Deze filognostische presentatie is in aanbouw

5.2 Unus Mundus

Carl Jung: Mijn leven is de geschiedenis van een zelfverwerkelijking van het onbewuste.
In de archetypen zijn alle ervaringen gegeven, die sinds de oertijd op deze planeet zijn voorgekomen.
Alleen dat wat iemand werkelijk is heeft helende kracht.
Er is geen licht zonder schaduw en geen psychische heelheid zonder onvolmaaktheid.
Het enige dat er mis is met deze wereld is de mens.
Als we ons niet bewust zijn van iets in onszelf, dan moet de wereld noodgedwongen het conflict naar buiten brengen (boek Aion).
Tot persoonlijkheid kan niemand opvoeden, die dat zelf niet is.
Carl Jung Men kan namelijk geen enkele patiënt verder brengen dan men zelf is.
Albert Einstein: Je kunt een probleem niet oplossen vanuit hetzelfde soort denken dat tot het probleem heeft geleid.
Ruimte en tijd zijn niet omstandigheden waarin wij leven, maar manieren waarop wij denken.
Veel mensen beschouwen Amerikanen als geldwolven. Dat is een gemene aanklacht, ook al wordt hij zonder nadenken steeds door de Amerikanen zelf herhaald.
Wieslav Brudzinsky: Het moeilijkst vind je de weg naar de wegwijzers.
P. Krishna: De wanorde die we om ons heen zien in de maatschappij is een projectie van de wanorde die aanwezig is in het menselijk bewustzijn.
Fred Matser: De chaos in de wereld (‘om-geving’) is een reflectie van de wanorde in onze hoofden en harten (‘in-geving’).

Archetypen (Cultuuroverdracht, Alpha en Omega, Individueel en Collectief, Zelfbewustzijn)

Barbara Hannah boek Jung zijn leven zijn werk (p. 185):
Pythagoras verklaarde in de zesde eeuw voor Chr. dat vier het getal van de totaliteit was.
234: Zarathustra zou zeker niet gemakkelijk zijn dan de visioenen, want het was ‘hels verward’ en buitengewoon moeilijk. Jung zei dat hij zich suf gepiekerd had over bepaalde problemen en dat het heel moeilijk zou zijn het boek vanuit psychologische hoek te verklaren. Hij zei ook dat hij dacht dat Nietzsches idee van de Übermensch de directe voorloper was van het Duitse denkbeeld dat zij Herrenmenschen (‘heersersnaturen’ of ‘superieure mensen’) waren. Nietzsches drie belangrijkste denkbeelden van Zarathustra (blz. 44) de conceptie van ‘wil tot macht’, Übermensch en eeuwige terugkeer.
328: De middeleeuwse mens had geen moeite met de gedachte dat dezelfde veritas te vinden is in God, de mens en de materie. Het was zijn taak deze veritas, die soms benoemd wordt als een subtiele substantie of de ziel, te bevrijden uit de materie waarin zij gevangen zat.

Volgens de Jungiaanse psychologie vormen natuurlijke getallen, zoals één, twee, drie, etc. archetypen van het collectief onbewuste. Dieptepsychologe Marie-Louise von Franz noemt het collectief onbewuste in dit verband het één-continuüm. Het getal één stelt het één-continuüm voor, maar dit continuüm speelt ook een rol bij alle volgende getallen. Het is waar dat je door het telkens toevoegen van een eenheid van 1 naar 2, van 2 naar 3, etc. gaat. Maar je kunt ieder getal dat zo ontstaat ook opvatten als een bepaalde kwaliteit, een bepaalde symmetrie of een bepaald ritme van het één-continuüm. Het getal 2 is niet alleen 1 + 1, maar stelt ook het twee-aspect van het geheel voor.

Uitgangspunt is dat het volledig symmetrische, magische vierkant voldoet aan het beginsel van de ‘acausale geordendheid’. Net als het magische vierkant drukt de Unus Mundus de perfecte symmetrie uit. In het individuatieproces moeten wij leren de tegenstellingen als eenheid te ervaren. De ontdekkingen in de natuurlijke wereld, de natuurkunde berusten op een overeenstemming van innerlijke beelden en de observaties in de buitenwereld. Binnen en buiten vallen dan samen. Het rapport 'E i V' gaat er vanuit dat Pythagoras met zijn wiskunde (1 + 2 + 3 + 4 = 10) de kwintessens van de zichzelf herhalende patronen al te pakken had.

Anthony Stevens boek ‘Over Jung- leven en werk’ (p. 51):
Jung duidt het zelf aan met het archetype der archetypen.
Zoals de structuur van de psyche bepaald wordt door de in wezen biologische idee van het archetype, zo voltrekt zich psychisch functioneren in overeenstemming met de biologische principes van aanpassing, homeostase en groei.
52: Het Zelf bezit teleologische functie (Teleo is een combinatiewoord, ontleend aan teleos, dat volmaakt compleet betekent, en telos, dat doel betekent; teleologie gaat dus over het bereiken van het doel van de voltooiing. Als organiserend genius achter de gehele persoonlijkheid is het verantwoordelijk voor de effectuering van de blauwdruk voor het leven in elke fase van de levenscyclus, en voor het tot stand brengen van de beste aanpassing die de individuele omstandigheden toestaan. Het doel van het zelf is heelwording, individuatie. Het zelf wordt heel vaak geprojecteerd op figuren of instellingen die worden gezien als vertegenwoordigers (presidenten, koningen, bovenpersonlijke entiteiten: staat, God, de zon, natuur, kosmos, ‘mandala’) van macht en prestige bij uitstek.
53: Aanpassing door ontwikkeling van de persoonlijkheid, dat Jung de persona noemde, met welk woord in de oudheid het door acteurs gedragen masker werd aangeduid. De persona is de ‘verpakking’ van het ik: het is de p.r.-man of –vrouw van het ik, die de buitenwereld duidelijk moet maken hoe men wil worden gezien en tegemoet getreden. Iemands sociale succes hangt af van de kwaliteit van zijn persona. In eerste instantie ontstaat de persona tijdens het opgroeien uit de behoefte zich aan te passen aan de verwachtingen van ouders, leerkrachten en samenleving.
54: De onderdrukte neigingen gaan een complex of een subpersoonlijkheid vormen, door Jung de schaduw genoemd. De schaduw bezit eigenschappen die tegengesteld zijn aan die welke in de persona aan de dag worden gelegd. Dientengevolge vormen deze beide aspecten van de persoonlijkheid elkaars complement en tegenwicht, waarbij de schaduw de veinzerijen van de persona compenseert, en de persona de asociale neigingen van de schaduw.
Twee sterk contrasterende (sub)persoonlijkheden.
De schaduwpersoonlijkheid wordt uit het licht van het bewustzijn gehouden en verbannen naar het persoonlijk onbewuste. De afgewezen aspecten … zijn gekleurd door gevoelens van schuld en onwaardigheid, en beladen met angst voor afwijzing van het individu, voor het geval de buitenwereld ze zou ontdekken. We ontkennen het bestaan van onze schaduw en projecteren deze op anderen, die we er verantwoordelijk voor stellen.
55: Het oude verschijnsel van de ‘zondebok’ ligt ten grondslag aan allerlei vooroordelen tegen leden van andere identificeerbare groepen dan die van onszelf, en in laatste instantie aan alle massamoordenaars, volksmenners, pogroms en oorlogen. Door handig gebruik te maken van het nazipropaganda-apparaat kon Hitler een aanzienlijk deel van de Duitse bevolking ertoe bewegen zijn schaduw collectief op deze tragische ongelukkigen te projecteren. Deze dubbele projectie fungeert dan als rechtvaardiging voor de slachting die het gevolg is (Stevens, 1989).
Jungiaanse therapie bestaat uit het bewust maken van de schaduwpersoonlijkheid, teneinde verzoening met de persona tot stand te brengen en aldus integratie van beide complexen binnen de persoonlijkheid als geheel te bevorderen.
60: Thans is wel duidelijk dat alle essentiële lichaamsfuncties volgens dit principe van dynamische oppositie werken: ze zijn ondergebracht in tegengestelde systemen, die bij de gezonde mens in evenwicht worden gehouden via het proces van positieve – en negatieve feedback. Aldus staat tegenover 'honger verzadiging', 'seksuele begeerte bevrediging', 'dorst vochtretentie', 'slaap slapeloosheid', 'spanning ontspannig'. Homeostase vormt ook de grondslag van de cybernetica, met haar brede toepassing van de principes van de positieve en negatieve feedback. Jung was er van overtuigd dat de psyche net als het lichaam een zelfregulerend systeem is.
271: Mysterium coniunctionus: De aan tegenstellingen inherente onderlinge affiniteit, die hen naar elkaar toetrok tot een vereniging waaruit een nieuwe vorm voortkwam die meer was dan zijn onderdelen, werd de centrale inspiratie van zijn leven en werk: de these van de onbewuste uitspraak, de antithese van het antwoord van het ik, synthese door de hierbovenuit stijgende symbolische functie, met de geboorte van nieuw bewustzijn – telkens weer herhaald, om en om, op en neer, het doel van het opus (werk) omcirkelend.

Pety de Vries Persoonlijkheid nummer één en twee
In de autobiografie vertelt hij over zijn persoonlijkheid nummer één en twee.

