Homo sapiens

Krishna B.G. 11.32: - De Allerhoogste Heer zei: "De Tijd ben Ik, de grote vernietiger der werelden hier bezig met de vernietiging van alle mensen, behalve jullie (broeders) alleen, zullen alle soldaten die aan beide zijden staan opgesteld, hun einde vinden".
P. Krishna: De wanorde die we om ons heen zien in de maatschappij is een projectie van de wanorde die aanwezig is in het menselijk bewustzijn.
Erich Fromm De zin van het leven is het leven zelf.
Manfred Kets de Vries: Filosofen hebben door de eeuwen heen verklaard dat mensen - en hun leiders - hoofdzakelijk beheerst worden door hartstocht, niet door rede.
Marcel van Dam: De collectieve betrokkenheid van burgers is versplinterd waardoor de individuele onverschilligheid vrij baan krijgt (Volkskrant 29 augustus 2013).
Garmt Dijsterhuis: Wij zitten gevangen tussen de werkelijheid en onze beleving. Wij ontvangen prikkels vanuit die werkelijkheid, die we weer gebruiken om die werkelijkheid op een bepaalde manier te construeren. Onze beleefde werkelijkheid – de enige die we kennen – kan nooit buiten ons om ervoor gezorgd hebben dat onze keuzen vastliggen, omdat wij die werkelijkheid voor een deel veroorzaken, en er tegelijkertijd een gevolg van zijn (Volkskrant 16 april 2014).
John Gray: Als de dwang om de wereld te veranderen een manier is geworden om te ontkennen dat er in veel opzichten niets aan te veranderen valt, zal de enige remedie een klassieker zijn: zelfkennis.

Pythagoras (Homo sapiens, Bezieling, Microkosmos, 5Ddenkraam, Hoofdroute)

Jiddu Krishnamurti: Each human being, each one of you, if I may point out, represents the whole of mankind.

Anton Pannekoek, sterrenmarxist (Martijn van Calmthout Volkskrant 9 juni 2016 p. 25):
Melkweg
Beroemd zijn zijn schetsen van de Melkweg, die decennialang in de Zeiss Planetaria zijn gebruikt, en die dezer dagen de inspiratie vormen voor een expositie van de Duitse kunstenaar Jeronimo Voss in het Stedelijk Museum in Amsterdam.
'Nog belangrijker is zijn werk aan de atmosfeer van sterren, waar hij de moderne ideeën over hun opbouw formuleert', zegt Pannekoek-kenner Tai. Dat de Amerikanen die inzichten daarna overnamen zonder Pannekoek zelfs maar te noemen, had weinig met zijn politieke kleur te maken. Het was eerder een kwestie van bescheidenheid, denkt Tai. Pannekoek zelf schreef ooit de standaardgeschiedenis van de astronomie en had daarbij de gewoonte opgevat om zijn eigen werk niet te vermelden.

Anton Pannekoek Antropogênese Een studie over het ontstaan van de mens\\ Het vraagstuk van de antropogenese, het ontstaan van de mensheid, is niet empirisch, door proefneming of waarneming op te lossen. Het verschijnen van de mens op aarde is een feit uit het verleden, waarover geen berichten of getuigenissen tot ons konden komen. Waarover wij als feitelijke gegevens beschikken zijn vergelijkingen van hedendaagse dieren en mensen, aangevuld met uiterst zeldzame, onvolkomen en beschadigde stukjes fossielen van oermensen en resten van hun stenen werktuigen. Over de krachten, die de evolutie van dier tot mens bewerkten, zeggen ze niets.
Waar directe empirische gegevens ontbreken en de indirecte zo weinige zijn, moet in veel hogere mate dan in de experimentele wetenschap gebruik gemaakt worden van de geestelijke apparatuur van de natuuronderzoeker. Terwijl deze bij willekeurig te vermeerderen overvloed van empirische feiten niet meer behoeft te doen dan ze te ordenen, te combineren en dan daaruit nieuwe vraagstukken en proefnemingen op te stellen, speelt bij beperktheid van zulke feiten de theoretische discussie een grotere rol. Waar het hier op aankomt is het logisch verbinden van verschillende gegevens, het samenhang zoeken tussen wat ver uiteen ligt, het maken van gevolgtrekkingen, het zorgvuldig afwegen van klaarblijkelijkheid.

Waarom filosoferen we eigenlijk? (Giovanni Rizzuto Civis Mundi 19 mei 2016):
Gematigd perspectivisme
Waar Lyotard zich alleen concentreert op meta-filosofische kwesties zoals de oorsprong van filosofie en motief van filosoferen, behandelt Nagel een aantal inhoudelijke problemen waarover wijsgeren zich het hoofd plegen te breken. Er komen bij hem thema’s aan de orde als hoe we een wereld buiten onze geest kunnen kennen, wat de relatie is tussen geest en hersenen, of we een vrije wil hebben en wat de zin van het leven is.
Op een thema wil ik kort ingaan omdat het actueel is en licht werpt op Nagels gematigd perspectivisme. Het betreft de lichaam-geest problematiek. Nieuwe ontwikkelingen in het hersenonderzoek tonen aan hoe zelfs de meest subtiele mentale toestanden verband houden met processen in onze hersenen. We weten eveneens dat veranderingen in de hersenen grote invloed kunnen hebben op onze geest en omgekeerd. Dit is interessant en leerzaam maar rechtvaardigt niet de conclusie dat wij ons brein zijn (Swaab, Dennett).
Er gaapt zo’n grote kloof tussen onze subjectieve waarnemingen (proeven, horen, ruiken enz.) en de beschrijving ervan in objectieve neurofysiologische termen dat we ons moeilijk kunnen voorstellen hoe zij overbrugd zou moeten worden. ‘Jouw ervaring – het proeven van chocolade- zit immers zo in jouw geest besloten, dat ze voor een ander niet waarneembaar is. Jouw ervaringen zitten binnen in je geest op een manier die geheel anders is dan wijze waarop jouw hersenen binnen in je hoofd zitten.’
Hoeveel onderzoek er ook verricht wordt, het brengt de oplossing van het probleem geen stap verder. Maar dit betekent niet dat we nu gedwongen worden een Cartesiaans substantie-dualisme aan te nemen van lichaam en geest.
Het enige dat Nagel constateert is dat een neurofysiologische verklaring tekortschiet. ‘Maar de argumenten tegen een zuiver natuurwetenschappelijke theorie van het bewustzijn zijn zo sterk, dat een algemeen geldige theorie van de gehele werkelijkheid waarschijnlijk onmogelijk is. De natuurwetenschappen hebben vooruitgang geboekt door de geest weg te laten uit alles wat ze proberen te verklaren, maar de wereld biedt wellicht toch wel iets meer dan kan worden begrepen door de natuurwetenschappen alleen.’
In zijn diepgravende boek The view from nowhere (1986) stelt hij voor om onze vruchteloze verzoeningspogingen tussen de subjectieve- en objectieve beschrijving van het mentale op te geven en ze gewoon naast elkaar te laten bestaan: ‘Instead of a unified world view, we get the interplay of these two uneasiliy related types of conception…’ Hier komt Nagel als gematigd perspectivist in de buurt van Lyotard en postmoderne noties als discontinuïteit, taalspelen en incommensurabiliteit.

Eerst doorgeven, pas later filteren of Eerst nieuws brengen, dan nuanceren (Suzanne Geuze Volkskrant 4 juni 2016 katern Vonk p. 8-9):
Waarom kon de voormalige justitiebaas Pieter Cloo zich cruciale informatie ineens niet herinneren? Moet hij dan niet toch onder ede worden verhoord? En waarom deed hoofd financieel-economische zaken Coen Hoogendoorn vrijwel niets om het bonnetje boven water te krijgen, terwijl hij wist waar dat zich bevond? Waarom is Fred Teeven niet opnieuw verhoord? En waarom concludeert Oosting dat er géén doofpot is, als de keurig gepresenteerde feiten anders uitwijzen?
Het is goed spitwerk, waarbij de journalisten gebruikmaken van hun uitgebreide netwerken. Toch zien sommigen de nadelen. 'Framing is hét kenmerk van politieke communicatie', zegt politiek commentator Kees Boonman van EenVandaag. Immers: de hoofdrolspelers uit zo'n rapport hebben er vaak geen belang bij om het onder een vergrootglas te leggen. 'Je benadrukt wat je wílt dat blijft hangen, waardoor minder welgevallige informatie naar de achtergrond verdwijnt.' Dan kun je wel 'meerdere Haagse bronnen' hebben die stellen dat Oosting mild oordeelt, als die bronnen betrokkenen zijn, hebben ze ook belang bij het downplayen van zo'n onderzoek.
Ook rapporten als dat van Oosting worden geframed, stelt Boonman. 'Ze worden begeleid door mensen die politieke communicatie dondersgoed snappen. In dit geval bijvoorbeeld door Bert Kreemers, secretaris van de commissie. Hij was in de Srebrenica-tijd voorlichter bij Defensie en weet precies hoe zoiets werkt.' Kreemers doet al jaren dit soort onderzoeken voor de overheid, waaronder ook dat van de commissie-Hoekstra over Bart van U., de moordenaar van Els Borst.

De overheid heeft sinds de tachtiger jaren daadkrachtig aan het stimuleren van een schijnmarkt meegewerkt. De overheid is blijkbaar niet op de hoogte dat een manager iets anders is dan een ondernemer. Een manager past hooguit op het winkeltje. Een ondernemer anticipeert en innoveert om zijn markpositie te verbeteren. De vraag is dan natuurlijk wanneer neemt de overheid haar collectieve taken weer echt serieus? Alleen door het volk daadwerkelijk bij de plannen van de politieke elite te betrekken zijn veranderingen mogelijk. In de sectoren waar de overheid een duidelijke vinger in de pap heeft zoals het onderwijs en de zorg zou daarmee een begin kunnen worden gemaakt. Uiteindelijk draait het om de herkenbaarheid van de kleur van de ideologische veren. In plaats van een passieve overheid is het wenselijk dat de overheid actief bij maatschappelijke veranderingen betrokken is. Er zijn te veel carrièrepolitici (of banencarroussel, de blinde vlek van Rutte Martin Sommer Volkskrant 4 juni 2016 p. 17) die zich met gebakken lucht, met schijnoplossingen bezig houden. De zelfgenoegzaamheid bij de politieke elite heeft zo’n vlucht genomen dat Geert Wilders die zich niet aan de versleten politieke spelletjes conformeert direct de handen op elkaar krijgt.

H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel II, hoofdstuk 24 Het kruis en het pythagorische tiental (p. 652):
Voor hen bestond het hele metafysische en stoffelijke Heelal in, en kon het worden uitgedrukt en beschreven door, de cijfers van het getal 10, het pythagorische tiental.
Dit tiental, dat het Heelal en zijn evolutie uit de stilte en de onbekende diepten van de geestelijke ziel of anima mundi voorstelde, bood de onderzoeker twee kanten of aspecten. Het kon in het begin worden gebruikt voor en toegepast op de macrokosmos en werd dit ook, waarna het afdaalde tot de microkosmos, of de mens. Er waren dus de zuiver intellectuele en metafysische, of de ‘innerlijke wetenschap’ en de even zuiver materialistische of ‘oppervlak-wetenschap’, die beide konden worden verklaard en omvat door het tiental. Kortom, het kon worden bestudeerd uit de algemene begrippen van Plato en volgens de inductieve methode van Aristoteles.
De Geheime Leer Deel II, hoofdstuk 25 De mysteriën van het zevental (p. 707):
De cirkel is niet de ‘ene’ maar het al.
In de hogere (hemel), de ondoordringbare rājah (‘ad bhutam’, zie Atharva-Veda X, 105), wordt hij (de cirkel) één, omdat (hij) de ondeelbare (is), en er geen tau in kan zijn.
In de tweede (van de drie ‘rajāmsi’ (tritīya), of de drie ‘werelden’) wordt de ene, twee (mannelijk en vrouwelijk); en drie (voeg de zoon of de logos toe); en de heilige vier (‘tetraktis’, of het ‘tetragrammaton’).
In de derde (de lagere wereld of onze aarde) wordt het getal vier, en drie, en twee. Neem de eerste twee, en gij zult zeven krijgen, het heilige getal van het leven; verenig (dit laatste) met de middelste rājah en gij zult negen hebben, het heilige getal van het zijn en het worden.

