niet doorgaan. Dit 'werktuiglijk internationalisme' leidt in de ogen van Summers alleen maar tot 'meer verontrustende referenda en populistische demagogen die om het hoogste ambt strijden'.
Blijkbaar schaart hij zich niet achter Trump, Boris Johnson of Le Pen, maar probeert ze te dwarsbomen door zelf deels nationalistisch te worden. Hij denkt te weten wat het volk irriteert. De onvrede die tot Brexit leidde, wordt vooral veroorzaakt door technocraten die handelsverdragen in elkaar zetten en waken of de landen die ook naleven: de EU in Brussel, de WTO in Geneve (die doet overigens al 15 jaar niets meer) en IMF in Washington.
Maar misschien wordt de onvrede juist veroorzaakt door de gekozen politici in Den Haag, Londen en Washington.
Dat de pensioenen worden gekort - een van de meest boos makende maatregelen - kan moeilijk EU, IMF en WTO worden verweten. Het opzeggen van handelsverdragen zal de immigratie niet verminderen.
Er is geen enkele onderbouwing, laat staan garantie dat iets van 'verantwoord nationalisme' een antwoord is op de frustraties van vandaag.
Verantwoord internationalisme zou een betere optie zijn.

Wie houdt het Westen een spiegel voor? (Jip Schreibers Volkskrant 2 november 2015):
Waarom willen we schuldigen aanwijzen, de baas spelen, onszelf superieur voelen en geweld gebruiken? Ik wil dat niet. Ik doe er niet aan mee.
Ondoordacht
Althans; voor onze eigen westerse maatschappij doen we dat niet, bij de ander doen we dat graag. Het is makkelijk een groep aan te wijzen, om simpele oplossingen te zoeken, maar het is ook uiterst dom. Het is een emotionele reactie, het is ondoordacht.
Het is gevaarlijk dat zelfs in de politiek en de media dit soort gedachtegoed centraal wordt gesteld. Het lijkt of de westerse wereld de rest van de wereld een spiegel voor wil houden hoe de wereld er zogenaamd uit zou moeten zien. Maar wie houdt ons de spiegel voor?
Wat zijn wij wel niet aan het doen? Hoe egocentrisch en bijna narcistisch is het wel niet om te denken dat wij wel geweld kunnen en mogen gebruiken? Samenlevingen bombarderen en verafschuwen omdat bepaalde groepen individuen met extreme ideeën ons lijken te bedreigen (personen die niet het geluk hebben gehad zich in een veilige en gezonde omgeving te kunnen ontwikkelen).

Speculatie of Met bed-bad-brood ging het al bijna mis (Sheila Sitalsing Volkskrant 23 oktober 2015 p. 2):
Vele uren zendtijd en evenzovele kolommen krant laten zich moeiteloos vullen met speculaties over 'de houdbaarheid van de coalitie', speculaties die er achteraf vaak nét naast blijken te zitten. Etc.
Wel omdat dit - in vergelijking met waar we het mee hebben moeten doen in het recente verleden, en ondanks alle krankzinnigheid, ondoordachtheid, dwangmaatregelen, flutvoorstellen, dédain voor de rechtstaat, fixatie op beeldvorming, schadelijke plannen en andere malligheden - een goed kabinet is. Dat de ramen heeft opengezet, meer in gang heeft gezet dan vier kabinetten Balkenende bij elkaar, knap manoeuvreert in een versplinterd politiek landschap, taboes doorbreekt, de af en toe krankzinnige eigen Kamerfracties weet te apaiseren, en bevolkt wordt door een gezelschap dat onverwoestbaar vrolijk door de drek en de haat waadt.
Graag aanblijven dus. Maar ze zullen - waarschuwing: speculatie - wel weer niet luisteren.

Om het nieuwe paradigma te verklaren worden kwadranten gebruikt. Deze modellen tonen op eenvoudige wijze de polariteiten, de tegenstellingen waarop de wereld stoelt. De kwintessens (5Ddenkraam), de imaginaire verborgen 5e dimensie (perspectief) heeft op de levenskunst, de zingeving van het leven betrekking en ligt in de 4e dimensie besloten. Welke route kiezen we in het leven (vrije wil), dus waar gaan we voor in het leven?

Annine van der Meer DE UITDAGING VAN DE ZIEL, waarheid, weten en wijsheid (Theosofia maart 2014)
Bewustzijnsontwikkeling
Ik ga er vanuit dat er een drieledige mensheidsontwikkeling is. Vanuit een toestand van eenheid of ‘het paradijs’ (de nul-fase) gaat de geestvonk, omhuld door diverse zielelichamen, op een kosmische reis: het is de zoektocht naar de parel uit Het Lied van de Parel uit de Handelingen van Thomas, Was hij-zij een onbewuste hemelbewoner, dan wordt hij-zij uiteindelijk een van geest en ziel bewustgeworden aardebewoner. Het gaat vanuit Bezield Onbewust via Onbezield Bewust naar Bezield Bewust, zoals mijn collega Eileen van der Sande-Horvers bij het Jungiaans Instituut in haar cursus ‘De reis van de ziel’ scherp heeft opgemerkt. De eerste fase (nog dicht bij het ‘paradijs’) staat in het teken van de Moeder; de tweede (waarin wij ons nu als mensheid bevinden) in het teken van de Vader; de derde in het teken van hun verbinding, Moeder-Vader-Kind. Dat tijdperk van geïntegreerd bewustzijn van de Moeder-Vader in hun vrouwmannelijke Kind staat op het punt geboren te worden. Het is een tijdperk van nieuwe Bezieling en Geest. Mijn visie op de mensheidsontwikkeling is dat het teloorgaan van het bewustzijn van de Moeder mens en wereld heeft beroofd van ziel en geest, van de verbinding tussen geest, ziel en stof. Dit is echter slechts een tijdelijke fase en een noodzakelijk proces. De geboorte van de Nieuwe Mens is op handen: de Wereldmoeder verkeert in een heftig barensproces.

Verbeeldingskracht (universeel bewustzijn, kosmisch bewustzijn, autopoiese, aion, ideatie, actieve imaginatie van CarlJung), de kernkwaliteit creativethink - Ilya Prigogine heeft het over de ervaring van creativiteit - is het positief tegenovergestelde van chaos. Middels de ommekeer is het mogelijk ons met de natuurlijke kringloop (flow), te verbinden. We zijn medescheppers van iedere situatie die in ons leven ontstaat. Ieder initiatief, elk mens kan door het vlindereffect de zelfordening positief beïnvloeden. De chaostheorie leert dat alles met elkaar verbonden is en de onderzoeker niet af te scheiden is van het onderzoek. Alleen door dat wat is te accepteren komt de evolutie een stapje verder.

Tijd (Bert Wagendorp Volkskrant 31 december 2011)
Op 15maart 1955 overleed Michele Angelo Besso, sinds hun gezamenlijke jaren in Zürich de grootste vriend van Albert Einstein. Op Besso’s begrafenis zei Einstein dit: ‘Besso heeft deze vreemde wereld iets eerder dan ik verlaten. Dat betekent niets.Mensen zoals wij, die geloven in de natuurkunde, weten dat het onderscheid tussen verleden, heden en toekomst niet meer is dan een hardnekkige en voortdurende illusie.’
Ruim een maand later overleed Albert Einstein zelf en kon hij zijn theorie eindelijk empirisch toetsen – als tijd niet bestaat is de dood ook niet het einde van de tijd. Gezegend de taal van de Hopi-indianen, waarin woorden voor tijd en ruimte ontbreken en werkwoordvorming zich beperkt tot de tegenwoordige tijd – geen verleden en geen toekomende. Dat scheelt een hoop sores en bespiegelingen over vroeger en straks.
Wat voor jaar was 2011? was het een kanteljaar, waarin de contouren van een nieuwe tijd zichtbaar werden? Een tijd waarvan we ons nog amper een voorstelling kunnenmaken, maar die ons ooit nostalgisch zal doen terugkijken op dat laatste jaar van de oude tijd, toen onze dromen en illusies nog enigszins intact waren – een fijne zorgeloze tijd?
Het was per slot van rekening het jaar waarin het SCP vaststelde dat het nog steeds heel erg goed ging in Nederland –met hier en daar een klein donderwolkje aan de horizon. Was het een jaar waarin de stormaanwakkerde die in de jaren erna alle zekerheden omver zou blazen?
Misschien was het een jaar waarin de tijd zich juist groot en nadrukkelijk liet gelden, althans de tijd volgens de definitie van Aristoteles: ‘Wie praat over tijd praat over gebeurtenissen en relaties tussen gebeurtenissen. Tijd is demaatstaf van verandering.’
De tijd zal het leren, veelmeer kun je er niet van zeggen. Ik heb al te vaakmeegemaakt dat ogenschijnlijk rampzalige gebeurtenissen bij nader inzien vermomde zegeningen bleken. Met die ervaring leg ik beginnende wanhoop met een het zwijgen op.
Of was 2011 wellicht gewoon een jaar als alle andere, waarin we de consequenties van de gebeurtenissen onder onze neus schromelijk overschatten, omdat ze zich groot en dreigend aan ons voordeden en de relativerende tijd – goed, de illusie van de tijd – zich er nog niet over had ontfermd?
Het jaar 2011 was in elk geval het jaar van de sprintende neutrino – het deeltje dat de snelheid van de tijd versloeg. Tenminste, daar leek het op, als we ons niet schromelijk vergisten. In 2012 gaan we het nog eens goed nameten, want we geven zelfs de zekerheid van onze diepe onzekerheden niet graag op. Kunnen we weer helemaal opnieuw beginnen.
‘Het zou kunnen’, zei de natuurkundige Robbert Dijkgraaf vorige week in de Volkskrant, ‘dat straks blijkt dat 2011 een ongelooflijk jaar was.’ Het jaar waarin al onze zekerheden kantelden en oorzaak en gevolg van plaats verwisselden.