Gerhard Wehr boek ‘Jung, zijn leven en werk’ (p. 89):
Als psychoanalyse bestaat (sic!) moet ook “psychosynthese” bestaan, die volgens dezelfde wetten toekomstigheden schept.
155: Het is fascinerend en tegelijk schokkend de innerlijke tweespalt te volgen, die Jung in zijn poging om enerzijds Freuds inzichten recht te doen wedervaren, anderzijds zijn innerlijke demon trouw te blijven, heeft uitgevochten. Heraclitus ‘pantha rei’ (alles stroomt) juist geestelijke beweeglijkheid eist. Nog te weinigen zoeken in hun innerlijk, in hun eigen Zelf, en nog te weinigen vragen zich af of de menselijke samenleving uiteindelijk toch niet het beste gediend zou zijn als ieder bij zichzelf begon;
158: Individuatie (wording tot volledig menselijk wezen) betekent: Op zichzelf staand wezen worden en, voor zover wij onder individualiteit onze innerlijkste, laatste en weergaloze enigheid verstaan, ons eigen Zelf worden. Men zou daarom individuatie ook ‘ver-zelving’ of ‘verwezenlijking van zichzelf’ kunnen noemen.
In diezelfde periode (omstreeks 1916) begon hem de invloed te dagen van een tussen bewustzijn en onbewuste intermediair werkende functie, de zogenaamde ‘transcendente functie’. Deze is de brug (muur) die het bewuste en onbewuste, rationaliteiten en irralionaliteiten verbindt (scheidt). Ze is een natuurlijk proces, een manifestatie van de uit de spanning der tegenstellingen voortvloeiende energie, en bestaat in een opeenvolging van fantasiegebeurtenissen die spontaan in dromen en visioenen optreden. Al met al derhalve een symbool vormende functie. In het proces van zelfverwerkelijking oefent ze deze invloed uit dat ze de tegengesteldheid binnen de menselijke psyche helpt samenvoegen tot een totaliteit (mysterium coniunctionus: veren(ig)ing van tegenstellingen).

Jung noemde de mandala het archetype van de totaliteit of heelheid en ontdekte dat cliënten mandala's begonnen te tekenen als het genezingsproces begon. De mandala heeft dan een heelmakend of genezend effect.

R.J. van Helsdingen C.G. Jung (p. 83): Het is alsof de behoefte aan een godsvoorstelling in de mens leeft. Deze inwonende drang heeft Jung een archetype genoemd. Is de uitgebeelde god een vadergodheid, dan zal de mens tegenover god dezefde gevoelens hebben als een vader, die hetzelfde aspect vertoont, ook al zullen de gevoelens van meer verheven aard zijn. Zo komen wij er toe de aspecten 'Wijze, Goddeloze, Rechtvaardige en Dwaas' van het vaderarchetype te beschrijven. De vier onderstaande aspecten sluiten bij het Oude Testament aan.

Wijze
P. 85: Ook de God van het Nieuwe Testament is een oude wijze (3e aspect), die als liefdevolle vader vele woningen heeft in zijn huis, van wie wij allen kinderen zijn, die ons onze schulden vergeeft en maakt, dat wij onbezorgd kunnen zijn als de leliën des velds. P. 86: Nietzsche beschreef in “Zarathoestra” een oude wijze, een superieure geest, opgeroepen om als drager en verkondiger van zijn Dionysische extase te fungeren.

Goddeloze
P. 83: Hij (1e aspect) is de oerhorde-vader, reeds door Darwin beschreven als het sterkste, oudere mannetjesdier van de kudde, die alle wijfjesdieren als zijn persoonlijk bezit beschouwt en de altijd opstandige jongere mannetjesdieren ontzag inboezemt. P. 89: Ook een ander aspect van het vaderarchetype kan de zon vertegenwoordigen namelijk dat van de levensvenietigende vader.

Rechtvaardige
P. 84: Het 2e aspect van het vaderbeeld is milder. Het is de strenge doch rechtvaardige vader, de gezagsdrager, die zijn voorschriften oplegt, met krachtige hand regeert, maar ook de verantwoordelijkheid van zijn daden op zich neemt. P. 85: Dit aspect van de strenge doch rechtvaardige vaderfiguur doet bij de mens ook de gewetensfunctie en het verantwoordelijkheidsgevoel ontwikkelen.

Dwaas
P. 87: Een 4e en laatste aspect van het vaderarchetype is de vaderlijke vader, uitsluitend lief en goed, helpend en steunend. Een dergelijke vader loopt een kans door zijn kinderen als een alleen maar goede sul te worden beschouwd.

George Lakoff is een representant van de 'Goddeloze', de strenge vadermoraal.

drs. R.H. Matzken: B. Het nieuwe paradigma in psychologie en counselling
5. De laatste jaren wint de gedachte veld, dat er een oneindig collectief bewustzijn bestaat, waaruit de mens zijn eigen archetypen naar voren haalt. Dit is de leer van Carl Gustav Jung, de zgn. diepte-psychologie, die is geworden tot een van de grondslagen van de moderne psychiatrie. Daartoe was hij als jongen tweemaal uitdrukkelijk opgeroepen door zijn alter-ego, zich noemende: Geest uit de Diepte. De leer van Jung is in diepste wezen occult, d.w.z. geïnspireerd door een boze geest, die zich aan Jung voordeed als diens 'scheppingsdemon'. Deze droeg hem op om aan deze lering een wetenschappelijke status te geven, die door het toedoen van Jung geworden is tot één van de pijlers van de moderne psychiatrie. Uit het mensbeeld van Jung blijkt duidelijk de relatie met het Hindoe-denken, waarbij Atman als maya (illusie, oneigenlijk) moet opgaan in Brahman of wereldziel.

H.P. Blavatsky De Geheime Leer Deel II Stanza 12 Het vijfde ras, goddelijke leermeesters (p. 439):
Satan vertegenwoordigt metafysisch eenvoudig het omgekeerde of de tegengestelde pool van alles in de natuur22. Hij is allegorisch de ‘tegenstander’, de ‘moordenaar’ en de grote vijand van alles, omdat er in het gehele heelal niets is dat niet twee kanten heeft – de keerzijden van dezelfde medaille.
22) In de demonologie is satan de leider van de oppositie in de hel, waarvan Beëlzebub de vorst was. Hij behoort tot de vijfde soort of klasse van demonen (waarvan er volgens de middeleeuwse demonologie negen zijn) en hij staat aan het hoofd van heksen en tovenaars. Maar zie in de tekst de ware betekenis van Baphomet, de satan met de geitenkop, die één is met Azazel, de zondebok van Israël. De Natuur is de god PAN.
475: Omdat de geestelijke evolutie niet in staat was de stoffelijke bij te houden, toen de homogeniteit ervan eenmaal door de vermenging was verbroken, werd het geschenk de belangrijkste oorzaak, zo niet de enige oorsprong, van het kwaad16.
16) De filosofische opvatting van de Indiase metafysica plaatst de wortel van het kwaad in de differentiatie van het homogene in het heterogene, van het ene in het vele.
H.P. Blavatsky Geheime Leer Deel II, hoofdstuk 18 Over de mythe van de gevallen engel (p. 540):
Terwijl onze hedendaagse filosofen – voorafgegaan door de middeleeuwse geleerden – zich meer dan één fundamenteel denkbeeld uit de oudheid hebben toegeëigend, hebben theologen hun god en zijn aartsengelen, hun satan en zijn engelen, samen met de logos en zijn gevolg geheel uit de dramatis personae van de oude heidense pantheons opgebouwd. Hiertegen zou geen bezwaar zijn geweest, als zij maar niet de oorspronkelijke karakters op een slimme manier hadden verminkt, de filosofische betekenis hadden verdraaid en voordeel hadden getrokken uit de onwetendheid van het christendom – het gevolg van eeuwenlange verstandelijke slaap, waarin de mensheid alleen mocht denken bij volmacht – door alle symbolen hopeloos te verwarren. Een van hun in dit opzicht zondigste daden was de transformatie van de goddelijke alter ego in de groteske satan van hun theologie.

Aion, oorspronkelijk gepubliceerd in het Duits in 1951, is een van de belangrijkste werken van Jung latere jaren. Het centrale thema van het volume is de symbolische representatie van de psychische totaliteit via het concept van het Zelf, wiens traditionele historische equivalent is de figuur van Christus. Jung toont zijn proefschrift door een onderzoek van de Allegoria Christi, met name de vis-symbool, maar ook van Gnostische en alchemistische symboliek, die hij behandelt als verschijnselen van culturele assimilatie. De eerste vier hoofdstukken, op het ego, de schaduw, en de anima en animositeit, een waardevolle sommering van deze belangrijke begrippen in Jung-systeem van de psychologie.

Karen Hamaker-Zondag schrijft in PRANA nr. 174 'Zelfrealisatie en verlichting' (augustus/september 2009):
Want alleen een leraar die de innerlijke leerling voedt is in staat om in de leerling buiten hem de innerlijke leraar te doen ontwaken.
Het is dus een proces waarbij je je persoonlijkheid zo ontwikkelt dat de jouw kenmerkende kwaliteiten en talenten tot ontplooiing kunnen komen. Jungs individuatieproces is niet een solitair proces, maar een proces dat alleen kans van slagen heeft wanneer iemand ten volle functioneert in een gemeenschap of sociale groep. Individuatie bestaat dus uit twee met elkaar samenhangende processen:
Een innerlijk proces waarin we de inhouden van ons onbewuste integreren en in een actieve wisselwerking met dat onbewuste staan om zowel de inhouden daarvan bewust te worden als signalen uit de diepte van onze psyche te kunnen ervaren die ons helpen koersen in het leven.
Een uiterlijk proces waarin we een balans moeten vinden tussen wie we zijn en de normen en waarden van de gemeenschap waarin we functioneren. Er is geen vorm van individuatie zonder dat de medemens daarin betrokken is.

Enantiodromie (Projectiemechanisme)

Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.
Een gewaarschuwd mens telt voor twee.
Essentiële beslissingen kunnen een keerpunt, een ommekeer, een echte verandering in het leven betekenen.

Enantiodromie of enantiodromia (Grieks: enantios, tegenovergesteld, en dromos, looprichting) is de benaming voor het door de Zwitserse psychiater Carl Gustav Jung (1875-1961) ontdekte en geïntroduceerde beginsel, dat een overvloed van de ene werkzame kracht onvermijdelijk haar tegendeel oproept en produceert.
Enantiodromie: Twee universele tegengestelde principes (> dialectiek) die samen Tao vormen, een principieel complex van tegengestelden.