In verband met de symmetrie in de schepping is om de waarheid te achterhalen volgens Pythagoras geen complexe wiskunde nodig. Om de 10 dimensies weer te geven is de gebruikte wiskunde eenvoudiger dan bij de snaartheorie. Er behoeft slechts tot tien te worden geteld:

3. Triade; Hegeliaanse filosofie, these + antithese = synthese (1 + 1 = 3)
8. I Ching, 8*8; (1 + 7; 2 + 6; 3 + 5); Lemniscaat; Möbiusband
9. Enneagram, Big Nine
10. Unificatietheorie; Eenheid in Verscheidenheid

De Wet van Eén impliceeert dat er maar één hoofdroute is. De fundamentele waarheid is dat er maar één oneindige Schepper, een oerbron is. Het is voor de mensheid niet mogelijk het 5D-concept experimenteel vast te stellen. Er is maar van één scheppingsgolf, één eeuwige cybernetische kringloop sprake.
De quintessens van het verhaal is dat om een duurzame samenleving te creëren er maar een pedagogische 'Hoofdroute' is, er een ommekeer in het denken nodig is. Met het inzicht dat ether biedt is het wel mogelijk de levenscycli op aarde beter te beheersen. Voor dit inzicht wordt ook de term 5Ddenkraam (5D-concept) gebruikt. Het geeft aan op welke wijze synthese kan worden bereikt. Het accent ligt in het rapport ‘E i V’ niet specifiek op het systeemdenken, de levenscycli op aarde, maar op het 5e element, de blauwdruk achter de levenscycli. De teloorgang van de materiële wereld kan door de geestelijke wereld worden opgelost. De 5e dimensie, het zelf-bewustzijn draait om het bewustzijn van het bewustzijn, het meta-bewustzijn, het kosmisch bewustzijn, het maakt het non-lokaal bewustzijn zichtbaar. De 6e dimensie laat zien dat we bereid zijn van onze ervaringen te leren. De Triade en de Tetrade vormen samen een lemniscaat. Bij de 8e dimensie (1+7, 2 + 6, 3 + 5) staat complementariteit, het individueel en het collectief bewustzijn centraal en opent de weg tot het hogere bewustzijn. De 9e dimensie toont dat we openstaan voor nieuwe ervaringen en stelt ons in staat om oude patronen en conditioneringen los te laten.
3 + 5 staat voor Logos en Kwintessens (Vijf bomen).
In het hindoeïsme spreekt men over de gelijkheid van Atman en Brahman (7 + 1). Atman is het persoonlijk zelf, Brahman het kosmisch zelf.

Bram Moerland: Gnosis en Christusbewustzijn Wij hebben als mens twee naturen.
Er is hier een grote verwantschap met het boeddhistische begrip 'boeddha-natuur'. Elk mens, alle wezens en alle dingen hebben boeddha-natuur, leert het boeddhisme. Het spirituele pad van het boeddhisme heeft als doel het bewustzijn van de individuele mens te verenigen met zijn eigen boeddha-natuur, die tegelijk ook de boeddha-natuur is van de ganse werkelijkheid.
Precies zoals in het boeddhisme wordt verteld dat een mens die de boeddha-natuur in zichzelf heeft gerealiseerd, tegelijkertijd ook de innerlijke vereniging met de boeddha-natuur van de ganse werkelijkheid zal ervaren, zo leert de gnostiek dat kennis van het zelf tegelijkertijd ook kennis van het Al is: Wie zichzelf kent, kent het Al.

In het rapport ‘E i V’ wordt er van uitgegaan dat het ‘onbewust absoluut bewustzijn’ een synoniem is voor non-lokaal bewustzijn.
Het zelfbewustzijn en het non-lokale bewustzijn zijn net als het persoonlijk bewustzijn en het Christusbewustzijn complementair.

H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel I, STANZA VI De voorvaderen van de mens op aarde (p. 246):
De theorie van Darwin over de overdracht van verkregen eigenschappen wordt echter in het occultisme niet onderwezen en niet aanvaard. Het occultisme zegt dat de evolutie volgens een heel ander patroon plaatsheeft; het stoffelijke ontwikkelt zich volgens de esoterische leer geleidelijk uit het geestelijke, het verstandelijke en het psychische. Deze innerlijke ziel van de stoffelijke cel – dit ‘geestelijke plasma’, dat het kiemplasma beheerst – is de sleutel die eens de poorten moet openen van de terra incognita van de bioloog, die nu het duistere mysterie van de embryologie wordt genoemd.
247: (f) De vijfde groep is heel geheimzinnig, omdat zij in verband staat met het microkosmische pentagon, de vijfpuntige ster die de mens voorstelt.

De drie verenigende Logoi van de Esoterie:

Rapport'E i V': Danielle AudoinTheosofie (1 - 2 - 3 - 4): 
Pythagoras 1e Logos, Monade3e Logos, TriadeRudolf SteinerAntroposofie: 
    1. Hogere Zelf (Wijsheid)3. Astrale lichaam (Emotionele intelligentie)
MonadeTriadeGod ----GeestGeestmens ----Geestzelf (omgevormd Astraallichaam)
||||||
TetradeDuade4. Lichaam ----ZoonFysiek lichaam ----Levensgeest (omgevormd Etherlichaam)
  Tetrade2e Logos, Duade4. Fysieke lichaam (IQ)2. Lagere denken (Sociale intelligentie)

H.P. Blavatsky: Geheime Leer Deel III (p. 650):
1. De twaalf oorzaken van gewaarwordend bestaan door middel van de twaalf schakels tussen de subjectieve en de objectieve natuur, of tussen de subjectieve en de objectieve naturen.
Dit is de eerste grondstelling in de Boeddhistische wijsbegeerte: elk atoom begint op het ogenblik, waarop het geboren is, te sterven. De vijf skandka’s zijn er op gegrond, zij zijn de uitwerkingen of voortbrengselen ervan. Het is bovendien op zijn beurt op de vijf skandha’s gegrond. Zij zijn wederkerige dingen, het een geeft aan het ander.

G. de Purucker boek De Mens in de evolutie (p. 250): Karman en Wederbelichaming hebben juist betrekking op het karakter van de mens, op zijn skandha’s, dat wil zeggen, zijn psychologische, mentale, emotionele en fysieke eigenschappen.

Het fysieke - en emotionele lichaam, de mentale psyche en de monadische geest correleren met de vier typen toestanden van Ken Wilber.
Het element ether, de kwintessens brengt de synthese, de energetische samenwerking op het fysiek, emotioneel, mentaal, en spiritueel vlak tot uitdrukking.

====

Recursie (Eeuwige wederkeer)

Later is aan Complementariteit en Spiegelsymmetrie de eigenschap Recursie toegevoegd.
Tom de Booij 11. Het Droste blikje en de vijfster als fractals

Het is mogelijk de éne werkelijkheid vanuit nieuwe gezichtspunten te belichten. Het rapport 'E i V' wil aantonen dat de kwintessens van het verhaal echter gelijk blijft. De structuur van de eeuwige wederkeer impliceert een Droste-effect. Dit proces van zelfverwijzing heet recursie.

Paul Revis: Terwijl bij het dier de intentionaliteit 'uitwaaiert' naar de dingen, 'verdampt', als het ware opgeslokt wordt door de wereld, buigt zij zich in de menselijke reflectie op zichzelf terug. Het menselijk bewustzijn kan zich zelfs op het eigen denken richten: ik denk, dat ik denk...dat ik denk... dat ik denk, enz. Het lijkt op de ontdekking van een kind, dat - starend naar een cacaoblik van Droste - voor het eerst de repeterende breuk, de oneindige reeks ontdekt: op het blik staat een verpleegster met een dienblad, op het dienblad staat hetzelfde blik met dezelfde verpleegster en hetzelfde dienblad, enz. Zo 'spiegelt' het bewustzijn zich in zichzelf en komt Descartes tot zijn 'cogito ergo sum'.

Jules Ruis: De rode draad door alle informatie is het woord 'fractal', een sterk groeiend begrip, dat naar verwachting de komende jaren ons leven en werken op vele fronten zal gaan beïnvloeden. Een klassiek voorbeeld van fractale structuur is de set van in elkaar passende Russische poppetjes, matruschka's genoemd. 'Fractals' zijn (van origine wiskundige) objecten van een ongekende schoonheid bestaande uit zich steeds herhalende patronen.

 

====

Spiegelsymmetrie

Het taoïsme, dat op vernieuwing en verjonging is gericht, kreeg altijd invloed in de perioden dat de gevestigde orde van een keizerrijk in verval raakte. Als de nood het hoogst is, is de redding nabij.
Waar de gulden middenweg loopt is bekend. Het is niet nodig het wiel opnieuw uit te vinden. Er is niets nieuws onder de zon.
Baruch de Spinoza: Toch kan de natuur niet worden weerstreefd en behoudt ze haar vaste en onveranderlijke orde.
Toch worden harten niet door wapenen, maar door Liefde en Edelmoedigheid overwonnen.
Ten slotte dat waarzeggers dán de meeste macht hebben uitgeoefend onder het volk en het meest te vrezen waren voor hun koningen, als de moeilijkheden voor de staat het grootst waren.
God had de dingen niet op een andere manier of in een andere volgorde kunnen maken dan Hij gedaan heeft (...) Er kan dus ook slechts één manier zijn om de natuur van de dingen te begrijpen, namelijk aan de hand van de universele wetten en regels van de natuur.
Facies totius Universi, quamvis infinitis modis variet, manet tamen semper eadem (De Geheime Leer Deel II p. 1)
('The face of the whole universe, though it varies in infinite modes, yet remains always the same', Correspondence of Spinoza, Letter 64)
Evelyn Underhill: all creatures in God and God in all creatures. Lucidity of this sort seems to be an enormous enhanced form of the poetic consciousness of otherness; in natural things.
Teilhard De Chardin: We zijn geen menselijke wezens die een spirituele ervaring hebben, we zijn spirituele wezens die een menselijke ervaring hebben.

Een belangrijk deel van de verdeel en heers problemen die we signaleren hebben we door onvoldoende checks & balances (Evenwicht door Tegenwicht) zelf gecreëerd. 'De remedie is tegelijkertijd de kwaal' (geweten, de dunne scheidslijn tussen 'Goed en Kwaad', 'Deugd en Ondeugd'). De vraag dringt zich op welke debacles moeten zich voordoen voordat echt actie wordt ondernomen. Het gaat mis, chaos dreigt wanneer voor onnatuurlijke selectie, een gesloten systeem wordt gekozen.

Hans Doornmalen geeft een aantal kenmerken van het bewustzijn. Het rapport ‘E i V’ steunt op een andere doorsnede waarbij met name de twee eigenschappen Spiegelsymmetrie en Complementariteit (hoofdstukken 1.5.1 en 2) van bewustzijn een belangrijke rol spelen. Het is mogelijk de spiegelsymmetrie aan de hand van het boek Het spiegelende brein van Marco Iacoboni te verklaren. Het tijdschrift GAMMA van juni 2009 bevat de slotopmerking van dit boek.
Een begrip dat nauw met de spiegelsymmetrie samenhangt is complementariteit, het principe van de ‘eenheid der tegendelen’, dat al door Heraclitus naar voren is gebracht. Dit principe stelt het fenomeen these, antithese en synthese (Rinus Kiel), de wisselwerking tussen 'Vuur en Water'; 'Lucht en Aarde' aan de orde. Het rapport 'E i V' staat echter niet achter de samenvatting die in het artikel van Rinus Kiel wordt weergegeven. De eigenschap complementariteit toont de samenhang, die er tussen Ruimte, Materie en Tijd bestaat.

====

Complementariteit (Authentiek leiderschap, Symmetrie)

In de theosofie heeft Ockhams scheermes op organische complementariteit betrekking, de twee kanten van één medaille zoals Geestkunde en Natuurkunde, Mannelijk en Vrouwelijk, Geest en Lichaam ('Heer en Slaaf', 'Slachtoffers en Daders'), Scheppen en Vernietigen, Goed en Kwaad, Zo Boven zo Beneden; zo Beneden zo Boven, Ongemanifesteerd en Gemanifesteerd, Voelen en Denken, Algemene - en speciale relativiteitstheorie, Binnenwereld en Buitenwereld, Macrokosmos en Microkosmos, Negentropie en Entropie en Zaaien en Oogsten, oftewel Monade + Duade. Of met andere woorden Eenheid in Verscheidenheid.

