Deze filognostische presentatie is in aanbouw

3. Driehoek van Pythagoras en het Kompaskwadrant

Bezieling

Eed van de pythagoreeërs: Voorwaar, bij de Tetraktys die aan onze Ziel de bron verschafte, die de wortels der immer vloeiende natuur bevat.
Om Mani Padme Hoem, Ik ben het juweel in de lotus en daarin wil ik blijven.
Hegel: God (de universele geest) objectiveert zich als de Natuur, en stijgt daaruit weer op.

De psyche (reflexief bewustzijn) werkt als een spiegel. Het is deze spiegel die zorgt voor de golfbewegingen in de geschiedenis. Welke kant van de medaille, de aardse Tetrade (gemanifesteerde werkelijkheid) of de hemelse Triade (ongemanifesteerde werkelijkheid), laten we overheersen? Alleen wanneer we ons meer met de Triade verbinden komt de beschaving een stapje verder. Meer opties zijn er niet en dat was al bij Pythagoras (De Gulden Verzen van Pythagoras) bekend.

Gottfried de Purucker behandelt in Deel I, hoofdstuk 7 van zijn boek Grondslagen der Esoterische Wijsbegeerte de Heilige tetraktys van Pythagoras. Dit hoofdstuk bevat de essentie van het 5D-concept, de ‘Monade, Duade, Triade en Tetrade’ en de relatie die met de levensboom wordt gelegd.

H.P. Blavatsky: Geheime Leer Deel II, (p. 25): In zijn eerste gemanifesteerde aspect hebben wij het zien worden: (1) in de sfeer van objectiviteit en fysica, de oorspronkelijke substantie en kracht (middelpuntzoekend en middelpuntvliedend, positief en negatief, mannelijk en vrouwelijk, enz.); (2) in de wereld van de metafysica, de GEEST VAN HET HEELAL of kosmische verbeeldingskracht, door sommige de LOGOS genoemd.
Deze LOGOS is de top van de driehoek van Pythagoras. Wanneer de driehoek volledig is, wordt hij de Tetraktis, of de driehoek in het vierkant, en wordt het tweevoudige symbool van het vierletterige tetragrammaton in de gemanifesteerde Kosmos, en van zijn fundamentele drievoudige STRAAL in het niet-gemanifesteerde, of zijn noumenon.

Blavatsky, Deel III, (p. 110):
De voornaamste figuren van Pythagoras zijn het vierkant (de tetraktys), de gelijkzijdige driehoek, het punt in de cirkel, de kubus, de drievoudige driehoek. Porphyrius stelt, aangehaald door Moderatus of Gades, dat de zinnebeelden van Pythagoras al duizenden jaren vóór hem in Indië bekend waren.
P. 439 Heelal: De verbinding van duizend elementen, en toch de uitdrukking van één enkelen geest, een chaos voor de zinnen, een Kosmos voor de rede.
De mystieke tienheid [van Pythagoras] (1 + 2 + 3 + 4 = 10) is een wijze om het denkbeeld van de emanatie in het heelal weer te geven.
Eenheid in Verscheidenheid
440: De één is God (x), de twee is stof, de drie, die één en twee verenigt en aan beider aard deel heeft, is de wereld van verschijnselen, de vier, of de vorm der volmaking, geeft de ledigheid van alles te kennen, en de tien, de som van hen alle, omvat de ganse Cosmos. De sleutel tot de Pythagoreesche dogma’s is de sleutel tot elke grote wijsbegeerte. Hij is de algemene formule van de eenheid in de veelheid, de Eén die het vele doet ontstaan en het al doordringt. Hij is de archaïsche leer der emanaties in enkele woorden samengevat.
x) De “God” van Pythagoras, is geen persoonlijke God. Men bedenke dat hij als een hoofdstelling verkondigde dat er achter alle vormen, veranderingen en andere verschijnselen van het heelal een blijvend beginsel van eenheid bestaat.
Het "geëerde", het geopenbaarde iets, is zowel in het middelpunt als in de omtrek aanwezig, doch het is slechts de weerkaatsing van de Godheid - de wereldziel. In deze leer vinden wij de geest van het esoterisch Boeddhisme.
483: Leer de getallen kennen die overeenkomen met het grondbeginsel van elk element en de onderelementen daarvan, leer hun onderlinge inwerking en gedrag aan de occulte zijde der zich openbarende natuur, dan zal de wet der overeenkomsten u tot de ontdekking van de grootste geheimnissen van het leven van de macrokosmos voeren. Doch om tot het macrokosmische te komen moet men met het microkosmische beginnen, d.w.z. men moet de MENS, de microkosmos bestuderen, in dit geval zoals de natuurwetenschap te werk gaat: inductief, van bijzonder opklimmend tot algemeenheden.
566: Binnen het aurische ei bevindt zich de macrokosmische vijfpuntige ster van het Leven, Prâna, die in zich het pentagram bevat, dat de mens voorstelt. Want deze omgekeerde ster vertegenwoordigt niet alleen Kâma, exoterisch het vierde beginsel, maar ook de stoffelijke mens, het dier van vlees met zijn begeerten en hartstochten. Antahkarana verbindt het hogere Manas met het lagere Manas. Schakel tussen het persoonlijke wezen, welke stoffelijke brein onder heerschappij van het lagere dierlijke denkvermogen staat, en de reïncarnerende individualiteit, het geestelijke Ego, Manas, Manoe, de ‘goddelijke Mens’.
567: Antahkarana, de enige verbindingsschakel tussen de beide denkvermogens – het hogere bewustzijn van het Ego en het menselijke verstand van het lagere denkvermogen. Hindoes noemen het Paramâtmâ en Parabrahma.

