| Deze filognostische presentatie is in aanbouw |
Spiegelsymmetrie
Inhoud
Eenheid in Verscheidenheid
De drie verenigende Logoi van de Esoterie:
| Eenheid in | Verscheidenheid | |||||
| Pythagoras | 1e Logos, Monade | 3e Logos, Triade | Antroposofie | Rudolf Steiner | ||
| Monade | Triade | God ---- | Geest | Geestmens ---- | Geestzelf (omgevormd Astraallichaam) | |
| | | | | | | | | | | | | |
| Tetrade | Duade | 4. Lichaam ---- | Zoon | Fysiek lichaam ---- | Levensgeest (omgevormd Etherlichaam) | |
| Tetrade | 2e Logos, Duade |
De wijsheidssleutels 1, 2 en 3 dragen een macro en de sleutels 5, 6 en 7 een micro karakter. De 4e sleutel, de schakel tussen buiten en binnen draagt beide karakteristieken. De schakel, de ziel brengt de reflexieve dynamiek 'zo binnen, zo buiten; zo buiten, zo binnen', 'wat en hoe; hoe en wat' tot uitdrukking. Sleutel 1 kan in samenhang worden gezien met sleutel 7, sleutel 2 met 6, en sleutel 3 met 5. De sleutels weerspiegelen zich in elkaar waardoor de macrokosmos en de microkosmos met elkaar worden verbonden.
Theosofie verklaart zowel het 'Wat' (Religie), het 'Waarom' (Filosofie), als het 'Hoe' (Wetenschap) van het leven. Wanneer we theosofie praktisch willen gaan toepassen gaat het naast Wat, Waarom en Hoe om de vraag 'Wanneer'? Dit rapport legt op het wanneer, op het besturingssysteem, de wederzijdse wisselwerking tussen hardware en software de nadruk. De ziel, het 'Wie' de menselijke psyche verbindt het verleden met de toekomst en vice versa. Tegenover de symbolische orde staat de diabolische uitzichtloze wereld.
Zevenvoudige samenstelling van de mens (Zoo omhoog, zoo omlaag)
Gottfried de Purucker boek Grondslagen der Esoterische Wijsbegeerte, Deel I, Hoofdstukken 18 en 19, Diagram:

Deze doorsnede sluit op het Ei van Roberto Assagioli aan.
Voor de zevenvoudige samenstelling van de mens is ook gebruik gemaakt van het boekje Mens en kosmos uit de serie theosofische fragmenten van D.J.P. Kok. De schakel, de ziel, de wisselwerking tussen geest en substantie, kracht en stof wordt aan de hand van het onderstaande schema toegelicht:
| Antroposofie (b): | Blavatsky Deel III, p. 555, tabel der tattwa’s: | Deel II, p. 707: | Mens | |
| 7. Âtma | Geestmens | Aurisch ei; Akasha, grondslag van de geest van de ether | Noumenale sfeer | Schone |
| 6. Buddhi | Levensgeest | Buddhi, Derde oog | Geestelijke sfeer | Ware |
| 5. Manas | Geestzelf | Manas. Ego; Ruimte-ether of derde differentiatie van Akasha | Psychische sfeer | Goede |
| 4. Kama (a) | Ik als kern van de ziel | Kâma-Manas; Kritsche toestand van stof | Astro-etherische sfeer | 'Ik' |
| 3. Prâna | Etherlichaam | Kâma (Rűpa); Essence van grove stof; komt overeen met ijs | Sub-astrale sfeer | Chaos |
| 2. Linga-sarira | Astraallichaam | Linga-sarira; Grove ether of vloeibare lucht | Vitale sfeer | Gaia |
| 1. Sthűla-sarira | Fysiek lichaam | Levend lichaam in prâna of dierlijk leven | Zuiver stoffelijke sfeer | Eros |
a) De hogere en de lagere Kama zijn twee aanzichten van een en hetzelfde beginsel.
b) In het Het Witte Lotusblad (Belgische Theosofische Vereniging, Loge Witte Lotus) zijn twee artikelen van Christian Vandekerkhove over Rudolf Steiner verschenen, kies categorie: Nieuwsbrief en vervolgens nr. mei 2007 en juni 2007. De Nieuwsbrief van juni 2007 bevat de bovenaangehaalde eindconclusie die op mijn verhaal aansluit. Christian Vandekerkhove, proefschrift Johannes Jacobus Poortman, het Hylisch Pluralisme en de Multicorporaliteit als mogelijk epistemologisch sluitstuk in de kloof tussen wetenschap en religie en tussen de religies onderling, promotor: Hans Gerding.
Hogere ongemanifesteerde Triade: Âtma-Buddhi-Manas (Onsterfelijke bestanddelen)
Gemanifesteerde Tetrade, Lagere viertal: Kama, Prâna, Linga-sarira en Sthűla-sarira (Sterfelijke bestanddelen)
De driehoek (1 + 2 + 3 + 4 = 10) van Pythagoras bevat een
Triade en een Tetrade (+ 4).