Met behulp van het 7 schillenmodel kan de boodschap van authentiek leiderschap worden weergegeven. De kern van Authentiek leiderschap is dat je je gedrag niet van buiten naar binnen moet laten bepalen (rode pijl), maar van binnen naar buiten (groene pijl). Dan praat je over authentiekleiderschap. Authentiek leiderschap laat zien hoe in het leven schommelingen tussen Leven en Dood, bijvoorbeeld kleine conjunctuurschommelingen en grote Kondratiev-cyclus ontstaan en kunnen worden opgelost.

De evolutie van het bewustzijn wordt uiteindelijk door de ’culturele evolutie’ (filosofie) die op aarde plaatsvindt tot uitdrukking gebracht. De evolutie of devolutie die daadwerkelijk plaatsvindt is afhankelijk van de keuzen die we in het leven maken.

7S-model McKinsey:
Fons Trompenaars, die niet alleen één van Nederlands bekendste managementautoriteiten is, maar tevens een van de beste sprekers, de vertaalslag naar het creëren van de juiste cultuur binnen uw organisatie.
Zijn nieuwe boek gaat over de ‘tien gouden dilemma’s’. Iedere organisatie heeft vijf belanghebbenden: de Werknemers, de effectiviteit van de Processen, de Klanten, de Aandeelhouders en de Samenleving. Als je die vijf met elkaar verbindt, zie je tien spanningsvelden. Hoe er met die tien dilemma’s wordt omgegaan is cultureel bepaald. De truc van het boek is dat we de waarde van de organisaties denken te kunnen voorspellen door de posities op de tien dilemma’s te bepalen (Volkskrant 28 juni 2008).

 

Er zijn 7 SI-basiseenheden.
The seven SI base units and the interdependency of their definitions.
In de Theosofie staat het factorelement 7 symbool voor een natuurconstante.

 

Ein Bewusstseinszustand ist eine Art des Erlebens, die durch die Merkmale Wahrnehmung, Selbstbewusstsein, Wachheit, Handlungsfähigkeit und Intentionalität bestimmt ist.

Het is mogelijk het bewustzijn aan de hand van de zeven eigenschappen van de éne werkelijkheid, lees aggregatieniveaus, bewustzijnstoestanden (bewustzijnsniveaus) te beschrijven:

Jude Currivan boek Het 8e Chakra (p. 28):
Bruce Lipton en anderen hebben aangetoond dat niet de celkern, maar de celmembraan, de uiterste begrenzing van de cel en het enige orgaan dat alle organismen met elkaar gemeen hebben, het eigen 'brein' van de cel moet zijn.
Hoofdstuk 10 De reis van de zielenheld
169: Stap 6 - Wederkerigheid in liefde, respect en dankbaarheid
We moeten nu kiezen: blijven we deel uitmaken van het materialistische probleem of kunnen we deel hebben aan de integrale oplossing?
De paren van tegenstellingen ‘1 + 7’, ‘2 + 6’ en ‘3 + 5’ laten zien wat Jude Currivan in haar boek Het 8e Chakra (Dharmadhatu) beschrijft.

De paren van tegenstellingen ‘1 + 7’, ‘2 + 6’ en ‘3 + 5’ brengen de 'Spiegelsymmetrie en het Complementariteitsbeginsel' tot uitdrukking. Het Ene manifesteert zich als het vele door een proces van emanatie (emanationisme). De ‘8’ wordt door de lemniscaat weergegeven.
Het is mogelijk het menselijk bewustzijn in verschillende categorieën, in verschillende klassen te verdelen. Maar het is allemaal één bewustzijn. De oerbron van ons bewustzijn noemen de boeddhisten het nirwana. Dit bewustzijnsniveau kan in het eeuwige nu, waar tijd niet bestaat, worden ervaren. De integrale denktrant van het 5D-concept wordt gebruikt om het bewustzijn beter te begrijpen.

Om de dingen van de subjectieve en objectieve werelden (Macrokosmos en Microkosmos) te begrijpen zoals ze zijn is alleen mogelijk door de middenweg te bewandelen, dus door ons met het eeuwige Nu, het transcendent of zuiver bewustzijn ("de vierde bewustzijnstoestand" of samadhi) te verbinden. In de kern zijn er vier bewustzijnsniveaus (vier Graden van Verlichting): de waaktoestand,transcendent bewustzijn, kosmisch - of universele bewustzijn en samadhi (drie paren van tegenstellingen en de eenheid samadhi). In de context van de Yogasoetra's is de hoogste vorm van samadhi de totale absorptie in het gedachteloze Zijn, waarin het onderscheid en de dualiteit tussen subject en object geheel is opgeheven.

De vier stadia voor bewustzijnsverandering volgens Maslow kunnen ook met deze vier primaire bewustzijnsniveaus en de vier kosmische schema’s van Jozef Rulof worden vergeleken.

De Yogacara-leer onderscheidt acht of negen bewustzijnslagen, in aanvulling op de oudste boeddhistische ideeën.

H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel II, Stanza 1 Het begin van bewust leven (p. 38):
Zo zien wij dat de cijfers 1, 3, 5 en 7 volmaakte, want door en door mystieke, getallen zijn, die in elke kosmogonie en evolutie van levende wezens een belangrijke rol spelen. In China worden 1, 3, 5 en 7 in het canonieke ‘Boek van de veranderingen’ (Yi King, of transformatie, zoals in ‘evolutie’) ‘hemelse getallen’ genoemd.

Peter van der Linden: Als wij de cijferreeksen beschouwen die broeder J.H.D. noemt, zou de eerste indruk er een kunnen zijn van een zekere spiegelwerking. In de reeks 4:3:2-1-2:3:4 is 1 de spiegel. In de reeks 1:2:3-4-3:2:1 vervult de 4 die functie. In de reeks 1:2:3:4:5:6:7 komt ogenschijnlijk geen spiegel voor. Toch verbergt deze reeks een diepgaand geheim. Een klein tipje van de sluier wordt opgeheven als wij ontdekken dat 1 + 7 = 2 + 6 = 3 + 5 = 4 + 4 = 8. En doet het symbool waarmee wij op schrift de 8 aanduiden ons niet denken aan de lemniscaat? We zien nu tevens dat 1 (symbool van de Monade) en 7 (symbool van de veelheid) samen de 8 (symbool van de oneindigheid) vormen. De oude grieken zeiden trouwens ook reeds: "Alle dingen zijn acht".

De Geheime Leer Deel I Theosofische misvattingen over planeten, ronden en de mens (p. 182/183):
Alle planeten, zoals bijvoorbeeld Mercurius, Venus, Mars, Jupiter, Saturnus, enz., of onze Aarde, zijn voor ons even zichtbaar als onze bol dat waarschijnlijk is voor de bewoners van de andere planeten, als die er zijn, omdat ze alle op hetzelfde gebied liggen, terwijl de hogere medebollen van deze planeten zich op andere gebieden bevinden, volkomen buiten dat van onze aardse zintuigen.
Omdat hun plaatsing ten opzichte van elkaar verderop wordt gegeven, en ook in het diagram dat behoort bij de Toelichtingen op vers 6 van Stanza VI, zijn nu slechts enkele woorden van toelichting nodig. Deze onzichtbare metgezellen corresponderen op merkwaardige manier met wat wij ‘de beginselen van de mens’ noemen. De zeven bollen bevinden zich op drie stoffelijke gebieden en één geestelijk gebied, die overeenkomen met de drie upadhi’s (stoffelijke grondslagen) en één geestelijk voertuig (vahan) van onze zeven beginselen in de mens. Wanneer wij, om een duidelijker beeld te verkrijgen, ons de beginselen van de mens voorstellen, gerangschikt zoals in het volgende schema, dan leidt dit tot het hier opgenomen diagram van relaties:
Diagram 1
1) Omdat we hier van het algemene naar het bijzondere afdalen, in plaats van de inductieve methode van Aristoteles te gebruiken, staan de nummers in omgekeerde volgorde. De geest heeft nummer 1 in plaats van zoals gebruikelijk is – maar zoals eigenlijk niet zou moeten gebeuren – nummer 7.
2) Of, zoals zij gewoonlijk worden genoemd, op dezelfde manier als in Esoteric Buddhism en andere boeken: 1. atma; 2. buddhi (of geestelijke ziel); 3. manas (menselijke ziel); 4. kamarupa (voertuig van begeerten en hartstochten); 5. linga sarira; 6. prana; 7. sthula sarira.
196: ‘Leid het leven dat noodzakelijk is voor het verkrijgen van die kennis en vermogens, en wijsheid zal vanzelf tot u komen. Steeds wanneer u in staat bent om uw bewustzijn af te stemmen op een van de zeven snaren van het ‘universele bewustzijn’; die snaren die zijn gespannen op het klankbord van de Kosmos en die trillen van eeuwigheid tot eeuwigheid; wanneer u ‘de muziek van de sferen’ grondig hebt bestudeerd, pas dan zult u geheel vrij zijn om uw kennis te delen met hen met wie dit veilig is.
Deel I hoofdstuk 9 De zonnetheorie (p. 608):
Een achtvorm (8) of dubbele lus kan men tot een zigzaglijn verkorten en ook tot een spiraal, en deze voldoet aan alle eisen van het probleem.
Een dubbele lus voor de neerwaartse evolutie, van geest naar stof; een andere spiraalvorm misschien op het weer-involuerende pad naar boven, van stof naar geest, en het noodzakelijke geleidelijke en uiteindelijke weer opgaan in de layatoestand, wat de wetenschap op haar eigen manier noemt ‘het wat elektriciteit betreft neutrale punt’, enz., ofwel het nulpunt (Z.P.F.).

H.P. Blavatsky Geheime Leer Deel II hoofdstuk 22 De symboliek van de mysterienamen IAO en Jehova (p. 613):
. . . Dit is zijn (Gods) naam, en de som van de samenstellende waarden 21, 501 en 21 bedraagt 543, of eenvoudig een vorm van de cijfers in de naam van Mozes . . . maar nu zo gerangschikt dat de naam 345 wordt omgekeerd en als 543 wordt gelezen. . . . Als dus Mozes vraagt: ‘Laat mij uw gezicht of heerlijkheid zien’, antwoordt de ander terecht en naar waarheid: ‘Gij kunt mijn gezicht niet zien’ . . . maar gij zult mij van achter zien (de ware betekenis, hoewel niet de juiste woorden); omdat het omgekeerde en de achterkant van 543 de voorkant van 345 is – ‘ter controle en voor een juist gebruik van een reeks getallen om bepaalde grootse uitkomsten te krijgen, en voor dat doel worden zij in het bijzonder gebruikt’. De geleerde kabbalist voegt eraan toe: ‘Bij andere vormen van het getal zagen zij elkaar van aangezicht tot aangezicht. Het is vreemd dat wanneer wij 345 en 543 bij elkaar optellen, we 888 (Hoger denken) krijgen, de gnostische kabbalistische waarde van de naam Christus, die Jehoshua of Jozua was. En zo geeft ook de verdeling van de 24 uren van de dag drie achten als quotiënt. . . . Het belangrijkste doel van dit hele stelsel van getalcontroles was om de exacte waarde van het maanjaar in de natuurlijke maat van de dagen voor altijd te bewaren.’
H.P. Blavatsky Geheime Leer Deel II, Hoofdstuk 24 Het kruis en het pythagorische tiental (p. 660):
Het achttal of de 8 symboliseert de eeuwige en spiraalvormige beweging van de cyclussen, de 8, ∞, en wordt op zijn beurt gesymboliseerd door de Mercuriusstaf. Het geeft de regelmatige ademhaling van de Kosmos aan, bestuurd door de acht grote goden – de zeven uit de oorspronkelijke moeder, de ene en de triade.