Het Tao: De volledigheid van de eerste uitstorting, waarin de tegenstellingen overstegen zijn in volledige harmonie met elkaar, wordt door de Chinezen het Tao (De Weg) genoemd. Jung (3.2.2.2) zelf schrijft er het volgende over:

Wanneer het onbewuste het mannelijke en het vrouwelijke bijeenbrengt, zijn de dingen bijna niet meer te onderscheiden en kunnen we niet meer uitmaken of ze mannelijk of vrouwelijk zijn ..... Dit is de oertoestand der dingen en tegelijkertijd het doel dat het waard is te worden nagestreefd, namelijk de verzoening der elementen die eeuwig als tegenstellingen tegenover elkaar staan. Het conflict is in ruste en alles is nog, of weer, in de oorspronkelijke staat van onverdeelde harmonie. Etc

Het leven bestaat niet uit logische tegenstellingen, maar vindt zijn weg in de onlogische verbinding van de polen. De overbrugging van de tegenstellingen tussen bewustzijn en onbewuste, tussen individualiteit en collectiviteit, kan volgens Jung niet plaatsvinden door het uiterlijke verstand of het passieve geloof, maar alleen door het symbool. Het symbool schept de juiste dynamische energie, omdat het wat de vorm betreft behoort tot de bewustzijnswereld en in inhoudelijk opzicht put uit de bronnen van het onbewuste.

Wie het Ene kent, heeft alles volbracht. Wie het Ene kent, kent alles. Wie het Ene niet kent, is niet in staat om wat dan ook te kennen. De Tao openbaart zich voor alles in het Ene. Als we het kunnen bewaren, is het Ene aanwezig; als we het verwaarlozen, gaat het verloren. Er naar streven brengt geluk, het de rug toekeren ongeluk. Zij die het weten te bewaren kennen een geluk zonder grenzen, maar van hen die het verliezen verdort het leven en raken de energieën uitgeput. Heraclitus (ca.500 v.Chr.): ‘Alles stroomt en niets blijft’. Dat is een prachtig beeld van het menselijk leven.

Individuatie is het algemene begrip dat Carl Jung gebruikte voor het leren kennen van de totaliteit van de psyche en het toekennen van de centrale plaats aan het ‘Zelf’, en die niet uit te leveren aan het ego. De theosofie maakt daarentegen van het begrip individualiteit gebruik.

Carl Jung gaf aan het punt waar de fysische wereld en de psychische wereld samenvallen de naam Unus Mundus. Het gaat er om de materiële en de immateriële wereld, de rationele en de irrationele kant van een persoon met elkaar te verbinden. Uit het mensbeeld van Jung blijkt duidelijk de relatie met het Hindoe-denken, waarbij Atman als maya (illusie, oneigenlijk) moet opgaan in Brahman of wereldziel. door

Volgens de Jungiaanse psychologie vormen natuurlijke getallen, zoals één, twee, drie, etc. archetypen van het collectief onbewuste. Dieptepsychologe Marie-Louise von Franz noemt het collectief onbewuste in dit verband het één-continuüm. Het getal één stelt het één-continuüm voor, maar dit continuüm speelt ook een rol bij alle volgende getallen. Het is waar dat je door het telkens toevoegen van een eenheid van 1 naar 2, van 2 naar 3, etc. gaat. Maar je kunt ieder getal dat zo ontstaat ook opvatten als een bepaalde kwaliteit, een bepaalde symmetrie of een bepaald ritme van het één-continuüm. Het getal 2 is niet alleen 1 + 1, maar stelt ook het twee-aspect van het geheel voor. Hierover merkt Jung in zijn psychologische duiding van de christelijke Drieëenheid op:

Met de twee treedt naast het ene een ander naar voren, wat zoveel indruk maakt dat het ‘andere’ in vele talen direct het ‘tweede’ betekent. Daarmee wordt vaak het idee van rechts en links verbonden en opmerkelijk genoeg dat van gunstig en ongunstig, ja zelfs dat van goed en kwaad. Het ‘andere’ kan ‘sinistere’ betekenis hebben, of men ervaart het andere tenminste als tegengesteld en vreemd. Daarom, zo argumenteert een middeleeuwse alchemist, heeft God van de tweede scheppingsdag niet gezegd dat die goed was, omdat op deze dag (op een maandag = dies lunae) de binarius, resp. de duivel (als tweetal, ‘twijfelaar’) ontstaan is.

We voelen pas weer een zekere eenheid, als de brug tussen het ene en het andere zichtbaar wordt. Dat is volgens Jung bij de overgang naar drie:

Tussen het ene en het andere bestaat een spanning van tegenstellingen. Iedere spanning dringt echter aan op een afloop, waaruit het derde ontstaat. In het derde lost zich de spanning op, omdat het verloren gegane ene opnieuw naar voren treedt. Het absolute ene is ontelbaar, onbepaalbaar en onkenbaar; pas wanneer het in de één verschijnt, wordt het kenbaar, want het hiervoor vereiste ‘andere’ ontbreekt in de toestand van het ene. De drieheid is dus een ontvouwing van het ene tot kenbaarheid [...] De drie verschijnt daarom als een passend symbool voor een ontwikkelingsproces in de tijd en vormt daarmee een parallel tot de zelfopenbaring van God als het absolute ene in de ontvouwing van de drie. (C.G. Jung, Gesammelte Werke, Band XI, par. 180)

Het getal drie heeft daarmee een geheel eigen dynamiek. In onze tijd gaat drie ook een steeds grotere rol spelen. We gaan van dualiteit naar trialiteit. Zo merkt Steve Rother in Groeten van Thuis namens de Groep op: 'Jullie gaan nu naar een veld van trialiteit. Jullie zullen nu niet alleen de lichte en de donkere kant hebben, maar jullie zullen die in evenwicht brengen met het derde perspectief, dat van je eigen Hoger Zelf.' (p. 348)

Hegel en Engels Weerspiegelingstheorie.

In het kwadrant van Ofman vertegenwoordigt de negatieve as de gemanifesteerde werkelijkheid, de tegenstelling, het verdeeld-zijn op aarde, de identificatie met het afgescheiden bestaan en de positieve as de ongemanifesteerde werkelijkheid, het één-zijn, de complementariteit, de absolute waarheid in de hemel. Het principe van complementariteit dat al door Heraclitus naar voren is gebracht heeft op de ‘eenheid der tegendelen’ ('These + Antithese = Synthese', Trimurti, dialectische filosofie van Hegel en Engels) het overbruggen van tegenstellingen betrekking.

Een transactie brengt in de transactionele analyse het principe van complementariteit tot uitdrukking.

Transactie: Een eenheid van sociale omgang (Aktie - Reactie)
In communicatie : A laat wat zien, horen, voelen = Transactionele Prikkel, B zal dan iets zeggen, doen, etc. = Transactionele Reactie.

TA is de onderzoek methode van deze ene (gehele) transactie ; Ik doe jou iets, en jij doet iets terug', EN de bepaling welk deel van het veelzijdig individu de boventoon voert'. Door middel van TA wordt tevens de informatie gerangschikt die is verkregen door deze transacties te analyseren en te ontleden in woorden die per definitie dezelfde betekenis hebben voor iedereen die die woorden gebruikt. Overeenstemming m.b.t. woorden en/of uitdrukkingen, samen met de overeengekomen betekenis, zijn een key' tot wederzijds begrip en communicatie.

 

Projectiemechanisme (Weerspiegelingstheorie, René Girard en Carl Jung, Leraar en Leerling)

Pim van Lommel: Elke gedachte die we hebben, blijkt dus een vorm van energie die eeuwig blijft bestaan. Het is haast angstig te beseffen dat elke gedachte effect heeft. Als je dát tot je laat doordringen... We beïnvloeden onszelf, elkaar en de natuur met iedere gedachte, positief of negatief.

In zijn boek Eenheid in verscheidenheid: over de werkwijze van Louis Couperus verwijst H.T.M. van Vliet naar een freudiaanse interpretatie die Jan Fontijn ooit gaf van De binocle, het bekendste verhaal van Couperus (het staat in talloze schoolboeken). In dat verhaal wordt een jonge operabezoeker zo geobsedeerd door de enorme toneelkijker die hij zich heeft laten aansmeren èn door een buitengewoon glanzende kale schedel in de zaal onder zijn balkonplaats, dat hij de onbedwingbare lust krijgt het ding op dat hoofd te gooien. De eerste keer weet hij zich nog te beheersen, maar vijf jaar later neemt zijn obsessie pathologische vormen aan en smijt hij de kijker inderdaad naar zijn niets vermoedende slachtoffer.

Roberto Assagioli, boek ‘Psychosynthese’, p. 29: Het bewuste zelf of ‘Ik’ (centrum, centraal punt in het ‘ei’ van Assagioli): Vanuit een bepaald gezichtspunt kan men dit verschil vergelijken met het verschil dat er bestaat tussen het witte, verlichte scherm (Weerkaatsing, Toverlantaarn, Tetragrammaton), èn de verschillende beelden die erop geprojecteerd worden. …zij vereenzelvigen zichzelf met die opeenvolgende golvingen, met de steeds veranderende inhouden van hun bewustzijn (identificatie en dis-identificatie).

H.P. Blavatsky Geheime Leer Deel I Stanza 1. De nacht van heelal (p. 71):
Maya of illusie is een element dat bij alle eindige dingen optreedt, want alles wat bestaat heeft alleen maar een relatieve en geen absolute werkelijkheid, omdat de vorm waarin het verborgen noumenon voor een waarnemer verschijnt, afhangt van zijn waarnemingsvermogen. Voor het ongeoefende oog van een barbaar is een schilderij eerst een zinloze wirwar van gekleurde strepen en klodders, terwijl een geoefend oog er onmiddellijk een gezicht of een landschap in ziet. Niets is blijvend, behalve het ene verborgen absolute bestaan dat in zichzelf de noumena van alle werkelijkheden bevat. De bestaansvormen die tot ieder gebied van het zijn behoren, tot de hoogste Dhyan-Chohan toe, hebben tot op zekere hoogte iets van schaduwen, die door een toverlantaarn op een kleurloos scherm worden geworpen; toch zijn alle dingen betrekkelijk reëel, want ook de waarnemer is een weerspiegeling, en de waargenomen dingen zijn daarom voor hem even werkelijk als hijzelf.
82: De nous, die de stof beweegt, de levenwekkende ziel, die in ieder atoom zetelt en die in de mens is gemanifesteerd en latent is in de steen, heeft vermogens van verschillende graad. Dit pantheïstische denkbeeld van een algemene geest-ziel die de hele Natuur doordringt, is het oudste van alle filosofische begrippen.
Geheime Leer Deel I Samenvatting (p. 305):
Tijdens het grote mysterie en levensdrama, dat bekend staat als het manvantara, vertoont de werkelijke Kosmos overeenkomst met het voorwerp dat achter het witte scherm is geplaatst, waarop door de toverlantaarn de Chinese schimmen worden geworpen. De werkelijke figuren en dingen blijven onzichtbaar, terwijl ongeziene handen aan de touwtjes van de evolutie trekken. Mensen en dingen zijn dus slechts de weerkaatsingen op het witte doek van de werkelijkheden achter de valstrikken van mahamaya, of de grote illusie.
317: (xxvii.) ‘Het eerstgenoemde – het oorspronkelijke bestaan – dat in deze (bestaanstoestand het ENE LEVEN kan worden genoemd, is, zoals is uitgelegd, een VLIES voor scheppende of vormende doeleinden. Het manifesteert zich in zeven toestanden, die met hun zevenvoudige onderverdelingen de NEGENENVEERTIG vuren vormen, die in de heilige boeken worden genoemd. . . .’