Stelling: Alleen een interdisciplinaire grensoverschrijdende benadering, een integrale denktrant, de synthese van de alfa-, béta- en gammawetenschappen, het onderkennen van de twee kanten van één medaille brengt de Theorie van alles een stapje verder.

Mark Rutte (Raoul du Pré en Philippe Remarque interview Volkskrant 31 december 2011)
Nederlanders hebben veel te veel schulden opgebouwd. Is het niet gewoon onbehoorlijk bestuur om al die waarschuwingen te blijven negeren?
‘Nee. De aftrek is een heel goed instrument. Eén: het corrigeert de veel te hoge belastingen in Nederland. Twee: het stimuleert de bezitsvorming. En over die vermeende schulden: ja, wacht eens even, het gaat niet om vakanties. Onder die schulden liggen stenen, grond – een huis dat gewoon waarde heeft…Bovendien staan tegenover die schulden onze pensioenpotten met 700miljard. Er is geen land ter wereld met zoveel spaargeld.’
De waarde van die huizen vermindert met de dag.
‘Ja, nadat die waarde jarenlang enorm is gestegen. Er loopt nu lucht uit de markt. Dat is onvermijdelijk. Huizenprijzen kunnen niet altijd blijven stijgen.’
Hoe verklaart u dat u zo’n beetje de laatste Nederlander bent die het probleem niet ziet?
‘Ik denk dat heel veel Nederlanders het met mij eens zijn. Misschien niet in de hoogste lagen, misschien niet de deskundigen, maar wel de bevolking.’
U bent bang voor de kiezers en De Telegraaf.
‘Nee. Nee. Oprecht niet. Ik ben echt overtuigd dat de aftrek een goede maatregel is. Ik zie niet in waarom ik met al die anderen mee zou moeten rennen naar die rode lap van de aftrek. Ik zie het echt niet.’

Denktank met Wijffels wil financiële sector veranderen (Volkskrant 26 november 2011)
Een denktank onder leiding van oud-Rabotopman Herman Wijffels de financiële sector definitief veranderen. Het doet daarvoor negen aanbevelingen. Afschaffen van de bonussen, nuts- en zakelijk bankieren uit elkaar halen, hogere kapitaalbuffers en meer ethiek in de sector zijn daarvan een paar voorbeelden.

De oplossing van de schuldencrisis komt een stapje dichterbij wanneer met de aanbevelingen van de Denktank van Wijffels een serieus begin wordt gemaakt. Blijft dit achterwegen dan mag niet worden verwacht dat de situatie verbeterd. De schuldencrisis is niet exclusief Europees maar doet zich ook in de Verenigde Staten, Japan en de UK voor en dient mede in een wereldwijd perspectief te worden geplaatst. Het ligt voor de hand dat banken lobbyen om maatregelingen die hun groei beperken tegen te houden. Er dient dus in nauwe samenwerking met de bankensector naar gemeenschappelijke oplossingen te worden gezocht.

Hallo, met Angela (Sheila Sitalsing Volkskrant 2 januari 2012)
Er zijn buitengewoon veel beproefde manieren om van ongewenste regimes of dito clubleiders af te komen. Verkiezingen liggen voor de hand, maar als dat niet lukt, kan het ook anders.
Stel dat Merkel besluit dat Knot en Teulings groot gelijk hebben met hun roep om structurele hervormingen in Nederland, te beginnen met de hypotheekrenteaftrek. Stel dat ze het mooie eindejaarsinterview heeft gelezen, afgelopen zaterdag in deze krant, waarin Mark Rutte heel precies uitlegt waarom hij niets aan de aftrek wil doen: ‘Ik denk dat heel veel Nederlanders het met mij eens zijn. Misschien niet in de hoogste lagen, misschien niet de deskundigen, maar wel de bevolking.’ Oei! Was dat niet het motto van Berlusconi: het volk vindt me leuk, fuck de deskundigen. Niet veel later was datzelfde volk buitenspel gezet en waren ‘de deskundigen’ aan de macht. Straks rinkelt op Paleis Noordeinde de telefoon.

Mark Rutte (Volkskrant 3 januari 2012)
Het interview met Mark Rutte oogt als een wedstrijdje touwtrekken met groene zeep. De premier heeft zijn onwrikbare waarheid verankerd in geroutineerd taalgebruik. De interviewers krijgen geen enkel houvast. Tenenkrommend. Hypotheekrenteaftrek is een heel goed instrument volgens onze premier. Eerste argument: ‘Het corrigeert de veel te hoge belastingen in Nederland.’Maar wat krijgen we nu, zijn die belastingen alleen te hoog Voor mensen met een hypotheek? Uitgaande van het gelijkheidsbeginsel, zou ik zeggen:meteen afschaffen die aftrek en het belastingvoordeel laten toevallen aan alle belastingbetalers. Altijd werd de aftrekregeling verdedigd met het argument dat de waarde van de huizen sterk zou dalen bij afschaffen van de regeling. Dat kunnen we de huizenbezitters (en de banken misschien?) niet aandoen. Nu de huizenprijzen aan het dalen zijn, is dat voor Mark Rutte geen probleemmeer. Ze zijn te veel gestegen: ‘Er loopt nu lucht uit de markt. Dat is onvermijdelijk.’ Wat een verademing deze premier, maar er loopt wel erg veel lucht uit. (Folkert Boersma)

Rens van Tilburg (O & D Euro in de knel Volkskrant 31 december 2011)
Nederland kent de twijfelachtige eer met Zwitserland en Ierland te behoren tot de mondiale topdrie als het gaat omde omvang van de bankensector in verhouding tot de eigen economie. We zouden daarom juist voorop moeten lopen met de beveiliging van de banken. Echter, waar elders hard wordt gestudeerd op bijvoorbeeld een splitsing van de risicovolle zakenbanken en spaarbanken waarvoor garanties gelden, heeft het kabinet deze mogelijkheid al als onwenselijk en onmogelijk terzijde geschoven (7 februari 2011).

Gedrag maakt de economie (Frank Kalshoven Volkskrant 31 december 2011)
Om de economie te maken die we willen, is geen middel zo krachtig als ons eigen gedrag. We ‘vullen’ het op zichzelf lege model van de sociale markteconomie zelf met onze voorkeuren en ons keuzegedrag. Mijn idee zou zijn om ons vaker de vraag te stellen: handel ik juist? Of: Geef ik het goede voorbeeld? Wat ‘goed’ is moet iedereen voor zichzelf bepalen.

Stelling: De Vierde , Vijfde en Zesde macht (Media) zorgen in Nederland voor de feedforward besturing, de groepsdynamiek in de samenleving en de 1e, 2e en 3e macht voor feedback. Door het technocratische beleid, met een sterke focus op het marktmechanisme is zowel in Den Haag als in Brussel, de politieke deugd een liefde voor allen, de geest van gelijkheid van Montesquieu voor een belangrijk deel door het fêteren van het grootkapitaal vervangen.

Claudia Valk Hoofd, Hart en Onderbuik (Volkskrant 30 december 2011)
David Brooks stelt intuïtie gelijk aan onderbuikgevoelens' (28 december 2011). Dit is mijns inziens niet hetzelfde. Er moet hier onderscheid worden gemaakt tussen wat van het hoofd is (ratio, cultuur), wat van het hart is (gevoelens, intuïtie) en wat van de buik is (begeerten, verlangens, het primitieve beest). ‘De buik’ wordt in het algemeen onder controle gehouden door ‘het hoofd’ doormiddel van cultuur en aangeleerde regels. Zou men vanuit zijn buik gaan leven, dan wordt het een bende. Mede omdat de onderbuikgevoelens sterk egocentrisch zijn. De intuïtie van het hart heeft niets te maken met onderbuikgevoelens of met emoties, die vaak ook egocentrisch zijn. ‘Het hart’ is niet op zichzelf gericht, maar op de omgeving, het collectief, het geheel. Mensen die vanuit hun intuïtie leven, kennen een hogere moraal, omdat zij niet zichzelf centraal stellen, maar anderen. Iemand die leeft vanuit zijn/haar hart is zichzelf tot een wet en weet intuïtief wat wel en niet kan. In principe heeft zo iemand geen regels en cultuur nodig om zich ‘te gedragen’. Het nadeel van intuïtie is het gebrek aan samenhang. Het is moeilijk te ordenen en in woorden uit te drukken. Daarvoor is het hoofd nodig, het verstandelijk redeneren.

'We moeten onszelf niet eenvoudiger maken dan wij zijn. Wij zijn vrij' (Jan Drost Volkskrant 1 oktober 2011):
Hersenonderzoekers als Dick Swaab zijn zo populair omdat zij ons bevrijden van onze vrijheid en verantwoordelijkheid. Maar zij vertellen leugens. Wij zijn vrij.

'Vrije wil meet je niet met een hersenscan' (Daan Evers en Niels van Miltenburg Volkskrant 15 september 2011)
Swaab mag best meningen geven over dingen die buiten zijn specialisme vallen. Wel is het jammer dat hij zo weinig kritisch is over onderzoek dat met zijn mening overeenstemt.