De alchemische bruiloft van Christiaan Rozenkruis anno 1459, in 1603 door Johann Valentin Andreae (1586-1654) op schrift gesteld, veroorzaakte bij publicatie een schokgolf in intellectueel Europa en bracht de pennen van de geleerden krachtig in beweging. Tot op de huidige dag is men bezig dit geschrift te doorgronden, te verklaren, te ontsluieren en de inhoud ervan in praktijk te brengen.
De alchemische bruiloft blijkt een actueel en modern kerngeschrift der rozenkruisers te zijn, waarin de westerse inwijdingsweg die Christiaan Rozenkruis heeft afgelegd, op gedetailleerde wijze wordt beschreven. De alchemische bruiloft bevat zeer veel getallenpatronen: aantallen dagen, bruiloftsgasten, gewichten, toren- verdiepingen en combinaties van bouwmaten.
Munin Nederlander heeft in deze talrijke cijfermatige aanduidingen wis- en rekenkundige structuren ontdekt die J.V. Andreae doelbewust in zijn hoofdwerk heeft neergelegd. Recent wetenschappelijk onderzoek bevestigt hoe goed J.V. Andreae van de mathematische ontwikkelingen van zijn tijd op de hoogte was. Nederlander gaat uitgebreid in op de belangrijkste wis- en rekenkundige patronen. Hij beschrijft op heldere en oorspronkelijke wijze waarom Andreae wis-en rekenkunde enerzijds en moraliteit en spiritualiteit anderzijds met elkaar heeft verbonden en hoe het goddelijke zich in de mathematica openbaart.
Rozenkruisers, vrijmetselaren en antroposofen die zich op het gedachtengoed van Vader-Broeder Christiaan Rozenkruis baseren en ieder ander die geïnteresseerd is in westerse spiritualiteit en inwijdingswetenschap, zal in De alchemische bruiloft ontcijferd een rijke inspiratiebron vinden voor het gaan van zijn eigen geestelijke weg.
De Alchemische Bruiloft Ontcijferd

Macrokosmos en Microkosmos
Cyclussen: Raderen binnen raderen. Elk tijdperk (dat een kleine cyclus in de grote cyclus is) heeft zijn eigen doel of principe om te realiseren.
Zon en Maan (en natuurlijke de Aarde) vormen de basis van alle kalenders, ze zijn de zichtbare wijzers van de tijd die voorbij gaat, van de ritmische veranderlijke processen van het leven.
Cycli en ritmes
De aardse cycli van waterstof, stikstof, fosfor, zwavel en koolstof.
Verdeling elektronen: Er bestaan zeven (hoofd)elektronenschillen.

Ervin Laszlo en Jude Currivan geven in het boek KOSMOS een integrale visie op de wereld, hoofdstuk 6 Kosmische taal
de volgende indeling (p. 93/96):

  • 1. Het relativiteits of evenwichtsprincipe
  • 2. Het resolutieprincipe
  • 3. Het resonantieprincipe
  • 4. Het reflectieprincipe
  • 5. Het veranderingsprincipe
  • 6. Het keuzeprincipe en de implicaties ervan
  • 7. Het conservatieprincipe
  • 8. Het toelatingsprincipe

p. 94 Het reflectieprincipe is in uiterste instantie een uitvloeisel van het resonantieprincipe, voorzover het bepaalt hoe de uiterlijke omstandighden in ons leven een afspiegeling vormen van de toestand in ons innerlijk – en vice versa.

De mens is als microkosmos in zijn innerlijke, diepste kern (witte, verlichte scherm) volkomen één met de macrokosmos.
Het kosmische resonantieprincipe zorgt er voor dat het gesternte (dierenriem) waaronder we zijn geboren invloed heeft op karakter, levensloop en gezondheid. Maar uiteindelijk draait het er om hoe je in het leven je eigen route, the sunny side of the street, uitkiest.

Benjamin Adamah Aristoteles’ Wiedergutmachungsfilosofie over de verwekking en bestrijding van het Orwelliaanse ‘ding’…
Pragmatisme blijft de empowerment van het moderne denken, dat de mystieke correlatief dialectische “wiskunde” van de natuurlijke balans tussen oorzaak 1+3 en 2+4 van Aristoteles structureel verstoort en daarmee de synergie tussen macro en microkosmos vervangt door ‘the American way of life’. Hiermee ontkoppelt het pragmatisme de ‘ik’ van de mens duurzaam van zijn hoger zelf of Amakua, de interface tussen bewustzijn van bewustzijn en de interactie involutie-evolutie. Dit proces verkankert zich in elk samenlevingsfacet, zelfs in de meest goedbedoelde toekomstgerichte initiatieven en vrijwel altijd vind de uitzaaiing plaats via een veel te grote invloed van industrie en bedrijfsleven op de overheid met de glamourterm ‘innovatie’ als ziekmaker.

====

Ruimte en Tijd (Tijdsymmetrie, Ruimte en Tijd, Samsara en Nirwana)

De vierde eigenschap brengt de keerzijde van het gemanifesteerde Ruimte en Tijd continuüm, de eindeloze dimensie van 'Ruimte en Tijd' tot uitdrukking. In het A-veld zijn 'Ruimte en Tijd' ('Eindeloos bewustzijn en Eeuwige duur') één. Tegenstellingen bestaan alleen in de fysieke wereld van ruimte en tijd.

H.P. Blavatsky De Geheime Leer Deel I, Proloog (p. 41):
De occulte catechismus bevat de volgende vragen en antwoorden:
‘Wat is het dat altijd is?’ ‘Ruimte, de eeuwige anupadaka12.’
‘Wat is het dat altijd was?’ ‘De kiem in de wortel.’
‘Wat is het dat altijd komt en gaat?’ ‘De grote adem.’
‘Is er dus drie keer iets eeuwigs?’ ‘Neen, de drie zijn één.
Wat altijd is, is één; wat altijd was, is één; wat altijd bestaat en wordt, is ook één: en dit is Ruimte.’
'' ‘Verklaar dit, o lanoo (leerling).’ ‘Het Ene is een ongebroken cirkel (ring) zonder omtrek, want het is nergens en overal; het Ene is het grenzeloze vlak van de cirkel, die alleen gedurende de tijdperken van een manvantara een middellijn manifesteert; het Ene is de ondeelbare punt die tijdens die perioden nergens wordt gevonden en overal wordt waargenomen; het is het verticale en het horizontale, de vader en de moeder, de top en de basis van de vader, de twee uitersten van de moeder, dat in werkelijkheid nergens heen reikt, want het Ene is de ring en evenzo de ringen die binnen die ring zijn.

Pim van Lommel boek Eindeloos Bewustzijn – Wetenschappelijke visie op bijna-dood ervaringen (p. 284).
Er zijn aan het alomvattende bewustzijn vele namen gegeven. Ik noem het eindeloos of non-lokaal bewustzijn. Maar het is ook het hoger of hoogste bewustzijn, het kosmisch bewustzijn, het goddelijke bewustzijn of de zuivere bron of essentie van ons bewustzijn genoemd.
De systeemfilosoof Ervin Laszlo noemt deze hoogste vorm van bewustzijn het Akasha-veld, omdat hier alle kennis en een eindeloze hoeveelheid informatie ligt opgeslagen.
313: De twee lagen Chayah en Yechidah (Blavatsky, Deel II, p. 721) zijn niet in het overzicht meegenomen.
352: Akasha is het Sanskritische woord voor 'allesdoordringende ruimte'. Volgens de oude Indiase filosofie is het de bron van het hele universum; het bevat informatie over alles wat is gebeurd, nu gebeurt en in de toekomst kan gebeuren.
De vraag van Ervin Laszlo blijft actueel hoe heeft het universum zich kunnen ontwikkelen tot een toestand waarin de biologische evolutie überhaupt kon plaatsvinden? Het lijkt mogelijk een verband te leggen tussen het standaardmodel en de driehoek van Pythagoras. Het is een aanzet, niet om vanuit de natuurkunde, maar met name vanuit de geestkunde verschillende disciplines in één model samen te brengen. Het ontstaan en de eerste ontwikkeling van de mensheid heeft zich niet op aarde maar in de geestelijke wereld afgespeeld. De relatie tussen geest (ongemanifesteerde, hogere Zelf) en lichaam, de ziel staat nog steeds centraal.
Het antwoord op de vraag van Ervin Laszlo ligt in het Swabhâva (Zelf-ontplooiing, epigenetica) besloten. De godheid En Soph zonder eigenschappen, namelijk het universum zal er eeuwig zijn. De tegenwoordigheid van God in de schepping wordt wel Sjechinah (pleroma) genoemd.

H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel I, (p. 31): Het is nauwelijks nodig de lezer er nog eens aan te herinneren dat de term ‘goddelijke gedachte’, evenals ‘universeel denkvermogen’, niet moet worden beschouwd als zelfs ook maar een vage afschaduwing van een verstandelijk proces verwant aan dat van de mens. Het ‘onbewuste’ kwam volgens Von Hartmann tot het veelomvattende scheppings-, of beter evolutionaire plan ‘door een helderziende, boven alle bewustzijn verheven wijsheid’, die in de taal van de Vedanta absolute wijsheid zou betekenen. Alleen degenen die beseffen hoe hoog de intuïtie zich bevindt boven de trage processen van het redenerende denken, kunnen zich een heel vaag begrip vormen van die absolute wijsheid die de begrippen van Tijd en Ruimte te boven gaat. Het denkvermogen zoals wij dat kennen, kan worden herleid tot bewustzijnstoestanden van verschillende duur, intensiteit, ingewikkeldheid, enz., en deze berusten uiteindelijk alle op gewaarwordingen, die weer maya zijn. Gewaarwording vooronderstelt noodzakelijk weer beperking. De persoonlijke God van het orthodoxe theïsme neemt waar, denkt en wordt beïnvloed door emoties: hij heeft berouw en voelt ‘hevige toorn’. Maar het is duidelijk dat het denkbeeld van zulke geestestoestanden de ondenkbare vooronderstelling meebrengt dat de opwekkende prikkels van buiten komen, om nog maar niets te zeggen van de onmogelijkheid om onveranderlijkheid toe te schrijven aan een wezen, van wie de emoties wisselen met de gebeurtenissen in de werelden die het bestuurt. De begrippen van een onveranderlijke en oneindige persoonlijke God zijn dus onpsychologisch en wat erger is, onfilosofisch.

Leven betekent eeuwig terugkerende cycli, met het steeds weer nieuwe begin. Het morele kompas belicht de 5e dimensie, de communicatie, de kwintessens, de alomvattendheid van het aardse ruimte/tijd-continuüm. Het morele kompas is een hulpmiddel om te leren de wereld, de éne werkelijkheid beter te begrijpen. Daartoe wordt veelal van mythen gebruik gemaakt. Het gaat echter om de kwintessens, de interpretatie van het verhaal.

Een misvatting ontstaat wanneer we God daadwerkelijk als een man op een wolkje gaan zien.

Neem niet alles wat je leest, ziet of hoort voor waar aan.

Voor de mens op aarde is er een concreet begin en einde. Dit geldt echter niet voor de eeuwigheid in de hemel, het universum.

 

Nirwana
Blavatsky, Deel III (465): Er zijn twee wijzen om het “pad” naar Nirwana te betreden.
Daar Alaya of Nying-po de wortel en grondslag van alles is, onzichtbaar en onbegrepen voor ’s mensen oog en verstand, kan het slechts zijn spiegelbeeld weerkaatsen – niet Zichzelf. Dit spiegelbeeld zal derhalve, evenals de maan in rustig en helder water, alleen weerkaatst worden in het hartstochtloze denkvermogen van de Dharmakâya en zal verwrongen worden door het vluchtige beeld van alles wat waargenomen wordt door een denkvermogen dat zelf aan stoornis onderhevig is.
495: Noch de cosmische gebieden van stof, noch zelfs de menselijke beginselen – met uitzondering van het laagste stoffelijke gebied of wereld en het stoffelijke lichaam die, geen “beginselen” zijn in ruimte en tijd geplaatst of gedacht kunnen worden. Evenals deze eerste zeven in EEN zijn, zo zijn ook wij zeven in EEN – in diezelfde volstrekte ziel der wereld, die tegelijk stof en niet-stof, geest en niet-geest, zijn en niet-zijn is.
Onze zeven zintuigen komen overeen met elk ander zevental in de natuur en in onszelf.
547: Buddhi is een straal van de algemene geestelijke ziel (Alaya).
575: zoals Alaya, de Algemene geestelijke Ziel, staat tot de ene eeuwige Geest of datgene wat boven Geest is.
Buddhi is zijn menselijke voertuig, één trap lager dan het Volstrekte, dat in hoegenaamd geen betrekking tot het eindige of beperkte kan staan.