Pythagoras en Aristoteles

Het is mogelijk de Tetraktis, de driehoek (1 + 2 + 3 + 4 = 10) in het vierkant van Pythagoras en de categorieënleer van Aristoteles, met elkaar te verbinden. Categorieën van Aristoteles worden in de publicatie Kwaliteitskundig kader toegelicht.

Pythagoras enAristoteles:  
1. Atman3. Suksma Sarira1. "wezen(lijk)-zijn" 
MonadeTriade7. bv. gezeten-zijn (positie)9. "doende-zijn" (actie)
4. Doeloorzaak ----2. Werkoorzaak5. "wààr?-zijn" (plaats)3. "hoedanig?-zijn" (kwaliteit)
|||| 
1. Stofoorzaak ----3. Vormoorzaak2. "hoe groot?-zijn" (kwantiteit)4. "met betrekking tot iets-zijn" (relatie)
TetradeDuade10. "ondergaande-zijn" (passie)8. bv. geschoeid-zijn (habitus)
4. Sthûla-sarira2. Karana Sarira 6. "wanneer?-zijn" (tijd); Snijpunt 2./3. en 4./5.

In het linker kwadrant is ook de indeling volgens Subba Row (Subba Row) opgenomen. Subba Row deelt de beginselen in de mens en de kosmos op gelijke wijze in. Dit komt overeen met de weerkaatsing van de microkosmos in de macrokosmos.

Interessant in dit kader is PEDAGOGIEK.NET, kies thema’s, publicatie Aristoteles' oorzakenleer. De redactie van deze website is in handen van docenten en studenten van de opleiding Pedagogiek van de Universiteit Utrecht. Het zijn wordt volgens Aristoteles bepaald door de oorzakenleer.

De vraag van Ervin Laszlo blijft actueel hoe heeft het universum zich kunnen ontwikkelen tot een toestand waarin de biologische evolutie überhaupt kon plaatsvinden? Het lijkt mogelijk een verband te leggen tussen het standaardmodel en de driehoek van Pythagoras. Het is een aanzet, niet om vanuit de natuurkunde, maar met name vanuit de geestkunde verschillende disciplines in één model samen te voegen. Het ontstaan en de eerste ontwikkeling van de mensheid heeft zich niet op aarde maar in de geestelijke wereld afgespeeld. De relatie tussen geest (ongemanifesteerde, hogere Zelf) en lichaam, de ziel staat nog steeds centraal.