De discrepantie tussen Hegel en Engels is al eerder tussen Pythagoras en Aristoteles naar voren gekomen. De fysica en de metafysica zijn complementair. De quintessens van de éne-werkelijkheid wordt met behulp van het 5D-concept en het Ether-paradigma tot uitdrukking gebracht. De kwintessens, het Akasha-veld, heeft als medium (oerstof), de 'materie' ether. Het 5Ddenkraam, de verborgen 5e dimensie heeft op de levenskunst, de zingeving van het leven betrekking. Voor de mens is de evolutie geen blind proces zonder enige bedoeling. Door de vergaande individualisering komen de mensen wel steeds losser van de zingeving, het Goede, Ware en Schone en de van oudsher stabiele sociale netwerken in de maatschappij te staan.

De positieve as van het kernkwadrant, these + antithese = synthese, 1 + 1 = 3 is de trigger van het onderzoek naar het fenomeen organisatiecultuur geweest. Volledige synthese (Bevrijding) drukt volmaaktheid uit. Het Christendom spreekt over de wijsheid voor de volmaakten, het Boeddhisme heeft het over volmaakte geestelijke gezondheid, het Taoïsme over spirituele volmaaktheid en de Islam spreekt over de volmaakte mens. De onvolmaaktheid van de mens op aarde staat in contrast met de volmaaktheid van God in de hemel.

De kwintessens, het mysterie van het leven zit in de ruimte, de chemie tussen twee mensen (De ander als spiegel; De ander centraal). Wat daar precies gebeurt, daar begrijpen we heel weinig van, dat zijn louter vermoedens. Wat werkelijk belangrijk is, kan niet in woorden worden uitgedrukt.
Het geheim van het leven zit in eros verborgen. Echte liefde is onvoorwaardelijk, is niet voor een breezer te koop.
Het mysterie van het leven zit, net als de groei van een foetus bij de moeder, in onszelf.
Het mysterie van het leven kan in poëzie wel voelbaar worden gemaakt. Door het leven te leven geef je zin aan het goddelijke LEVEN.

Het bizarre brein (Noorderlicht VPRO) Het gedachte lichaam
Onbekend gezicht
De smaak van moeders stem
Geestesoog
Spiegel in het brein
Een spiegelbeeld voert dezelfde bewegingen uit als de persoon die ervoor staat. Maar wat te denken van een spiegel die op eigen houtje bewegingen uitvoert, terwijl je zelf niets doet? Zo’n spiegel blijkt in onze hersenen te zitten. De neuronen die ervoor verantwoordelijk zijn hebben de toepasselijke naam ‘spiegelneuronen’. Het spiegelsysteem in ons brein werd tien jaar geleden bij toeval ontdekt door een Italiaanse onderzoeksgroep aan de Universiteit van Parma. Giacomo Rizzolatti en Vittorio Gallese bestudeerden de hersenen van apen die kleine en grote voorwerpen – rozijnen en appels – oppakten. Ze ontdekten dat een deel van de neuronen ook aktief was als de apen niet zélf iets deden, maar louter toekeken als de onderzoekers de apen voordeden wat er van ze werd verwacht.

Michel Serres Rede uitgesproken ter gelegenheid van de intrede van René Girard in de Académie Française
U ontdekte de werking van de zondebok, het bindmiddel voor het collectief. U ontdekte ook dat eerste bindend mechanisme: het nabootsen, dat dominantie en dus ook onderwerping voortbrengt. Dit nabootsen ontspringt aan ons zenuwstelsel, zoals onlangs is gebleken met de ontdekking van spiegelneuronen.
U heeft de vinger gelegd op een van de belangrijkste geheimen van culturen: de reproductie van culturele codes, dat vandaag de dag met een enorme snelheid gepaard gaat. Alle apparaten en artefacten die ons vandaag de dag omringen worden geproduceerd op basis van een model. Maar niet alleen dingen, ook gedrag zoals management en openbaar bestuur zijn gebaseerd op een model, een format, met als doel om alle activiteit in een organisatie gelijkaardig en reproduceerbaar te maken, en de macht te geven aan diegenen die geen specifieke expertise meer hebben.
Hoe zit dat met het sacrificiële? Serres onderscheidt twee soorten religies: de antropologen en sociologen hebben het alsmaar over religies die zich baseren op een lidmaatschap. Daar is sprake van het sacrificiële geweld. Voor de gelovigen daarentegen gaat het om iets anders. Het onderscheid tussen polytheïsme en monotheïsme betreft niet zozeer het geloof in één god of meerdere goden, maar wijst op een radicaler onderscheid, nl. tussen het sociale en individuele.
Tenslotte. De onthulling van de onschuld van het slachtoffer komt overeen met een genealogie van de waarheid. En uit de waarheid komt de moraliteit voort. Theologie, ethiek en epistemologie, aldus Serres, spreken met één stem. Er is een verschil tussen het heilige en het sacrificiële. Het sacrificiële doodt, het heilige brengt vrede. Het sacrificiële is verbonden met leugenachtigheid en geweld, het heilige met liefde en waarheid.

Hersenen en Leren Spiegelneuron, F.A. Grootjen Radboud Universiteit (p. 154)
Neuronen in de hersenen waarmee we de handelingen van andere personen onbewust registreren en nadoen en waarmee we ons kunnen inleven in de gevoelens van anderen.

Culturele overdracht (Vrije Universiteit Amsterdam): Het mimetische gedrag begint in een mensenleven al zeer vroeg. Dat weten we sinds de ontdekking van mirror neurons (hersencellen die niet alleen geactiveerd zijn wanneer een subject een bepaalde beweging uitvoert, maar ook als hij diezelfde beweging bij iemand anders observeert), in het Nederlands 'spiegelneuronen' genoemd. Willen kinderen die met poppen, blokken of autootjes spelen vaak niet juist dat hebben waar de ander net mee bezig is? Soms hebben ze de belangstelling voor stukken van hun eigen speelgoed totaal verloren, maar op het moment dat een vriendje naar een zelden gebruikt stukje Lego grijpt, herleeft de belangstelling ervoor. Zij verschillen daarin niet van de romanfiguur Swann uit de romancyclus (van Marcel Proust) A la recherche du temps perdu, wiens liefde voor Odette gevoed wordt door de belangstelling van een ander voor haar. Mensen hebben de begeerte van een ander nodig om er zeker van te zijn, dat wat ze begeren, ook inderdaad de moeite van het begeren waard is.
Mimesis heeft niet alleen ontregelende effecten, leidend tot rivaliteit en chaos, maar maakt ook culturele overdracht mogelijk. De mimetische begeerte onderscheidt ons van dieren en stelt ons in staat een eigen identiteit te construeren en dingen te leren die we nodig hebben om middels aanpassing deel te nemen aan onze cultuur. Hoewel 'slechte' mimesis in het werk van Girard een prominente plaats inneemt, is er ook 'goede' mimesis, zonder welke geen onderwijs, culturele tradities of vreedzame betrekkingen mogelijk zouden zijn. Negen op de tien keer leidt culturele imitatie niet tot rivaliteit. Als ik iemands accent naboots, zijn manier van doen, dezelfde boeken als hij lees, dan zijn dat gedragingen die deelbaar zijn. Er ontstaan spanningen en conflicten wanneer het begeerde ondeelbaar is.

Filosofie, psychiatrie en neurowetenschappen, Universiteit Leiden (p. 120):
We bespreken psychopathologische verschijnselen die aanleiding geven tot filosofische reflectie, bijvoorbeeld waanvorming (in relatie tot de vraag naar de waarheid), depersonalisatie (in relatie tot de ik-zelf verhouding), stemmingsafwijkingen (in relatie tot het hebben van een wereldbeeld, een zelfbeeld en van tijdsbesef) en persoonlijkheidsstoornissen (in relatie tot persoon-zijn en persoonlijke identiteit). We gaan in op het psychiatrische ziektebegrip: duidt het begrip psychiatrische stoornis op iets reëels of het een sociale constructie?
Wat leert neurowetenschappelijk onderzoek ons over de vrije wil, over ‘spiegelneuronen’ en hun relatie tot tot empathie en over de relatie tussen geest en lichaam?

Naar men aanneemt spelen spiegelneuronen een rol bij het begrijpen en interpreteren van de acties van anderen en het leren van nieuwe vaardigheden door imitatie.
Marco Iacoboni Het spiegelende brein: spiegelneuronen zijn cellen in ons brein (preciezer: in de frontaalkwab en in de pariëtaalkwab erachter) die een voorwaarde vormen voor sociaal gedrag, omdat ze aan de basis liggen van imitatie en inlevingsvermogen. Ze zorgen ervoor dat we snel andere mensen begrijpen. Maar ze zijn geen ‘moreel goede’ neuronen. Ze staan ook aan de basis van verslaving en geweld.
Graag sluit ik aan bij de slotopmerking van Marco Iacoboni in zijn boek Het spiegelende brein (p. 224):
Volgens mij zijn we op een punt aangeland waarop de resultaten van neurowetenschappelijk onderzoek een belangrijke en sterke invloed kunnen uitoefenen op onze samenleving en ons begrip van onszelf. Het wordt hoog tijd dat we deze optie serieus in overweging nemen. Onze kennis van de krachtige neurobiologische mechanismen die ten grondslag liggen aan de menselijke gemeenschapszin is een waardevol middel om ons te helpen bepalen hoe we gewelddadig gedrag kunnen beperken, empathie vergroten en ons openstellen voor andere culturen zonder onze eigen cultuur te vergeten. Het is een gevolg van onze evolutie dat wij op een diep niveau met andere mensen verbonden zijn. Ons bewustzijn van dit feit kan en moet ons nog dichter bij elkaar brengen.