Zeepbellen doen zich niet alleen op de financiële markten voor maar ook in de wetenschap. Een schoolvoorbeeld van halfslachtige denkkaders tonen wetenschappers als Victor Lamme en Dick Swaab, die zich slechts met één kant van de medaille, met Cargo Cult Science bezighouden. Victor Lamme maakt de denkfout dat een hersenscan niet meer toont dan de wetenschap waarop de EEG is gebaseerd. Een computer kan wel het denken, maar niet het voelen, de menselijke emoties (begeerte) simuleren. Of met andere woorden een EEG of fMRI kan wel elektromagnetische spanningen registreren, maar het is de mens die ze moet interpreteren en de cliënt die aan de hand van deze informatie moet leren zijn gedrag aan te passen.

Het gaat bij dit veranderingsproces om de wederkerigheid, de overdracht tussen micro en macro, individu en collectief. Het individu beïnvloedt de gemeenschap en de omgeving beïnvloedt het individu. Hoe virulent de chemie tussen leider en volk kan zijn tonen de voorbeelden uit het verleden van de totalitaire ideologieën van Stalin en Hitler.
Voor Stalin was dat een socialistische wereldrevolutie, voor Hitler de overheersing van een zuiver Arisch ras. Op talrijke gebieden van het maatschappelijke leven – arbeidsverhoudingen, literatuur, schilderskunst, amusement, architectuur, rechtspraak, partijorganisatie - werd de bevolking in een staat van agitatie, enthousiasme en vrees gebracht (‘Het totalitaire perpetuum mobile’, Volkskrant 24 juni 2004).

De psyche (reflexief bewustzijn, zelfreflectie) werkt als een spiegel (weerspiegeling). Het is deze spiegel, het spiegelneuron, dat zorgt voor de golfbewegingen in de geschiedenis. Welke kant van de medaille, de aardse Tetrade (Standaardmodel, de gemanifesteerde werkelijkheid) of de hemelse Triade (ongemanifesteerde werkelijkheid), laten we overheersen? Alleen wanneer we ons meer met de Triade verbinden komt de beschaving een stapje verder. Meer opties zijn er niet en dat was al bij Pythagoras (De Gulden Verzen van Pythagoras) bekend.

Van elk van deze negenenveertig constellaties (sterrenbeelden) wordt gezegd, dat ze een principe, kracht of hoedanigheid in de mens zelve symboliseren; het gehele stelsel vormt een symbolisch wezen, een hemelse mens (Adem Kadmon of Tetragrammaton), uitgebeeld op de sterrenhemel.
Benjamin Adamah schrijft in zijn boek Nulpunt Revolutie over Adam Kadmon ons zuiver negentropische alter ego.

De éne werkelijkheid is dat het universum in het menselijke bewustzijn wordt weerspiegeld. De driehoek van Pythagoras en de categorieën van Aristoteles symboliseren al hoe de innerlijke wereld met de uiterlijke wereld, 'Wat en Hoe; Hoe en Wat' met elkaar worden verbonden.
De éne werkelijkheid, de reflecties van de metafysica op de werkelijkheid vormen een samenhangend symmetrisch geheel.

De gelijkenis van ‘De Farizeeër en de Tollenaar’
De volgende gelijkenis vertelde Hij met het oog op mensen die overtuigd zijn van hun eigen rechtvaardigheid en neerzien op alle anderen:'Twee mensen gingen naar de tempel om te bidden, de een was een farizeeër, de ander een tollenaar. De farizeeër ging daar staan en sprak in zijn gebed over zichzelf: "God, ik dank U dat ik niet ben zoals de andere mensen, hebzuchtig, onrechtvaardig en overspelig, of zoals die tollenaar daar! Ik vast tweemaal per week en geef een tiende weg van al mijn inkomsten." De tollenaar daarentegen, die op een afstand bleef staan, durfde zelfs zijn ogen niet naar de hemel op te slaan. Hij sloeg zich vol berouw op de borst en zei: "O God, genade voor een arme zondaar!" Ik verzeker jullie dat deze man gerechtvaardigd naar huis ging, en de ander niet. Want ieder die zich verheft zal vernederd worden, maar wie zich vernedert zal verheven worden.'

Gelijkenissen, paradoxen uit het Nieuwe Testament en de koans van het zenboeddhisme.
Als voorbeeld de parabel van de verloren zoon uit het Nieuwe Testament.

De éne werkelijkheid, de eeuwige wederkeer, beweging drukt de eenheid uit. Teilhard de Chardin: Alles divergeert en moet ook weer convergeren, zich samensluiten.

Het geweten van katholiek Nederland (Peter de Waard Volkskrant van 24 december 2009). Het artikel dat naar aanleiding van het overlijden van Edward Schillebeeckx is geschreven stipt het thema van de dualiteiten aan. Schillebeeckx stelt dat er geen enkel theologisch argument is tegen de wijding van vrouwelijke priesters.
Schillebeeckx verklaart dat ‘de mens zonder relatie tot een levende God een absurd en onbegrijpelijk wezen zou zijn. Zonder vrije en goede God zouden goed en kwaad op hetzelfde niveau liggen.’ God sterkt volgens hem de mensen in de overtuiging dat het goede het wint van het kwade. ‘Kortom, dat het leven ondanks alle negatieve ervaringen toch zin heeft.’

Individuatie is het algemene begrip dat Carl Jung gebruikte voor het leren kennen van de totaliteit van de psyche en het toekennen van de centrale plaats aan het ‘Zelf’, en die niet uit te leveren aan het ego. De theosofie maakt daarentegen van het begrip individualiteit gebruik.
De vijf belangrijkste archetypen van Jung zijn de persona, de anima, de animus, de schaduw en het zelf. Deze zijn van groot belang bij de vorming van onze persoonlijkheid en oefenen op onbewust niveau invloed uit op ons gedrag.

Het ‘Pad der Linkerhand’, het ‘ieder voor zich’ laat zien dat de mens door het maken van verkeerde keuzes zelf verantwoordelijk is voor het kwaad. Het collectief onbewuste van Carl Jung geeft de feedback om bij te leren. Er is zeker een overeenkomst tussen Sven Kramer en het neoliberalisme, beide denken voor goud te gaan, maar plotseling staan ze met lege handen. We kennen het resultaat van een proces, maar niet het proces zelf. De processen die onze beslissingen, keuzes en voorkeuren bepalen spelen zich voor een belangrijk deel onbewust af. Het is de in het universum ingebakken dualiteit (dichotomieën) die persoonlijke groei mogelijk maakt.

Uiteindelijk kunnen we Max Stirner werk het best opvatten als een antwoord op de vraag:
Welke rol speelt het bewustzijn wanneer het alle vormen van "onware kennis" heeft doorlopen en is opgeklommen tot het absolute?

Grote leraren zijn ’leiders’ die de mens in het centrum plaatsen, de dubbelzinnigheden, dubbele agenda’s doorzien en ontmaskeren. De geschiedenis leert dat grote leiders en denkers naar eenheid streven. Het zijn evenwichtskunstenaars, die de Gulden middenweg bewandelen en contrasterende eigenschappen verenigen. Grote leiders kijken naar een verschijnsel van verschillende kanten, denken grenzeloos, multidimensionaal en interdisciplinair en willen dingen aan de mensen geven die nopen tot nadenken.

H.P. Blavatsky Isis ontsluierd Deel 1
2 verschijnselen en krachten (p. 91):
Het komt zelden voor dat mensen iets in het ware of in een verkeerd licht zien, en tot hun conclusie komen door de vrije werking van hun eigen oordeel. Het tegenovergestelde is het geval. Men trekt meestal zijn conclusie door blindelings de mening te volgen die op dat moment heerst in het gezelschap waarin men verkeert. Een kerkganger zal geen absurd hoge prijs voor zijn plaats betalen, en een materialist gaat niet twee keer naar een lezing van Huxley over evolutie, omdat ze denken dat het juist is om dat te doen, maar alleen omdat meneer en mevrouw Huppeldepup dat hebben gedaan en omdat zij de grote Huppeldepups zijn.
3 Blinde leiders van de blinden (p. 142):
De positivisten laten, om dit onderwerp te besluiten, geen middel ongebruikt om het spiritisme te vernietigen ten gunste van hun religie. Hun hogepriesters moeten onvermoeibaar op de trompet blazen; en hoewel het niet waarschijnlijk is dat de muren van een modern
Jericho nooit door hun getoeter zullen instorten, laten ze toch niets na om het verlangde doel te bereiken. Hun paradoxen zijn uniek, en hun beschuldigingen tegen de spiritisten zijn van een onweerstaanbare logica. In een onlangs gehouden lezing, bijvoorbeeld, werd de opmerking gemaakt dat ‘het uitsluitend aankweken van het religieuze instinct seksuele immoraliteit veroorzaakt, en dat priesters, monniken, nonnen, heiligen, mediums, extatici en devote personen bekend staan om hun immorele gedrag’.