In 1915 breidt Einstein zijn theorieën uit met de theorie over de zwaartekracht. Volgens deze theorie heeft de zwaartekracht de kromming van ruimte en tijd tot gevolg. Het zwaartekrachtveld van zware lichamen veroorzaakt dus een kromming van de driedimensionale ruimte en omdat in de relativiteitstheorie de tijd nooit los van de ruimte kan worden gezien, wordt ook de tijd door de aanwezigheid van massa, dus door zwaartekracht, beïnvloedt. Overal waar zich een zwaar voorwerp in de ruimte bevindt, bijvoorbeeld een ster of planeet is de ruimte en dus ook de tijd, gekromd en de kromming hangt af van de massa. In verschillende gebieden van de ruimte verloopt de tijd in een verschillend tempo. De hele structuur van de ruimtetijd is dus afhankelijk van de verdeling van de materie in het heelal. Ook het begrip “lege ruimte” heeft in de wetenschappen van het heelal, de astrofysica en de kosmologie, zijn betekenis verloren. Een van de nieuwe inzichten die hiervan een gevolg was, was het besef dat alle massa energie is. Zelfs in een onbeweeglijk voorwerp is energie opgeslagen: Dit leidde tot de beroemde formule E=mc2 , waarin c de snelheid van het licht is.

Standaardmodel: Aanvankelijk werden drie symmetrieën als evident beschouwd: Spiegelsymmetrie of pariteit (het heelal gezien in een spiegel zou kunnen bestaan), Tijdsymmetrie (het heelal zou op kleine schaal andersom in de tijd kunnen verlopen) en Materiesymmetrie (elk deeltje heeft een tegendeel dat het doet verdwijnen als het dat ontmoet). In een open, dynamisch systeem moet er van een gebroken symmetrie sprake zijn. Volledig gelijk duidt immers op een evenwichtstoestand.

H.P. Blavatsky: Deel II, p. Hoofdstuk 24 Het kruis en het pythagorische tiental (p. 655).

H.P. Blavatsky: Geheime Leer Deel II, p. 652: Hoofdstuk 24 Het kruis en het pythagorische tiental of p. 674/5: De getallen 3 en 4 zijn respectievelijk mannelijk en vrouwelijk, geest en stof, en hun vereniging is het embleem van het eeuwige leven in de geest op zijn opgaande boog, en in de stof als het steeds herrijzende element – door voortplanting en voortbrenging. Zoals die alchemisten het uitdrukken: ‘Wanneer de drie en de vier elkaar kussen, voegt het viertal zijn middelste natuur bij die van de driehoek’ (of triade, d.w.z. het oppervlak van een van zijn vlakken wordt het middenvlak van de andere), ‘en wordt een kubus; dan pas wordt hij (de uitgevouwen kubus) het voertuig en het getal van het leven, de vader-moeder zeven.’

H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 12 (afdeling 2): Dit zal de onderzoeker helpen begrijpen waarom Pythagoras de godheid (de logos) als het centrum van eenheid en de ‘bron van harmonie’ beschouwde. Wij zeggen dat deze godheid de logos was, niet de monade, die in eenzaamheid en stilte woont, omdat Pythagoras leerde dat de eenheid, die immers ondeelbaar is, geen getal is. En daarom werd ook van de kandidaat, die zich aanmeldde voor toelating tot zijn school, verlangd dat hij als voorbereiding daarop de rekenkunde, sterrenkunde, meetkunde en muziek had bestudeerd, die als de vier onderdelen van de wiskunde werden beschouwd. Dit verklaart verder waarom de pythagoreeërs beweerden dat de leer van de getallen – in de esoterie de belangrijkste – door de hemelse godheden aan de mens was geopenbaard; dat de wereld uit de Chaos tevoorschijn was geroepen door geluid of harmonie, en opgebouwd volgens de beginselen van de muzikale verhoudingen; dat de zeven planeten die het lot van de stervelingen beheersen, een harmonieuze beweging hebben ‘en intervallen die overeenkomen met die in de muziek, waardoor verschillende geluiden ontstaan, die zo volmaakt harmonieus zijn dat ze de liefelijkste melodie voortbrengen, die voor ons onhoorbaar is, alleen al door de grootsheid van het geluid, dat onze oren niet kunnen opvangen’. (Censorinus.)
In de theogonie van Pythagoras waren de hiërarchieën van de hemelse menigten en goden genummerd en werden met behulp van getallen uitgedrukt. Pythagoras had de esoterische wetenschap in India bestudeerd, daarom zeggen zijn leerlingen: ‘De monade (de gemanifesteerde) is het beginsel van alle dingen. Uit de monade en de onbepaalde duade (de Chaos) kwamen getallen voort; uit getallen, punten; uit punten, lijnen; uit lijnen, oppervlakken; uit oppervlakken, lichamen; hieruit vaste lichamen met vier elementen – vuur, water, lucht, aarde; uit al deze, omgezet (en in wisselwerking staand) en totaal veranderd, bestaat de wereld.’ (Diogenes Laertius in Vit. Pythag.)