Poortman deelt de verschillende visies op, in zes standpunten:
- Het alfa-standpunt: Monistisch Materialisme of Materialistisch Monisme (er bestaat enkel materie)
- Het bčta-standpunt: Dualistisch Materialisme
- Het gamma-standpunt: Enkel God is immaterieel
- Het delta-standpunt: Ook de ziel is immaterieel
- Het epsilon-standpunt: Antropologisch Dualisme
- Het zčta-standpunt: Psychisch Monisme (er bestaat enkel geest)
De Geheime Leer Deel I, De nacht van het heelal (p. 66):
Deel I, p. 66: Deze ‘eeuwigheden’ behoren tot de meest geheime berekeningen, waarin, om tot het ware
totaal te komen, elk getal 7x (7 tot de macht x) moet zijn, waarbij x verschilt naar gelang van de aard van de cyclus in de subjectieve of werkelijke wereld. Ieder cijfer of getal dat betrekking heeft op de verschillende cyclussen, van de grootste tot de kleinste – in de objectieve of onwerkelijke wereld – of dat deze cyclussen weergeeft, moet noodzakelijk een veelvoud van zeven zijn. De sleutel hiertoe kan niet worden gegeven, want hierin ligt het geheim van de esoterische berekeningen, en voor het maken van gewone berekeningen is hij van geen betekenis. ‘Het getal zeven’, zegt de Kabbala, ‘is het grote getal van de goddelijke Mysteriën’; het getal tien is dat van alle menselijke kennis (de decade van Pythagoras); 1000 is het getal tien tot de derde macht en daarom is het getal 7000 ook symbolisch. In de Geheime Leer zijn het cijfer en het getal 4 alleen op het hoogste gebied van abstractie het mannelijke symbool; op stoffelijk gebied is 3 het mannelijke en 4 het vrouwelijke: de verticale en de horizontale lijn in het vierde stadium van de symboliek, toen de symbolen de tekens werden van de voortbrengende krachten op stoffelijk gebied.
Deel I, Zij brengen fohat voort (p. 141):
Fohat staat in nauw verband met het ‘ENE LEVEN’. Uit het Onbekende Ene, het oneindige GEHEEL, komt de gemanifesteerde ENE of de periodieke manvantarische godheid voort, en deze is het universele denkvermogen dat, gescheiden van zijn bron, de demiurg of de scheppende logos van de westerse kabbalisten is, en de Brahma met de vier gezichten van de hindoereligie. Als geheel en beschouwd vanuit het gezichtspunt van de gemanifesteerde goddelijke gedachte, geeft hij in de esoterische leer de menigten van de hogere scheppende Dhyan-Chohans weer. Tegelijk met de ontwikkeling van het universele denkvermogen manifesteert zich de verborgen wijsheid van Adi-Boeddha – de ene opperste en eeuwige – als Avalokiteshvara (of gemanifesteerde Isvara), die de Osiris van de Egyptenaren, de Ahura-Mazda van de Zoroastriërs, de hemelse mens van de Hermetische filosofen, de logos van de platonici en de atman van de aanhangers van de Vedanta is. De weerspiegeling van het universele denkvermogen, die de kosmische ideeënvorming en de bijbehorende intellectuele kracht is, wordt op het objectieve gebied de fohat van de boeddhistische esoterische filosoof. Dit geschiedt door de werking van de gemanifesteerde wijsheid of mahat, voorgesteld door deze talloze centra van geestelijke energie in de Kosmos. Terwijl fohat de zeven beginselen van akasa doorloopt, werkt hij in op de gemanifesteerde substantie of het Ene Element, zoals hierboven is uiteengezet. Door dit te differentiëren in verschillende energiecentra, stelt hij de wet van de kosmische evolutie in werking die, gehoorzamend aan de ideeënvorming van het universele denkvermogen, alle verschillende bestaanstoestanden in het gemanifesteerde zonnestelsel in het leven roept.
Deel I, Stanza 7 De voorvaderen van de mens op aarde (p. 245):
(d) De derde orde correspondeert met atma-buddhi-manas: geest, ziel en verstand; zij wordt de ‘triaden’ genoemd.