Blavatsky, Deel III (p. 620): Buddhi-Manas is de Ksetrajna.
Het Kennen (buddhi) versus de Kenner van het veld (ksetrajna), respectievelijk met de functies beslissen en toeschouwen.

5D gaat er vanuit dat Manas met het 5-de en Buddhi met het 6-de zintuig samenhangt. In het 7-de zintuig wordt Buddhi en Manas met elkaar verbonden.

====

Energie en Tijd (Kwintessens van de Unificatietheorie, '5D-concept en Ether-paradigma')

Ervin Laszlo en Jude Currivan boek KOSMOS een integrale visie op de wereld, hoofdstuk Spiraaldynamiek (p. 147):
In de ontplooiing van onze persoonlijke en collectieve ervaringen laat het kosmische reflectieprincipe, dat bepaalt in hoeverre de uiterlijke omstandigheden in ons leven een afspiegeling vormen van de toestand in ons innerlijke en vice versa (zie ook hoofdstuk 6) – zich heel ons leven gelden.
In hun baanbrekende boek Spiral Dynamics beschrijven Don Beck en Christopher Cowan een model van de bewustzijnsevolutie van complete culturen.

De verticale as (Axis mundi) door het midden van het Ei van Assagioli symboliseert de door Maslow genoemde zelfrealisatie, de Derde weg in de psychologie of de weg van het universele soefisme. De verticale dimensie brengt ook de evoluerende waardensystemen van de Spiral Dynamics van Don Beck in beeld. Elk mens heeft een natuurlijke aanleg (nature), maar onze conditioneringen zijn niet aangeboren doch tijdens de opvoeding (nurture) aangeleerd. Bij de verticale as door het centrum gaat het om de moraal van het verhaal, de waarden en normen, de geschreven en ongeschreven leefregels. Jezelf met de ascensie van het universum te verbinden.

De caduceus (5e dimensie) is een mooi voorbeeld van de in – en uitspiralende torsiegolf in een vortexvorm.
De torus wordt als een multidimensionale vortex opgevat. De lemniscaat illustreert de draaikolk stuctuur van de vortex (Jan Wicherink boek Ontheemde Zielen Ontwaken p. 179). Het Reflexief Bewustzijn brengt als ware verschillende aggregatieniveaus van Ether, van statisch tot zeer dynamisch tot uitdrukking. De lemniscaat, de eeuwige wederkeer, symboliseert de wisselwerking, de reflectie tussen de macrokosmos en microkosmos.

Het verslag van Frank Visser van de manifestatie “Klaar om te wenden?” bij het afscheid van ex-SER voorzitter Herman Wijffels laat zien dat er wel degelijk een verband ligt. Om met het veranderen van de structuur een begin te maken is de strategie “Klaar om te wenden?” een goed initiatief.
Spiral Dynamics is kort gezegd een theorie over de ontwikkeling van waardepatronen in de mens en de samenleving, die door de Amerikaanse psycholoog Clare Graves – een tijdgenoot en geestverwant van Maslow -- is ontwikkeld.
Don Beck is net terug van een bezoek aan het Midden-Oosten, waarvan hij op de hem eigen wijze verslag deed. Hij poneerde de uitdagende stelling dat het in het huidige Midden-Oosten niet om religie gaat, zoals het in het toenmalige Zuid-Afrika niet om ras ging, wat betreft de kern van het conflict. Veeleer zijn er botsende waardepatronen, die aan het licht gebracht moeten worden voordat aan een oplossing kan worden gedacht.
Op basis van Spiral dynamics is het mogelijk integrale, gemeenschappelijke visies te ontwikkelen.

Volgens de filosoof Charles Taylor: (Hermeneutische cirkel) is het probleem van vandaag vooral dat er geen gemeenschappelijke horizon of raamwerk is van waaruit morele ervaringen kunnen worden geduid. Charles Taylor wordt algemeen erkend als een autoriteit op zijn gebied; dat van de mens, zijn taal, cultuur, en samenleving (Mens en maatschappij.) De waarde van authenticiteit staat in zijn denken centraal.

De vijfde eigenschap, de kwintessens wordt met behulp van het 5D-concept (5Ddenkraam) naar voren gebracht. Het gaat in het kwantumvacuüm (bewustzijnsveld) om twee polen (les 3 polariteit), het aardse en het hemelse, om Karma en Dharma, waarvan Dharma buiten de bestaanssfeer van de wereld der tegenstllingen ligt. Bij het overstijgen van ruimte en tijd verschijnt de spirituele dimensie. Bij de vijfde eigenschap zijn de aardse begrippen van ‘Ruimte en Tijd’ niet van toepassing. Uiteindelijk draait het om de in elk mens aanwezige zes volheden, die de verpersoonlijking vormen van de filognostische synthese in de kern van het morele kompas. Deze kwaliteiten brengen de 'Eenheid in Verscheidenheid' van de mensheid, de collectieve dimensie tot uitdrukking.

Natuurlijke kringloop:Triade en TetradeAccent van het aanzicht ligt op:Kernkwadrant:
1. Mythos1. Oude TestamentRechtvaardigheid4. Creativethink
2. Theos2. Nieuwe TestamentUniversaliteit van mensenrechten3. Zelfregulering
3. Logos3. VerlichtingGelijkheid, gelijke kansen voor iedereen2. Groupthink
4. Holos4. IntegratieRechtvaardigheid en Gelijkheid1. Chaos

Het kernkwadrant rechts laat de ommekeer zien. Hoe we ons dus weer met de natuurlijke kringloop van de schepping (1 t/m 4 van boven naar beneden) kunnen verbinden. Het 5D-concept gaat over Alpha en Omega, het punt waaruit alles is geboren en waarnaar alles tenslotte zal terugkeren. Het 5D-concept, het Ether-paradigma (kwintessens) brengt de ommekeer tot uitdrukking. Het Ken uzelve leidt er toe dat we op chaos en groupthink grip kunnen krijgen. Het 5D-concept vraagt om een andere manier van denken.

Ervin Laszlo: 'Punt is alleen dat als je te lang wacht, het punt van onomkeerbaarheid ontstaat. Toch zijn er al bewegingen richting een nieuwe politiek'.
Denken vanuit eenheid klinkt logisch, waar is het mis gegaan?
“Daar zijn begrijpelijke redenen voor,” aldus Laszlo. “Als we terugblikken op de menselijke geschiedenis, zijn bijna alle culturen gebaseerd op verbondenheid met elkaar, de natuur en de kosmos. In Oosterse maar ook in Westerse tradities. Zo was het vroege christendom – de Hermetische Filosofie - erg anders. Je zou kunnen zeggen dat mensen het gevoel hadden dat ze met elkaar verbonden waren. Tot 400 jaar geleden de moderne wetenschap ontstond. Dat betekent vooral dat iets alleen waar kan zijn als het waargenomen kan worden. Kosmoloog Giordano Bruno (1548-1600) was door de Inquisitie in Rome tot de brandstapel veroordeeld, omdat hij zei dat het universum oneindig is en we er allemaal deel van uit maken.”

Helen V. Zahara Zonder onderscheid van ras en kleur:
Als er verkeerde interpretaties bestaan over de betekenis van de wortelrassen, als onze benaderingswijze te materialistisch geweest is en als het beeld werkelijk zo verward is als het er nu uitziet, dan is nu misschien de tijd gekomen om het gehele onderwerp nog eens goed te overdenken en ons te bezinnen op onze verantwoordelijkheid in zake het uitgeven van boeken, waarin die pasklaar gemaakte interpretatie, die gebaseerd is op etnologische groepen, voorkomt - speciaal die boeken die een ongelukkige psychologische uitwerking zouden kunnen hebben op de lezers, zodat zij zich afwenden van het prachtige theosofische stelsel, dat gebaseerd is op deze grondbeginselen:
1) Zij is het ENE LEVEN, eeuwig, onzichtbaar en toch alomtegenwoordig, zonder begin of einde en toch periodiek in haar geregelde manifestaties, terwijl tussen die perioden het duistere geheim van het niet-zijn heerst; onbewust en toch absoluut Bewustzijn; niet te verwerkelijken en toch de ene op zichzelf bestaande werkelijkheid; inderdaad ‘een chaos voor het gevoel, een Kosmos voor de rede’. Haar ene absolute kenmerk, namelijk HETZELF, de eeuwige, onophoudelijke beweging, wordt in esoterische taal de ‘grote adem’ genoemd, dat is de eeuwigdurende beweging van het Heelal in de zin van grenzeloze, altijd aanwezige RUIMTE. Wat bewegingloos is, kan niet goddelijk zijn. Maar er is ook in feite en in werkelijkheid niets absoluut onbeweeglijk binnen de universele ziel (De Geheime Leer Deel I, Proloog, p. 32).
2) (c) De fundamentele gelijkheid van alle zielen met de Universele Overziel, die zelf een aspect is van de Onbekende Wortel; en de verplichte pelgrimstocht voor iedere ziel – een vonk van eerstgenoemde – door de cyclus van incarnatie (of ‘noodzakelijkheid’) in overeenstemming met de cyclische en karmische wet gedurende het hele tijdperk (De Geheime Leer Deel I, Proloog, p. 47).
In deze waarheden ligt de grondslag voor onze broederschap en alle verschillen tussen zogenaamde rassen of etnologische groepen zijn alleen maar relatief.

De kwintessens van het rapport 'E i V', het Meta-leren berust op het bewustzijn van bewustzijn (helicopterview, Top down perspective).
Het innerlijke bewustzijn (zelfbewustzijn, reflexief bewustzijn, bewustzijn van bewustzijn) is een levenscyclus (Huwelijksquaterniteit) die in het universele bewustzijn ligt besloten. Bewustzijn manifesteert zich door een levensyclus. Er bestaat niet alleen bewust en onbewust, maar ook het verschijnen en verdwijnen van het bewustzijn. De manifestatie van het bewustzijn is continu aan verandering onderhevig. Geesteswetenschappen leggen op het innerlijke universum de nadruk.

Natuurfilosofie: In feite komen golven overigens niet voor in de moderne fysica: er is slechts een statistische verdeling waar deeltjes zich kunnen bevinden en dat beantwoordt aan het klassieke begrip van de golf. De klassieke fysica komt terug wanneer we de constante van Planck als oneindig klein beschouwen (zoals de klassieke bewegingswetten uit de Lorentz-transformaties van Einstein terugkeren door de lichtsnelheid als oneindig groot te beschouwen). Omdat het mogelijke (de golf) continu en het werkelijke (het deeltje, de constante van Planck) discontinu is, kunnen we zeggen: de dialectiek van het continue en discontinue brengt het toevallige voort (hier berusten ook alle kansspelen op). Met het discontinue van de gerealiseerde mogelijkheden betekent ontwikkeling ook echte verandering. De deeltjesfysica kent zelfs virtuele deeltjes die (zeer kortstondig) uit het 'niets' ontstaan en weer verdwijnen: daarmee is niet gezegd dat ze geen oorzaak hebben (alles heeft een oorzaak), maar dat ze geen corpusculaire 'voorvader' hebben (een veranderend energieniveau van een atoom kan bijvoorbeeld een stroom van elektronen en positronen doen ontstaan). Voor een foton die bijvoorbeeld van de zon naar de aarde reist valt bestaan en niet-bestaan zelfs samen: niet alleen ontstaat hij in de zon vanuit het 'niets' en verdwijnt hij op aarde in het 'niets', tijdens zijn reis en dus zijn bestaan verloopt er vanuit zijn perspectief gezien geen tijd vanwege de oneindige tijddilatatie als gevolg van zijn lichtsnelheid.