Anaximander wijt zijn bekendheid vooral aan zijn kosmologie. Net als zijn tijdgenoten was hij op zoek naar de archè (Oud-Grieks: ἀρχή) van het universum, een eerste principe als begin van de wereld. Bij Anaximander was de ene elementaire substantie, waaruit alles was ontstaan, niet het water zoals bij Thales en ook niet een andere stof die we kennen. Geen van deze elementen zou in staat zijn om alle tegenstellingen in de natuur te kunnen verklaren. Het principe dat hij als oersubstantie poneerde was oneindige, eeuwige en tijdloze massa, die hij het apeiron (Oud-Grieks: τὸ ἄπειρον) noemde. Deze oersubstantie, die niet direct waarneembaar is, maar wel in staat is een antwoord te bieden op alle bestaande tegenstellingen, vormde de basis voor alle stoffen die wij kennen. Hij werkte zijn principe niet gedetailleerd uit, maar het principe van het apeiron werd door Anaxagoras, een leerling van Anaximander, verder uitgewerkt. Deze zag het Apeiron als een oorspronkelijke oerchaos. Ook Plato en Augustinus vatten later de theorie van Anaximander op die manier op.

Pythagoras verdeelde de dualiteiten in apeiron (Anaxagoras) en peras (einde).
H.P. Blavatsky, De Geheime Leer Deel I/II, p. 682/4: Het viertal wordt zowel in de Kabbala als door Pythagoras als het volmaakste of liever als het heilige getal opgevat, omdat het voortkwam uit de een, de eerste gemanifesteerde eenheid, of liever de drie in één. Door mystieke vervorming werden ze het viertal – de driehoek werd de TETRAKTIS. De alfa en omega van de mystieke gedachte – kreeg na Pythagoras door toedoen van Aristoteles veel minder betekenis.

Blavatsky, deel II (p. 682): ‘De Pythagorische wereld’, zegt Plutarchus ‘bestond uit een dubbel vierkant’.
- De lagere Tetraktis: Het viertal van de verstandelijke wereld (de wereld van mahat) is t’agathon, nous, psyche, hyle;
- Terwijl dat van de waarneembare wereld (van de stof) - die eigenlijk is wat Pythagoras met het woord Kosmos bedoelde vuur, lucht, water en aarde is. De vier elementen staan bekend onder de naam rizomata, de wortels of beginselen van alle gemengde lichamen’, d.w.z. de lagere Tetraktis is de wortel van de illusie van de wereld van de stof; en dit is het tetragrammaton van de joden en de 'geheimzinnige godheid' waarover de hedendaagse kabbalisten zoveel drukte maken!
Plutarchus verklaart dat de Achaïsche Grieken het viertal als de wortel en het beginsel van alle dingen beschouwden, omdat dit het getal van de elementen was, die alle zichtbare en onzichtbare geschapen dingen voortbrachten.

Samenvatting

Darwin’s Evolutietheorie - Natuurlijke Selectie
Hoewel Darwin's Evolutietheorie een relatief jong archetype is, bestaat het evolutionaire wereldbeeld zelf al sinds de oudheid. Griekse filosofen in de oudheid, zoals Anaximander, postuleerden een ontwikkeling van leven uit niet-leven en de evolutionaire afkomst van de mens uit dieren. Charles Darwin voegde slechts iets nieuws toe aan een oude filosofie -- een plausibel mechanisme genaamd "natuurlijke selectie". Natuurlijke selectie werkt om voordelige genetische mutaties te behouden en te accumuleren.