(e) De vierde bestaat uit substantiële wezens. Dit is de hoogste groep van de rupa’s (atomaire vormen). Het is de kinderkamer van de menselijke, bewuste, geestelijke zielen. Zij worden ‘onvergankelijke jiva’s’ genoemd en vormen, door bemiddeling van de orde onder hen, de eerste groep van de eerste zevenvoudige menigte – het grote mysterie van het menselijke bewuste en verstandelijke Zijn. Want deze laatste vormen het terrein waarin de kiem, die zich zal gaan voortplanten, in afzondering ligt verborgen. De kiem zal in de stoffelijke cel de geestelijke kracht worden die de ontwikkeling van het embryo leidt, en de oorzaak is van de overerving van vermogens en van al de inherente eigenschappen van de mens. De theorie van Darwin over de overdracht van verkregen eigenschappen wordt echter in het occultisme niet onderwezen en niet aanvaard. Het occultisme zegt dat de evolutie volgens een heel ander patroon plaatsheeft; het stoffelijke ontwikkelt zich volgens de esoterische leer geleidelijk uit het geestelijke, het verstandelijke en het psychische. Deze innerlijke ziel van de stoffelijke cel – dit ‘geestelijke plasma’, dat het kiemplasma beheerst – is de sleutel die eens de poorten moet openen van de terra incognita van de bioloog, die nu het duistere mysterie van de embryologie wordt genoemd.
276: ALLES IS LEVEN, en elk atoom, zelfs van mineraalstof, is een LEVEN, hoewel dit boven ons bevattingsvermogen ligt en voor ons niet waarneembaar is, omdat het valt buiten het gebied van de wetten die bekend zijn aan degenen die het occultisme afwijzen. ‘De atomen zelf’, zegt Tyndall, ‘schijnen vol verlangen te zijn naar het leven’. Waar komt dan de neiging vandaan ‘om in organische vormen over te gaan’, willen wij vragen. Kan men dit op een andere manier verklaren dan volgens de leringen van de occulte wetenschap?
James M. Pryse Apocalypse ontsluierd / een esoterische uitleg van de Openbaring van Johannes
(p. 36, zie ook diagram links onder, de “dramatis personae”):
Men dient echter wel te bedenken dat deze de werelden en krachten van de microcosmos, de mens, zijn; zoals uitgebeeld is in het zodiacale schema; en daar de twee driehoeken het conflict tussen de geestelijke- en dierlijke principes uitbeelden, wat zich in de menselijke ziel afspeelt, moet men het zo zien, dat ze voor het geval van de mens dooreengestrengeld zijn, het “volmaakte vierkant”, en aldus ingesloten binnen in het aurische plęrôma, of de goddelijke sythese.
Blavatsky, Deel III, p. 552: De Tattwa’s staan in dezelfde volgorde als de zeven macrokosmische en microkosmische krachten en zijn volgens de leer van de esoteriek als volgt: etc. Deze alle komen met onze beginselen en met de zeven zintuigen en krachten van de mens overeen.
Deel I, p. 127: Neem bijvoorbeeld de twist tussen de zintuigen, welk van hen het hoogste staat en hun keuze van Brahman, de heer van alle schepselen, als scheidsrechter. ‘U bent alle het grootst en niet het grootst’, of zoals A. Misra zegt, verheven boven de objecten, en geen van alle onafhankelijk van de ander. ‘U bezit alle elkaars eigenschappen. Elk is het grootst op zijn eigen gebied en alle ondersteunen elkaar. Er is er een, die niet beweegt (levenswind of adem, de zogenaamde ‘yoga inademing’, die de adem is van het Ene of hogere ZELF). Dat is het (of mijn) eigen Zelf, verzameld in talrijke (vormen).’ Deze adem, stem, zelf of ‘wind’ (pneuma?) is de synthese van de zeven zintuigen, noumenaal alle lagere godheden en esoterisch – het zevental en het ‘leger van de STEM’.
P. 591: De “oorspronkelijke driehoek” is de 2e Logos, die zich als een driehoek in de 3e Logos of hemelse mens weerkaatst en daarna verdwijnt. De 3e Logos, die het “vormende scheppingsvermogen” bevat, ontwikkelt de tetraktys uit de driehoek, en wordt zoodoende zeven, de scheppende kracht, die met de oorspronkelijke driehoek, die haar voortgebracht heeft, ene tienheid vormt. Als deze hemelse driehoek en tetraktys in het heelal van stof weerkaatst zijn in den vorm van de astralen, paradigmatische mens, zijn zij omgekeerd, en wordt de driehoek of de vormende kracht onder de vierheid geworpen, met zijn spits naar omlaag gekeerd; de Monade van deze astrale paradigmatische mens is zelf een driehoek die tot de vierheid en de driehoek in dezelfde verhouding staat als de oorspronkelijke driehoek tot de Hemelse Mens. Vandaar de zinsnede: “de bovenste driehoek …..is in de mens van stof onder de zeven geplaatst”. Ook hier vormen het punt dat de driehoek beschrijft, de Monade die den drieheid wordt, met de vierheid en de lagere scheppende driehoek, de tienheid of het volmaakte getal. “Zoo omhoog, zoo omlaag”.