Anna Lemkow boek Het Heelheid Principe
Hoofdstuk 3 Moderne wetenschap: De eerste vierhonderd jaar (p. 92):
Arthur Koestler beschrijft in The Sleepwalkers hoe de vaders van de wetenschappelijke revolutie, allen vrome lieden, de delicate overgang volbrachten van het vertrouwen op God naar het vertrouwen in de wiskunde.83 Koestler schildert van deze mannen een portret. Je had Johannes Kepler (1571-1630), de Duitse astronoom en wiskundige, die de vader was van de moderne astronomie – “een denker voor wie alle uiteindelijke werkelijkheid, het wezen van religie, van waarheid en schoonheid, besloten lag in de taal der getallen.” Ten tweede had je Galileo Galileï (1564-1642), de Italiaanse astronoom, wis- en natuurkundige, de grondlegger van de moderne dynamica, die Keplers astronomische wetten aanvulde en de basis verschafte voor Isaac Newtons monumentale synthese van schijnbaar afzonderlijke wetenschappelijke resultaten. En ten derde had je René Descartes (1596-1650), de Franse filosoof, briljant wiskundige en wetenschapper, een moedig denker “die het hele universum beloofde te zullen reconstrueren uit materie en uitgebreidheid alleen [en] die het mooiste gereedschap van de wiskunde ontwierp: de analytische meetkunde.”83 (Descartes was de grondlegger van wat men het “cartesiaans dualisme” is gaan noemen – de onverenigbaarheid van geest en materie, van lichaam en geest en van de waarnemer en het waargenomene, die het filosofische en wetenschappelijke denken tot in onze tijd heeft beheerst – en behekst.)

Vogelbek blijkt klimaatgevoelig (Cor Speksnijder Volkskrant 9 november 2016 p. 31):
Nauw verwante zanggorsen in de VS hebben een eigen type airco in hun bek waarmee ze de energie- en vochthuishouding kunnen reguleren naar gelang de klimatologische omstandigheden.
'Met de scans werden structuren in de bek van de vogels zichtbaar gemaakt, die wij ons als ornithologen niet konden voorstellen', aldus een van de auteurs van de studie. 'Nu zien we pas goed hoe complex de bek van vogels kan zijn.'
In een warme omgeving is het voor vogels van belang dat ze overtollige warmte kwijtraken om oververhitting te voorkomen. Daarbij speelt de ademhaling een belangrijke rol. Net als bij vogels in een koude omgeving die zo veel mogelijk warmte moeten vasthouden. Vogels hebben relatief weinig vocht in hun lichaam en vochtverlies kan ertoe leiden dat ze uitdrogen. Daarom is ook de vochtregulatie cruciaal voor hun overleving.
Johan van Leeuwen, hoogleraar experimentele zoölogie aan de Wageningen Universiteit, acht het 'heel goed mogelijk' dat ook andere vogelsoorten dan de zangschors een vergelijkbare 'warmtewisselaar' hebben. 'Met deze CT-scans is weer bevestigd dat vogels, net als zoogdieren, zich onder druk van natuurlijke selectie aanpassen aan hun omgeving.'

Gerrit Teule stelt in zijn boek Wat Darwin niet kon weten (p. 315):
De bewustzijnsevolutie die in de theorie van Darwin ontbreekt, is nog lang niet ten einde. De mens is nog maar net tot zelfbewustzijn gekomen, en we hebben nog miljarden jaren voor de boeg.

De bewustzijnsevolutie, het tot zelfbewustzijn (paren van tegenstellingen zoals ‘Adam en Eva’ en ‘Abel en Kaïn’) komen, is op de twee kanten van een medaille van de esoterie gebaseerd. Het is met name Blavatsky, die in de De Geheime Leer dit gezichtspunt ontsluit. Dat veranderingen in het bewustzijn moeilijk zijn te meten wil nog niet zeggen dat ze er niet zijn. De evolutie van het bewustzijn rekent in millennia, zo niet in miljarden jaren.

We moeten er net als het antropisch principe van uitgaan dat de dingen zijn zoals ze zijn, het leven, het ontwerp is zoals het is. In dit kader is het interessant te verwijzen naar de 'De vier wie-vragen' Genen zijn niet belangrijker dan organismen (Richard Dawkins, NRC Handelsblad 22 mei 2004). De vierde vraag gaat over de zin van het leven, de waarde van ons gedrag om te overleven. Om de continuïteit van het leven op aarde voor de mensheid te waarborgen gaat het primair om de eenheid der tegendelen (kwalitatieve as), de hemelse triade en de natuurlijke selectie ('Survival of the fittest'). Het ‘ieder voor zich’ is een doodlopend spoor. De biologie belicht slechts de helft van het verhaal. De bewustzijnsevolutie laat zien dat in het leven juist samenwerking wordt beloond.

'Survival of the fittest' (‘overleven van de geschiktsten’) wordt vaak verward met 'het recht van de sterkste'. Een organisme hoeft echter niet de 'sterkste' te zijn om betere overlevingskansen te hebben dan anderen. Een betere camouflage of beter vluchtgedrag kunnen overlevingskansen vergroten en er voor zorgen dat een organisme 'the fittest' is. Het dier dat het best is aangepast aan diens omgeving en daardoor de beste overlevingskansen heeft, is de 'fittest'.
Het betekent al helemaal niet dat de 'sterkste' het morele recht heeft te doen wat hij wil met de 'zwakkere' met de motivatie dat dat nu eenmaal zo werkt in de natuur.

Het feit dat de resultaten van de moleculaire vergelijking niet voor de evolutietheorie, maar eerder daartegen spreken, wordt ook toegegeven in een artikel met als titel "Is it time to uproot the tree of life?" gepubliceerd in het tijdschrift Science in 1999. Dit artikel door Elzibet Pennisi zegt, dat de genetische analyse en vergelijkingen die door de Darwinistische biologen zijn uitgevoerd om het licht over de 'levensboom' te laten schijnen, eigenlijk tot de tegenovergestelde resultaten leidden, en zegt dat: "de nieuwe gegevens vervuilen het evolutionistische plaatje"

Carl Woese (Syracuse (New York), 15 juli 1928) is een Amerikaanse microbioloog die bekend is vanwege het definiëren van de Archaea als domein (rijk) van organismen in 1977. Daarnaast stelde hij de hypothese van een RNA-wereld op.
De genetische code van Nirenberg schrijft voor hoe mRNA wordt gelezen om een eiwit te vormen. In 2006 hebben Andrew Fire (VS) en Craig Mello (VS) de Nobelprijs gekregen voor het ontdekken dat genen stilgelegd kunnen worden (RNA-interferentie).

Harun Yahya in zijn boek Het Bedrog van de Evolutieleer (HOOFDSTUK 13 Wat evolutionisten beweren en de feiten):
Noch de vergelijking om die uit de proteïnen gemaakt werden, noch die van rRNA's of genen bevestigden de vooronderstelling van de evolutietheorie.
Carl Woese, beroemd bioloog van de Universiteit van Illinois, heeft dit erover te zeggen:

"Er is geen consistent organisch fylogenie uit de vele individuele proteïne-fylogenies die tot dusver geproduceerd zijn, verschenen. Overal kunnen fylogenetische buitensporigheden gezien worden in de universele boom, van de wortel tot de belangrijkste takken en onder de verschillende (groepen) tot zelfs tot het uiterlijk van de belangrijkste groepen."182

Aan het geloof zijn ethische consequenties verbonden, het bijgeloof lapt ze aan haar laars.
Bijgeloof, met name groupthink en zelfmisleiding duiden op een verkeerd gebruik van de hersenfunctie. Groupthink is een vervorming van Creativethink. Er is geen bereidheid over de eigen schaduw heen te springen, het navelstaren komt centraal te staan.