Raymond van Es Medelijden bij Schopenhauer en Nietzsche
Wat gebeurt er in dit opzicht met betrekking tot medelijden? Onze hersenen zitten zo in elkaar dat we het gedrag van anderen als het ware ‘spiegelen’. We beschikken over zogenaamde spiegelneuronen die actief worden als we het gedrag van anderen observeren. We beleven, in een afgezwakte vorm, wat de ander beleeft. Wanneer een ander pijn lijdt, dan lijden wij mee. We voelen letterlijk iets van de pijn van een ander. Spiegelneuronen stellen ons in staat om te leren door imitatie en spelen een belangrijke rol in de ontwikkeling van ons sociale en morele gedrag. Zonder deze spiegelneuronen zouden we niet als sociale groep kunnen functioneren en zou zoiets als een samenleving of een beschaving onmogelijk zijn. Volgens sommige onderzoekers ontstaat autisme omdat bij autisten de spiegelneuronen niet of onvoldoende functioneren. Dit zou hun gebrekkige sociale functioneren verklaren.

S. Vestdijk boek De toekomst der religie
Het aan Theun de Vries opgedragen boek De toekomst der religie van S. Vestdijk stamt uit 1947 maar is nog immer actueel. Of moeten we zeggen, weer actueel. Met de verschijning van Klaas Hendrikse' Geloven in een God die niet bestaat. Manifest van een atheïstische dominee. (Nieuw Amsterdam 2007) is de discussie weer gestart die ook in de jaren na 1947 is gevoerd. Fokke Sierksma beschreef de aanvallen die de 'duivelskunstenaar' Vestdijk te verduren kreeg in het boek "Tussen twee vuren" (1951). In 2005 verscheen Hans van de Breevaart "Authority in Question" waarin de theologische disputen tot 1998 zijn beschreven.
De toekomst der religie stelt de onverdraagzaamheid van monotheïstische religies aan de kaak en geeft oplossingen in de vorm van een speciale didactiek en een gezondere integratie van sexualiteit. Speciale aandacht wordt geschonken aan mystiek en het kloosterwezen.
De editie uit 1992 bevat een onderwerpsindex gemaakt door Jacob Faber die ook een vertaling in het Engels verzorgde (UMI, Ann Arbor 1989) - met voorwoord door Lee W. Bailey.

Han Fortmann schrijft in zijn boek Oosterse Renaissance: Echt waarnemen vraagt oefening, innerlijk leeg worden en veel geduld. Men moet daarvoor weer worden als een kind dat de dingen voor de eerste keer ziet.

Dick Swaab ziet de geest als het produkt van de honderd miljard hersencellen (neuronen) die we hebben. Die werken samen, die zijn verbonden, ieder hersencel heeft contact met zo’n duizend tot honderdduizend andere hersencellen. En die hele machine, die functioneert en geeft als product de geest. Het rapport ‘E i V’ gaat net als Ammonius en Poortman er vanuit dat de mens een immateriële ziel heeft. De hersencellen zijn een product van de geest. De fundamentele eenheid van alle bestaan is wat Teilhard de Chardin met Weltstoff aanduidt. Bij de éne werkelijkheid draait het om convergentie, om en-en, de win-winsituatie. Voor het vormgevende principe wordt de term swabhava, attractor of 'biogeometrie' gebruikt. De innerlijke stuwkracht in de natuur die orde schept uit chaos.

Barbara Henkes P.J. Meertens: een christen op zoek naar gelijkheid in verscheidenheid.
Meertens voelde zich kennelijk gesterkt door de idee van loutering en catharsis. Ook het devies van Nietzsche dat zijn ex-libris sierde, duidt in die richting: 'Alles was mich nicht umbringt macht mich stärker'. Dat gold niet alleen voor de crisissituatie waarin het Nederlandse volk zich bevond, maar ook voor de klap die hem kort na de Duitse inval persoonlijk trof.
Op 13 september 1940 werd Meertens gearresteerd. Niet vanwege zijn anti-nationaalsocialistische standpunten, die wel bekend waren maar niet gepaard gingen met uitgesproken vormen van verzet. Hij werd daarentegen opgepakt en veroordeeld op grond van vermeende homoseksuele contacten met twee jonge(re) mannen in de periode 1933-1939. Voor Meertens, overtuigd van zijn eigen onschuld, zette deze gebeurtenis de wereld op zijn kop:
Ik was bij de huiszoeking (op het bureau en vervolgens in mijn huis) wild van woede en verontwaardiging, maar vooral van schaamte, over het droevige feit dat in ons land zulke dingen mogelijk zijn en juist nu, nu het de plicht van iedere Nederlander moet zijn om de eer van ons volk hoog te houden. Terwijl ons land bezet is door een vreemde mogendheid en onze nationale zelfstandigheid op het spel staat, komt de Nederlandse justitie huiszoeking doen naar pornografische foto's op een bureau, waar sinds jaar en dag gewerkt wordt aan de verheffing van het nationale bewustzijn van ons volk.

Omgekeerd evenredig risico
Dr. Hans Jansen haalt in zijn boek Diagnose van racisme en antisemitisme in Europa Titus Ensink aan: ‘Wie zich wil verzetten tegen iets dat hij gevaarlijk acht (racisme/antisemitisme), loopt altijd het risico op oordeelsfouten. In feite doen zich, niet alleen in theorie, maar zeker ook in de praktijk, de volgende vier mogelijkheden voor: (1) er is feitelijk gevaar, dat je ook als zodanig beoordeelt, en je verzet je tegen dat gevaar, (2) er is feitelijk geen gevaar, je ziet dat ook zo, en je doet dan ook niets, (3) er is feitelijk gevaar, maar je onderkent dat niet, en je verzuimt er iets tegen te doen, (4) er is geen gevaar, maar je denkt dat het er is en je verzet je ertegen, maar dat betekent: tegen iets vermeends. In een kernkwadrant:

1. Feitelijk gevaar >>>>3. Feitelijk gevaar
Verzet ertegenGeen verzet
||
4. Feitelijk geen gevaar <<<<2. Feitelijk geen gevaar
Verzet ertegenGeen verzet

In het rapport Eenheid in Verscheidenheid worden de contouren geschetst hoe probleem en oplossing met elkaar samenhangen. De oplossing van het ééndimensionale marktdenken ‘u vraagt, wij draaien’ heeft een psychologische (inhoudsopgave Deel IV), een sociologische (Deel V) en een filosofische (Deel VI en VII) dimensie. De pragmatische korte termijn politicus geeft net als Pontius Pilatus toe aan de wens van het volk en 'wast zijn handen in onschuld'.

Plato was een van de eersten die wees op de universele betekenis van nabootsend gedrag. Maar wat Plato echter niet deed, is wijzen op het gedrag dat zich richt op bezitten. Voor René Girard is nu juist dit toe-eigeningsgedrag uitermate belangrijk om nabootsing te kunnen verklaren. Veel wetenschappers hebben Plato gevolgd in het reduceren van nabootsend gedrag tot een aspect van mindere betekenis en waren hierdoor niet in staat de centrale rol, die imitatie heeft in het menselijke samenleven, te zien. Mimesis is essentieel voor de morele catharsis, aldus Aristoteles.

Bij Aristoteles staat Catharsis (reiniging) in de definitie van de tragedie voor fysieke, emotionele, religieuze en mentale reiniging. Door het beleven van eleos en phobos (beklag en angst) ervaart de toeschouwer een loutering van de ziel.

Sjaak Vink en Bert Rorije Door het oog van de naald. Contouren van een nieuw banksysteem in een sterk veranderende tijd.
Soms kantelt de wereld. Zo maar. Plotseling. Vanuit het niets. En zonder enige aanleiding. Dan komen er grote veranderingen over de mensheid. Vindt een algemene herijking van normen en waarden plaats. Verandert de tijdgeest diametraal. Gaan mensen de dingen anders beoordelen. Anders tegen zaken aankijken. Met andere maten meten. Zonder dat ze het willen. En zelfs zonder dat ze het beseffen.
Schijnbaar wordt pas achteraf een grote verandering herkend. De kanteling geduid. In de juiste context geplaatst. Oorzaak en gevolg begrepen. Pas achteraf zien we het grote geheel. De rode draad. De logica. Het hoe en waarom. De schaduw die zich al lange tijd vooruit wierp. Beseffen we waarom die verandering moest plaatsvinden. In de toekomst besloten lag. En daarmee onvermijdelijk was.
Het is bijna een wetmatigheid. Zij, die zich middenin grote veranderingen bevinden, herkennen keer op keer de signalen niet. Of willen ze misschien wel niet zien. Redeneren ze weg. Steken hun kop in het zand. Ook dat is een mogelijkheid. Want veranderingen zijn natuurlijk altijd ongewenst. Komen per definitie ongelegen. Men heeft er de tijd niet voor. Of ziet er de noodzaak niet van in. Mensen houden het liefst alles zoveel mogelijk bij het oude. Omarmen dat wat men kent. Zijn weliswaar bereid aanpassingen te doen, maar men heeft een broertje dood aan al te radicale hervormingen. Die wil men koste wat het kost vermijden, druisen in tegen onze natuur. Daarnaast heeft de mensheid de neiging zichzelf in dit soort situaties te overschatten. Denkt de tijdgeest te kunnen bezweren. De voortgang der dingen te kunnen tegenhouden. En zij die de euvele moed hebben de knuppel in het hoenderhok te gooien, anderen te waarschuwen voor de veranderingen die plaatsvinden, te wijzen op de beslissingen die genomen moeten worden, worden uitgelachen, voor onheilsprofeten uitgemaakt, voor gek verklaard of een kopje kleiner gemaakt. Ook daar kent de geschiedenis vele voorbeelden van.
Ook moeten nadenken over een nieuw stelsel van normen en waarden voor onszelf, over een andere cultuur en een nieuwe moraliteit binnen ons metier. Nadenken hoe we deze zachte waarden toetsbaar kunnen maken en kunnen borgen. Zou het ons lukken zo kritisch naar onszelf te kijken? Over onze eigen schaduw heen te stappen? De consequenties te trekken uit die uitspraak van Albert Einstein, die ons al in de negentiende eeuw waarschuwde, dat je geen problemen kunt oplossen met de denkwijze die leidde tot het ontstaan ervan?