Innerlijke, reflexieve bewustzijn
De Geheime Leer Deel I,
Hoofdstuk 5 Over de verborgen godheid, haar symbolen en tekens (p. 379):
Chaos-Theos-Kosmos, de drievoudige godheid, is alles in alles. Daarom zegt men dat zij mannelijk en vrouwelijk, goed en kwaad, positief en negatief is: de hele reeks van tegengestelde eigenschappen. In latente toestand (in pralaya) is zij onkenbaar en wordt de onnaspeurlijke godheid. Zij kan slechts in haar actieve functies worden gekend, dus als stof-kracht en levende geest, de correlaten en het resultaat of de uitdrukking op het zichtbare gebied van de altijd ongekend blijvende uiteindelijke EENHEID.
Op haar beurt is deze drievoudige eenheid de voortbrengster van de vier oorspronkelijke ‘elementen’, die in onze zichtbare aardse natuur bekend zijn als de zeven (tot dusver vijf) elementen, die elk deelbaar zijn in negenenveertig (of zeven maal zeven) sub-elementen; er zijn er ongeveer zeventig aan de scheikunde bekend. Elk kosmisch element, zoals vuur, lucht, water, aarde, die deel hebben aan de eigenschappen en gebreken van hun beginselen, is van nature goed en kwaad, kracht (of geest) en stof, enz.; en elk is daarom tegelijk leven en dood, gezondheid en ziekte, actie en reactie. (Zie § xiv, ‘De vier elementen’.) Zij vormen altijd en voortdurend stof onder invloed van de nooit ophoudende impuls van het ENE Element het onkenbare), dat in de wereld van de verschijnselen wordt voorgesteld door aether, of door ‘de onsterfelijke goden, die aan alles geboorte en leven schenken’.
De Geheime Leer Deel II, Hoofdstuk 25 De mysteriën van het zevental (p. 678):
Wanneer de lezer de zevenvoudige samenstelling van goddelijke hiërarchieën en van kosmische en menselijke constituties in gedachten houdt, zal hij gemakkelijk begrijpen dat Jah-Noach aan het hoofd staat en de synthese is van het lagere kosmische Viertal. De bovenste sephiroth-triade – waarvan Jehova-binah (intelligentie) de linker, vrouwelijke, hoek is – emaneert het Viertal. Het laatstgenoemde, dat op zichzelf de ‘hemelse mens’ symboliseert, de geslachtloze Adam Kadmon, gezien als de Natuur in het abstracte, wordt weer een zevental door uit zichzelf de overige drie beginselen te emaneren, de lagere aardse, gemanifesteerde stoffelijke Natuur, de stof en onze aarde (de zevende is Malkuth, de ‘bruid van de hemelse mens’), en vormt zo met de hogere triade, of kether, de kroon, het volledige getal van de sephiroth-boom – de 10, het totaal in eenheid of het Heelal. Naast de hogere triade zijn er zeven lagere scheppende sephiroth.
Het bovenstaande doet niet rechtstreeks ter zake, hoewel het nodig is het in gedachten te houden om gemakkelijker te begrijpen wat er volgt. De vraag die aan de orde is, is te bewijzen dat Jah-Noach, of de Jehova van de Hebreeuwse bijbel, de veronderstelde schepper van onze aarde, van de mens en van alles op aarde, is:
a) Het laagste zevental, de scheppende Elohim – in zijn kosmische aspect.
b) Het tetragrammaton of de Adam Kadmon, ‘de hemelse mens’ van de vier letters – in zijn theogonische en kabbalistische aspecten.
c) Noach – identiek met de sishta van de hindoes, het menselijke zaad, dat uit een eerdere schepping of manvantara is overgebleven voor het bevolken van de aarde, zoals het in de Purāna’s wordt uitgedrukt, of het voordiluviaanse tijdperk, zoals het allegorisch in de bijbel wordt voorgesteld – in zijn kosmische karakter.
De Geheime Leer Deel II, Hoofdstuk 25 De mysteriën van het zevental, De zeven zielen van de Egyptologen (p. 721):

1. Noot bij tabel: Er schijnt bij de westerse kabbalisten een verwarring te bestaan die al eeuwen duurt. Zij noemen ruach (geest) wat wij kama-rupa noemen; terwijl bij ons ruach ‘de spirituele ziel’, buddhi, zou zijn en nephesh het vierde beginsel, de vitale dierlijke ziel. Eliphas Lévi begaat dezelfde fout.