René Meijer De Ether Bestaat!
Deel I: Methoden en Wetenschap
Inhoud (p. 20/21):
De einsteiniaanse misvatting lijkt, met het serieus nemen van de kritiek, te bestaan uit het verwarren van snelheid met verandering. Snelheid is niet een absolute waarde, zoals de heilige drie basiselementen van de natuurkunde, te weten ruimte, tijd en materie dat wel zijn. Met de tijdruimte die de materie toont, zijn het die drie elementen die als de natuurkundige heilige drie-eenheid van God elkaar definiëren en niet tot iets anders te herleiden zijn. Bij de filosoof D. Hume (1711-1776) in Het Menselijk Inzicht, heten ze uitgebreidheid, massa en beweging en bij Vyâsadeva, akas'a, prakriti en kâla. Ze vormen elkaars voorwaarde in de schepping, de een is niet denkbaar zonder de ander. De tijd is het leven, de beweging van de materie in de ruimte. De ruimte is de tijdsafstand, het fenomeen van de zwaartekracht, tussen materiële voorwerpen. De materie is het electromagnetische effect van de werking van de tijd op de potentie van de uitdijende ruimte, de tijd die bij de wet van reactie van lineair cyclisch werd en zo in tegenstelling de zwaartekracht, de oerpotentie dus, omvormde tot materie (zij het niet geheel, blijkens het niet kunnen vinden van de z.g. onzichtbare 'donkere materie', die volgens 5.20: 38 in de Bhâgavata Purâna drie kwart van de schepping beslaat).
37: De doctrinaire inspanning van de filognostische wereldbeschouwing, zoals in dit boek uiteengezet, betreft deels de bestrijding van alle mogelijke vormen van vervalsing, of valse eenmaking van het ego, of dat nu de vervalsing van het klassenbewustzijn betreft, het politiek bewustzijn, het religieus bewustzijn of de meer wetenschappelijke vormen van arrogantie, enggeestigheid en vervreemding. Met het met deze postmoderne herstart van de gnostiek daarin een constructieve spirituele verzoening van de wetenschap en de religie voor ogen hebben, is er voor ieder van de drie genoemde heilige onderwerpen van de wetenschap, de spiritualiteit en de religie - die respectievelijk de feiten, de principes en het respect voor de persoon aan de orde stellen - een dualiteit die alzo in dit boek in een indeling in zes secties resulteert. Deze zes secties corresponderen met de in India gehanteerde darshana's of zes klassieke zienswijzen die er zijn om de menselijke neiging tot het vervalsen van het ik-besef van de ziel - en dus ook van een bepaalde orde van de tijd met de ether - te bestrijden. De nyâya van de logische aanpak in India, werd vertaald in de methodisch/structurele filosofische overwegingen van deze sectie; de vais'eshika van het meer atheïstische Indiase eenheidsdenken werd vertaald in de cijfers en termen van de nuchtere natuurwetenschap; de sânkhya van de analytische filosofie werd vertaald in een analytische sectie toegespitst op de kunst; de yoga van het vinden van verzonkenheid werd vertaald in de spiritualiteit van het ontwikkelen van een zeker abstractievermogen; de mîmâmsâ van de cultuur der rituelen werd vertaald in persoonlijke en religieuze overwegingen, en de vedânta-cultuur van de commentaren werd vertaald in een politiek reformatorische geest. Deze gezichtspunten hebben dan gemeen: 1) een continuerend zelf, 2) een werklast, 3) bevrijding in dienstbaarheid, en 4) een referentiecultuur. De identiteit en integriteit van de filognosie is zo met zes aspecten beschreven ongeveer zoals de empirist D. Hume (1711-1776) op zijn manier de kennis indeelde.
187/188: Klassieke referentie: voor de indeling wordt de klassieke referentie gevormd door de zes darshana's of visies waar de indiase filosofie uit is opgebouwd die de basis vormt voor de structuur van de kennis van de Bhâgavata Purâna van Vyâsadeva. Naar de filognostische versie van het zesvoudige van de filosofische methode, de paradigmatische wetenschap, de kunstminnende analyse, de overstijgende spiritualiteit, het religieus geassocieerde persoonlijke en het politieke van commentaren en tot compromis bereidde aanpassingen, is het zo, zoals dat is met de oorspronkelijke darshana's, dat de visies gemeenschappelijk hebben:
1) Het begrip van een bewust en continuerend zelf of een ziel.
2) Het begrip van het kruis of de werklast te dragen door een individu, familie of volk.
3) Het perspectief van een oplossing van bevrijd zijn in dienstbaarheid.
4) Het onderkennen van de autoriteit van een gevestigde cultuur van schriftuurlijke referentie.
In de westerse filosofie vinden we bij Hume in zijn Verhandeling over de Menselijke Natuur (I.III-1 - Over kennis) een zevendeling waarmee min of meer de filognosie kan worden beschreven als de identiteit van de gelijkenis in filosofische overwegingen wat betreft de natuurlijke orde van de relaties van tijd en plaats, waarbij de verhoudingen van kwantiteit, het getal, de schoonheid en de kunst van de analyse, in combinatie met de kwaliteit van het niveau' van overstijging en verbondenheid in verzaking, leiden tot de oorzaak-en-gevolgredeneringen in de religie en de biografie van de persoonskunde, zodat uiteindelijk de tegenstelling van de politiek van maatschappelijk verantwoording nemen wordt bereikt.

Ethiek kan descriptief of prescriptief zijn. Bij het bestuderen (en beschrijven) van moraal zonder zelf een moreel standpunt in te nemen spreken we over descriptieve ethiek. Daarnaast kunnen ethici zelf ook standpunten uitdragen en verdedigen, wat we als prescriptieve ethiek definiëren.

In Meta-ethics the is-ought problem was articulated by David Hume (Scottish philosopher and historian, 1711–1776), who noted that many writers make claims about what ought to be on the basis of statements about what is. However, Hume found that there seems to be a significant difference between descriptive statements (about what is) and prescriptive or normative statements (about what ought to be), and it is not obvious how we can get from making descriptive statements to prescriptive.

H.P. Blavatsky beschrijft Kosmos en mens, respectievelijk de macrokosmos en microkosmos in de Delen I en II van De Geheime Leer.
In het informatie registrerende en overdragende Akasha-veld van het universum worden de correlaties tussen de micro - en macrokosmos tot stand gebracht. Het 'Hoe en Wat' in de aardse microkosmos, de mens staat tegenover het 'Wat en Hoe' in de hemelse macrokosmos, het universum.
Het scheppingsproces op aarde dient met het scheppingsproces in de hemel te worden verbonden.