SisyPhus De MultiVersele Creatie door Negentropie in correlatie met de vier niveau's van de Ka-Ba-Lah.
Hoe kan ik dit nu in relatie zetten met de "zelforganisatie" van het DNA, dat wat de "Unieke Blauwdruk" van elk levend wezen maakt, dus ook de mens? Uit de godsdienstige overleveringen blijkt een gemeenschappelijk beeld te bestaan, dat "God" of "Goden" de Mens naar zijn beeld heeft gemaakt. Deze overlevering is niet zomaar fantasie, want als het "niet waar" was - dan zouden we het zelf moeten gaan verzinnen en waarom zouden we dat nou doen of laten doen: ten dele is het deceptie, met een "ongemanifesteerde waarheid": archief! Dus, die "goden" hebben wat weg van de mensen, de eigenschappen van die "goden" vinden we terug in de mensen! Dus, het kan zijn dat de "DNA-eigenschappen" van die "goden" terug te vinden zijn in de huidige samenstelling van de mens. Als we de esotherische literatuur goed volgen, blijkt dat "YHWH" de "oppergod" is en het "monotheïsme" afdwingt en dus geen "andere god" mag er aanbeden worden dan hem.
Wat ik weet over het RNA-descriptie/transcriptie, is dat er 64 = 4³ mogelijkheden van basen in het mRNA (m=messenger) van 20 aminozuurtypen gemaakt worden. De groepjes van 3 basen-tripletten worden codons genoemd. Wat wil dit zeggen? In de allereerste plaats kunnen we al zien, dat zodra we het DNA als een hologram beschouwen van A-C-G-T sequenties, dan kunnen we de A-C-G-T wellicht als de hoekpunten van een tetrahederon beschouwen. Lees mijn artikel de "FIBONNACI TRANSFORMATIE IN MULTIDIMENSIES" (ben er nog mee bezig, sorry) en we kunnen aan de hand van de generatieve [√2], formatieve [√3], re-generatieve principe [√5] in de vorming van de "Fibonnaci-spiraal" aan de hand van de Gulden Snede (we tekenen het in 2 dimensies.

Archimedes-spiraal



Sterrenstelsels hebben doorgaans een spiraalvormige, schijf- of bolvormige structuur, met daaromheen een bolvormige halo waarin de zwaartekracht ook nog invloed heeft.

Links Fibonacci spiraal (Golden spiral:)
|| || Gulden snede en getallen van Fibonacci (Spiraal). Jan Wicherink Ontheemde Zielen Ontwaken (p. 66):
Een variant van de Gulden snede spiraal is de Fibonacci-spiraal.

Geluid, kleur, metalen en vorm: In hoofdstuk 2 van een electronisch boek van David Wilcock wordt in een tabel de relatie tussen kleur, geluid en vorm gegeven.
Links de relatie tussen vorm, kleur en muziek-toon in de vorm van een plaatje op basis van de gegevens in het boek van David Wilcock. De frequenties en vooral de kleuren verschillen van die in de tabel. De gegevens in de tabel zijn berekend puur op basis van gegevens uit de natuurkunde.
Met behulp van radiësthesie kan je tot andere resultaten komen.

 

Milo Wolff Solving Nature’s Mystery, 5. Measurement is a Property of an Ensemble of Matter.
A particle entirely alone in the universe cannot have dimensions of time, length or mass. These measures are undefined without the existence of other matter because dimensions can only be defined in comparison with other matter. For example, at least six separated particles are necessary to crudely define length in a 3D space: four to establish coordinates and two being measured. Thus the measurement concept requires the existence of an ensemble of particles. In our universe the required ensemble must include all observable matter, because there is no way to choose a special ensemble. The importance of this fact becomes clear when we recall that time, length and mass are the basic unit set used to describe all scientific measurements.


Figure 2. Inter-dependence. Laws particles, and the cosmos are inter-connected by the quantum waves of particle structures in the 'ether' medium of space. These interconnections are described by three Principles that define the properties of the space medium.
 

4e Wet van de Spirale Form der Entwicklung
Georges Politzer boek Beginselen van de filosofie, hoofdstuk Vierde wet: verandering van kwantiteit in kwaliteit of wet van de sprongsgewijze vooruitgang, De geschiedenis is het werk van de mensen:
De mensen maken hun geschiedenis, hoe die ook moge uitvallen, doordat ieder zijn eigen, bewust gewilde doeleinden nastreeft en de resultante van deze veelvoudige, in verschillende richtingen werkende wilsuitingen en hun verschillende uitwerking op de buitenwereld is juist de geschiedenis. Het komt er dus op aan wat de vele afzonderlijke personen willen. De wil wordt bepaald door hartstocht of overleg. Maar de drijfveren, die weer de hartstocht of het overleg rechtstreeks bepalen, zijn van zeer verschillende aard ... Anderzijds vraagt men zich af, welke drijfkrachten er weer achter deze motieven staan, welke historische oorzaken het zijn, die in de hoofden van de handelende personen tot zulke motieven worden. (Fr. Engels: Feuerbach, blz. 38-39.)

George Politzer combineert het idealisme van George_Berkeley met het dialectische materialisme van Marx en Engels.

De verborgen 5e Dimensie komt in de vierde Anti-Dühring wet naar voren.
Jasper Schaaf geeft in zijn boek Boeddhisme en betrokkenheid (p. 53) een vierde Anti-Dühring wet, de 'wet' van de Spirale Form der Entwicklung, oftewel de spiraalvorm van de ontwikkeling. Wanneer door tegenspraak iets nieuws ontstaat is er sprake van een ontwikkeling, één met een richting.
Zo kan bijvoorbeeld in de economie een spiraalvormige keten van interacties gedurende langere tijd de richting bepalen naar hoogconjunctuur of naar crisis. Geen eeuwige richting, wel een van langere duur.

Sterren, kometen, planeten en nevelvlekken zijn allemaal entiteiten, levensverschijnselen, samengebracht in en omsloten door de levenskracht van een supergodheid. En zo is het overal in de eindeloze Ruimte.
Afmeting heeft niets te maken met bewustzijn. Sommige elektronen van bepaalde atomen zijn bewoond, en sommige van deze bewoners zijn net zo intelligent en zelfbewust als wij. Ze denken, voelen en streven. Zij zijn de ‘mensen’ van deze oneindig kleine werelden. Denk in de andere richting eens aan de verbazingwekkende ruimten die wij ons heelal noemen; de miljarden zonnen die de melkweg vormen en waarvan de meeste waarschijnlijk planeten om zich heen hebben waarvan er vele bewoond zijn.

René Meijer hoofdstuk 5 Het paradigma van de relatieve ether
De nieuwe manier van denken moet uiteindelijk de verschillende effecten die door de uitvinders werden gevonden verklaren. Er moet een antwoord gevonden worden op de vraag hoe we, naast wat we zagen in de afdeling onverklaarde fenomenen (UFO's, Graancirckels en Aliens), in één samenhangende visie de bevindingen kunnen verklaren van de besproken experimentele effecten.
i) Het Stubblefield-effect van elektriciteit opgewekt uit het magnetisme van de aarde.
ii) Het Keely-effect van energetische processen en antigravitatie uit het beheersen van geluidsfrequenties.
iii) Het Reich-effect van orgone energie uit kristalconfiguraties met buizen en temperatuurverschillen tussen organische en anorganische stof.
iv) Het radiant Tesla/Moray-effect van de energie van zich elektrisch uit de natuur opladende platen of staven die eventueel bestaan uit verschillende metalen of legeringen.
v) Het Papp-effect van zich met een impuls ontladende edelgassen in een drukkamer.
vi) Het Gary/Finsrud-effect van continue beweging door het tegen elkaar uitspelen van de magnetische kracht en de zwaartekracht.
vii) Het Gray/Johnson/DePalma/Tewari/Bedini/Bearden-effect van een magnetisch overunity-moment met een terugwaartse energiepiek die volgt op onderbroken (elektro-)magnetische velden in motoren werkend op basis van (elektro-) magneten.
viii) Het elektrostatisch Baumann-effect van overunity statische elektriciteit opgewekt via een Whimshurst-achtige opzet gecombineerd met een opslag-eenheid.
ix) Het koude fusie plasmaproces, dan wel het met stalen elektroden elektrolytisch realiseren van een Meyer/Williams/Kanarev-effect van met overunity gewonnen HHO-gas of Browngas uit zuiver water zonder elektrolyten, met inbegrip van de eigenschappen van ontbrandbaar, geladen water of waterdamp.
x) Het Schauberger/Frenette/Griggs vortex-effect van energie gewonnen uit wervelingen van water, lucht of olie.
xi) Het Huchison-effect van antigravitatie met elektromagnetische vibraties en energie uit samengeperste kristallen.
xii) Het Searl/Sweet-effect van energieopwekking en antigravitatie door trillende magneetvelden dan wel roterende, diallel gearrangeerde en elektrisch beheerste magneetvelden.

De i t/m xii experimenteel (min of meer) bewezen effecten van de werkzaamheid van de ether, vormen de materiële tegenhanger van de vijf eigenschappen, de vijfde dimensie van het bewustzijn.

Het morele kompas wordt gebruikt om de samenhang tussen 4 elementen, het 5e element weer te geven. Tegenover 'Ether staat Aether', de Gemeenschappelijke horizon die door de driehoek (1 + 2 + 3 + 4 = 10) van Pythagoras wordt gesymboliseerd. Het meta-leren staat net als water voor 20. Het is het reflexief bewustzijn dat een mens van een dier onderscheidt. De Triade 'Aarde - Lucht - Water' wordt met de twee duaden, 'Aarde - Ether' en 'Vuur - Water', de Tetrade verbonden. De unificatietheorie biedt de grondslag voor het begrijpen van het bewustzijn.

De geschiedenis leert dat de oplossing van de unificatietheorie al millennia bekend is. Er is niets nieuws onder de zon. Het hangt er alleen maar vanaf hoe je het probleem formuleert. In het rapport ‘E i V’ wordt de stelling onderbouwd dat op het snijvlak tussen natuurwetenschappers en geesteswetenschappers het gemeenschappelijke raamwerk van de Unificatietheorie ligt. Het recursiefproces, de oerbron van leven is een groot mysterie.

De Nederlandse graficus Maurits Escher heeft de penrose-driehoek vaak toegepast in zijn werk.
Robbert Dijkgraaf (NRC 27 december 2008: De architectuur van ons brein bepaalt en beperkt de wetenschap - Er is geen wiskunde zonder de mens - daar kwam ik achter):

 

De mens is slechts een onmisbare schakel in de ultieme cirkelredenering . U kunt deze lus zo vaak doorlopen als u wilt, net zoals de monikken de eindeloze trap op- en aflopen in de bekende prent Klimmen en dalen van M.C. Escher – een prent die trouwens geïnspireerd was door het werk van Penrose en zijn vader.
Op het eerste hoekpunt van de driehoek staat de wetenschap. Deze is verbonden met het tweede hoekpunt waar de mens staat, de bedenker van vele nutteloze en nuttige zaken, waarvan de wetenschap er slechts één is. Op zijn beurt vormt de mens weer een verbintenis met het derde hoekpunt, de natuur, wederom als onderdeel van een groter geheel, want de natuur brengt naast de mens ontelbaar andere verschijningsvormen voort. Ten slotte wordt de natuur weer verbonden met de wetenschap, een terrein dat veel meer bestrijkt dan alleen de beschrijving van de fysieke werkelijkheid.