Volgens de Niewsbrief juni 2007 ziet de vergeestelijkte mens er als volgt uit:
| Antroposofie | Theosofie | ||
| 7. Geestmens als omgevormd Fysiek Lichaam | 1. Stoffelijk of Fysiek Lichaam | Hogere werelden | Geestelijke wereld |
| 6. Levensgeest als omgevormd Levenslichaam | 2. Ether- of Levenslichaam | Etherische wereld | Mentale wereld |
| 5. Geestzelf als omgevormd Astraallichaam | 3. Astraal Lichaam | Astrale wereld | Astrale wereld |
| 4. Ik als kern van de ziel | Stoffelijke wereld | Fysieke wereld |
De lagere gebieden kunnen we samen met het hogere als volgt in het rechter kwadrant schematisch weergeven.
| Joodse | Kabbalah | Antroposofie (b) | Holistische fysiotherapie | ||||||||
| Mensenrijk | Plantenrijk | ||||||||||
| Neshama | Nephesh | Tussenliggende | viertal: | 4. Hogere wereld | 2. Etherische wereld | ||||||
| 4. Geest | - | 2. Dierlijk-astrale Ziel | 7. Âtma | < | 5. Manas | 7./1. | 5./3. | ||||
| | | | | Lagere viertal: | | | | | | | | | |||||
| 1. Voertuig | - | 3. Ziel | 4. Kama | > | 2. Linga-sarira | > | 6. Buddhi | 4. | - | 6./2. | |
| Guph | Ruah | | | | | 1. Stoffelijke wereld | 3. Astrale wereld | ||||||
| 1. Sthűla-sarira | < | 3. Prâna | Mineralenrijk | Dierenrijk |
Het bovenstaande middelste 'dubbelkwadrant' illustreert de 'Zevenvoudige samenstelling van de mens.
Gottfried de Purucker geeft in zijn boek Grondslagen der Esoterische Wijsbegeerte, Deel I, Hoofdstuk 10 een met het linker kwadrant vergelijkbare doorsnede:
Volgens deze opvatting hadden die vier sferen psychologisch hun afschaduwing of weerspiegeling of locus (plaats) in het menselijk lichaam; en om in overeenstemming te zijn met de vier grondbeginselen waarin de joodse kabbalistische filosofen de mens verdeelden, werd verondersteld dat neshâmâh (of de geest) zijn locus had in het hoofd, of beter, erboven zweefde; dat het tweede, rűahh (of de ziel) zijn locus of centrum had in de borst; en het derde, het laagste van de werkzame beginselen, nephesh (of de dierlijk-astrale ziel) zijn locus of centrum in de buik had. Het vierde voertuig was gűph of het omhullende stoffelijke lichaam. Men moet neshâmâh, het hoogste van alle, waaruit de andere geleidelijk emaneerden – rűahh uit neshâmâh, nephesh uit rűahh en gűph uit nephesh (gűph is esoterisch in feite het linga-sarîra en scheidt het stoffelijk lichaam van de mens af) – niet zozeer zien als een beginsel dat in het hoofd zetelt, maar dat als het ware het hoofd en het lichaam overschaduwt. Het kan worden vergeleken met een zonnestraal of met een elektrische straal, of ook wel met de zogenaamde gouden keten van de grote Griekse dichter Homerus en de veel latere neoplatonische filosofen, die Zeus met alle lagere entiteiten verbindt; of met de keten van wezens in een hiërarchie die via haar hyparxis met het laagste gebied van de volgende en hogere hiërarchie is verbonden.
Spirituele - en Persoonlijke ego, Âtma-Buddhi en Kama-Manas, Hogere - en Lagere duade
Deel I, Hoofdstuk 16 een met het middelste kwadrant vergelijkbaar schema:
U ziet dat de zeven beginselen en elementen van de mens in drie afzonderlijke groepen zijn verdeeld: een lagere triade, zuiver stoffelijk en vergankelijk, een tussenliggende duade, psychisch, samengesteld en grotendeels sterfelijk, Kâma-Manas, de eigenlijke ‘mens’ of ‘menselijke natuur’; en een hogere duade, Âtma-Buddhi, onsterfelijk, onvergankelijk, de monade. Bij de dood van de mens voert deze hogere duade al wat tot de geestelijke essentie behoort, het aroma van de lagere of tussenliggende duade met zich mee; en dan is de hogere duade het hogere zelf, de reďncarnerende individualiteit of egoďsche monade. In dit stadium van evolutie bevindt het gewone levensbewustzijn van de mens zich bijna geheel in de lagere of tussenliggende duade; wanneer hij zijn bewustzijn verheft om één te worden met de hogere duade, wordt hij een mahâtma, een meester.
Hoofdstuk 46 bevat een andere met het bovenste, middelste kwadrant vergelijkbaar diagram:

Dit is een heel algemeen diagram, maar het toont wel hoe de tien element-beginselen functioneren: het goddelijke, het zuiver stoffelijke en het tussenliggende viertal. Maar om praktische redenen kunnen de tien beginselen van de mens, denk ik, het best worden verdeeld zoals in het diagram hierboven.