Frans Timmermans We belasten de aarde meer dan zij kan dragen.
In mijn ogen is de opdracht tot meer Europese samenwerking hierbij glashelder. Maar om de EU hiervoor te mandateren, moeten lidstaten bereid zijn over hun eigen schaduw heen te stappen en inzien dat het poolen van hun beleidsautonomie de beste manier is om voor de burgers resultaten te boeken. Men kan echter vaststellen dat dit steeds moeizamer gaat en dat heeft waarschijnlijk meer te maken met de situatie in de lidstaten zelf dan met de EU.

Marjo Frenk "We willen deelnemen aan een stadsbestuur dat betrouwbaar en integer is, in een collegiaal college dat bestaat uit mensen die in staat zijn over hun eigen schaduw heen te stappen in het belang van de stad, die er niet voor zichzelf zitten en die elkaar vertrouwen." Met die woorden opende GroenLinks-lijsttrekker en beoogd wethouder de campagne van GroenLinks Tilburg voor de komende raadsverkiezingen tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst van de partij.

Jaap Dronkers schrijft in deVolkskrant van 15 januari 2005:
‘Het noodzakelijke evenwicht tussen de drie tradities 'Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap' (Principes) is sinds de jaren zestig teloor gegaan. Het motto van het kabinet-DenUyl (1973 – 1977), spreiding van geld, kennis en macht, ging alleen over ongelijkheid. Het gaat vooral om het herstel van individuele en gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van samenleving, buurt, school en gezin.Sinds de jaren zeventig is de ongelijkheid gegroeid, de gemeenschapszin verzwakt en is er dus voor links weer een wereld te winnen.’

Een computer is niets zonder een beheersingssysteem en een daarin werkend programma, en omgekeerd. Zo ook is de mens niet werkelijk mens zonder een gemeenschappelijk overeengekomen vreedzame maatschappelijke orde en een persoonlijke overtuiging of geest daarin ontwikkeld, die de integriteit en het functioneren van zijn persoon in dat systeem uitmaakt. En dus is er ook met het noodzakelijke nee-zeggen van het niet te vermijden ego ermee zoiets als het gehecht zijn aan het goede van de platonische God waarmee we niet zomaar uit de zelfzucht kunnen komen die zich, karmisch verbonden met moeder aarde, bij de gewone sterveling steeds voordoet, zodat we dus meer waarden dan enkel die van de goedheid nodig hebben om God in termen van eeuwige waarden recht te doen.

Samenvatting

Het individuatieproces van Carl Jung sluit aan bij:

Voor conspiracy (achterkamertjes politiek die voor de tegenpartij verborgen blijft) gebruikt Jung het begrip schaduw. Er is geen schaduw zonder licht. Het hogere zelf is als het ware de tegenstelling van het ego, persona, het masker. Het (collectieve) onderbewustzijn heeft een sterke invloed op het ego en vice versa. Beide zijn complementair aan elkaar.

Verbeeldingskracht (ideatie, actieve imaginatie van CarlJung), de kernkwaliteit creativethink is het positief tegenovergestelde van chaos.

The theosophy of post-Renaissance Europe embraced imaginal cognition. From Jakob Böhme to Swedenborg, active imagination played a large role in theosophical works. In this tradition, the active imagination serves as an "organ of the soul, thanks to which humanity can establish a cognitive and visionary relationship with an intermediate world".

Een uitzicht op wereldvrede in eenheid en verscheidenheid ontstaat wanneer de mensheid er geleidelijk in zal slagen de drie gesignaleerde problemen van onwetendheid, politiek en identiteit integraal tot een oplossing te brengen. Het Ken Uzelve staat daarbij centraal. Het Ken uzelve is de sleutel tot ons hart.

Het basisprincipe ‘eenheid der tegendelen’ brengt Carl Jung met behulp van Enantiodromie en het Mysterium coniunctionus tot uitdrukking.

Het principe van complementariteit dat al door Heraclitus naar voren is gebracht heeft op de ‘eenheid der tegendelen’ ('These + Antithese = Synthese', Trimurti, dialectische filosofie van Hegel en Engels) het overbruggen van tegenstellingen betrekking.

Het bewustwordingsproces bestaat uit de uitwisseling tussen het vrouwelijk en het mannelijk, tussen 'Chaos, Gaia en Eros' en het 'Goede, Ware en Schone', tussen materie en geest, tussen lagere en hogere Triade, tussen chaos en harmonie, tussen navel (Epithumia) en hart (Thumos), tussen begin en het einde, tussen Alpha en Omega.
De Goddelijke liefde (het Schone), Eros (thumos) zorgt voor het verbinden terwijl daarentegen de omgekeerde weerkaatsing van Eros (Epithumia) voor het scheiden zorgdraagt. De negatieve betekenis van Eros staat voor wellust, driftleven, epithumia.

Ockhams scheermes heeft in de theosofie betrekking op complementariteit, de twee kanten van één medaille zoals Geest en Lichaam ('Heer en Slaaf'), Mannelijk en Vrouwelijk, Goed en Kwaad, Zo Boven zo Beneden; zo Beneden zo Boven, Ongemanifesteerd en Gemanifesteerd, Voelen en Denken, Binnenwereld en Buitenwereld, Negentropie en Entropie, Zaaien en Oogsten en Leven en Dood. Of met andere woorden Eenheid en Verscheidenheid.

De psyche (reflexief bewustzijn) werkt als een spiegel. Het is deze spiegel die zorgt voor de golfbewegingen in de geschiedenis. Welke kant van de medaille, de aardse Tetrade (Standaardmodel, de gemanifesteerde werkelijkheid) of de hemelse Triade (ongemanifesteerde werkelijkheid), laten we overheersen? Alleen wanneer we ons meer met de Triade verbinden komt de beschaving een stapje verder. Meer opties zijn er niet en dat was al bij Pythagoras (De Gulden Verzen van Pythagoras) bekend.

Het spiegelneuron geeft een wetenschappelijke onderbouwing van het projectiemechanisme van Carl Jung e.a. Zowel de Radboud Universiteit, de Universiteit Leiden als de Vrije Universiteit Amsterdam besteden aan het thema spiegelneuron serieus aandacht. De hamvraag is nu in hoeverre politici, maar dit geldt evenzeer voor burgers echt bereid zijn over hun eigen schaduw heen te stappen?

Stelling: Zaken lopen mis wanneer in de politiek de moraal buiten het verkoopverhaal wordt gehouden. Of met andere woorden daar waar het meeste behoefte aan is wordt in de struisvogelpolitiek het minste aandacht aan besteed.

Uitgangspunt van het rapport ‘E i V’ is dat het brein niet tot een uitwisseling van chemische stoffen kan worden gereduceerd. Het is de oerbron, die aan het brein ten grondslag ligt. De onsterfelijkheid van de ziel, dus dat wat Kurzweil met computertechnologie denkt te bereiken is, zoals René Girard laat zien, impliciet in de mens aanwezig.

De crux van het rapport ‘E i V’ zit in de relatie tussen essentie (wezen) en existentie (bestaan), tussen het zondebokmechanisme en het marktmechanisme of met andere woorden tussen heer en slaaf (politicals en professionals) respectievelijk tussen verkoper en koper. De waarheid over het zondebokmechanisme leert ons om te kijken vanuit het standpunt van de vervolgden in plaats van dat van de vervolgers. Voor de wetenschap is het natuurlijk niet interessant dat er niets nieuws onder de zon is. Het hersenonderzoek heeft slechts op de 3e Dimensie betrekking. Er is in zoverre van een doorbraak sprake dat oude intuïtieve inzichten van een wetenschappelijk jasje worden voorzien.

Het lijdensverhaal laat net als de Vier Edele Waarheden van het Boeddhisme zien dat het juist om de ethiek, de moraal van het verhaal draait. Het onderzoeksrapport ‘E i V’ plaatst ‘De blijde boodschap’ in een nieuw perspectief.
Het fundamentele beginsel van moraliteit verhief Immanuel Kant tot zijn befaamde categorische imperatief. Er is niets nieuws onder de zon.

Eckhart Tolle: Iedere handeling die vanuit het nu ontstaat, zal precies juist zijn.
Eckhart Tolle (PRANA nr. 176 dec/jan 2009): Ego verbreekt de natuurlijke gegevenheid van ‘eenheid, heelheid, een Zijn, verbonden Zijn’ en schept de illusie van afgescheidenheid. Dit vanuit het subject-object bewustzijn opererende ‘ego’ is de kern van ons lijden.

Moraal, ethiek (Ethica Spinoza) ontstaat als gevolg van de kenmerkende, unieke verschillen, het spanningsveld tussen het individueel menselijke en het heil van het collectief.
In tegenstelling tot Damasio gaat het rapport ‘E i V’ van de hypothese uit dat natuurlijke selectie en het evolutionaire bewustzijn het mogelijk maken dat de biologische kant van de mens zich met de oerbron kan verbinden. Dankzij het dualisme, de complementariteit op aarde kunnen wij de eenheid in de hemel ervaren.