H.P. Blavatsky Geheime Leer Deel I Proloog (p. 45):
Het zal dus duidelijk zijn dat de tegenstelling tussen deze twee aspecten van het Absolute essentieel is voor het bestaan van het ‘gemanifesteerde Heelal’. Zonder kosmische substantie zou de kosmische verbeeldingskracht zich niet kunnen manifesteren als individueel bewustzijn, omdat bewustzijn alleen door middel van een materieel voertuig te voorschijn komt als ‘ik ben ik’. Er is immers een stoffelijke grondslag nodig om een straal van het universele denkvermogen in een bepaald stadium van ingewikkeldheid ergens op te richten. Evenzo zou kosmische substantie zonder kosmische verbeeldingskracht een lege abstractie blijven en er zou geen bewustzijn uit voortkomen.
46: Zo is ons bewustzijn afkomstig van de geest of de kosmische verbeelding; de verschillende voertuigen waarin dat bewustzijn wordt geïndividualiseerd en tot zelf- of reflectief bewustzijn komt, zijn afkomstig van de kosmische substantie; terwijl fohat in zijn verscheidene manifestaties de geheimzinnige schakel vormt tussen denkvermogen en materie, het bezielende beginsel dat ieder atoom tot leven prikkelt.
(b) De eeuwigheid van het Heelal in toto als een grenzeloos gebied, periodiek ‘het toneel van talloze Heelallen die zich onophoudelijk manifesteren en weer verdwijnen’ en die ‘de zich manifesterende sterren’ en ‘de vonken van de eeuwigheid’ worden genoemd. ‘De eeuwigheid van de pelgrim21’ is als een oogwenk van het Zelf-bestaan (Boek van Dzyan). ‘Het verschijnen en verdwijnen van werelden is als een regelmatig getij van eb en vloed.’ (Zie Afdeling II, ‘Dagen en nachten van Brahma’.)
21) ‘Pelgrim’ is de benaming die wordt gegeven aan onze monade (de twee in één ) gedurende haar cyclus van incarnaties. Zij is het enige onsterfelijke en eeuwige beginsel in ons, omdat zij een ondeelbaar onderdeel is van het integrale geheel – de universele geest, waaruit zij voortkomt en waarin zij aan het eind van de cyclus wordt opgenomen. Als men zegt dat zij uit de ene geest voortkomt, moet men een onbeholpen en onjuiste uitdrukking gebruiken, bij gebrek aan meer geschikte woorden in het Nederlands. De aanhangers van de Vedanta noemen haar sutratma (draad-ziel), maar ook hun uitleg verschilt iets van die van de occultisten. Het verklaren van dit verschil wordt echter aan eerstgenoemden zelf overgelaten.
Geheime Leer Deel I Stanza 1 De nacht van het heelal (p. 66):
(a) Tijd is alleen maar een illusie, voortgebracht door de opeenvolging van onze bewustzijnstoestanden op onze reis door de eeuwige duur; hij bestaat niet waar er geen bewustzijn is waarin die illusie kan worden teweeggebracht, maar ‘ligt dan te slapen’. Het nu is slechts een wiskundige lijn die dat deel van de eeuwige duur dat wij de toekomst noemen, scheidt van het gedeelte dat wij het verleden noemen. Niets op aarde heeft werkelijke duur, want niets blijft ook maar tijdens het miljardste deel van een seconde onveranderd of gelijk. De gewaarwording die wij hebben van de werkelijkheid van het deel van de ‘tijd’ dat bekend staat als het nu, wordt veroorzaakt door het vervagen van dat kortstondige beeld, of opeenvolging van beelden, die door onze zintuigen worden opgevangen, terwijl de waargenomen dingen overgaan van het gebied van idealen dat wij de toekomst noemen, naar dat van herinneringen dat wij het verleden noemen.
69: (a) Er zijn zeven ‘paden’ of ‘wegen’ naar de gelukzaligheid van het Niet-bestaan, dat absoluut Zijn, Bestaan en Bewustzijn is. Zij waren niet, omdat het Heelal tot dat moment leeg was en slechts in de goddelijke gedachte bestond. Want het is . . .
69/70: Maya of illusie is een element dat bij alle eindige dingen optreedt, want alles wat bestaat heeft alleen maar een relatieve en geen absolute werkelijkheid, omdat de vorm waarin het verborgen noumenon voor een waarnemer verschijnt, afhangt van zijn waarnemingsvermogen. Voor het ongeoefende oog van een barbaar is een schilderij eerst een zinloze wirwar van gekleurde strepen en klodders, terwijl een geoefend oog er onmiddellijk een gezicht of een landschap in ziet. Niets is blijvend, behalve het ene verborgen absolute bestaan dat in zichzelf de noumena van alle werkelijkheden bevat. De bestaansvormen die tot ieder gebied van het zijn behoren, tot de hoogste Dhyan-Chohan toe, hebben tot op zekere hoogte iets van schaduwen, die door een toverlantaarn op een kleurloos scherm worden geworpen; toch zijn alle dingen betrekkelijk reëel, want ook de waarnemer is een weerspiegeling, en de waargenomen dingen zijn daarom voor hem even werkelijk als hijzelf. De werkelijkheid die de dingen misschien bezitten, moet men erin zoeken vóór of nadat zij als een flits door de stoffelijke wereld zijn heengegaan; maar wij kunnen zo’n bestaan niet rechtstreeks waarnemen zolang wij waarnemingsinstrumenten hebben die slechts het stoffelijke bestaan binnen het bereik van ons bewustzijn brengen. Op welk gebied ons bewustzijn ook werkzaam is, zowel wij als de dingen die tot dat gebied behoren, zijn voor dat moment onze enige werkelijkheden. Naarmate wij een hogere trap van ontwikkeling bereiken, bemerken wij dat we tijdens de stadia die we hebben doorlopen schaduwen voor werkelijkheden hebben aangezien. Het omhoogklimmen van het ego is een reeks steeds verdergaande bewustwordingen, waarbij iedere vordering de gedachte meebrengt dat we nu eindelijk de ‘werkelijkheid’ hebben bereikt. Wij zullen echter pas vrij zijn van de door maya voortgebrachte waanvoorstellingen, wanneer wij het absolute Bewustzijn hebben bereikt en het onze daarin hebben laten opgaan.
74: Wat is de tijd bijvoorbeeld anders dan de opeenvolging in panorama’s van onze bewustzijnstoestanden? Met de woorden van een Meester, ‘Het irriteert mij deze drie onhandige woorden – verleden, heden en toekomst – te moeten gebruiken, die armzalige begrippen van de objectieve fasen van het subjectieve geheel; zij zijn vrijwel even weinig geschikt voor het doel als een bijl voor fijn houtsnijwerk.’ Men moet paramartha verkrijgen opdat men niet een te gemakkelijke prooi wordt voor samvriti – dit is een filosofisch axioma7.
7) Duidelijker gezegd: ‘Men moet waar zelfbewustzijn verkrijgen om samvriti, de ‘oorsprong van de misleiding’, te begrijpen.’ Paramartha is synoniem met de Sanskrietterm svasam-vedana of ‘de bespiegeling die zichzelf analyseert’. Er is een verschil in interpretatie van de betekenis van ‘paramartha’ tussen de Yogacharya’s en de Madhyamika’s, maar geen van beiden verklaren de werkelijke en ware esoterische betekenis van de uitdrukking. Zie verder Sloka 9.
77/78: (b) Droomloze slaap is een van de zeven bewustzijnstoestanden die in de oosterse esoterie bekend zijn. In elk van deze toestanden komt een ander gedeelte van de geest in werking; of zoals een aanhanger van de Vedanta het zou uitdrukken: is het individu bewust op een ander gebied van zijn wezen. De uitdrukking ‘droomloze slaap’ wordt in dit geval allegorisch toegepast op het Heelal om een toestand uit te drukken die enigszins analoog is aan die bewustzijnstoestand van de mens, die deze zich in waaktoestand niet herinnert en die een leegte schijnt te zijn, op dezelfde manier als waarop de slaap van een gehypnotiseerd persoon voor hem een onbewuste leegte schijnt te zijn als hij tot zijn normale toestand terugkeert, ofschoon hij heeft gesproken en gehandeld zoals een bewust individu zou doen.
81: Volgens Hegel zou het ‘onbewuste’ de omvangrijke en moeizame taak van het ontwikkelen van het Heelal slechts hebben ondernomen in de hoop een helder zelfbewustzijn te bereiken.
Een aanhanger van de Vedanta zou nooit de juistheid van dit denkbeeld van Hegel erkennen en de occultist zou zeggen dat het precies van toepassing is op het ontwaakte MAHAT, het universele denkvermogen, dat al is geprojecteerd in de wereld van de verschijnselen als het eerste aspect van het onveranderlijke ABSOLUTE, maar nooit op dit laatste. ‘Geest en stof, of purusha en prakriti’, zo wordt ons geleerd, ‘zijn slechts de twee oorspronkelijke aspecten van het Ene en Ongeëvenaarde’.
Geheime Leer Deel I Stanza 2 Het denkbeeld van differentiatie (p. 86/87):
Om zichzelf te kennen is bewustzijn en waarneming nodig (beide zijn beperkte vermogens die betrekking kunnen hebben op ieder onderwerp, behalve op Parabrahm). Vandaar de ‘eeuwige adem die zichzelf niet kent’. Het oneindige kan het eindige niet begrijpen. Het grenzeloze kan niet in betrekking staan tot het begrensde en het voorwaardelijke. Volgens de occulte leer is de onbekende en onkenbare BEWEGER, of het zelf-bestaande, de absolute goddelijke Essentie. En omdat dit absoluut Bewustzijn en absolute Beweging is – voor het beperkte gevoel van degenen die dit onbeschrijflijke beschrijven – is het onbewustheid en onbeweeglijkheid. Concreet bewustzijn kan niet als eigenschap worden toegeschreven aan abstract Bewustzijn, evenmin als de eigenschap ‘nat’ aan water – want natheid is het wezenlijke van water en de oorzaak van het nat zijn van andere dingen. Bewustzijn houdt beperkingen en kwalificaties in; iets om zich van bewust te zijn en iemand die zich ervan bewust is. Maar absoluut Bewustzijn sluit de kenner, het gekende en de kennis alle drie in zich, en alle drie zijn één. Niemand is zich van meer bewust dan dat deel van zijn kennis dat hij op een bepaald tijdstip in zijn herinnering heeft teruggeroepen, maar de taal is zó arm, dat we geen woord hebben om de kennis waaraan we in feite niet denken, te onderscheiden van kennis die we niet in ons geheugen kunnen terugroepen. Vergeten is synoniem met zich niet herinneren. Hoeveel groter moet dan de moeilijkheid zijn om termen te vinden om abstracte metafysische feiten of verschillen te beschrijven en te onderscheiden. Men moet ook niet vergeten dat wij aan de dingen namen geven in overeenstemming met de uiterlijke vorm die zij voor ons aannemen. Wij noemen absoluut bewustzijn ‘onbewustheid’, omdat het ons toeschijnt dat dit noodzakelijk zo moet zijn. Zo noemen wij het Absolute ook ‘duisternis’, omdat het voor ons eindige begrip volkomen ondoordringbaar schijnt; toch erkennen wij ronduit dat onze waarneming van dergelijke dingen deze geen recht doet. Onwillekeurig maken wij in onze gedachten onderscheid tussen bijvoorbeeld onbewust absoluut bewustzijn en onbewustheid, door stilzwijgend aan het eerste een onbepaalde eigenschap toe te kennen, die – op een hoger gebied dan waartoe onze gedachten kunnen reiken – overeenkomt met wat wij in onszelf als bewustzijn kennen. Maar dat is geen soort bewustzijn dat wij kunnen onderscheiden van wat ons als onbewustheid voorkomt.
Geheime Leer Deel I Stanza 5 Fohat: kind van zevenvoudige hiërarchieën (p. 154):
De twee voornaamste theorieën van de wetenschap over het verband tussen bewustzijn en stof zijn het monismeen het materialisme. Deze twee bestrijken het hele gebied van de negatieve psychologie, met uitzondering van de quasi-occulte opvattingen van de Duitse pantheïstische scholen18.
18) De meningen van onze hedendaagse wetenschappelijke denkers over het verband tussen bewustzijn en stof kan men terugbrengen tot twee hypothesen. Hieraan ziet men, dat beide de mogelijkheid uitsluiten van een onafhankelijke ziel, gescheiden van de stoffelijke hersenen waardoor deze werkt. Het zijn:
(1.) Het MATERIALISME, de theorie die bewustzijnsverschijnselen beschouwt als het product van een moleculaire verandering in de hersenen, m.a.w. als het gevolg van een omzetting van beweging in gevoel (!). De meer primitieve school ging eens zover, dat zij het bewustzijn vereenzelvigde met een ‘bijzondere manier van bewegen’ (!!), maar deze opvatting wordt nu gelukkig door de meeste geleerden zelf als absurd beschouwd.
(2.) Het MONISME of de leer van de enkelvoudige substantie is de meer subtiele vorm van negatieve psychologie, die een van haar voorstanders, professor Bain, heel knap ‘voorzichtig materialisme’ noemt. Deze leer, die veel aanhangers heeft en onder haar verdedigers mannen telt zoals Lewis, Spencer, Ferrier en anderen, stelt in het algemeen wel het denken en de bewustzijnsverschijnselen radicaal tegenover de stof, maar beschouwt beide toch als de twee kanten of aspecten van een en dezelfde substantie in enkele van haar vormen. Volgens hen is gedachte als zodanig volkomen tegengesteld aan stoffelijke verschijnselen, maar zij moet ook worden beschouwd als alleen maar de ‘subjectieve kant van zenuwbeweging’ – wat onze geleerden daarmee ook mogen bedoelen.
De Geheime Leer Deel I, Enkele vroegere theosofische misvattingen over planeten, ronden en de mens(p. 194):
Vanaf het begin is verklaard en daarna herhaaldelijk bevestigd: (1) dat geen enkele theosoof, zelfs niet als aangenomen chela, – en dus in geen geval een lekenleerling – kon verwachten dat de geheime leringen hem grondig en volledig zouden worden verklaard, voordat hij zich onherroepelijk en plechtig aan de Broederschap had verbonden en tenminste één inwijding had ontvangen, omdat aan het publiek geen cijfers en getallen kunnen worden gegeven, want cijfers en getallen zijn de sleutel tot het esoterische stelsel; (2) dat wat werd geopenbaard, slechts de esoterische binnenkant was van wat is neergelegd in bijna alle exoterische geschriften van de wereldreligies – in het bijzonder in de Brahmana’s, en de Upanishads van de Veda’s en zelfs in de Purana’s.
196: ‘Leid het leven dat noodzakelijk is voor het verkrijgen van die kennis en vermogens, en wijsheid zal vanzelf tot u komen. Steeds wanneer u in staat bent om uw bewustzijn af te stemmen op een van de zeven snaren van het ‘universele bewustzijn’; die snaren die zijn gespannen op het klankbord van de Kosmos en die trillen van eeuwigheid tot eeuwigheid; wanneer u ‘de muziek van de sferen’ grondig hebt bestudeerd, pas dan zult u geheel vrij zijn om uw kennis te delen met hen met wie dit veilig is.