Eerst komt natuurlijk de hoogste of goddelijke driehoek, een figuur die voor zichzelf spreekt. Vervolgens verdelen we het tussenliggende viertal in twee duaden. Bedenk alstublieft dat deze samengestelde tekening een symbolisch diagram is, dat uitsluitend wordt gebruikt om de zaak aanschouwelijk te maken. We hebben hier dus evenals eerst, bovenaan de goddelijke triade; dan de duade van de monade, ofwel âtma-buddhi. Dan de tweede of persoonlijke of astrale duade, manas en kâma. Vervolgens daaronder de omgekeerde driehoek, die slechts het voertuig, het lichaam, voorstelt – dat wil zeggen het sthűla-sarîra en het linga-sarîra en de prâna’s.
P. 35: De “dramatis personae” en de rangschikking van de scčnes zijn in het bovenstaande linker diagram geschetst.
P. 13:Van elk van deze negenenveertig constellaties (sterrenbeelden) wordt gezegd, dat ze een principe, kracht of hoedanigheid in de mens zelve symboliseren; het gehele stelsel vormt een symbolisch wezen, een hemelse mens (Adem Kadmon of Tetragrammaton), uitgebeeld op de sterrenhemel.
P. 35: De Twaalf Krachten, waarvan vijf noetisch (solair) zijn en zeven substantief (lunair), gesymboliseerd door de Twaalf Zodiacale Constellaties. De twaalf krachten, die achtereenvolgens op de vier gebieden van bestaan geëmaneerd worden, geven achtenveertig cosmische krachten; en, tezamen met de Archę-Logos, negenenveertig.
Deze achtenveertig constellaties, twaalf in de Zodiac en drie groepen van twaalf er buiten, tezamen met de Zon beschouwd als het middelpunt geven samen het getal negenenveertig en maken het stellaire schema van de zodiac voltallig, waaraan de Apocalypse zich getrouw gehouden heeft.
P. 36 Men dient echter wel te bedenken dat deze de werelden en krachten van de microcosmos, de mens,
zijn; zoals uitgebeeld is in het zodiacale schema; en daar de twee driehoeken het conflict tussen de
geestelijke- en dierlijke principes uitbeelden, wat zich in de menselijke ziel afspeelt, moet men het zo zien, dat ze voor het geval van de mens dooreengestrengeld zijn, het “volmaakte vierkant”, en aldus ingesloten binnen in het aurische plęrôma, of de goddelijke sythese.
P. 37: De twaalf krachten die aan elk van de vier gemanifesteerde gebieden hun energie geven, worden in een vijftal en een zevental verdeeld, het vijftal wordt onderverdeeld in één en een viertal; en het zevental is onderverdeeld in een drietal en een viertal, de drie wordt weer onderverdeeld in één en twee. Wanneer men deze indelingen in de vorm van een diagram gelijkend op een maatlat schrijft,
ontstaat de riet gelijk een staf, waarmede “de adytum van de Godheid, het altaar en hen die
daarbinnen aanbidden” gemeten worden, maar de hof die buiten de adytum is - de lagere triade -
wordt uitgeworpen:
P. 96: De “staf” waarmede het goddelijke kind de volkeren zal hoeden, is natuurlijk de caduceus (11e dimensie) van Hermęs, de voorbeeldige schaapherder van de zielen. In de oudere mythologie vindt men deze magische staf in de hand van Neb, de God van wijsheid en “de bewaarder van de scepter van kracht”.

SisyPhus
De MultiVersele Creatie door Negentropie in correlatie met de vier niveau's van de Ka-Ba-Lah.
In het kort: de "Eeuwige A-Symmetrische Alpha-impuls" (in de religie/esotherie "SpiritGod") volgt d.m.v. de "beste zelf-organisatie-selectie" een spiraalvormige Fibonnaci structuur (via de Gulden Snede Proporties), dat in meerdere 2 dimensionale (cirkel) en dus meerdere 3 dimensionale (sfeer) fenomenen wordt "omgezet" (kunnen we zien als het "spontane" generatieve [√2], formatieve [√3], re-generatieve principe [√5]). Dat is de "divergentie" en de /2)=1. Het pad is NIET terug via √5, √3 en √2,"convergentie" daarvan is SIN( want vanuit de √2, √3 en √5 divergentie is de "ongemanifesteerde" de SIN(PI/2)=1 al de totaliteit, als spiegel! Dat is het "Alpha 3+ punt".
Kijk een naar de vorming van het "Vlinder-Effect", via de "Lorenz-Attractor", in spiralen.
Dit is de essentie van de natuurlijke "zelf-organisatie", door de "zelf-selectie".
Gulden snede en getallen van Fibonacci (Spiraal).