Het kompaskwadrant belicht de 5e dimensie, de Communicatie (5e Chakra), de quintessens van het aardse ruimte/tijd-continuüm. De éne werkelijkheid, de Monade is de ultieme waarheid. Maar de zogenaamde middenweg heeft ook een tegenpool, de desintegratie. 5D gaat er vanuit dat elke medaille twee kanten heeft, die niet los van elkaar staan maar innig met elkaar zijn verbonden. De dialoog tussen beide zijden staat centraal. De Triade staat voor het Uw wil geschiede. Echter God’s wegen blijven ondoorgrondelijk, blijven voor het menselijk intellect een mysterie.

Het kompaskwadrant biedt een model om het 5e element Ether, de dodecaëder van Plato uit het boek Thimaeus toe te lichten.

Eerder heeft Ramundus Lullus een vergelijkbaar universeel model (lullistische tabel, p. 5) uitgewerkt. De kolom Relatieve principes bevat drie Triades 'Eenheid der tegendelen (Verschil) - Eendracht - Tweedracht (Tegenstrijdigheid)', 'Begin - Midden - Eind' en 'Superioriteit - Gelijkheid - Inferioriteit'.
De kolom met Absolute principes bevat een link met negen Sephiroth van de levensboom.

De levensboom, de I Ching en de doorsnede van Ramundus Lullus hebben gemeen dat ze zowel op micro - als op macroniveau levenscycli, transformatie -, bewustwordings -, leerprocessen in kaart brengen.

De drie ruimtelijke dimensies van het kompaskwadrant, de kubus of bol laten zien hoe het mogelijk is om het bewustzijn eindeloos te verruimen en te vernieuwen. De singulariteit van het oneindige bewustzijn is een inzicht dat op een andere manier de samenhang en de totaliteit weergeeft. Welke dimensie laten we in het leven een centrale rol spelen?

In het ingenieuze, reflexieve model “Macrokosmos = Microkosmos” van de esoterie, wordt antahkarana gezien als de fictieve schakel tussen de binnenwereld en de buitenwereld, de innerlijke wereld en de uiterlijke wereld. Bewustzijnsontwikkeling vindt op de grenslijn tussen binnen en buiten, in het nu tussen verleden en toekomst plaats. We leven in het nu (De Geheime Leer deel I, p. 67).
Het eigenlijke bewustzijn is tussen Kama en Manas begonnen. Manas staat voor het denkvermogen en het zefbewustzijn.

Microkosmos = Macrokosmos duidt op een statische toestand, een evenwichtstoestand van het bewustzijn, een flits van geluk. Het verticale bewustzijn kan voor balans (1 + 1 = 3, 'These + Antithese = Synthese'), maar ook voor onbalans zorgen. De ‘Drie stadia van het zien van Waarheid' tonen hoe de Waarheid kan worden doorgrond. De aarde, de vierheid is uit de drieheid ontstaan. Door het proces op aarde in omgekeerde volgorde te laten verlopen is het mogelijk het onderbewustzijn met de kennis van het hart te beïnvloeden, naar de Monade terug te keren.

De esoterie gaat er vanuit dat de aardse werkelijkheid kan worden veranderd door de hemelse werkelijkheid als positief evenbeeld te gebruiken.

Het rapport ‘E i V’ berust op het Yin/Yang-symbool. Dit symbool drukt naast de vervlochtenheid van geest en lichaam ook beweging uit. Het horizontaal bewustzijn (p. 122), de wisselwerking tussen Yin en Yang. Yang-energie schept yin-energie of wordt erdoor vernietigd en omgekeerd.
Verticaal of epistrofisch bewustzijn (p. 99) is een psychisch en mentale resonantie met goddelijke of universeel bewustzijn dat naar eenwording en eenheidsbeleving streeft. Het is het goddelijk of universeel bewustzijn zélf!

Tao: De subtiele oorsprong van het universum; de onbevattelijke oerenergie van het universum; de schepping is de expansie en polarisatie van tao in yin en yang. Het taoïsme, dat op vernieuwing en verjonging is gericht, kreeg altijd invloed in de perioden dat de gevestigde orde van een keizerrijk in verval raakte.

In een open dynamisch systeem is het onmogelijk dat ‘Microkosmos = Macrokosmos’ identiek zijn. Een flits van geluk duurt vermoedelijk niet langer dan enkele nano-seconden.