De Geheime Leer Deel I Stanza 6. Vervolg (p. 228):
In de Kabbala worden de werelden vergeleken met vonken die wegvliegen van onder de hamer van de grote architect – de WET, de wet waaronder al de kleinere scheppers vallen.
Het volgende vergelijkende diagram laat zien dat de twee stelsels, het kabbalistische en het oosterse, overeenkomsten vertonen. De bovenste drie lagen zijn de drie hogere bewustzijnsgebieden, die in beide scholen alleen aan de ingewijden worden onthuld en verklaard. De onderste lagen geven de vier lagere gebieden weer – het laagste is ons gebied, of het zichtbare Heelal.
Deze zeven gebieden corresponderen met de zeven bewustzijnstoestanden in de mens. Het is zijn taak om zijn eigen drie hogere toestanden af te stemmen op de drie hogere gebieden in de Kosmos. Maar voordat hij dit kan proberen, moet hij de drie ‘zetels’ ervan tot leven en activiteit opwekken. En hoevelen zijn in staat zich ook maar een oppervlakkig begrip te vormen van atma-vidya (geest-kennis), of wat door de soefi’s wordt genoemd rohanee? In sloka 3 van de toelichting op Stanza VII in dit Deel zal de lezer een nog duidelijker uitleg van het bovenstaande vinden bij de bespreking van saptaparna de mens-plant. Zie ook de paragraaf met die naam in Afd. II.
H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel I Stanza 7 De voorvaderen van de mens op aarde (p. 261):
Filosofisch beschouwd is de mens in zijn uiterlijke vorm eenvoudig een dier, nauwelijks volmaakter dan zijn aapachtige voorvader uit de derde Ronde. Hij is een levend lichaam, geen levend wezen, omdat het besef van bestaan, het ‘ego-sum’, zelfbewustzijn vereist, en een dier kan alleen rechtstreeks bewustzijn of instinct hebben.
263: Als de occultist dus zegt, dat de ‘duivel de schaduwzijde van god is’ (het kwaad, de keerzijde van de medaille), bedoelt hij niet twee afzonderlijke werkelijkheden, maar de twee aspecten of facetten van dezelfde Eenheid.
Geheime Leer Deel I Samenvatting (p. 301):
(6.) Het Heelal wordt van binnen naar buiten bestuurd en geleid. Zoals boven, zo is het ook beneden, zoals in de hemel, zo ook op aarde; en de mens – de microkosmos en het verkleinde evenbeeld van de macrokosmos – is de levende getuige van deze universele wet en van haar manier van werken.
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 3 Oorspronkelijke substantie en goddelijke gedachte (p. 356):
Ook nu begrijpen ze het niet. De evolutie van het GODSBEGRIP houdt gelijke tred met de verstandelijke ontwikkeling van de mens zelf. Dit is zo waar, dat het hoogste ideaal waarnaar de religieuze geest in een tijdperk kan opstijgen, aan de filosofische geest in een volgende periode slechts een grove karikatuur zal toeschijnen! De filosofen zelf moesten worden ingewijd in de waarnemingsmysteriën, voordat zij de juiste opvatting van de Ouden in verband met dit heel metafysische onderwerp konden begrijpen.
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 8 Leven, kracht of zwaartekracht (p. 590):
‘Verkondig dit wonderbaarlijke mysterie . . . Hoor het volledige vaststellen van de oorzaken. De neus, de tong, het oog en de huid, en het oor als het vijfde (zintuig), denkvermogen en begrip8, deze zeven (zintuigen) moet men opvatten als de oorzaken van (de kennis van hun) eigenschappen.
8) De verdeling in vijf fysieke zintuigen is uit de grijze oudheid tot ons gekomen. Maar terwijl de hedendaagse filosofen het aantal overnemen, vraagt geen van hen zich af hoe deze zintuigen konden bestaan, d.w.z. op een zelfbewuste manier konden worden waargenomen en gebruikt, tenzij er een zesde zintuig was, mentale perceptie, om ze vast te leggen, en (dit voor de metafysici en occultisten) het ZEVENDE om de spirituele vrucht en de herinnering eraan te bewaren, als in een levensboek (BOEK VAN HET LEVEN) dat tot het karma behoort. De Ouden verdeelden de zintuigen in vijf, eenvoudig omdat hun leraren (de ingewijden) ophielden bij het gehoor, omdat dat zintuig zich pas bij het begin van het vijfde Ras op het fysieke gebied ontwikkelde (of beter gezegd: werd ‘verkleind’ en beperkt tot dit gebied). (Het vierde Ras was al begonnen de spirituele conditie te verliezen, die zo bij uitstek was ontwikkeld in het derde Ras.)
De Geheime Leer Deel II Stanza 6 DE EVOLUTIE VAN DE ‘ZWEETGEBORENEN’ (p. 148/149):
In een knap artikel, dat ongeveer vijftien jaar geleden werd geschreven, toont onze geleerde en geachte vriend prof. Alex. Wilder uit New York de absolute logica en de noodzaak aan van het geloof dat ‘het oorspronkelijke Ras dubbelgeslachtelijk’ was, en hij geeft er een aantal wetenschappelijke redenen voor3. Zijn eerste argument is ‘dat een groot deel van het plantenrijk het verschijnsel van tweeslachtigheid vertoont . . . de classificatie van Linnaeus noemt bijna alle planten zo. Dit is zowel het geval bij de hogere families van het plantenrijk als bij de lagere vormen, van de hennep tot de Italiaanse populier en de ailanthus. In het dierenrijk, in het leven van de insecten, brengt de mot een worm voort, zoals in de Mysteriën het grote geheim werd uitgedrukt: ‘Taurus Draconem genuit, et Taurum Draco’. De familie van de koraaldieren, die volgens Agassiz ‘tijdens het tegenwoordige geologische tijdperk honderdduizenden jaren aan het opbouwen van het schiereiland Florida heeft gewerkt . . . brengt haar nakomelingen uit zichzelf voort, zoals de knoppen en takken van een boom’. Bijen hebben daarop enigszins gelijkende eigenschappen . . . De aphiden of bladluizen gedragen zich als amazonen, en maagdelijke ouders houden het Ras tijdens tien opeenvolgende generaties in stand.’
Wat zeggen de oude wijzen, de filosoof-leraren van de oudheid? Aristophanes spreekt in Plato’s ‘Gastmaal’ als volgt over dit onderwerp: ‘Onze natuur was vroeger niet dezelfde als nu. Zij was androgyn, de vorm en de naam hadden zowel iets mannelijks als iets vrouwelijks . . . Hun lichamen waren rond, en zij bewogen zich al ronddraaiend voort4. Zij hadden een verschrikkelijke kracht en een kolossale eerzucht. Daarom deelde Zeus elk van hen in tweeën en maakte hen zo zwakker; Apollo sloot op zijn aanwijzing hun huid.’
4) Vergelijk het visioen van Ezechiël (hfst. i) van de vier goddelijke wezens die ‘de gestalte van een mens hadden’ en toch de gedaante van een wiel; ‘als zij gingen, gingen zij op hun vier zijden . . . want de geest van het levende schepsel was in het wiel’.
De Geheime Leer Deel II Stanza 6 Enkele woorden over ‘zondvloeden’ en ‘noachs’ (p. 174):
De schrijfster is zich goed bewust dat de specialisten die zich de minste beperkingen oplegden bij hun berekeningen van de ouderdom van de aardbol en van de mens, altijd de meer angstvallige meerderheid tegen zich hadden. Maar dit bewijst heel weinig, omdat de meerderheid op de lange duur zelden of nooit gelijk blijkt te hebben. Harvey stond jaren lang alleen. De voorstanders van het idee om de Atlantische Oceaan met stoomboten over te steken, liepen het gevaar hun leven in een krankzinnigengesticht te eindigen. Mesmer wordt tot vandaag toe (in de encyclopedieën) met Cagliostro en St. Germain tot de kwakzalvers en bedriegers gerekend. En nu Mesmer door Charcot en Richet in het gelijk is gesteld en nu het ‘mesmerisme’ onder zijn nieuwe naam van hypnotisme – een valse neus op een heel oud gezicht – door de wetenschap wordt aanvaard, vergroot dat onze eerbied voor die meerderheid niet, als wij de lichtvaardigheid en de zorgeloosheid zien waarmee haar leden ‘hypnotisme’, ‘telepatische invloeden’ en andere verschijnselen behandelen. Kortom, zij spreken erover alsof zij er sinds de tijd van Salomo in hadden geloofd en niet slechts enkele jaren eerder de voorstanders ervan ‘krankzinnigen en bedriegers’ hadden genoemd28!
28) Hetzelfde lot staat de spiritistische verschijnselen en alle andere psychologische manifestaties van de innerlijke mens te wachten. Sinds de tijd van Hume, van wie de onderzoekingen culmineerden in een nihilistisch idealisme, is de psychologie geleidelijk veranderd in een grof materialisme. Hume wordt als een psycholoog beschouwd, en toch ontkende hij a priori de mogelijkheid van verschijnselen waarin nu miljoenen geloven, waaronder veel wetenschapsmensen. De hylo-idealisten van tegenwoordig zijn zuivere annihilationisten. De scholen van Spencer en van Bain zijn respectievelijk positivistisch en materialistisch, en helemaal niet metafysisch. Het is psychisme en geen psychologie; het doet even weinig denken aan de leer van de Vedanta als het pessimisme van Schopenhauer en Von Hartmann aan de esoterische filosofie, het hart en de ziel van het ware boeddhisme.
De Geheime Leer Deel II Stanza 7 VAN HET HALFGODDELIJKE RAS TOT DE EERSTE MENSENRASSEN (p. 190):
Evolutie is een eeuwige cyclus van wording, wordt ons geleerd; en de natuur laat geen atoom ongebruikt. Bovendien streeft vanaf het begin van de Ronde alles in de Natuur ernaar mens te worden. Alle impulsen van de tweevoudige middelpuntzoekende en middelpuntvliedende kracht zijn gericht op één punt – de MENS. De vooruitgang in de opeenvolging van de wezens, zegt Agassiz, ‘bestaat in een toenemende gelijksoortigheid van de levende fauna en bij de gewervelde dieren in het bijzonder in het steeds meer gelijken op de mens. De mens is het doel waarnaar de hele dierlijke schepping vanaf het eerste verschijnen van de eerste paleozoïsche vissen heeft gestreefd13.’
13) ‘Principles of Zoology’, blz. 206.
Inderdaad, maar ‘de paleozoïsche vissen’ staan lager op de boog van de evolutie van vormen, en deze Ronde begon met de astrale mens, de weerspiegeling van de Dhyan-Chohans, de ‘bouwers’ genoemd. De mens is de alfa en de omega van de objectieve schepping. Zoals in Isis Ontsluierd wordt gezegd, ‘alle dingen hadden hun oorsprong in de geest – want de evolutie gaat oorspronkelijk van boven naar beneden, in plaats van omgekeerd, zoals de theorie van Darwin leert14’. Daarom is de neiging waarover de boven aangehaalde voortreffelijke bioloog spreekt, inherent aan elk atoom. Maar wanneer men haar zou toepassen op beide kanten van de evolutie, zouden de gemaakte opmerkingen in strijd zijn met de hedendaagse theorie, die nu bijna (darwinistische) wet is geworden.
14) Deel I, blz. 154, Eng. uitgave.
200/201: Padmapani is echter alleen voor de niet-ingewijden symbolisch de ‘lotusdrager’; esoterisch betekent het woord de drager van de kalpa’s, waarvan de laatste, de tegenwoordige mahakalpa (de Varaha), Padma wordt genoemd, en de helft van het leven van Brahma voorstelt. Hoewel een kleine kalpa, wordt hij maha, ‘groot’ genoemd, omdat hij de tijd omvat waarin Brahma uit een lotus voortkwam. Theoretisch zijn de kalpa’s oneindig, maar praktisch zijn ze verdeeld en onderverdeeld in Ruimte en Tijd, waarbij elk onderdeel – tot het kleinste toe – zijn eigen Dhyani als beschermer of bestuurder heeft. Padmapani (
Avalokiteshvara) wordt in China in zijn vrouwelijke aspect Kwan-yin, ‘die vrijelijk elke gewenste vorm aanneemt, om de mensheid te redden’. De kennis van het astrologische aspect van de sterrenbeelden op de respectievelijke ‘geboortedagen’ van deze Dhyani’s Amitabha (de O-mi-to Fo van China) inbegrepen: bijv. op de 19de dag van de tweede maand, op de 17de dag van de elfde maand, en op de 7de dag van de derde maand, enz. – stelt de occultist ruimschoots in staat om zogenaamde ‘magische’ handelingen te verrichten. Men kan de toekomst van een individu, met al de komende gebeurtenissen in volgorde gerangschikt, zien in een magische spiegel, die onder de straal van bepaalde sterrenbeelden is geplaatst. Maar – pas op voor de keerzijde van de medaille, TOVENARIJ.
De Geheime Leer Deel II Stanza 8 EVOLUTIE VAN DE ZOOGDIEREN. DE EERSTE VAL (204/205):
Deze manier van voortplanting is niet plotseling ontstaan, zoals men misschien denkt, maar er zijn lange tijdperken voorbijgegaan vóór dit de enige ‘natuurlijke’ manier werd. Volgens het verhaal wordt hij bij zijn offer aan de goden gestoord door Siva, de godheid van de vernietiging, de verpersoonlijkte evolutie en VOORUITGANG, die tegelijkertijd de
hernieuwer is; die de dingen in de ene vorm vernietigt om ze in een andere meer volmaakte vorm weer tot leven te wekken. Siva-Rudra schept de vreselijke Virabhadra (geboren uit zijn adem), het ‘duizendkoppige, duizendarmige’ (enz.) monster, en draagt hem op het door Daksha bereide offer te vernietigen. Toen schiep Virabhadra, ‘vertoevend in het gebied van de geesten (etherische mensen) . . . uit de poriën van zijn huid (romakupa’s), machtige rauma’s4 (of raumya’s)’. Hoe mythisch de allegorie echter ook mag zijn, het Mahabharata, dat evengoed geschiedenis is als de Ilias, zegt5 dat de raumya’s en andere rassen op dezelfde manier uit de romakupa’s, haar- of huidporiën, zijn voortgekomen. Deze allegorische beschrijving van het ‘offer’ is vol betekenis voor de onderzoekers van de Geheime Leer die bekend zijn met de ‘zweetgeborenen’.
In het verhaal van het offer van Daksha volgens het Vayu Purana wordt bovendien gezegd dat het heeft plaatsgevonden in tegenwoordigheid van wezens die waren geboren uit het ei, uit de damp, de vegetatie, de poriën van de huid, en pas daarna uit de baarmoeder.
4) Wilson vertaalt het woord door ‘halfgoden’ (zie zijn Vishnu Purana, blz. 130); maar rauma’s of raumya’s zijn eenvoudig een ras, een stam.
213: Wij herhalen wat wij in Isis Ontsluierd hebben gezegd:
‘. . . .
Alle dingen hadden hun oorsprong in de geest – de evolutie is oorspronkelijk van bovenaf begonnen en naar beneden voortgegaan, in plaats van omgekeerd, zoals volgens de theorie van Darwin.