Volgens de kwantumzwaartekrachttheorie zou de ruimte op heel kleine schaal (kleiner dan 10^-34 m) opgebouwd zijn uit fractals. Fractals zijn wiskundige patronen die zich tot in het oneindige blijven herhalen. Op heel kleine schaal krijgen we dus geen snaren, of superkleine deeltjes, of kwantumschuim te zien, maar gewoon een saaie, eeuwigdurende herhaling. Het is pas op grotere schaal dat die fractals samen de driedimensionale ruimte vormen zoals we die kennen (doordrengt met tijd). U kan dit een beetje vergelijken met sneeuwvlokjes. Op heel kleine schaal bestaat sneeuw uit prachtige kristallen die een beetje lijken op fractals, en op grotere schaal (bv een sneeuwlandschap) vormen die fractals een egaal sneeuwdeken.
Een fractal is een recursief geometrisch patroon dat oneindig herhaald wordt op verschillende schaalgroottes. De meest bekende fractal is de Mandelbrot-fractal. Fractals worden vaak gebruikt in screensaversofware van computers. Ze blijven het scherm eeuwig overschrijven met in toenemende mate complexere geometrische patronen.
Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, wie is het machtigst in dit land?
Er is echter een belangrijk aspect aan dit oorlogenverhaal dat misschien nog niet voldoende wordt (h)erkend. De uiterlijke werkelijkheid is een weerspiegeling van onze innerlijke werkelijkheid, want wij hebben tenslotte allemaal bijgedragen aan het scheppen van deze realiteit. Wij kunnen deze door velen niet-gewilde werkelijkheid, door het laten ontstaan van een werkelijk inzicht in onszelf en in onze gezamenlijke individuele kracht, ook veranderen. Waar draait het in essentie om bij het laten ontstaan van een oorlog? In mijn beleving komen oorlogen voort uit het niet ervaren van de eigen grenzen van een staat en het niet respecteren van de grenzen van andere staten. Op zich natuurlijk logisch. Iets dat je niet in jezelf ervaart kun je bij de ander ook niet waarnemen.
Éne werkelijkheid
Blavatsky, Deel III, (p. 228): de Volstrekte Godheid is die het vorm geeft; dit geschiedt door de eerste Stralen, de engelen of Dhyân Choans, die uit het Ene Element voortkomen, dat periodiek licht en duisternis wordt en in zijn wortelbeginsel eeuwig de éne onbekende en toch bestaande Werkelijkheid blijft.
235: Derhalve is het niet het Ene en Onbeperkte “Beginsel”, noch zelfs de weerkaatsing daarvan, dat schept, maar slechts de “de zeven Goden” zijn het, die het heelal vormen uit de eeuwige stof, tot objectief leven gewekt doordien de Ene Werkelijkheid zich daarin weerspiegelt.
412: De “zeven beginselen” zijn natuurlijk de openbaring van één ondeelbare geest, doch eerst aan het eind van het manwantara, en wanneer zij op het gebied van de Ene Werkelijkheid weder verenigd worden treedt de eenheid aan de dag; gedurende de tocht van de “pelgrim” heeft elke weerkaatsing van die ondeelbare Ene Vlam, de aanzichten van de ene eeuwige geest etc.
566: Paramâtmâ – de Algemene Geest, die de grenzeloze Kosmos het zij in of buiten ruimte en tijd bezielt. Buddhi dient als voertuig voor deze Paramâtmische schaduw.
567: Antahkarana, de enige verbindingsschakel tussen de beide denkvermogens – het hogere bewustzijn van het Ego en het menselijke verstand van het lagere denkvermogen. Hindoes noemen het Paramâtmâ en Parabrahma.
568: Als dat zo is, spreekt het vanzelf dat leven en dood, goed en kwaad, verleden en toekomst, zonder onderscheid zinledige woorden of op zijn hoogst wijzen van spreken zijn. Als het objectief heelal zelf op grond van zijn begin en zijn eindigheid slechts een voorbijgaande begoocheling is, moeten leven en dood beide ook aanzichten en begoochelingen zijn.
Zij zijn inderdaad veranderingen van toestand, meer niet. Het werkelijke leven bestaat in het geestelijke bewustzijn van dat leven, in een bewust bestaan in den geest, niet in de stof; en de ware dood is de beperkte waarneming van het leven, de onmogelijkheid om bewust of zelfs individueel bestaan gewaar te worden buiten den vorm of ten minste buiten een vorm van stof.
Paulus: Persoonlijk zijt gij dode stof, onbewust van haar eigen geestelijk inwezen, en uw ware leven is in uw Goddelijke Ego (Christos) verborgen of samengevloeid met God (Âtmâ); thans is het van u geweken, o gij ziellozen.