Synthese ontstaat wanneer ‘binnen en buiten’ samenvloeien. Op zo’n moment is een mens volledig in evenwicht. De aardse vicieuze cirkel, het wiel van oorzaak en gevolg, wordt doorbroken. De vrije wil geeft richting aan deze sturing. In de natuur geldt het complementariteitsprincipe. De tegenstellingen komen in de spiegelsymmetrie van het bewustzijn tot uitdrukking.

Het mechanisme these + antithese = synthese van Hegel biedt een handvat om met name de Psychosynthese (het 'verticale, non-lokale bewustzijn') van Roberto Assagioli te doorgronden.

Juist door de niet directe beheersbaarheid van de wisselwerking tussen het verticale en horizontale bewustzijn, het bewustzijn van het bewustzijn, het dialectisch bewustzijn, komen we tot begrip en uit het begrip komt de mogelijkheid van de beheersing voort. Het basismodel van de systeemleer laat zien dat ook na de secularisatie nog steeds het principe van ‘Zaaien en Oogsten’, de reciprociteit geldt. Volgens een in de systeemleer bekende regel ‘Garbage in - garbage out’ is het voor het verkrijgen van de gewenste uitvoer nodig eerst de invoer te veranderen.

Bij het horizontale bewustzijn gaat het om de wederzijdse wisselwerking tussen de bewustzijnstoestanden Ziel en Ego, het natuurlijke - en culturele bewustzijn. Ziel en ego zijn bewustzijnstoestanden die in het nu plaatsvinden. Het verticale bewustzijn, Wijsheid zorgt voor de juiste beheersing tussen ziel en ego. Het verticale - en horizontale bewustzijn staan diametraal tegenover elkaar. De ene kant versterken betekent automatisch dat de andere kant wordt afgebouwd. Het principe van reciprociteit brengt het zelfreinigend vermogen tot uitdrukking. Onwijsheid duidt op een bewustzijnstoestand van chaos (chaostheorie) chaos tussen ziel en ego. Door een blik achter de spiegel te werpen is het mogelijk vastgeroeste patronen, chaotisch gedrag te doorbreken.

Het correlatieve denken gaat van het ‘en-en’ en het ‘of-of’ denken uit. Beide manieren van denken staan niet los van elkaar, maar zijn door de verticale dimensie onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dialoog staat tegenover polarisatie, tolerantie tegenover intolerantie, positieve identificatie tegenover vervreemding. Het kompaskwadrant laat zien hoe probleem en oplossing met elkaar samenhangen. Problemen kunnen alleen effectief worden opgelost wanneer met de relatie tussen beide zijden van een medaille rekening wordt gehouden. Verandering en revolutie gaan niet zonder strijd en komen niet zonder offers tot stand.

De esoterie kent de dualiteit van loka’s en tala’s. Alleen de Godheid, de absolute volmaaktheid, de Monade is niet polair. Alle polaire begrippen hebben de eigenschap dat zij niet op zichzelf kunnen bestaan, maar alleen tegelijkertijd met elkaar, zoals de twee zijden van een munt. De volksmond zegt terecht ‘alles heeft twee kanten’.

John Consemulder BLAUWDRUK de multidimensionale werkelijheid van creatie en manifestatie (p. 98):
Waarschijnlijk heeft Pythagoras deze zeven hele noten ook herondekt en was de kennis van de Wet van het Octaaf al eerder aanwezig.
108: De hele microstructuur is gevuld met harmonieuze relaties. Zelfs de nucleïnezuurdraden van DNA worden over hun gehele lengte precies door de pythagorische tetraktys gestructureerd, dat wil zeggen door de viervoudigheid van de octaafruimte (octaaf, kwint, kwart en grote seconde).

De natuurfilosoof Empedocles van Agrigento beschrijft de vier onveranderlijke elementen aarde, water, lucht en vuur.

Zie ook:

Boeken:

  • John Consemulder BLAUWDRUK de multidimensionale werkelijkheid van creatie en manifestatie
  • John Consemulder Occulte en wetenschappelijke aspecten van geluid, licht en geometrie: implicaties voor heling, energiewerk, verbondenheid en het geestlichaam debat.
  • Jan Wicherink Ontheemde zielen ontwaken

Externe Links

<< vorige || volgende >>

Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 807 keer bekeken.