H.P. Blavatsky Isis ontsluierd Een sleutel tot de mysteries van oude en moderne wetenschap en religie Deel 1
Hoofdstuk 5 De ether of het astrale licht (p. 216/217):
Evenals dit reptiel door zijn bovenhuid af te werpen wordt bevrijd van een omhulsel van grove stof, dat een lichaam dat te groot is geworden, belemmerde, en zijn bestaan met hernieuwde activiteit voortzet, evenzo treedt de mens, door zijn grofstoffelijke lichaam af te werpen, het volgende gebied van zijn bestaan met grotere vermogens en grotere levenskracht binnen. Omgekeerd zeggen de Chaldeeuwse kabbalisten ons dat de oorspronkelijke mens, die in tegenstelling tot de darwinistische leer zuiverder, wijzer en veel spiritueler was, zoals de mythen van de Scandinavische Bur, de hindoe-devatå’s en de mozaïsche ‘zonen van God’ aantonen – kortom, van veel hogere aard was dan de mensen van het tegenwoordige adamitische ras – dat die eerste mens ontgeestelijkt of met stof bezoedeld werd en toen voor het eerst met een lichaam van vlees werd begiftigd, wat in Genesis (3:21) symbolisch wordt voorgesteld in dat betekenisvolle vers: ‘En God, de Heer, maakte voor Adam en zijn vrouw rokken van vellen en trok hun die aan.
221/222: Ook de Egyptische piramide stelt symbolisch dit denkbeeld van de wereldboom voor. Haar top is de mystieke schakel tussen hemel en aarde, en betekent de wortel, terwijl het grondvlak de uitgespreide takken weergeeft, die zich naar de vier hemelstreken van het stoffelijke heelal uitstrekken. Ze geeft het denkbeeld weer dat alle dingen hun oorsprong in de geest hadden, want de evolutie begon oorspronkelijk van bovenaf en ging daarna naar omlaag, in plaats van omgekeerd, zoals volgens de theorie van Darwin. Met andere woorden, er heeft een geleidelijke verstoffelijking van de vormen plaatsgevonden tot een bepaald uiterst punt van afdaling wordt bereikt. Dit is het punt waar de moderne evolutieleer de arena van de speculatieve hypothesen binnengaat. Op dit punt gekomen zullen we gemakkelijker Haeckels Anthropogenie begrijpen, dat de stamboom van de mens afleidt ‘van zijn protoplasma-wortel, bedolven door de modder van de zeeën die bestonden vóór de oudste, fossielenhoudende gesteenten waren afgezet’, zoals prof. Huxley uiteenzet.

<< vorige || volgende >>

Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 keer bekeken.