Antonio R. Damasio is de auteur van het boek Het gelijk van Spinoza vreugde, verdriet en het voelende brein:
Antonio Damasio Ons ‘zelf’ is extreem kwetsbaar (interview Volkskrant 13 februari 2010)
Er zijn neuroweterschappers die zeggen: we zien in je brein wie je bent en welke voorkeuren je hebt. En dat weten we zelfs beter dan jijzelf.
Die hebben ongelijk. De reacties die je in de scanner ziet, zijn afhankelijk van een bepaalde context en vinden altijd plaats op een waarschijnlijkheidsschaal. Het betekent niet dat het altijd gebeurt, en ook niet dat het onder alle omstandigheden zal gebeuren.
Mij interesseren vooral de condities waaronder gedrag verandert. Neem bijvoorbeeld de nazibeweging. Hitler was een psychopaat, maar de meeste mensen die zich aansloten bij zijn beweging , waren mensen, zoals u en ik. Toch deden velen van hen verschrikkelijek dingen.
Dat wil niet zeggen dat wij in de grond verschrikkelijk zijn. Alle mensen hebben een heel goede én een heel slechte natuur. We zijn in staat enorm goede daden te verrichten, maar ook afschuwelijk vrede. Ik denk dat de omstandigheden daarbij een grote rol spelen, maar ook de opvoeding en de inrichting van de maatschappij.
Betreft u daarbij ook het werk van wetenschappers als Frans de Waal, die onder meer compassie bij apen onderzoekt?
Jazeker. Wij mensen hebben eigenschappen gemeen met apen.
De machinerie om ons leven te reguleren is bijna zo oud als het leven zelf. Daarbij gaat het om een puur genetische regulering die automatisch bestaat en heel goed functioneert. In de loop van de evolutie is dat proces steeds complexer en rijker geworden. Op een bepaald punt verandert dat van een puur genetische regulering in een regulering die deels is uitgevonden door onszelf en mede gestuurd wordt door onze cultuur:
Die vorm van regulering van het leven, waarvoor je een cultuur en een maatschappij nodig hebt is een heel dynamisch en complex proces en nog steeds een project in uitvoering. Daarom maken we hongersnoden, oorlogen en een ingestorte beurs mee.

Spinoza: Maar vóór alles is het nodig een middel te ontdekken om het verstand gezond te maken en het, voor zover dit aanvankelijk gaat, te zuiveren, opdat het de dingen op gelukkige wijze zonder dwaling en zo goed mogelijk kan begrijpen. Hieruit kan iedereen reeds zien, dat ik alle wetenschappen (de wetenschappen hebben maar één doel, waarop zij alle moeten worden gericht) op een doeleinde wil richten, te weten om, zoals ik reeds zei, de hoogste menselijke volmaaktheid te bereiken.

Causaal lichaam (Theosofia augustus 2009 p. 162: hoger denkvermogen)
Begrijpen is volgens Spinoza de dingen zien in hun ‘logische afhankelijkheid’.
Het begrip toeval (Amor fati: Liefde voor het lot.) wordt in verband gebracht met ‘logische afhankelijkheid’ en ‘acausale geordendheid’.
Dr. Jolande Jacobi boek De psychologie van Carl G. Jung (p. 21): Jung noemde, een modaliteit die er eenvoudigweg is, zonder oorzaak, ‘acausale geordendheid’.

Als we de zaken werkelijk willen veranderen dienen we aan het geestelijke kapitaal meer aandacht te besteden. In het 5D-concept zijn de 'metafysica, het bovennatuurlijke en de fysica', 'geestkunde en natuurkunde', 'Bewustzijnsevolutie en Evolutietheorie', 'Unificatietheorie en Snaartheorie', twee complementaire kanten van één medaille. Het is het projectiemechanisme, de spiegelsymmetrie die beide met elkaar verbindt.

Roberto Assagioli laat met disidentificatie, net als Blavatsky met het meditatie-diagram, zien dat gedachten en gevoelens verschijnen en verdwijnen, maar we zijn niet onze gedachten en gevoelens. Meditatie, stilte stelt ons in staat dichter bij de eigen kern te komen, te her-inneren. Het onderbewustzijn geeft op onze vragen antwoord.

H.P. Blavatsky De stem van de stilte, De Zeven Poorten Fragment III:
Concentreer de blik van uw ziel op het ene zuivere licht, het licht dat vrij is van emotie, en gebruik uw gouden sleutel.

De Eeuwige wederkeer van 'binnen en buiten', verleden en toekomst verbonden door de 4e dimensie, het ultieme, tijdloze, eeuwige nu en de eeuwigheid. Al is dan volgens Ilya Prigogine de evolutie onomkeerbaar er wordt van uitgegaan dat het mogelijk moet zijn door creativethink het zelforganiserende vermogen positief te beïnvloeden en de evolutie daarmee op een hoger plan te brengen.

Het is wenselijk de vicieuze cirkel van het kip-en-eiprobleem (Lichaam-geestprobleem), het Hoe of Wat (of-of) denken te doorbreken.
Twee van de grote denkstromingen die pogen het mind-body probleem op te lossen zijn het dualisme en het monisme.
Een middenweg (en-en) tussen fysisch en psychisch monisme vormt neutraal monisme. Spinoza's Deus sive natura (“God in de natuur en de natuur in God”) is een neutraal monisme.

De geschiedenis laat een diversiteit aan innovatieve, interdisciplinaire grenswetenschappers zien.
Spinoza, Schelling, Blavatsky, Nietzsche, Jung en Wittgenstein zijn coryfeeën die zich hebben bewogen op het snijvlak van natuur en cultuur. Op dit snijvlak gaat het echter niet primair om wetenschap versus geloof, maar eerder om de samenhang en wisselwerking tussen natuur – en menswetenchappen. Deze kengebieden kunnen wel onderscheiden, maar niet gescheiden worden. Het zijn twee verschillende, maar complementaire domeinen. Door beide als complementair te beschouwen ontstaat een completer zicht op de werkelijkheid. Het is wenselijk de tweespalt tussen de natuurwetenschappen en geesteswetenschappen te verkleinen. Vastgeroeste denkpatronen te doorbreken. Het domein van de materie met de energetische processen van het bewustzijn te combineren. Een ruimer denkmodel is nodig om op creatieve wijze de wereldvraagstukken op te pakken.

Het is opvallend dat Teilhard de Chardin en Carl Jung, tijdgenoten van Blavatsky, ook de mens als een microkosmos van de universele macrokosmos opvatten. H.P. Blavatsky beschrijft Kosmos en mens, respectievelijk de macrokosmos en microkosmos in de Delen I en II van De Geheime Leer. De beide boeken dragen als ondertitel: ‘De synthese van wetenschap, godsdienst en wijsbegeerte’.
In het informatie registrerende en overdragende Akasha-veld (‘In-formatie’) van het universum worden de correlaties tussen de micro - en macrokosmos tot stand gebracht.

In zijn boek Counter-Democracy betoogt de Franse politicoloog Pierre Rosanvallon dat populisme een logische pendant is van een uit het lood geslagen democratie. Het dilemma is dat partijpolitici deel uitmaken van een politieke mores en daardoor niet boven die heersende cultuur staan, maar er onlosmakelijk mee verbonden zijn. Om een cultuuromslag te realiseren gaat het uiteindelijk om een integrale denktrant (de samenhang tussen de domeinen van de alfa-, béta- en gammawetenschappers) die het parochiale denken van het ’eigen koninkrijkje’, de 'bv Ego' overstijgt.

Het Zelf bezit een teleologische functie. Het Zelf is verantwoordelijk voor de effectuering van de blauwdruk voor het leven in elke fase van de levenscyclus, en voor het tot stand brengen van de beste aanpassing die de individuele omstandigheden toestaan. Het zelf wordt heel vaak geprojecteerd op figuren of instellingen die worden gezien als vertegenwoordigers (presidenten, koningen) van macht en prestige bij uitstek.

Wat betreft 'Ego en Zelf' ligt er een verband met de biologische principes van aanpassing, groei en homeostatische regulatie: beloning en straf, genot en pijn, aantrekking en afstoting, persoonlijk voordeel en persoonlijk nadeel. De homeostase brengt voor een individu de keerzijde, de onbewuste as in beeld. In het 5Ddenkraam wordt op de homeostase van een sociaal systeem de nadruk gelegd.

De interacties tussen 'ego en het Zelf' leiden tot wijsheid. Het ligt dan voor de hand te veronderstellen dat het Zelf links laten liggen in dwaasheid resulteert. Er bestaat 'psychoanalyse en psychosynthese', 'onderzoek en ontwerp', 'wijsheid of dwaasheid'. Het gaat echter om de wisselwerking tussen beide zijden van de medaille, de complementariteit. De weg naar de oerbron verloopt niet alleen naar boven naar het licht, maar ook omlaag in de duisternis, dus bottom up en top down. Door de materiële kant over te belichten, raakt de spirituele kant onderbelicht. Het gaat er juist om voorbij de dynamiek van de polariteiten, naar de 5e dimensie (5Ddenkraam), die beide verenigt te groeien.

De realisatie van het zelf is een proces dat gekenmerkt wordt door de vereniging van tegenstellingen in de mens, zoals goed en kwaad, licht en schaduw, binnen en buiten.
Deze archetypen, begrippen zoals de schaduw (de duistere kant van het onderbewustzijn), de eeuwige jongeling, de boze geest, de held enzovoorts, zijn als het ware overgeleverde, functionele oerdrijfveren of 'ervaringsmodaliteiten', die de persoonlijkheid van de mens structureren.
In het leven gaat het er om dat we leren over de eigen schaduw te springen.
De nazi's vielen Jung overigens ook aan, want Jung had ingezien én uitgebreid beschreven hoe zij hun eigen schaduw projecteerden op de joden, en zij waren daar niet bepaald van gediend.

Uitgangspunt is dat de horizontale cirkel in de wereldklok van Pauli de ‘huwelijksquaterniteit’, de relatie tussen 'Alchemist en Soror', tussen het eigen ego en de 'anderen' toont. De horizontale ordening is de werkelijkheid zoals wij deze in het aardse leven ervaren. Het eeuwige nu van de verticale ordening staat voor negentropie, het "zelf-organiserende principe" dat met synchroniciteit samenhangt. De verticale cirkel toont het alter ego (archetype, Dubbele identiteit), dat zich afvraagt ‘wat is de moraal van het verhaal?’. De verticale cirkel, de mandala symboliseert de eenheid tussen de innerlijke en uiterlijke wereld, de 'micro- en macrokosmos'. De lemniscaat verbindt de horizontale cirkel met de verticale cirkel en symboliseert de bewust of onbewust ervaren werkelijkheid. Het leven is een continu ervaringsproces, dat tracht knelpunten in de gewenste richting bij te sturen.