 

De Geheime Leer Deel I, Stanza 2 Het denkbeeld van differentiatie (p. 86/87):
Om zichzelf te kennen is bewustzijn en waarneming nodig (beide zijn beperkte vermogens die betrekking kunnen hebben op ieder onderwerp, behalve op Parabrahm). Vandaar de ‘eeuwige adem die zichzelf niet kent’. Het oneindige kan het eindige niet begrijpen. Het grenzeloze kan niet in betrekking staan tot het begrensde en het voorwaardelijke. Volgens de occulte leer is de onbekende en onkenbare BEWEGER, of het zelf-bestaande, de absolute goddelijke Essentie. En omdat dit absoluut Bewustzijn en absolute Beweging is – voor het beperkte gevoel van degenen die dit onbeschrijflijke beschrijven – is het onbewustheid en onbeweeglijkheid. Concreet bewustzijn kan niet als eigenschap worden toegeschreven aan abstract Bewustzijn, evenmin als de eigenschap ‘nat’ aan water – want natheid is het wezenlijke van water en de oorzaak van het nat zijn van andere dingen. Bewustzijn houdt beperkingen en kwalificaties in; iets om zich van bewust te zijn en iemand die zich ervan bewust is. Maar absoluut Bewustzijn sluit de kenner, het gekende en de kennis alle drie in zich, en alle drie zijn één. Niemand is zich van meer bewust dan dat deel van zijn kennis dat hij op een bepaald tijdstip in zijn herinnering heeft teruggeroepen, maar de taal is zó arm, dat we geen woord hebben om de kennis waaraan we in feite niet denken, te onderscheiden van kennis die we niet in ons geheugen kunnen terugroepen. Vergeten is synoniem met zich niet herinneren. Hoeveel groter moet dan de moeilijkheid zijn om termen te vinden om abstracte metafysische feiten of verschillen te beschrijven en te onderscheiden. Men moet ook niet vergeten dat wij aan de dingen namen geven in overeenstemming met de uiterlijke vorm die zij voor ons aannemen. Wij noemen absoluut bewustzijn ‘onbewustheid’, omdat het ons toeschijnt dat dit noodzakelijk zo moet zijn. Zo noemen wij het Absolute ook ‘duisternis’, omdat het voor ons eindige begrip volkomen ondoordringbaar schijnt; toch erkennen wij ronduit dat onze waarneming van dergelijke dingen deze geen recht doet. Onwillekeurig maken wij in onze gedachten onderscheid tussen bijvoorbeeld onbewust absoluut bewustzijn en onbewustheid, door stilzwijgend aan het eerste een onbepaalde eigenschap toe te kennen, die – op een hoger gebied dan waartoe onze gedachten kunnen reiken – overeenkomt met wat wij in onszelf als bewustzijn kennen. Maar dat is geen soort bewustzijn dat wij kunnen onderscheiden van wat ons als onbewustheid voorkomt.
De Geheime Leer Deel I, Stanza 5 Fohat: kind van zevenvoudige hiërarchieën (p. 147):
Deze wet van de draaiende beweging in de oerstof is een van de oudste opvattingen van de Griekse filosofie, waarvan de eerste wijzen uit de geschiedenis bijna allen waren ingewijd in de Mysteriën. De Grieken hadden haar ontleend aan de Egyptenaren en deze aan de Chaldeeën, die leerlingen waren geweest van de Brahmanen van de esoterische school. Leucippus en Democritus van Abdera – de leerling van de magi – leerden, dat deze ronddraaiende beweging van atomen en sferen al een eeuwigheid bestond. Hicetas, Heraclides, Ecphantus, Pythagoras en al zijn leerlingen onderwezen de draaiing van de aarde om haar as, en Aryabhata van India, Aristarchus, Seleucus en Archimedes berekenden haar omwenteling even wetenschappelijk als de astronomen van tegenwoordig. Anaxagoras was bekend met de theorie van de wervelingen van de elementen en deze werd door hem 500 jaar v.Chr. verdedigd, dat is bijna 2000 jaar voordat ze weer werd opgenomen door Galileo, Descartes, Swedenborg, en tenslotte, met kleine wijzigingen, door Sir W. Thomson. (Zie zijn ‘Vortical Atoms’.) Al deze kennis vormt, als haar maar recht wordt gedaan, een echo van de archaïsche leer, die wij nu proberen te verklaren. De vraag, hoe mensen van de laatste paar eeuwen tot dezelfde denkbeelden en conclusies zijn gekomen, die tienduizenden jaren geleden in het verborgene van de adyta als grondwaarheden werden onderwezen, wordt afzonderlijk behandeld. Sommigen kwamen ertoe door de vooruitgang in de natuurwetenschap en door onafhankelijke waarneming; anderen – zoals Copernicus, Swedenborg en nog enkelen – hadden, ondanks hun grote geleerdheid, hun kennis veel meer te danken aan intuïtieve dan aan verkregen denkbeelden, die zij op de gebruikelijke manier in de loop van de studie hadden ontwikkeld13. (Zie ‘A Mystery about Buddha’.)
13) Swedenborg, die onmogelijk iets kon weten van de esoterische denkbeelden van het boeddhisme, is onafhankelijk hiervan in zijn algemene opvattingen de occulte leer dicht genaderd. Dit blijkt uit zijn verhandeling over de theorie van de draaiende bewegingen. In de vertaling ervan door Clissold, die door prof. Winchell wordt aangehaald, vinden we de volgende samenvatting: ‘De eerste Oorzaak is het Oneindige of Onbegrensde. Dit geeft het bestaan aan het eerste eindige of begrensde.’ (De logos in zijn manifestatie en het Heelal.) ‘Wat een grens voortbrengt, is analoog aan beweging. (Zie de eerste stanza hierboven.) De voortgebrachte grens is een punt, waarvan de essentie beweging is; maar omdat zij geen delen heeft, is deze essentie geen werkelijke beweging, maar slechts iets wat daarop lijkt.’ (In onze leer is het niet ‘iets verwants’, maar een overgang van eeuwige trilling in het ongemanifesteerde tot een draaiende beweging in de wereld van de verschijnselen of de gemanifesteerde wereld). . . . ‘Uit dit eerste ontstaan uitgebreidheid, ruimte, vorm, en opeenvolging of tijd. Evenals in de meetkunde een punt een lijn voortbrengt, een lijn een oppervlak, en een oppervlak een lichaam, zo neigt hier het punt naar lijnen, oppervlakken en lichamen. Met andere woorden, het Heelal is in aanleg aanwezig in het eerste natuurlijke punt . . . . de beweging, waarnaar de ingeboren neiging streeft, is cirkelvormig, omdat de cirkel de volmaaktste van alle figuren is. . . . De volmaaktste vorm van een beweging . . . moet eeuwig cirkelvormig zijn, dat wil zeggen, zij moet van het middelpunt naar de omtrek gaan en van de omtrek naar het middelpunt.’ (Aangehaald uit Principia Rerum Naturalia.) Dit is zuiver occultisme.

Spiraallijnen
Geheime Leer Deel I, Stanza 5. Fohat: kind van zevenvoudige hiërarchieën (p. 149):
4. FOHAT TREKT SPIRAALLIJNEN OM HET ZESDE TE VERENIGEN MET HET ZEVENDE – DE KROON.
(a) Dit trekken van ‘spiraallijnen’ heeft betrekking op de evolutie van zowel de beginselen van de mens als die van de Natuur. Deze evolutie heeft geleidelijk plaats (zoals men zal zien in Deel II over ‘De oorsprong van de menselijke rassen’), evenals al het andere in de natuur. Hoewel volgens onze opvattingen het zesde beginsel in de mens (buddhi, de goddelijke ziel) alleen maar een adem is, is het toch iets stoffelijks vergeleken met de goddelijke ‘geest’ (atma), waarvan het de drager of het voertuig is. Fohat in zijn hoedanigheid van GODDELIJKE LIEFDE (Eros), het elektrische vermogen tot verwantschap en sympathie, wordt allegorisch weergegeven terwijl hij tracht de zuivere geest, de straal die onscheidbaar is van het ENE absolute, te verenigen met de ziel. Deze twee vormen in de mens de MONADE en in de Natuur de eerste schakel tussen het altijd onvoorwaardelijke en het gemanifesteerde. ‘De eerste is nu de tweede’ (wereld) – van de lipika’s – heeft betrekking op hetzelfde.
150: De ‘eerste is de tweede’, omdat de ‘eerste’ eigenlijk niet als de eerste kan worden geteld of beschouwd, want dat is het gebied van de noumena in de oorspronkelijke manifestatie daarvan: de drempel naar de wereld van de waarheid, of SAT, waardoor de directe energie die uitstraalt van de ENE WERKELIJKHEID – de naamloze godheid ons bereikt. Ook hier zal waarschijnlijk de onvertaalbare uitdrukking SAT (Zijn-heid) tot een foutieve opvatting leiden, want wat is gemanifesteerd, kan niet sat zijn, maar heeft betrekking op een verschijnsel en is niet eeuwig en in feite ook niet altijddurend. Het bestaat gelijktijdig met het Ene Leven, ‘zonder een tweede’, maar als manifestatie is het toch een maya – evengoed als het overige. Deze ‘wereld van waarheid’ kan met de woorden van de Toelichting alleen worden beschreven als ‘een heldere ster, neergedaald uit het hart van de eeuwigheid, het baken van de hoop, aan de zeven stralen waarvan de zeven werelden van het Zijn hangen’. Inderdaad, want dat zijn de zeven lichten waarvan de menselijke onsterfelijke monaden de weerspiegelingen zijn – de atma of uitstralende geest van ieder lid van de menselijke familie.
Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 3 De rotatietheorieën in de wetenschap (p. 547/548):
Kepler wordt ook bekritiseerd om zijn ‘merkwaardige hypothese, die uitgaat van een wervelende beweging in het zonnestelsel’, om zijn theorieën in het algemeen en om zijn positieve houding tegenover Empedocles’ denkbeeld van aantrekking en afstoting en in het bijzonder van ‘zonnemagnetisme’. Toch zijn, zoals zal blijken, verschillende hedendaagse wetenschappers – Hunt (als Metcalfe erbuiten moet worden gelaten), dr. Richardson, enz. – de gedachte heel gunstig gezind. Men kan echter tot zijn verontschuldiging aanvoeren dat ‘tot de tijd van Kepler geen duidelijke wisselwerking tussen massa’s materie was vastgesteld, die naar karakter verschilde van magnetisme’ (World-Life). Wordt die nu wel duidelijk ingezien? Maakt prof. Winchell voor de wetenschap aanspraak op enige serieuze kennis over de aard van elektriciteit of magnetisme – behalve dat beide de werking schijnen te zijn van een of ander gevolg dat voortkomt uit een niet vastgestelde oorzaak?
De ideeën van Kepler zijn, als ze worden ontdaan van hun theologische neigingen, zuiver occult. Hij zag het volgende in:
(I.) De zon is een grote magneet10. Hierin geloven enige eminente hedendaagse wetenschappers en ook de occultisten.
(II.) De zonnesubstantie is niet stoffelijk. (Zie Isis Ontsluierd, Deel I, blz. 270 en 271, Engelse uitgave.)
(III.) Voor de voortdurende beweging en het herstel van de zonne-energie en de planetaire beweging nam hij de eeuwigdurende zorg aan van een geest, of van geesten. De hele Oudheid geloofde in dit denkbeeld. De occultisten gebruiken niet het woord geest, maar spreken van scheppende krachten, waaraan zij intelligentie toeschrijven. Maar we mogen ze ook geesten noemen.
Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 15 Goden, monaden en atomen (p. 690):
Het plenum van de stof van Descartes, gedifferentieerd in deeltjes; het etherische fluïdum van Leibniz en het ‘oorspronkelijke fluïdum’ van Kant, dat in zijn elementen is opgelost; de zonnewerveling en de wervelingen van sterrenstelsels van Kepler; kortom, vanaf de wervelingen van elementalen, in gang gezet door het universele denkvermogen – via Anaxagoras tot Galileo, Torricelli en Swedenborg en na hen tot de meest recente speculaties van Europese mystici toe – dit alles is te vinden in de hymnen en mantra’s van de hindoes aan de ‘goden, monaden en atomen’ in hun totaliteit, want ze zijn onscheidbaar. In de esoterische leringen vindt men de meest transcendentale denkbeelden over het heelal en zijn geheimen, en de (schijnbaar) meest materialistische speculaties met elkaar verzoend, omdat deze wetenschappen het hele terrein van de evolutie van geest tot stof omvatten. Zoals een Amerikaanse theosoof verklaarde: ‘De monaden (van Leibniz) kunnen vanuit het ene gezichtspunt kracht worden genoemd en vanuit het andere, stof. Voor de occulte wetenschap zijn kracht en stof slechts de twee kanten van dezelfde SUBSTANTIE.’ (Path, no. 10, blz. 297).
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 6 De maskers van de wetenschap (p. 557):
Faraday en andere eminente wetenschappers waren goed op de hoogte van dit feit. Atomen, ether, de evolutie zelf – de hedendaagse wetenschap ontleent ze alle aan oude denkbeelden; alle zijn gebaseerd op de begrippen van de archaïsche volkeren. ‘Begrippen’ in de vorm van allegorieën voor de niet-ingewijden; duidelijke waarheden, die aan de uitverkorenen tijdens de inwijdingen werden onderwezen. Deze waarheden zijn door Griekse schrijvers gedeeltelijk bekendgemaakt en tot ons gekomen. Dit betekent niet dat het occultisme ooit dezelfde opvattingen had over stof, atomen en ether, als worden gevonden in de exoterie van de Griekse klassieken. Toch was zelfs Faraday een volgeling van Aristoteles en eerder een agnosticus dan een materialist, als wij Tyndall mogen geloven. De schrijver toont in zijn Faraday, as a Discoverer (blz. 123) aan dat de grote natuurkundige ‘oude gedachten van Aristotelesgebruikte, die ‘in beknopte vorm in enkele van zijn boeken zijn te vinden’. Misschien zijn Faraday, Boscovitch en alle anderen, die in de atomen en moleculen ‘krachtcentra’ zien en in de overeenkomstige elementale kracht een entiteit op zichzelf, echter veel dichter bij de waarheid dan degenen, die door deze te veroordelen, tegelijkertijd de ‘oude deeltjestheorie van Pythagoras’ veroordelen (een theorie die overigens nooit zó op het nageslacht is overgebracht als de grote filosoof deze in werkelijkheid onderwees), op grond van haar ‘dwaling dat de conceptuele elementen van de stof kunnen worden opgevat als afzonderlijke en werkelijke entiteiten’.
De Geheime Leer Deel I hoofdstuk 6 De maskers van de wetenschap (p. 575):
De oude ingewijden kenden geen ‘wonderbaarlijke schepping’, maar leerden de evolutie van atomen (op ons fysieke gebied) en hun eerste differentiatie uit laya tot de protyle, zoals Crookes de stof of de oersubstantie aan de andere zijde van de nullijn veelbetekenend heeft genoemd: daar waar wij de Mūlaprakriti plaatsen, het ‘wortel-beginsel’ van de wereldstof en van alles in de wereld.
Deel I hoofdstuk 6 De zonnetheorie (p. 608):
Een achtvorm (8) of dubbele lus kan men tot een zigzaglijn verkorten en ook tot een spiraal, en deze voldoet aan alle eisen van het probleem.
Een dubbele lus voor de neerwaartse evolutie, van geest naar stof; een andere spiraalvorm misschien op het weer-involuerende pad naar boven, van stof naar geest, en het noodzakelijke geleidelijke en uiteindelijke weer opgaan in de layatoestand, wat de wetenschap op haar eigen manier noemt ‘het wat elektriciteit betreft neutrale punt’, enz., ofwel het nulpunt (Z.P.F.).