Gottfried de Purucker geeft in zijn boek Grondslagen der Esoterische Wijsbegeerte, Deel I, Hoofdstuk 4 VAN OORSPRONKELIJK PUNT TOT HEELAL EN MENS. HOE BEGINT DE MANIFESTATIE? MANVANTARA EN PRALAYA. (Blavatsky, Geheimen Leer, Deel I p.(686):
De vonken zijn de ‘zielen’ en deze zielen verschijnen volgens onze leer in de drievoudige vorm van monaden (eenheden), atomen en goden. ‘Ieder atoom wordt een zichtbare samengestelde eenheid (een molecule), en als de monadische essentie eenmaal tot het gebied van de aardse activiteit is aangetrokken, gaat deze door het delfstoffen-, planten- en dierenrijk en wordt een mens.’ (Esot. Catechism.) Verder ‘corresponderen god, monade en atoom met geest, denkvermogen en lichaam (atma, manas en sthula-sarira) in de mens’. In hun zevenvoudige samenstelling vormen ze de ‘hemelse mens’ (zie voor deze laatste term de Kabbala); zo is de aardse mens een voorlopige weerspiegeling van de hemelse mens . . . ‘De monaden (jiva’s) zijn de zielen van de atomen en beide zijn het weefsel waarmee de Chohans (Dhyani’s, goden) zich bekleden wanneer ze een vorm nodig hebben.’ (Esot. Cat.)
Voor we verder gaan is het nodig even stil te staan bij wat we met de woorden manvantara en pralaya bedoelen. Laten we eerst het woord manvantara nemen. Dit is een samengesteld Sanskrietwoord dat niets anders betekent dan tussen twee manu’s; letterlijk ‘manu-tussen’. Manu, of dhyâni-chohan, omvat in het esoterische stelsel de gezamenlijke entiteiten die aan het begin van de manifestatie het eerst verschijnen en waaruit, als uit een kosmische boom, alles voortkomt of wordt geboren. Manu is in werkelijkheid de (geestelijke) levensboom van een planeetketen, van het gemanifesteerde zijn. Manu is daarom in zekere zin de derde logos; zoals de tweede de vader-moeder is, de Brahmâ en de prakriti; en de eerste is wat we de ongemanifesteerde logos noemen, of brahman (onzijdig) en zijn kosmische sluier pradhâna.
Pralaya: dit is ook een samengesteld Sanskrietwoord, gevormd uit laya, van een Sanskrietwortel lî, en het voorvoegsel pra. Wat betekent lî? Het betekent ‘oplossen’, ‘wegsmelten’, ‘vloeibaar maken’, zoals wanneer men water op een klontje zout of suiker giet. Het klontje zout of suiker verdwijnt in het water; het lost op en verandert van vorm; en dit kan als een symbool worden beschouwd van wat pralaya is: een wegbrokkelen, een verdwijnen van stof in iets anders dat er al in aanwezig is, het omringt en doordringt. Dat is pralaya, gewoonlijk uitgelegd als de toestand van latentie, de toestand van rust, tussen twee manvantara’s of levenscyclussen. Als de betekenis van het Sanskrietwoord ons duidelijk voor de geest staat, zal ons denken een andere richting, een nieuwe gedachtegang, volgen; we krijgen nieuwe ideeën en dringen door tot het geheim van wat er plaatsvindt.
Zie ook:
Boeken:
- Amit Goswami, De kwantum dokter, de nieuwe wetenschap van gezondheid en genezing. Op p. 175 van zijn boek maakt Goswami ook van het Yin/Yang-symbool en de Vijf Fasen gebruik.
- Paul GEERLINGS Spiegelsymmetrie in de natuur
- James M. Pryse Apocalypse ontsluierd / een esoterische uitleg van de Openbaring van Johannes
- P.D. Ouspensky De symboliek van de Tarot (recensie Susan Gorel)
Externe Links
- Christian Vandekerkhove Johannes Jacobus Poortman, het Hylisch Pluralisme en de Multicorporaliteit
- Wat de ziel is, waar ze is en waar ze vandaan komt, daarover is men het niet eens. Cicero, Tusculaanse Gesprekken
- Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, wie is het machtigst in dit land?
- Levensboom
- Symbolen en woordenboek
- Wim van den Dungen Levensboom (Sepher Yetzirah)
- Wim van den Dungen Over zeven manieren van heilige minne.
- Wim van den Dungen Chaos (Antwerp, 1996 - 2008)
- Wim van den Dungen Kennis & Minne-Mystiek
- Pim Blomaard ‘De filosofie van de vrijheid’ ‘Hoofdlijnen van een moderne visie op mens en wereld’ ‘Observaties in de ziel volgens de methode van de natuurwetenschap’
- A.J.J. Vis: Hoe holistisch is fysiotherapie in energetisch (-etherisch) perspectief?
- H.J.Barendregt-Geist: Klassieke Homeopathie & Antroposofische geneeskunde?
- A.J.R. van der Ley: Paralellen in de Traditionele Chinese Geneeskunde (TCM) en de Anthroposofische Geneeskunde
- Grace F. Knoche De viervoudige aard van de mens
- Het lichaam en het astrale lichaam (etherisch lichaam)
- H.P.Blavatsky Inwijding
- Begrippen Theosofie
- Verklarende woordenlijst van theosofische termen
Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof
Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 1580 keer bekeken.