Plato verdeelde de werkelijkheid in twee zijnssferen, materie en geest met als schakel de ziel. Het imaginaire Antahkarana, nous legt de verbinding tussen epithumia en thumos. Het zelfbewustzijn, dat meta-leren mogelijk maakt, kan als een recursiefproces worden opgevat. Het universum (universele quintessens) creëert een levend wezen dat in staat is zichzelf te aanschouwen en te reguleren. Het universum kijkt als het ware op een bewust niveau naar zichzelf. De in het brein, het geheugen opgeslagen informatie kan opnieuw worden geprojecteerd. We zijn aan onze eigen perceptie, het eigen perspectief overgeleverd. Het reflexieve ik, het zelfbewustzijn ondergaan we niet alleen als een ontologisch gegeven, maar veeleer als een fenomenologisch feit.

De negatieve betekenis van Eros (fohat) staat voor wellust, driftleven, epithumia. Voor Jung betekent eros de religieuze drift, voor Freud de seksuele drift. Alles heeft zijn tegenstelling, begeerte inbegrepen.
Carl Jung legt een accent op de schaduwzijde en Roberto Assagioli op de verborgen keerzijde, de lichtzijde. In het rapport ‘E i V’ wordt een grote verscheidenheid aan gezichtspunten uitgewerkt.
De éne werkelijkheid is dat het universum in het menselijke bewustzijn wordt weerspiegeld. De driehoek van Pythagoras en de categorieën van Aristoteles symboliseren al hoe de innerlijke wereld met de uiterlijke wereld, 'Wat en Hoe; Hoe en Wat' met elkaar worden verbonden.

SisyPhus De MultiVersele Creatie door Negentropie in correlatie met de vier niveau's van de Ka-Ba-Lah.
Als je wat weet van moleculaire structuren, dan besef je dat elke "molecuul", elke "atoom" allemaal "hologrammen" zijn met een Negentropie Zelf-Organisatie in een schijnbare inerte lage entropie. Als dat niet zo was, dan zou er geen "materiële wereld" zijn (zie: Ka-Ba-Lah: Malkuth). Het bewijs over de Fractals en de Lorentz-Attractoren is overduidelijk, als we deze twee begrippen gaan vervangen voor "ruimte" en "tijd".

Wim van den Dungen: Metafysisch kunnen we speculeren over de mogelijkheid van een 'force active' (Leibniz), of 'entelechie' (Driesch), 'élan vital' (Bergson), 'vitaal principe' (Hahnemann), 'creativity' (Whitehead), 'morfogenetisch veld' (Sheldrake), 'etherisch dubbel' (theosofie), 'ch'i' (taoïsme), 'prâ a' (yoga) of 'vitale kracht'.

Wim van den Dungen boek Over zeven manieren van heilige minne.
Dit betekent dat er sprake is van een 'constante' los van ruimte en tijd. Voor zover we deze constante pogen af te bakenen in termen van cognitieve groei en kennismanipulatie ontstaat een nieuw onderzoeksgebied, doorsnede van de religieuze wetenschappen & de toegepaste epistemologie ; ik noem dit mysticologie, de studie van de mystieke kennismanipulatie, m.a.w. kennis over de constituanten van de ervaarbare mystieke bewustzijnsstaat (de 'unio mystica', vergelijkbaar met de Oosterse samadhi, moksa, mukti, satori).

De Unio Mystica brengt ook de eenwording tot uitdrukking.
Indien we 'sepher' met ruimte en 'sephar' met tijd vergelijken, dan betreft 'sippur' (of 'communicatie') de 'quintessense' of 'vijfde dimensie'. Aan de vierdimensionale 'kubus' van het Aardse bestaan wordt een vijfde 'hyper'-dimensie toegevoegd. De spirituele dimensie gaat over de 'nominale' empirisch-formele werkelijkheid heen. Ze veronderstelt een intuïtieve aanschouwing van Kosmos die enkel gegeven is zodra het intellect volledig begrijpt waarom & hoe het principe van het niet-weten (agnosia) het gehele rationele gebeuren doordringt. Nà zich op deze wijze te hebben geledigd, groeit de Wijsheid als een permanent bewustzijn van de voorschijn van het vele in het licht van de impliciete éénmakende horizon (de Demiurg). De Wijsheid drukt zich uit in een Magister (Binah) waarin de scheppingsvoorwaarden begrijpbaar neergeslagen worden.

Cultuuroverdracht (juiste) heeft op de imitatie van Plato, een 'intelligent ontwerp' op basis van 'Goede - Ware - Schone' betrekking en niet op intimidatie. Plato zet de natuurfilosofie in zijn werk Timaeus, die enigszins esoterisch is, uiteen.

De definitie van het reflexief bewustzijn biedt, net als de Allegorie van de grot van Plato of het Hologram-paradigma (Cultuur holografisch gespiegeld, Het holografische paradigma) een model om de spiegelwerking van de psyche, het bewustwordingsproces te verklaren.

Het was Goethe die meer dan wie dan ook een heldhaftige poging heeft gewaagd de wetenschap te integreren met de traditionele wijsheid.
Een wetenschap van de gehele persoon, de basis voor een ééngeworden cultuur. Het verenigen van de tegenstellingen gebeurt op een hoger niveau.
Carl Jung spreekt in dit kader van het “Gegensatzprinzip” en Goethe van “Die geeinte Zweinatur”.

Elke medaille heeft twee complementaire kanten, die door de spiegelsymmetrie, het projectiemechanisme tot uitdrukking wordt gebracht. De eenheid der tegendelen is het basisingrediënt in het rapport ‘E i V’. De eenheid der tegendelen brengt echter ook een tegenstelling tussen twee polen, de keerzijde tot uitdrukking. De éne werkelijkheid bestaat uit paren van tegenstellingen, ‘hemel en aarde’, ’evolutie en involutie’, 'onbewuste en bewuste', ‘collectieve en individuele' onbewuste. Het gaat er om in de menselijke geest zowel het bewuste als het onbewuste te overstijgen. Asymmetrie bestaat op aarde, maar niet bij God (Ain-Soph) in de hemel. Uiteindelijke kan het individuele bewustzijn de ware aard van het universele, kosmische, non-lokale bewustzijn niet kennen.

De beide zijden van de medaille kunnen echter niet gelijk zijn anders is er sprake van een evenwichtssituatie. Het is de Oerbron van universeel leven (Solovjov), de complementariteit die zorgt voor de tegengestelde bewegingen tussen ‘Geest en Lichaam’, ’Materie en Bewustzijn’, ‘Involutie en Evolutie’. Van deze oerbron is echter nog niets bekend. Daar kunnen we alleen maar naar gissen.

De Triade symboliseert de eenheid der tegendelen (Complementariteit).
Atma-Buddhi-Manas (Geest, hogere ongemanifesteerde Zelf) in de mens wordt door de drie Logoi {'Vader, Zoon en Heilige Geest' of 'Brahma, Vishnu en Shiva' (‘Scheppen, Onderhouden en Vernietigen’) of 'Isis, Osirus en Horus'} in de Kosmos weerspiegeld (Weerkaatsing, Toverlantaarn, Tetragrammaton). Alles in het universum ontstaat als gevolg van de interacties van polaire tegenstellingen, de dualiteit in de gemanifesteerde werkelijkheid.

In het rapport ‘E i V’ wordt er van uitgegaan dat het ‘onbewust absoluut bewustzijn’ een synoniem is voor non-lokaal bewustzijn.
Het zelfbewustzijn en het non-lokale bewustzijn zijn net als het 'individuele en het collectieve' bewustzijn, het persoonlijk bewustzijn en het Christusbewustzijn complementair.
De Geheime Leer Deel I, Samenvatting (p. 314):
‘Werkelijkheid bestaat niet op aarde, mijn zoon, en kan daar niet bestaan. . . . Niets op aarde is werkelijk, er is slechts schijn. . . . Hij (de mens) is als mens niet werkelijk, mijn zoon. Het werkelijke bestaat alleen in zichzelf en blijft wat het is. . . . De mens is vergankelijk en hij is daarom niet werkelijk, hij is maar schijn en schijn is de hoogste illusie.

Om het aardse met het hemelse te verbinden gebruikt de Theosofie het begrip Individualiteit, Carl Jung Individuatie en de filognosie Onpersoonlijkheid. Het gebruik van deze 'synoniemen' biedt een gemeenschappelijke achtergrond waardoor het mogelijk is de authentieke projectie van het Ken uzelve te doorgronden.

Daniel Goleman (Stockton, 7 maart 1946) is een Amerikaans psycholoog. Hij introduceerde als eerste voor een breed publiek het begrip emotionele intelligentie.

Het eigenlijke denken vindt plaats op het snijvlak, de schakel tussen verleden en toekomst in het nu, tussen de binnenwereld en de buitenwereld, tussen het individuele en het universele, dialectische bewustzijn, in de ziel (psyche) de schakel tussen lichaam en geest. We moeten in ons boerenverstand weer meer vertrouwen krijgen.

Het gemanifesteerde is in de kern gebaseerd op dualiteit, want er kan geen enkele dynamiek zijn zonder polariteit, zonder de voortdurende wisselwerking van de positieve en negatieve aspecten.

Benjamin Adamah maakt gebruik van de begrippen horizontaal en verticaal bewustzijn. Benjamin Adamah schrijft in zijn boek Nulpunt Revolutie over Adam Kadmon ons zuiver negentropische alter ego.

Net als bij NLP wordt er van een metamodel (Meta-model, Metamodeling) gebruik gemaakt.

Bij schizofreniepatiënten is van verminderde connectiviteit sprake (zie ook: Biologische en Kunstmatige neurale netwerken, Connectionism vs. Computationalism debate, Artificial neural network, Cellular neural network en Langetermijngeheugen (neurale basis)).

Hoofdstuk 7 Coherentie, Membranen en breinen (p. 105):
Bruce Lipton is een van de biologen die pionierswerk verricht in het onderzoek naar het primaat van membranen in de vorming van biologisch leven.

Zie ook:

Boeken:

Externe Links

<< vorige || volgende >>

Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 5950 keer bekeken.