De Geheime Leer Deel II, Stanza 3 Pogingen tot het scheppen van de mens (p. 87):
Er is in een zuivere geest op ons gebied geen vermogen tot scheppen en geen zelfbewustzijn, tenzij zijn al te homogene, volmaakte – want goddelijke – natuur om zo te zeggen wordt vermengd met en versterkt door een al gedifferentieerde essentie. Alleen de onderste lijn van de driehoek – die de eerste triade voorstelt die emaneert uit de universele MONADE – kan dit benodigde bewustzijn op het gebied van de gedifferentieerde Natuur verschaffen. Maar hoe konden deze zuivere emanaties, die volgens dit beginsel oorspronkelijk zelf onbewust (in onze zin) moeten zijn geweest, van enig nut zijn bij het verschaffen van het benodigde beginsel, omdat zij het zelf nauwelijks konden hebben bezeten? Het antwoord is moeilijk te begrijpen, tenzij men goed bekend is met de filosofische metafysica van een beginloze en eindeloze reeks van kosmische wedergeboorten, en doordrongen is van, en vertrouwd raakt met die onveranderlijke Natuurwet die EEUWIGE BEWEGING is, cyclisch en spiraalvormig, en dus zelfs bij haar schijnbare teruggang progressief. Het ene goddelijke beginsel, het naamloze DAT van de Veda’s, is het universele geheel, dat noch in zijn geestelijke aspecten en emanaties, noch in zijn stoffelijke atomen, ooit in ‘absolute rust’ kan zijn, behalve tijdens de ‘nachten’ van Brahma.
De Geheime Leer Deel II, Stanza 5 De evolutie van het tweede ras (p. 128):
Brahma, Vishnu en Siva zijn de sterkste krachten van God, Brahma, het Onzijdige, zegt een Purana-tekst.

Krishna zegt in de Bhagavad Gita (hoofdstuk 4 sloka’s 7 en 8, tekst René Meijer):
(7) O zoon der Veelen, waar en wanneer er ook maar een afname is van de rechtschapenheid en het onrecht overweegt, manifesteer ik mezelf op dat moment. (8) Opdat zij die dorsten naar de waarheid een leven mogen hebben en de onverlaten een halt wordt toegeroepen, verschijn ik generatie na generatie ten tonele met de bedoeling de weg van de menselijke principes van de waarheid, de zuiverheid, de boete en het geweldloze mededogen opnieuw te vestigen.

René Meijer geeft met name op hoofdstuk 13 ‘De zeven scheppingen’ in Deel I van Blavatsky de volgende aanvulling:
In de gehele schepping gaat het in feite om de zuiver bovenzinnelijke Purusha Avatara's, die voor de verschillende aspecten van de ether, het eerste element van de materiële schepping staan. De vier Kumâra's gelden tesamen als één avatar van Vishnu, Catuhsana geheten. Purusha- avatâra's: de eerste expansies van K r i s h n a als de Oorspronkelijke Persoon, drie in getal, die betrokken zijn bij het scheppen, instandhouden en vernietigen van het stoffelijk universum. Het zijn de primaire expansies van Heer V i s h n u:
- Kâranodakas'âyî Vishnu (Mâhâ-Vishnu) ligt in de Oceaan der Oorzaken en ademt de talloze universa uit;
- Garbhodakas'âyî Vishnu gaat ieder universum binnen en schept verscheidenheid;
- Kshîrodakas'âyî Vishnu (de Superziel) gaat het hart binnen van ieder geschapen wezen en ieder atoom.
De primaire expansies, de kosmische, de universele en de lokale Vishnu vormen de basis van de schepping. Deze kennis is in paramparâ, geestelijke erfopvolging en initiatie, overgedragen en is in de Tantra's terug te vinden.
Hoofdstuk 15: Beschrijving van het Koninkrijk Gods.
Upanishad's: het onderliggende mysterie, de geheime leer. Filosofisch gedeelte van de V e d a's, honderdacht in getal (zie ook v e d a) bedoeld om de persoonlijke aard van de Absolute Waarheid te begrijpen. In het B h â g a v a t a m worden ze samengevat in 10.87. Canto 10 Hoofdstuk 87: Het Onderliggende Mysterie: De Gebeden van de Veda's in Eigen Persoon.

René Meijer: Laten we deze fundamentele gedachtengang voor het nieuwe paradigma (Ether-paradigma) nog een keer doorlopen: in het begin van de schepping is er eerst het niets, 'het slapen van God' zeg maar, dan is er 'wakker' de lineaire tijd van de uitdijende tijdruimte: de donkere energie, de pure tijdenergie die enkel maar lineair de uitbreiding is. Dan ontstaat uit die lineaire tijd, door een verstoord evenwicht, door een gebroken symmetrie, een tegenkracht, de cyclische tijd, als een opsplitsing t.o.v. die oerether. Zo ontstaat dan vanuit de tijdruimte de driedimensionale ruimte die vol is met gravitonen of wervelingen van de cyclische tijd, pure tijdwervelingen dus van de oerether. Deze laatste fase van lichtmanifestatie is wat in de tijdlijn wordt weergegeven van het kosmisch bestel zoals de huidige wetenschap die zich die voorstelt. Daarin is er manifestatie vanaf het begin en is de donkere energie er pas later. Maar in een hiërarchische visie zoals hier gepresenteerd gaan er fasen aan vooraf en gaat de donkere energie vooraf aan de manifestatie. Deze gaat van E=T.e2 naar E=T.d2: de tijd die expandeert (e2) wordt eerst driedimensionaal (d2). Dan pas materialiseert vervolgens de materie zich als een verdere opsplitsing van de gravitonen in de universele (secundaire) ruimte: ze vormen dan de lokale ethersferen van de gekromde (tertiaire) ruimte.

René Meijer: Algemene relativiteit impliceert dus een ether, maar Einstein was het niet eens met een absoluut tijdbegrip met de ether, zoals dat van onze vaderlander, de natuurkundige Hendrik A. Lorentz (1853 - 1928) voor hem die had gezegd: 'men kan de drager van deze eigenschappen [de ether] niet een zekere stoffelijkheid ontzeggen, en als dat zo is, dan mag men, in alle bescheidenheid, de ware tijd de tijd noemen die door klokken wordt gemeten die in dit medium zijn gefixeerd, en gelijktijdigheid als een primair concept beschouwen'... De ether is eigenlijk gewoon de lege ruimte die we normaal kennen als een begrensd zwaartekrachtveld, zoals van de zon (de 'gekromde ruimte'), de melkweg (de etherische ruimte of de Kracht) of de bijzondere, niet begrensde en volgens Hubble's z.g. roodverschuiving van het lichtspectrum eindeloos uitdijende, intergalactische ruimte (de z.g. tijdruimte, ofwel de oorspronkelijk ruimte of ether - zonder de tijddifferentiatie van de lineaire v.s. de cyclische tijd - van de ongedifferentieerde materie van vlak na de oerknal, in het Sanskriet sedert jaar en dag de pradhâna geheten). Er zijn zo bezien dus verschillende vormen van relativistische ether en ruimte. De hier genoemde drie hoofdvormen van de naar de plaats verschillende ether kent men vedisch traditioneel als de drie vormen van Vishnu: Kâranodaks'âyî Vishnu (de heerser over de tijdruimte). Garbhodaks'âyî Vishnu (de verpersoonlijking van de orde van de ruimte van het sterrenstelsel) en Kshirodaks'âyî Vishnu (met betrekking tot de 'kromme' ruimte rondom de zon en de planeten). Hiermee is onze uitgangsstelling van het toereikend zijn van het vedische begrip van orde dan weer bevestigd. Reeds voor Empedocles (490-430 v.Chr.) zei: 'bij de ether, de ether goddelijk' was de waarheid van dit element als zijnde essentieel voor het begrip van de ziel dus al onderkend in het Sanskriet. Maar genoeg hierover in dit opzicht.

====

Energie en Materie (Materie-bewustzijn, Interdisciplinair)

Prof. van Peursen bespreekt echter al 1975 in zijn boek Cultuur in stroomversnelling het culturele leerproces ('Holisme in de biologie') aan de hand van het trekkermechanisme. De hamvraag blijft waartoe zijn we op aarde?
Maar wat is onze levenshouding? Kiezen wij als richtsnoer voor ons leven de zinloosheid van ons bestaan? Of kiezen wij het inzicht van niet-weten als richtsnoer? Willen wij ons openstellen voor het inzicht van Eckhart dat de enige, onmetelijke, ongeschapen, eeuwige waarheid alleen te aanschouwen en te kennen valt door in een niet-weten te geraken? Met dat niet-weten bedoelt hij een veranderd weten, een niet-weten dat uit weten voortkomt. Om dat nietweten cirkelen onder meer de negatieve theologie en het Boeddhisme, denkrichtingen waarin de subject-object relatie wordt opgeheven. Die keuze is essentieel voor de wereld, waarin wij leven. Het gaat om behoedzaam met plant, dier en medemens omgaan, of er zich niet om bekommeren. De keus is aan ons.

De éne werkelijkheid is dat de mens van de voortdurend scheppende evolutie onderdeel uitmaakt.
De mens is in staat zelf in deze evolutie in te grijpen.

Idealisme en Materialisme
Twee van de grote denkstromingen die pogen het mind-body probleem op te lossen zijn het dualisme en het monisme.
Fysicalisten verdedigen dat enkel de hersenen feitelijk bestaan, idealisten stellen dat enkel de geest feitelijk bestaat en neutrale monisten hangen de positie aan dat er een andere, neutrale substantie is en dat zowel geest als materie eigenschappen zijn van deze onbekende substantie. De meest voorkomende vormen van monisme in de 20e en de 21e eeuw zijn allen variaties van het materialisme (of fysicalisme), inclusief het behaviourisme, de identiteitstheorie en het functionalisme.

De Geheime Leer Deel II, hoofdstuk 2 De voorouders die de wetenschap biedt (p. 764/765):

====

Zie ook:

Boeken:

Externe Links

<< vorige ||volgende >>

Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 keer bekeken.